De Iraanse vice-president ontmoet de Turkse eerste minister (c) Christian Science Monitor
Nieuws, Wereld, Politiek, Libië, Mensenrechten, Israël, Irak, Iran, Syrië, Responsibility to protect, R2P, Non-proliferatieverdrag (NPT), VN Veiligheidsraad, International Association of Democratic Lawyers, IADL, Marjorie Cohn, VN Handvest, VN Algemene Vergadering, IAEA -

Oproep tot respect voor Handvest van de Verenigde Naties

De 'International Association of Democratic Lawyers' dringt aan op een vreedzame oplossing van het dispuut over Syrië en Iran volgens de regels van het Handvest van de Verenigde Naties.

woensdag 28 maart 2012 16:35

International Association of Democratic Lawyers

De International Association of Democratic Lawyers (IADL- Internationale Vereniging van democratische advocaten, ‘democratisch’ in de algemene zin, niet verbonden met de Amerikaanse Democratische Partij), een NGO met raadgevende status bij de Economic and Social Council (ECOSOC – Economische en Sociale Raad) van de Verenigde Naties (VN), wijdt zich aan het afdwingen van het internationaal recht, in het bijzonder aan de toepassing van de vreedzame oplossing van conflicten zoals die in het VN-Handvest en andere basisdocumenten van de mensenrechten beschreven staan.

Respect voor het VN-Handvest

De IADL stelt bezorgd vast dat, terwijl de Raad voor de Mensenrechten van de VN op het punt staat een nieuwe geactualiseerde verklaring aan te nemen over het mensenrecht op vrede, de westerse grootmachten de sfeer vergiftigen door het creëren van een hysterie voor het voeren van een oorlog tegen Syrië en Iran.

De IADL veroordeelt in de sterkste bewoordingen deze bedreigingen voor de wereldvrede en veiligheid die door het VN-Handvest en de doctrine van het ‘jus cogens’ verboden worden.

(Het Handvest van de Verenigde Naties is het verdrag dat de statuten van deze landenorganisatie vastlegt, nvdr)

(Jus cogens, Latijn voor ‘dwingende wet’, is een principe in het internationale recht dat stelt dat bepaalde principes zo fundamenteel zijn dat ze alle andere bronnen van internationaal recht overstijgen. Zo geldt er een volledig verbod op agressieve oorlogsvoering, oorlogsmisdaden, misdaden tegen de mensheid, piraterij, genocide, apartheid, slavernij en foltering, nvdr)

Bezorgdheid over het escalerende geweld

De IADL is gealarmeerd door de recente gebeurtenissen in Syrië. Mediaverslagen tonen toenemend geweld aan door zowel regeringstroepen als overgelopen eenheden en andere gewapende bendes. Dit geweld eist een zware tol, laat honderden doden achter en duizenden gewonden, met dramatische gevolgen voor vrouwen, kinderen en onschuldige burgers. Dit moet onmiddellijk stoppen door middel van vreedzame diplomatieke middelen om het Syrische volk te helpen het geweld te stoppen.

De IADL veroordeelt ten stelligste het doden van burgers in eender welke omstandigheden. Doelgericht doden van burgers is een overtreding van de Conventies van Genève en van het Internationaal Convenant voor Civiele en Politieke Rechten (ICCPR). Staten die deze wetten overtreden, moeten te verantwoording worden geroepen.

Het VN-Handvest beveelt alle lidstaten hun internationale disputen te beslechten met vreedzame middelen, om internationale vrede, veiligheid en gerechtigheid te vrijwaren. Lidstaten moeten afzien van het dreigen met of het gebruik van geweld tegen de territoriale integriteit of politieke onafhankelijkheid van eender welke staat die op eender welke manier in strijd is met de doelstellingen van de VN. Het VN-Handvest laat het gebruik van militair geweld onder voorwendsel van humanitaire interventie niet toe.

‘Responsibility to Protect’ is geen wettige doctrine

Westerse landen en de massamedia bepleiten een militaire interventie in Syrië op basis van de doctrine van ‘Responsibility to Protect’ (R2P of verantwoordelijkheid om te beschermen).

