Mali (foto: Flickr Creative Commons, Emilio Labrador)
Nieuws, Afrika, Politiek, Mali, Burgeroorlog, VN-missie -

Na burgeroorlog nog steeds kans op uitbreken geweld in Mali

Een jaar na het einde van de burgeroorlog in Mali maken experts zich zorgen dat er opnieuw geweld kan uitbreken in het land. De Malinese autoriteiten marginaliseren het opstandige noorden nog steeds en substantiële politieke en economische hervormingen blijven uit.

woensdag 15 januari 2014 16:34

De Toeareg-separatisten in het noorden stellen dat juist deze politieke en economische marginalisatie de belangrijkste reden was voor hun opstand. Sinds 1990 maken zij aanspraak op het noorden, sindsdien waren er al vier opstanden.

In 2011 namen de Toearegs belangrijke steden in het noorden in. In 2012 werden zij echter verjaagd door radicaal-islamitische groepen die banden hadden met Al Qaeda. De Malinese autoriteiten wisten het gebied uiteindelijk weer in te nemen met hulp van Franse troepen. In juni 2013 werd een vredesakkoord gesloten dat leidde tot de stationering van Malinese soldaten in het noorden en maakte de weg vrij voor democratische verkiezingen.

Analisten stellen echter dat de Toearegs zich ongemakkelijk beginnen te voelen bij het akkoord, omdat de Malinese regering haar beloften niet nakomt. “De meeste Toearegs hebben spijt van hun tijdelijke alliantie met de extremisten die hen meteen verdreven hebben, maar zijn ook niet volledig verzoend met de regering in Bamako”, zegt J. Peter Pham, directeur van het Africa Center van de Atlantic Council, een denktank in Washington.

“Er zijn beloften gedaan over extra ontwikkeling en autonomie. De strategie van de regering beperkt zich echter tot het afkopen van de leider van de opstand. De onderliggende oorzaken worden niet aangepakt. Mensen zullen toch enig voordeel moeten zien van het feit dat ze onderdeel zijn van de staat, en dat is niet het geval.”

Franse troepen

Afgelopen zondag sloot de Malinese president Ibrahim Boubacer Keita een driedaagse reis naar Mauritanië af. Daar ondertekende hij een afspraak om de samenwerking tussen beide landen te versterken, nu de Franse troepen zich terugtrekken. Volgens de International Crisis Group (ICG), is de vrede in het land echter fragiel. In een nieuw rapport stelt de ICG dat “de dringende noodzaak om de veiligheidssituatie te stabiliseren, niet mag afleiden van belangrijke overheidshervormingen en een echte dialoog over de toekomst van het land.”

Gelijksoortige sentimenten kwamen naar boven tijdens een officiële missie naar Mali van het Internationaal Monetair Fonds. “Groei in Mali moet eerlijker zijn en meer mensen moeten ervan profiteren”, schreef Christine Lagarde, hoofd van het IMF, afgelopen week in een blog. “Dat betekent dat alle sectoren kansen moeten krijgen, inclusief het onderwijs, en moeten delen in economische groei.”

Het onvermogen van de Malinese regering om het noorden te betrekken bij economische groei, belemmert verzoeningspogingen. Ambtenaren zijn na het conflict nog steeds niet allemaal terug op hun post in het noorden, terwijl het van belang is de infrastructuur te herstellen. Het gebrek aan openbare diensten en economische steun heeft al geleid tot diverse protesten tegen de regering. Eind november opende het Malinese leger daarbij het vuur op demonstranten.

De ICG vindt dat de Malinese autoriteiten zich moeten richten op herstel en verbetering van het de rechtspraak, gezondheidszorg en het onderwijs. Het rapport roept de regering ook op om niet meer te vertrouwen op gewapende groepen bij ordehandhaving en onderzoek te doen naar misdragingen van militairen tegenover burgers.

Decentralisatie

De onrust belemmert ook humanitaire hulp. Ongeveer 65 procent van alle gezondheidscentra in de getroffen gebieden functioneren maar deels of helemaal niet. De helft van de scholen is gesloten.

Hoewel de regering niet erg populair is in het noorden, probeert de VN-missie MINUSMA een verzoenende rol te spelen door steun te bieden aan de Malinese Nationale Commissie voor Dialoog en Nationale Verzoening. Die werd in maart 2013 opgericht om de relatie tussen noord en zuid te verbeteren. In een rapport dat in oktober verscheen, noemde VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon de “dialoog en verzoeningsactiviteiten” echter “beperkt.”

Mali heeft ook een aantal bijeenkomsten gepland over decentralisatie in het noorden, bedoeld om de onrust daar te verminderen en de Toeareg-separatisten meer autonomie te geven. De ICG waarschuwt echter dat er meer partijen bij die bijeenkomsten betrokken moeten worden. Ook zouden ze moeten leiden tot “directe, zichtbare acties”, zoals de overdracht van bepaalde staatsmiddelen aan de plaatselijke autoriteiten.

Critici stellen dat de verzoeningsgesprekken top-down-initiatieven zijn uit Bamako die niet gedragen worden door de bevolking. Een gevolg zou zijn dat gewapende groepen in het noorden weigeren te participeren, omdat ze vinden dat de regering niet geïnteresseerd is in echte dialoog.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!