Keep on Rocking in the Free World volgens De Wever
Opinie, Wereld, Politiek, Cultuur, Cuba, Bart de wever, Fidel Castro, Pukkelpop, Chokri Mahassine, SINA, Dossier N-VA -

Keep on Rocking in the Free World volgens De Wever

Bart De Wever schreef afgelopen dinsdag traditiegetrouw zijn tweewekelijkse column voor De Standaard. U denkt misschien dat deze in het licht van de zwaarste institutionele crisis in de Belgische geschiedenis – waarin De Wever een nogal dubieuze hoofdrol speelt - deze kwestie behandelt. Of over een strategie tot regeringsvorming. U heeft het fout.

donderdag 13 januari 2011 20:45
Spread the love

Naast het meespelen in De Slimste Mens waren er blijkbaar meer urgente zaken die ‘onze’ onderhandelaar aanbelangden, namelijk alles wat het territorium B-H-V omvat: Baracoa – Havana – Viñales.

Pukkelpop in Cuba

Juist, Bart De Wever richt vandaag (nvdr dinsdag 11/01) zijn pijlen op Cuba. Vorige week raakte bekend dat Chokri Mahassine plannen heeft om in Havana een zusterfestival van Pukkelpop te organiseren. Revolutionair? Buiten de locatie misschien, niet echt. Er zijn al stevige samenwerkingsverbanden met het Zuid-Afrikaanse festival Oppikoppi en ook Herman Schueremans – je weet wel, die van Rock Werchter – deed een aantal jaar terug hetzelfde in Arras, Frankrijk.

Maar goed, elke gelegenheid om de baarlijke communistische duivel aan te vallen is goed. De Wever bedankt Chokri en Stevaert – die laatste zit blijkbaar mee in dit socialistisch complot – en profiteert ervan om het Cubaanse maatschappijmodel een stevige trap onder de gordel toe te brengen, hierbij niet gehinderd door enige feitenkennis. Terloops wordt ook de sociaal- democratie geschoffeerd, ontegensprekelijk een goeie strategie om het vertrouwen tussen de regeringsonderhandelaars een serieuze boost te geven.

Welke argumenten haalt De Wever aan in zijn column om Cuba te bestempelen als een dictatuur? We lezen er zes: 1) het onderdrukken van de oppositie, volgens De Wever verkeerdelijk door links afgeschilderd als betaalde huurlingen om op die manier de dictatuur te verschonen 2) het ontbreken van vrije verkiezingen zoals die in Nicaragua 3) Pérez Roque die een tijd terug onder dwang van Castro publiekelijk moest erkennen dat hij de revolutie verraden had en uit zijn functies werd ontzet 4) de gemiddelde levensstandaard van de Cubanen die daalde onder Castro 5) de homo’s die door El Jefe worden afgedaan als parasieten en 6) de vele duizenden mensen die gevangen zitten in mensonwaardige omstandigheden door hun politieke overtuiging of omdat ze zich uit bittere armoede overgaven aan de welig tierende prostitutie of gokindustrie.

Onderdrukte oppositie

Laat ons deze argumenten één voor één onder de loep nemen. Het zogenaamde onderdrukken van de oppositie zouden we kunnen ontkrachten door aan te tonen dat deze ‘oppositie’ wel degelijk bestaat uit huurlingen en dat ze bovendien niet onderdrukt wordt, zolang ze geen geld en/of wapens aanvaardt vanuit de VS. Maar aangezien we waarschijnlijk onder De Wevers categorie ‘linksen die de dictatuur verschonen’ vallen, zullen we hierover enkele – uiteraard veel betrouwbaardere – oerdegelijke rechtse, anti-Cubaanse mensen citeren. We beginnen met Mallory, assistent-vice-minister voor Interamerikaanse Zaken van de VS-regering ten tijde van het begin van de revolutie:

« De meerderheid van de Cubanen steunt Castro. Er bestaat geen competente politieke oppositie (…) De enige mogelijke manier om de interne steun (voor het regime) te vernietigen bestaat erin dat een ontoereikende economie en schaarste tot ontgoocheling en ontmoediging leiden (…). Men moet snel alle mogelijke middelen aanwenden om het economische leven in Cuba te verzwakken (…). Een maatregel die een zeer sterke weerslag zou hebben, zou erin kunnen bestaan Cuba iedere financiering en levering te weigeren, wat de monetaire inkomens en reële lonen zou verminderen en hongersnood, wanhoop en de omverwerping van de regering tot gevolg zou hebben. »

