Palanquinha, de mascotte van Africa Cup of Nations 2010

 

Nieuws, Wereld, Afrika, Politiek, Angola, Corruptie, Africa Cup 2010, Voetbal, Stadions -

Vals spel: corruptie tijdens de Afrika Cup van 2010

Op 31 januari 2010 werd Egypte voor de zevende keer winnaar van de Africa Cup of Nations, het Afrikaanse voetbalkampioenschap, dat in januari van dit jaar plaatsvond in Angola. Terwijl de feestelijkheden losbarsten in Caïro, betekende de finale voor Angola, de organisator en gastheer van het kampioenschap, een terugkeer tot de harde realiteit.

woensdag 7 april 2010 12:48
Spread the love

De Angolese regering maakte bekend dat zij 600 miljoen dollar had besteed aan de bouw van de vier spiksplinternieuwe voetbalstadions.

Het 11 November-stadion in Luanda (nvdr: 11 november is de nationale feestdag van Angola, de dag dat het land in 1975 onafhankelijk werd van Portugal), met een capaciteit van 50.000 plaatsen, werd gebudgetteerd op 227 miljoen dollar.

In een land waar de regering bestuurt door een systeem van diepgewortelde corruptie en het omzeilen van de wet, betekenen overheidsprojecten – zonder uitzondering – duistere institutionele beslissingen over grootschalige contracten, vooral in het financiële belang van de politieke leiders.

Tussen de voetbalwedstrijden door nam ik de tijd om die punten te onderzoeken waar corruptie en beïnvloeding zouden kunnen voorkomen bij de organisatie van de Afrika Cup.

Eigen firma van viceminister krijgt contract

De eerste zaak waar ik verslag over uitbreng, betreft het inspectiecontract voor de bouw van het Luanda-stadion. Deze werd uitgevoerd door Soenco, een maatschappij behorend aan José Joana André (MPLA), viceminister van Openbare Werken.

Op 28 oktober 2009, tijdens een vergadering voorgezeten door de president van de republiek, José Eduardo dos Santos (MPLA), keurde de ministerraad het contract goed “om de diensten van coördinatie en inspectie van de bouwwerkzaamheden, de voorzieningen en de installatie van de uitrusting van het 11 November-voetbalstadion” toe te kennen aan Soenco.

Het contract werd ondertekend door de ministeries van Financiën en Openbare Werken en de maatschappij Soenco–Projectos e Consultário voor een totale waarde van 11.344.433,30 dollar.

De ministerraad bezegelde hiermee echter enkel een contract dat al goed op weg was om te worden uitgevoerd. Soenco is een maatschappij die werd opgericht op 30 augustus 2006, door de viceminister van Openbare Werken, José Joana André.

Op 8 februari 2010 werd José Joana André benoemd tot staatssecretaris voor Constructie in de nieuwe regering van de derde republiek. Zijn titel veranderde, maar de inhoud van zijn job bleef in essentie gelijk.

Zijn partners in Soenco zijn twee ambtenaren van het ministerie: Rui Celso da Silva en Maria Manuela Ferraz, die tot begin februari van dit jaar respectievelijk kabinetchef en topadviseur van de minister waren. De derde partner, Celso Paulo Correia Teixeira, komt uit de privésector.

Naast zijn functie van staatssecretaris van Openbare Werken is José Joana André dus ook algemeen directeur van Soenco. Ook Rui Celso da Silva en Maria Manuela Ferraz bekleden directieposten terwijl zij hoge ambtenaren zijn van dat ministerie.

Wettelijk gezien is het contract tussen de ministeries van Financiën en Openbare werken en Soenco in strijd met artikel 10(2) van de wet 21/90, gekend als de wet betreffende de Misdaden begaan door Publieke Ambtsdragers.

De wet verbiedt regeringsambtenaren om zich te engageren in handelszaken met winstoogmerk met de volgende woorden:
“De drager van een openbaar ambt die op enige wijze patrimoniaal voordeel verkrijgt als gevolg van een juridische of  burgerlijke daad in relatie tot belangen die hij heeft door zijn functies … zal worden gestraft met gevangenisstraf of een overeenkomstige boete.”

De regering vertrouwde aan het ministerie van Openbare Werken de taak toe van het bouwen en het beheer van de voetbalstadions voor de Afrika Cup. Daardoor had José Joana André de macht om invloed uit te oefenen en beslissingen te nemen betreffende de voorbereiding en het beheer van de infrastructuur van deze stadions.