R2P zit vervat in het document van de Algemene Vergadering van de VN van 2005 getiteld ‘Outcome Document of the 2005 World Summit’ (Resultaatdocument van de Wereldtop van 2005). Het ligt in geen enkel internationaal instrument vast.

Paragraaf 139 zegt dat de internationale gemeenschap, via de VN, “de verantwoordelijkheid heeft om de gepaste diplomatieke, humanitaire en andere vreedzame middelen te gebruiken, in overeenstemming met hoofdstukken VI en VIII van het VN-Handvest, om volkeren te helpen beschermen tegen genocide, oorlogsmisdaden, etnische zuivering en misdaden tegen de mensheid”.

Hoofdstuk VI van het VN-Handvest eist van de partijen in een dispuut, dat waarschijnlijk het behoud van de internationale vrede en veiligheid bedreigt, om “eerst en vooral een oplossing te zoeken door onderhandelingen, onderzoek, bemiddeling, verzoening, arbitrage, gerechtelijke afspraken, beroep op regionale organisaties of mechanismen, of andere vreedzame middelen van eigen keuze.”

Hoofdstuk VIII behelst ‘regionale afspraken’ zoals de Arabische Liga en de Afrikaanse Unie. Het specifieert dat regionale afspraken “elke inspanning zullen doen om een vreedzame oplossing te bereiken van plaatselijke disputen door middel van dergelijke regionale afspraken …”.

Militair geweld is laatste optie …

Enkel en alleen wanneer vreedzame middelen werden uitgeput en het bewezen is dat ze ongeschikt waren kan de VN-Veiligheidsraad beroep doen op gewelddadige actie volgens de bepalingen van hoofdstuk VII van het VN-Handvest. Dat omvat boycots, embargo’s, het verbreken van diplomatieke relaties, zelfs militaire blokkades of operaties in de lucht, te land en ter zee. Hoofdstuk VII laat enkel toe deze gewelddadige middelen in te zetten om internationale vrede en gerechtigheid te vrijwaren, niet om de binnenlandse orde te herstellen in een staat zoals in Syrië.

De NAVO heeft gepoogd haar militaire invasie van Libië goed te praten door naar de R2P-doctrine te verwijzen. De VN-Veiligheidsraad keurde resolutie 1973 goed, die begint met een oproep tot “de onmiddellijke instelling van een staakt-het-vuren”. De resolutie staat de VN-lidstaten toe “om alle noodzakelijke maatregelen te nemen … om burgers en bevolkte gebieden (in Libië) te beschermen”.

… nooit de eerste

In plaats van echter een onmiddellijk staakt-het-vuren na te streven werd gekozen voor onmiddellijke militaire actie. Dit militair geweld overschreed de grenzen van de toestemming tot ‘alle noodzakelijke maatregelen’. Die ‘alle noodzakelijke maatregelen’ hadden eerst vreedzame maatregelen moeten zijn om het conflict te beslechten.

Die vreedzame middelen waren nog niet uitgeput toen de militaire invasie begon. Een internationaal team van het hoogste niveau – bestaande uit vertegenwoordigers van de Arabische Liga, de Afrikaanse Unie en de secretaris-generaal van de VN – had naar Tripoli moeten gaan om te pogen een echt staakt-het-vuren te onderhandelen en een mechanisme op poten te zetten voor verkiezingen en de bescherming van de burgers.

De IADL verwerpt categoriek elke buitenlandse interventie – met inbegrip van economische, politieke en militaire interventie – in de binnenlandse aangelegenheden van het Syrische volk. De IADL roep verder op  tot een onmiddellijk einde aan het geweld van alle zijden in het conflict en tot een vreedzame oplossing van het dispuut in overeenstemming met het VN-Handvest.

Israël en de VS in strijd met VN-Handvest

De IADL is eveneens uiterst bezorgd over de oorlogsdreigingen tegen Iran vanwege de leiders van Israël en de Verenigde Staten. De Israëlische eerste minister Benjamin Netanyahu blijft beweren dat Iran kernwapens aan het ontwikkelen is ondanks de bewijzen van het tegendeel.