OK, dit was 1960. Maar na 50 jaar dictatuur moet dit toch anders zijn? We leggen ons oor te luister bij de huidige voorzitter van de SINA (nvdr: Kantoor voor de Belangen van de Verenigde Staten in Cuba), zeg maar de onofficiële VS-ambassadeur in Cuba:

« Ondanks hun beweringen dat ze (nvdr: de oppositie) ‘duizenden Cubanen’ vertegenwoordigen, hebben wij daarvan geen enkel bewijs, toch niet voor wat Havana betreft, waar wij ons bevinden ». En hij voegt eraan toe: « Ze hebben in de Cubaanse maatschappij geen invloed en bieden geen politiek alternatief voor de Cubaanse regering ».

Ja, maar hiermee is toch nog niet aangetoond dat de V.S. de dissidentenbeweging betaalt? Neen, maar hiermee wel:

“Hun grootste inspanning bestaat erin om van ons voldoende middelen te krijgen opdat de belangrijkste organisatoren en hun aanhangers goed kunnen leven. Een politieke organisatie zei ons vrank en vrij dat ze geld nodig had om lonen te betalen en ze diende een begroting in in de hoop dat SINA de uitgaven zou dekken. Naast de fondsenwerving, hun belangrijkste zorg, houden ze zich vooral bezig met het bekritiseren of marginaliseren van de activiteiten van hun concurrenten om hun macht en toegang tot middelen te vrijwaren »

Inderdaad Bart, dit kwamen we te weten dankzij Wikileaks. Ik denk niet dat ik historici geschiedenisles dien te geven, maar gewoon als opfrissing: de V.S. en Cuba leven al 50 jaar in een koude oorlogssituatie, die af en toe iets warmer wordt (Varkensbaai, moordaanslagen op Castro, biochemische oorlogsvoering, aanslagen op vliegtuigen en hotels,…). Geld ontvangen van een vijandige mogendheid met als doel de eigen overheid omver te werpen, noemt men ook wel meeheulen met de vijand, of collaboratie. Daar staan in alle landen zware straffen op, iets wat jij je waarschijnlijk heel goed herinnert. Tot zover de onderdrukking van de ‘oppositie’.

Vrije verkiezingen

De laatste parlementsverkiezingen op Cuba dateren van 20 januari 2008. Er werd ook gestemd voor de provincieraad. Enkele maanden daarvoor werden de gemeenteraadsverkiezingen gehouden. Maar enkel de Communistische Partij kan toch meedoen aan de verkiezingen? Fout, in Cuba zijn verkiezingen gescheiden van politieke partijen. Kandidaten worden verkozen vanuit wijk- en gemeenteraden, niet van op partijlijsten. De opkomst bij de verkiezingen ligt gemiddeld rond de 95% en iets minder dan 10% van deze Cubanen stemt blanco of ongeldig. Bij de laatste parlementaire verkiezingen waren zo’n 200 van de 614 verkozenen geen partijlid. Over de legitimiteit van de Cubaanse regering zegt onze Noord-Amerikaanse vriend van SINA:

« Het zou een grote fout zijn (…) om de steun te onderschatten waarover de regering beschikt, vooral onder de volkslagen en de studenten »

Maar ongetwijfeld zijn verkiezingen naar Nicaraguaans model veel beter, zoals toen de Sandinisten geheel onverwacht werden verslagen. Verkiezingen, gewonnen door een verenigde oppositie tegen de Sandinisten, gefinancierd met VS-geld uit de Iran-Contra-affaire. De oppositie stortte het land in een jarenlange burgeroorlog. Het won de verkiezingen met de propaganda dat er enkel een einde kon komen aan de economische boycot van de VS en de oorlog door op hen te stemmen. 

Mijnheer De Wever: als men eerst een volk mag murw slaan, chanteren en vervolgens buitenlandse fondsen gebruiken om verkiezingen te winnen, sta mij dan toe dit ideetje door te spelen aan Elio Di Rupo. Kwestie dat hij zeker weet dat u hier niets op kan tegen hebben moest hij de volgende federale verkiezingen op deze manier weten te winnen. Het hoeft geen betoog dat men in Cuba deze kelk graag aan zich voorbij laat gaan.

