De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

We staan sterker dan we denken!
Sociale inclusie, Actie, Mensenrechten, Autisme, Handicap, Gelijke rechten, Gripvzw, VN-verdrag over de Rechten van Personen met een Handicap -

We staan sterker dan we denken!

zaterdag 23 april 2011 11:11
Spread the love

We zijn sterker dan we denken. Een sterke slogan. Evengoed als met punt kan het met uitroepteken, met drie puntjes of met vraagteken achteraan. En wie wordt bedoeld met de ‘we’ ? Is het dan niet eerder ‘we zijn sterker dan ze denken’. Of dat is toch wat te veel wij/zij-denken ? En vooral: wat is de bedoeling daarvan ?

Onderdeel van een campagne

De zin ‘we zijn sterker dan we denken’ is een onderdeel van de nieuwe campagne van Grip vzw.

Grip vzw is een burgerrechtenorganisatie die opkomt voor gelijke rechten voor iedereen (en voornamelijk personen met een handicap).

Door open te staan voor dagelijkse ervaringen (zie oa hun publicatie rond ervaringsdeskundigheid) & praktische kennis van mensen met een handicap (inclusief autisme) en hun omgeving.

Door daar actief mee aan de slag te gaan in beeldvormingscampagnes & beleidswerk.

En daarmee te streven naar een genuanceerdere beeldvorming, gelijke rechten en meer kwaliteit van bestaan.

U zei handicap ?

Zowel over die ‘rechten’ als die ‘handicap’ is al meteen veel discussie op fora van mensen met autisme.

Eerst en vooral omdat een aantal mensen met autisme een zodanig negatief handicapbeeld hebben dat ze vinden dat iedereen behalve zijzelf een handicap heeft. O wee als zij autisme geassocieerd horen met handicap.

Dan zijn er nog ‘autisten’ die spreken over ‘gehandicapten’ in de zin van mensen die beroep moeten doen op een hulpmiddel (rolstoel, blindenstok, prothese, implantaat) of ondersteuning in het dagelijks leven.

En vervolgens zijn er mensen die willen spreken over ‘mensen met een beperking’, maar niet goed weten wat ze daarmee bedoelen noch of ze zichzelf daartoe rekenen.

In elk geval een boeiende maar ook delicate discussie.

Persoonlijk vind ik autisme altijd een handicap, weliswaar verschillend in elke situatie & voor iedere persoon anders, en onlosmakelijk verbonden met talenten. Een handicap die allesbehalve negatief hoeft gezien te worden, evenmin als dat het geval is met alle andere handicaps.  Een interessante aanvulling is de tekst op Participate! rond ‘autisme een handicap ?’.

Rechten … nooit vanzelfsprekend

Wat voor mij het meest opvalt, is dat mensen met autisme vaak niet beschouwd worden als mensen met rechten zoals ieder ander.

Dat zou vanzelfsprekend moeten zijn, maar in de praktijk is het helemaal niet zo. Op vlak van onderwijs, werk, gezondheid, wonen en gezinsleven, recht op ondersteuning, vrijetijdsbesteding en mobiliteit bijvoorbeeld.

Van hoog tot laag

Dat is natuurlijk niet alleen een probleem van persoon tot persoon, of van organisaties, maar van een samenleving die niet voldoende aangepast is.

Om bepaalde vanzelfsprekende rechten nog eens duidelijk te stellen, en de samenleving aan te passen, zijn er natuurlijk heel wat initiatieven, van in de buurtcomités tot bij de Verenigde Naties. Het ideale zou zijn als ‘hoog’ en ‘laag’ elkaar op eigen initiatief ontmoeten, maar wet – en regelgeving geven helaas nog steeds net dat duwtje meer.

De landen die het Verdrag betreffende de Rechten van Personen met een Handicap (waaronder dus ook autisme) van de Verenigde Naties hebben ondertekend, zoals België en Nederland, hebben zich ertoe akkoord verklaard om mensen met autisme hun rechten te verzekeren, rekening te houden met hen in alle aspecten van het beleid en elke vorm van discriminatie uit te schakelen.

