Bedoeïenen naar Hooggerechtshof tegen Joodse nederzetting
Nieuws, Wereld -

Bedoeïenen naar Hooggerechtshof tegen Joodse nederzetting

UMM AL-HIERAN — Bedoeïenen in de Israëlische Negevwoestijn proberen via het Hooggerechtshof de bouw van een Joods dorp te stoppen. Voor de Joodse nederzetting moet het bedoeïenendorp verdwijnen.

maandag 9 mei 2011 15:44
Spread the love

Umm al-Hieran, op ongeveer dertig minuten van de stad Beer Sheva, is een van de vele zogeheten niet-erkende bedoeïenendorpen in de Negev die geen basisdiensten of basisinfrastructuur krijgen van de Israëlische overheid.

In 2004 ontvouwde het plancomité voor de regio zijn masterplan. Het dorp zou volledig afgebroken worden om plaats te maken voor de Joodse gemeenschap Hiran. De ongeveer duizend bedoeïenen zouden moeten wijken.

Een deel van de infrastructuur van het dorp is al afgebroken. In 2008 trokken inwoners van Umm al-Hieran naar de rechtbank om verdere afbraak te voorkomen. Ze deden dat samen met vertegenwoordigers van Adalah, het Juridisch Centrum voor Arabische Minderheidsrechten in Israël, en Bimkom, een groep van Israëlische planologen en architecten.

Zowel de politierechtbank als de arrondissementsrechtbank in Beer Sheva heeft zich onbevoegd verklaard. “We hopen dat het Hooggerechtshof ons de toestemming zal geven om in beroep te gaan, dan zullen we de zaak ten gronde kunnen bepleiten”, zegt Suhad Bishara, de advocaat van Adalah die de bedoeïenen vertegenwoordigt.

Apartheid

Volgens Bishara oordeelde de arrondissementsrechtbank “dat de staat Israël een wettelijke basis heeft voor een apartheidssysteem. Men kan vragen een gemeenschap te verhuizen, een heel dorp te evacueren, niet omdat er een dringend algemeen belang is maar omdat men een andere gemeenschap op die plaats wil laten wonen. Dat houdt geen steek.”

Umm al-Hieran werd in 1956 gebouwd, kort nadat het Israëlische leger de bedoeïenen uit hun huizen in de Wadi Zuballa-zone van de Negev had verdreven. Het was de derde keer dat inwoners van Umm al-Hieran gedwongen werden te verhuizen.

Volgens Adalah kregen de inwoners nu de verzekering van de militaire gouverneur dat het de laatste keer zou zijn dat ze gedwongen werden te verhuizen.

90.000 bedoeïenen

Vandaag leidt alleen een makkelijk te missen aarden weg naar Umm al-Hieran. Huizen van cement en baksteen staan er op een heuveltop die over de kleine vallei uitkijkt. Op de grond errond zijn stallen, olijfboomgaarden en watertanks te zien.

“Umm al-Hieran werd zestig jaar geleden gesticht”, zegt Salim Abu al-Qian, een van de inwoners. “Nu is er geen elektriciteit of water. Het beleid van de regering wil het ons moeilijk maken, ze sluiten het water af zodat we gedwongen worden Umm al-Hieran te verlaten.”

Ongeveer 90.000 bedoeïenen leven in gelijkaardige omstandigheden in de Negev. Aangezien de Israëlische overheid ze als illegale bewoners ziet, dreigen de dorpen allemaal afgebroken te worden. Het bedoeïenendorp Al-Araqib , op enkele minuten van Umm al-Hieran, is bijvoorbeeld al negentien keer met de grond gelijk gemaakt sinds juli 2010, ook al is de juridische procedure over wie eigenaar is nog steeds bezig.

Volgens Oren Yiftachel, hoogleraar geografie aan Ben Gurion-universiteit in Beer Sheva, wijst deze afbraakgolf op een ruimer plan van de Israëlische regering om de bedoeïenen in een zo klein mogelijke zone in de Negev te concentreren en op de vrijgekomen plaats Joodse nederzettingen te bouwen.

“Het doel van de staat is nog steeds, met de mogelijkheden die ze heeft, de bedoeïenen alleen toe te laten in afgebakende gebieden en de rest te verjoodsen – de grond verjoodsen, de middelen verjoodsen, de elektriciteit verjoodsen. Elke zweem van een claim op gelijkheid wordt als een bedreiging van deze vorming van de Joodse staat gezien.”

Bedoeïenenstad

In de plaats van Umm al-Hieran moet een Joodse gemeenschap van zeven- tot tienduizend mensen komen, zegt Yiftachel. Volgens de hoogleraar kan deze gemeenschap er evengoed komen zonder de bedoeïenen te verhuizen. “Het betekent dat je het plan voor het Joodse dorp 300 meter moet verplaatsen, wat natuurlijk mogelijk is omdat het nog niet gebouwd is. Wij vinden niet dat er een Joodse nederzetting nodig is op die plaats. Maar als ze die toch willen bouwen, dan is het niet nodig om Umm al-Hieran eruit te trappen”, zei Yiftachel.

De Israëlische overheid wil dat de inwoners van Umm al-Hieran verhuizen naar Hurra. Dat is een bedoeïenenstadje in de buurt dat door de overheid is gebouwd en waar nu 16.000 mensen wonen. Maar voor Abu al-Qian, die al zijn hele leven in Umm al-Hieran woont, beantwoordt Hurra niet aan zijn behoeften noch aan die van zijn buren.

“We zijn een boerendorp”, zegt hij. “Het leven in Hurra is niet geschikt voor mijn manier van leven. Ik wil wonen waar ik vandaag woon. We willen dat de regering ophoudt ons te discrimineren en ons geeft waar we recht op hebben. Dit is mijn dorp. Ik ben hier geboren. Ik blijf hier. Ik vertrek niet.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!