Het geval Pérez Roque

De Wever stelt het geval Pérez Roque gelijk aan de zogenaamde oppositie, die gecriminaliseerd wordt door de overheid. Deze man werd onder dwang van Castro tot een publieke bekentenis gedwongen. Barts geheugen laat het waarschijnlijk eventjes afweten, maar geen nood, ik ben hier weer om het op te frissen.

De werkelijke reden voor het ontslag van Pérez Roque en zijn collega-minister Carlos Lage, gaf Fidel Castro in één van zijn columns (@Bart De Wever: lezen, laat je niet ontmoedigen door het hoge niveau en de feitenkennis!): “De zoetheid van de macht, waarvoor ze geen enkel offer hebben moeten brengen, had ambities bij hen wakker geschud die hen hebben aangezet tot onwaardig gedrag.” Cubakenner Katrien Demuynck hierover: “Dit wijst in elk geval op twee zaken. Ten eerste op het belang die de revolutie hecht aan morele waarden. Ten tweede dat er geen verworven rechten gelden, voor niemand. Verstarring van de macht is uit den boze. Wie onvoldoende scoort voor een opgedragen taak, kan vervangen worden.”

De twee hebben later inderdaad hun ontslagbrief laten publiceren. Bart De Wever schijnt te weten dat dit onder druk was van Castro. Dan weet hij blijkbaar meer dan de rest van de wereldbevolking. Bestaat er dan een hotline tussen Havana en het N-VA hoofdkwartier? Of toch minstens tussen Havana en de studio waar De Slimste Mens wordt opgenomen? En zal Bart De Wever het de volgende keer even edelmoedig opnemen voor een Waalse politicus die ontslag dient te nemen tengevolge van politiek onwaardig gedrag, zoals corruptie?

De Cubaanse levensstandaard

Het moet nu niet gekker worden, zou je denken. En toch: om te schrijven dat de gemiddelde levensstandaard van de Cubaan gedaald is sinds de revolutie, moet je ofwel blind zijn voor feiten, ofwel van heel erg slechte wil zijn. Laat het ons misschien houden op verstrooid zijn. Een column schrijven tijdens een institutionele crisis, brengt waarschijnlijk enige stress met zich mee.

In een zeer negatief artikel over de Cubaanse Revolutie, stelt The Economist dat voor de revolutie één derde van de Cubaanse bevolking in extreme armoede leefde. Volgens het laatste UNDP (nvdr: United Nations Development Programme) rapport over menselijke ontwikkeling leeft vandaag nog maximum 5 procent van de bevolking onder de armoedegrens. De UNDP rapporten laten zien dat Cuba zeer hoog scoort op de HDI index (nvdr: Human Development Index). Dit houdt onder andere een hoge levensverwachting, lage kindersterfte, een hoog opleidingsniveau en voedselveiligheid in. Uit het Living Planet Report van WWF en Global Footprint Network van 2006 bleek dat Cuba het enige land ter wereld is dat een hoge menselijke ontwikkeling kan combineren met een lage ecologische voetafdruk. Voor meer informatie over de Cubaanse levensstandaard vandaag wijs ik de heer De Wever door naar de UNDP rapporten of zelfs de Lonely Planet reisgids.

Homoseksuelen

Homo’s worden op Cuba door El Jefe afgedaan als parasieten door, kunnen we lezen in de column. Dat er in het begin van de revolutie fouten gemaakt zijn tegenover holebi’s, staat buiten kijf. Het is iets waarvoor Fidel Castro recent zelf verantwoordelijkheid opnam in een interview met de Mexicaanse krant La Jornada:

“[…] Het was erg onrechtvaardig. Een groot onrecht! – herhaalde hij met nadruk – om het even wie het begaan heeft. En ja, wij begingen het, wij… Ik probeer mijn verantwoordelijkheid daarin af te bakenen, want uiteraard heb ik dat soort vooroordelen niet persoonlijk. (…) Als iemand verantwoordelijk is, ben ik het… hoewel het een feit is dat ik me op dat moment niet kon bezighouden met dat soort zaken… Ik was vooral opgeslorpt door de Oktobercrisis, de oorlog, de politieke kwesties…”

Laten we vooral el comandante en jefe zelf aan het woord als het over homoseksualiteit en homoseksuelen gaat in plaats van Bart De Wever die hem woorden in de mond legt:

“Er bestonden sterke vooroordelen tegenover de homoseksuelen… ik aanvaard het gedeelte van de verantwoordelijkheid dat ik daarvoor draag… Ik heb me altijd gekeerd tegen elk misbruik, elke discriminatie, want in de samenleving toen bestonden er heel wat vooroordelen. De homoseksuelen waren zeker slachtoffer van discriminatie. Elders nog veel sterker dan hier, maar ze waren in Cuba het slachtoffer van discriminatie. Gelukkig heeft onze bevolking, die ondertussen veel beter gevormd en opgeleid is, die vooroordelen stilaan overwonnen.”