Dat wordt overigens maar concreet als deze bindende principes in wetgeving zijn vertaald. Het VN-verdrag moet voorlopig initiatief – en wetgevers vooral inspireren, zoals door artikel 19 (zelfstandig wonen en deel uitmaken van de samenleving) en artikel 21 (toegang tot informatie).

De campagne van Grip wil (oa via de campagnewebsite ‘Gelijke Rechten‘) vooral het VN-verdrag ruimer bekend maken, positieve en minder positieve ervaringen verzamelen, organisaties tot activiteiten stimuleren en daar iets mee doen.

Sterker dan we denken ?

Toch blijft de vraag of we nu sterker zijn dan we denken ?

De slogan op zich is niet nieuw natuurlijk, ze komt geregeld terug op fora van mensen met autisme. Zelf vind ik dat ieder dat voor zich moet uitmaken.

Aan de affiche zelf is moeilijk te zien wat met sterkte bedoeld wordt. Een man in sumo-outfit en – houding staat in gevechtshouding. Wat een symbool zou kunnen zijn van mensen die de confrontatie met veranderingen willen aangaan.

Bert, zo blijkt de man te heten, is 24 en vertelt : “Ik wilde graag alleen gaan wonen en liet mijn oog vallen op een mooie studio. Spijtig genoeg zag de huisbaas mij niet zitten. Ik legde hem mijn situatie uit en maakte hem duidelijk dat hij me niet zomaar mocht weigeren. Nu heb ik al 8 maanden mijn eigen stekje.”

Een herkenbare situatie die elke dag voorkomt, en mij ook is overkomen. Zowel op vlak van wonen als werken kan er niet uitzien als doorsneemens, zoals op vlak van mimiek of gewoon niet het juiste zeggen of het juiste moment, een lange zoektocht naar een flat of naar een baan betekenen. Zelf heb ik mijn woning overigens niet gevonden zonder dat er iemand anders zich borg stelde. Het is Bert wel gelukt, in die zin hij is sterk.

Op een andere affiche staat een vrouw met een blindestok die klaar staat om een punt te scoren. Lieze vertelt : ‘Toen ik me wilde inschrijven voor de opleiding maatschappelijk werk, kreeg ik heel wat tegenkanting. Hoewel ik recht heb op onderwijs naar keuze, wilde de school me niet toelaten. Ik heb doorgezet en nu zit ik al in m’n derde jaar.’

Hier gaat het om een blinde vrouw maar het is evengoed herkenbaar omdat mensen die met diagnose autisme aankloppen bij een sociale hogeschool en erin slagen, ondanks veel twijfels van lectoren, sterk zijn. En dus een toekomst hebben.

Extremen: zichzelf overschatten of onderschatten ?

Voor sommige mensen geldt zeker dat ze zichzelf onderschatten en uit angst om fouten te maken geen initiatief nemen of te braaf zijn om op hun strepen te staan in contact met hulpverleners of omgeving zonder begrip.

Ik heb vaak discussies gehad met mensen die al heel wat jaren ‘ervaringsdeskundige’ zijn die nog steeds knikken en buigen als iemand hun leven beperkt met als enige rechtvaardiging een diploma. Onbegrijpelijk soms.

Voor anderen is het net andersom, zij onderschatten net hun beperkingen en gebruiken de slogan ‘we zijn sterker dan we denken’ om anderen te ‘porren’ of hen ‘slachtofferisme’ te verwijten. Dat zijn ook mensen die vergeten dat er ook plichten zijn. En dat is voor mij al even onbegrijpelijk. Iedereen doet zijn best in zijn situatie om te functioneren in onze samenleving.

Sterktes

Zelf vind ik dat heel wat mensen met een handicap, waaronder autisme, vaak sterk zijn.