Zowel het International Atomic Energy Agency (IAEA – Internationaal Agentschap voor Atoomenergie) en de Amerikaanse National Intelligence Estimate van 2011 hebben geen bewijzen gevonden dat Iran een kernwapenprogramma zou ontwikkelen. Volgens het Non-Proliferation Treaty (NPT- Non-Proliferatie Verdrag tegen de verspreiding van kernwapens), heeft Iran het wettelijke recht om kernenergie voor vreedzame doeleinden te produceren.

(Het National Intelligence Estimate of ‘Schatting van de Nationale Inlichtingen’ is een jaarlijks rapport dat de 16 agentschappen, die zich in de VS met veiligheid bezighouden, publiceren, nvdr).

Er is geen soeverein recht op unilaterale aanvallen

De IADL veroordeelt ten stelligste de bewering dat Israël een soeverein ‘recht’ zou hebben om unilateraal militaire actie te ondernemen tegen Iran. Artikel 2 van het VN-Handvest vereist de vreedzame oplossing van internationale disputen.

Een staat kan militair geweld inzetten tegen een andere staat in slechts twee gevallen. Eerst, onder artikel 51 van het VN-Handvest kan een staat uit individuele of collectieve zelfverdediging antwoorden op een aanval tegen een VN-lidstaat. Een staat kan slechts uit zelfverdediging handelen tot de VN-Veiligheidsraad de zaak in handen neemt.

Iran is géén bedreiging voor Israël

Iran heeft in 200 jaar geen enkel ander land aangevallen. Iran is geen bedreiging voor de veiligheid van Israël. De noodzaak voor zelfverdediging moet “onmiddellijk, overweldigend, geen keuze van middelen latend, geen tijd voor overleg” zijn. Dit klassieke principe van zelfverdediging in het internationaal recht werd bevestigd door het Nürnberg-tribunaal en de Algemene Vergadering van de VN. De IADL veroordeelt de stelling van de VS dat het land niet zal aarzelen aan te vallen met militair geweld om te ‘voorkomen’ dat (Iran) een kernwapen in handen krijgt.

De andere uitzondering voor het verbod van het VN-Handvest op het gebruik van militair geweld is wanneer de VN-Veiligheidsraad een gewapende interventie goedkeurt. De Raad heeft geen gewapende aanval op Iran goedgekeurd.

Israël: luister naar mijn woorden, kijk niet naar mijn daden

Resolutie 687 van de VN-Veiligheidsraad die een einde maakte aan de eerste Golfoorlog vereist een zone vrij-van-massavernietigingswapens in het Midden-Oosten. Israël, dat zelf waarschijnlijk een arsenaal van 200 tot 400 kernwapens heeft, overtreedt deze resolutie. Israël weigert het NPT te ondertekenen en ontwijkt zo inspecties door het IAEA.

Vorige maand heeft Iran aangeboden om de onderhandelingen te herstarten met de VS, Rusland, China, Frankrijk, Groot-Brittannië en Duitsland over zijn kernenergieprogramma. De stelling van Israël is dat elke verrijking van uranium en de opheffing moet worden geverifieerd door het IAEA voor onderhandelingen met Iran kunnen beginnen. Dit is onaanvaardbaar omdat Iran een wettelijk recht heeft op het verrijken van uranium voor vreedzame doeleinden.

De IADL verzet zich tegen bedreigingen met oorlog door Israël en de VS. De IADL roept alle partijen op een vreedzame diplomatieke oplossing te onderhandelen voor de crisis. Iran moet de toestemming krijgen om een beperkte verrijking van uranium verder te zetten onder de strikte monitoring van het IAEA..

Wederzijds respect

De IADL dringt er bij alle staten en volkeren in de regio op aan in wederzijds respect te leven volgens de principes van het VN-Handvest.

De IADL roept de internationale gemeenschap op het internationaal recht te respecteren, in het bijzonder de principes van het VN-Handvest en zich in te zetten voor de verwezenlijking van het mensenrecht op vrede.

Marjorie Cohn

Marjorie Cohn is vice-algemeen secretaris van de International Association of Democratic Lawyers.

(Vertaling: Lode Vanoost)

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!