“Er waren – en zijn – zeer vooraanstaande persoonlijkheden van de cultuur, de literatuur, bekende personaliteiten, de trots van ons land, die homoseksueel waren en zijn. Ze kregen en krijgen nog steeds veel achting en respect in ons land. Het gaat dus niet over veralgemeende gevoelens. In de meer gevormde, meer opgeleide sectoren bestonden minder vooroordelen tegenover homoseksuelen. In de onopgeleide sectoren – er bestond toen 30% analfabetisme in het land – waren de vooroordelen tegenover homoseksuelen groot. Maar ze bestonden ook onder de semianalfabeten en zelfs onder de professionelen. Dat was een realiteit in onze samenleving.”

“Het probleem van de discriminatie van homoseksuelen is reeds voor een groot stuk overwonnen. Het feit dat iedereen een goede algemene opleiding heeft vandaag… Ik zal niet beweren dat er geen machismo meer bestaat, maar niet meer zoals toen, toen het zeer sterk in onze cultuur aanwezig was. “

De duizenden politieke gevangenen

Hiermee zijn we bij het laatste argument aangekomen. Over de zogenaamde politieke gevangenen of dissidenten schreven we hierboven. Maar laat ons aannemen dat de gewetensgevangenen, erkend door Amnesty International, écht politieke gevangenen zouden zijn. Wel, AI schreef in haar rapport van 2010 over Cuba dat er eind 2009 55 gewetensgevangenen waren in Cuba. Na een reeks vrijlatingen en na bemiddeling tussen de katholieke kerk en de Cubaanse overheid, blijven er nu nog 11 over.

In Spaanse kranten bevestigde de Cubaanse kardinaal Ortega dat er ook voor deze elf een akkoord over hun vrijlating bestaat. Ik stel voor dat Bart De Wever de gegevens van de andere ‘duizenden’ gevangenen doorspeelt aan Amnesty International, hij heeft blijkbaar toch niet zoveel te doen de laatste tijd. Dat vrouwen in Cuba zich prostitueren uit noodzaak, wordt tegengesproken door elke academische publicatie omtrent dit onderwerp (zie o.a. Garcia en Cabezas). Prostitutie is in Cuba, zoals in de meeste landen ter wereld, inderdaad illegaal. Je kan daar, misschien zelfs terecht, tegen zijn. Maar Cuba is hier geen uitzondering, eerder de regel. Hardnekkige recidivisten worden er echter niet opgesloten in gevangenissen, maar worden verplicht een opleiding te volgen. Als je het echt wil opnemen voor de rechten van prostituees, zijn er heel wat plaatsen op deze wereld die meer nood hebben aan hulp.

Conclusie

De argumenten die De Wever gebruikt om aan te tonen dat Cuba een dictatuur is, slaan werkelijk nergens op. Bovendien kan men zich afvragen of het inrichten van een festival in Cuba neerkomt op het materieel ondersteunen en politiek vergoelijken van een dictatuur, zoals De Wever beweert. Culturele uitwisseling lijkt ons van belang met mensen van waar ook ter wereld, onder welk regime ze ook leven. Bart De Wever stelt dat het organiseren van een festival Cuba meer toegang zal geven tot deviezen en dat zo de dictatuur wordt ondersteund. Volgens hem is dit veel erger dan gewoon handel voeren met het land, of met een ‘andere’ dictatuur, zoals China. De reden waarom is  niet geheel duidelijk.

“Geef mij maar een land waar Neil Young vrijuit harde sociale kritiek mag zingen, en wel onder de bijzonder toepasselijke titel Keep on rocking in the Free World” schrijft De Wever tot slot. Wel Bart, geef mij maar een historicus die over enige feitenkennis beschikt vooraleer hij een column over een onderwerp schrijft. En een regeringsonderhandelaar die zich bezighoudt met zaken waar hij zich moet mee bezig houden. Als dit teveel gevraagd is, zal ik de droom van een regeringsonderhandelaar, die de sociale belangen van de mensen laat voorgaan op politieke spelletjes, maar laten varen.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!