Omdat ze vergeleken met anderen veel meer drempels overwinnen in hun leven, leren omgaan met meer extreme situaties en leren overleven op allerlei vlak. Omdat ze toch fier zijn op wie ze zijn, hun eigenheid, wat ze gerealiseerd hebben, hun beperkingen inbegrepen.

Anderzijds is horen dat ik sterker ben dan ik denk soms ook betuttelend. Als ik van iemand hoor dat ik sterker ben dat ik denk, dan weet ik dat ik daar alvast niets meer aan hoef te vragen. Omdat het klinkt als : ‘eigenlijk stel je jou aan, alleen wat meer zelfvertrouwen en het lukt wel.’

De kans om het vanzelfsprekende te proberen

Toch mag het te geweten zijn dat mensen met autisme sterker zijn, maar meestal dan anderen denken, buitenstaanders vooral.

Veel vanzelfsprekende rechten, en bijhorende plichten, die tot nu toe ontzegd worden, kunnen we, de een al met meer ondersteuning dan de ander, aan.

In veel gevallen meer dan mensen ‘zonder beperking’, die terecht verontwaardigd reageren als hen verteld wordt dat anderen beter weten hoe hun leven ingevuld wordt, dat zij niet kunnen studeren, wonen zoals zij wensen, een relatie leven of een kinderwens koesteren.

Het recht om om fouten te maken en te zoeken naar een eigen plek

Als ik zie hoe anderen mensen met autisme, zoals mezelf, bekijken, zie ik heel wat vooroordelen, cliché’s, ongegronde uitspraken. Ofwel vinden ze me te ‘normaal’ (hoewel dat niet blijkt uit hun daden), en geloven ze niet dat ik meer inspanningen moet doen om iets te bereiken of iets gewoon niet kan.

Ofwel denken ze dat mensen met autisme in het algemeen veel begrensder zijn, zonder naar het individu te kijken. Dan spreek ik over de vooroordelen. Als ik die zou volgen, zou ik helemaal niets kunnen. En als ik presteer wat onder die vooroordelen valt, dan val ik buiten het autisme en heb ‘t dus niet meer (volgens hen) en veins het dus.

Deze twee extremen, overschatting en onderschatting, wisselen elkaar voortdurend af, even irritant als zonnestralen tijdens een fietstocht door een bos op een zonnige dag.

Ook opleidingscentra autisme bezondigen zich daar vaak aan. In het tijdschrift van Autisme Centraal bijvoorbeeld mag er bijvoorbeeld wat meer genuanceerd worden.

Een bepaalde groep mensen met autisme kan bijvoorbeeld gerust een ‘normaal’ gesprek voeren, met alle prikkels die daarbij horen, maar kiest ervoor hun beperkte energie (ook een deel van autisme) aan nuttiger dingen bezig te houden, bijvoorbeeld aan het uitvoeren van een taak. Als die taak tenminste niet gaat vervelen of irriteren.

We zijn dus sterker dan we denken in de zin dat het altijd de moeite waard is te zoeken wat wel en niet mogelijk is.

Dat recht is het belangrijkste dat er is, de kans krijgen om het uit te zoeken.

De kans krijgen om uit te zoeken of je kan alleen wonen, onderwijs te volgen, je eigen budget beheren, een ondersteuner te vinden die niet de plannen van anderen dan jezelf uitvoert (of op opleidingskennis teert), de kans ook om fouten te maken, en uiteindelijk onze eigen stek vinden.

Zonder daar al meteen voorwaarden aan te koppelen. Zonder meteen op tekortkomingen of beperkingen, fouten te wijzen, en daarbij te panikeren, terwijl ze eigenlijk net aanleidingen zijn om te leren. En heel wat mensen met autisme kunnen leren (zijn dus niet als ‘een hond’ zoals ik ooit hoorde). Waar die plaats ook is, hoe afwijkend die levensomstandigheden ook moge zijn van ‘doorsnee mensen’.

We zijn dus sterker dan we denken, en dat mag geweten zijn.

Met toestemming overgenomen van de autismeblog Tistje

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!