Controle over de werkzaamheden

Het was zijn plicht om een overzicht te houden over de werken aan hem toevertrouwt door de staat en ze te inspecteren. In zijn bevoegdheid als viceminister hield José Joana André officieel toezicht op de werkzaamheden aan het 11 November-stadion die door zijn eigen firma werden uitgevoerd. Het stadion werd gebouwd door de Chinese firma Shangai Urban Construction Group Corporation.

Hetzelfde geldt voor Rui Celso da Silva, kabinetchef op het ministerie. Ook hij valt onder dezelfde wet, net zoals Maria Manuela Ferraz, tegenwoordig hoofd van het Agostinho Neto-campusproject voor het ministerie van Urbanisatie en Constructie. Dit nieuwe overheidsorgaan is het resultaat van een fusie, tijdens de derde republiek, tussen de vroegere ministeries van Urbanisatie, Huisvesting en Openbare Werken.

Op 28 juni 2008, tijdens de opening van het elfde bijzondere congres van het centraal comité van de MPLA, zei president José Eduardo dos Santos retorisch: “Een lid van de regering kan aandeelhouder zijn, kan aandelen hebben in een privéfirma, maar mag niet betrokken zijn in het bestuur. Hij moet ook de principes van ongebondenheid en onpartijdigheid in de uitoefening van zijn ambt eerbiedigen.”

Toelating tot machtsmisbruik

Deze presidentiële speech wordt vaak gezien als een toelating tot machtsmisbruik en institutionele corruptie, gezien de president zelf geen rekening hield met de wet in de zojuist aangehaalde uitspraak. Er zijn ondertussen verschillende regeringsleden die dozijnen firma’s bezitten, beheerd door nationale en buitenlandse beheerders, maar waarvan het commerciële succes volledig afhankelijk is van het regeringsdepartement waarvoor zij verantwoordelijk zijn.

Zelfs als José Joana André zijn positie als directeur van Soenco niet uitoefende bij de toekenning van het Afrika Cup-contract aan zijn bedrijf, verbrak hij toch de wet toen hij als viceminister van Openbare Werken de beslissing nam of vergemakkelijkte om het contract aan zijn eigen firma toe te wijzen.

Cultuur van oogluikende corruptie

Deze cultuur van oogluikende corruptie in het hart van de regering wordt eveneens treffend geïllustreerd door een ander voorbeeld van Soenco. Het bedrijf kreeg het contract voor de inspectie van de renovatiewerken aan de regionale luchthaven van Luena, in de oostelijke provincie Moxico in 2008.

Deze promiscuïteit tussen openbare plicht en privébelang heeft al onschatbare schade toegebracht aan de Angolese staat en de bevolking. Het resultaat zijn talloze slecht uigevoerde openbare projecten die over het algemeen van lage kwaliteit zijn, maar die belastingbetaler wel astronomische bedragen heeft gekost.

Deze corruptie op het hoogste niveau van de regering is algemeen bekend. Dit stimuleert buitenlandse firma’s om het feest te vervoegen en te spotten met de Angolese wetten om hun eigen dividenden en commerciële winsten te maximaliseren op de rug van de Angolese bevolking.

Rafael Marques de Morais

Rafael Marques de Morais is een Angolese freelance journalist die zich de laatste jaren heeft ontpopt tot een uiterst kritische waarnemer van het politieke en economische beleid van zijn land. Hij schreef dit stuk op zijn eigen blog: www.makaangola.com

(vertaling uit het Engels door Leona Maes)

****

Fahrenheit 2010

Afrika Filmfestival 2010 vertoont op woensdag 7 april 2010 (20u, ACW-gebouw, Bondgenotenlaan 131, Leuven) i.s.m. Bevrijdingsfilms, Leuvense Derdewereldraad en Vormingplus-Oost-Brabant de film ‘Fahrenheit  2010’ van de Zuid-Afrikaanse regisseur Craig Tanner (2009, 52 min, Engelse versie).

‘Fahrenheit 2010’ is een kritische documentaire die fundamentele vragen stelt over de impact van het Wereldvoetbalkampioenschap (FIFA World Cup 2010) in Zuid-Afrika.

De Zuid-Afrikaanse regering heeft enorme bedragen geïnvesteerd in de bouw van nieuwe voetbalstadions. De kans is groot dat die nadien als ‘witte olifanten’ zullen overblijven.

Als eerste Afrikaans land dat het voetbalfeest organiseert, heeft Zuid-Afrika miljoenen dollars uitgegeven aan een voetbalinfrastructuur die volgens activisten en academici veel beter zouden worden besteed in de zo noodzakelijke aanpak van de armoede, het huizentekort en de uitbouw van een performant systeem van gezondheidszorg.

Na de film volgt een gesprek met een delegatie van de Zuid-Afrikaanse ambassade.

 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!