Bij DeWereldMorgen.be schrijven we niet voor de clicks.

We maken media voor een betere wereld.

Samen met vele vrijwilligers en burgerjournalisten.

Om dit te blijven doen hebben we uw steun meer dan nodig!

Steun onafhankelijke media!

Ja, ik doe een gift

about
Toon menu

Brief. Gratis.

vrijdag 27 maart 2015
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Beste Tineke,

Morgen word ik bij de VDAB -bij jullie dus-, verwacht voor een informatiegesprek over mijn begeleidingstraject. Bij deze laat ik je weten dat ik er niet zal zijn. Niet omdat ik werk heb gevonden, noch omdat ik ziek ben. Ik zal er niet zijn omdat ik sinds kort op een eiland woon. Ik weet dat dat niet mag. Ik weet dus ook dat ik na dit schrijven mijn recht op een uitkering verlies. Ik heb erover nagedacht, en toch maar besloten om voor de eerlijke weg te kiezen.

In september studeerde ik af, schreef me in bij de VDAB en meldde me bij de Hulpkas voor Werkloosheidsuitkeringen. Als ik op dit moment nog in België zou zijn, zou ik óf aan het werk zijn, óf gedreven op zoek zijn naar een manier om mijn geld te verdienen. Enerzijds omdat mijn uitkering lang niet voldoende is om van te leven, anderzijds omdat dat nu eenmaal is wat van me verwacht wordt. Helaas zou het land in dat geval binnenkort allicht een hoop meer geld aan me kwijt zijn dan de uitkering die me nu wordt toegestopt. Ik zou al snel oververmoeid en werkonbekwaam thuis zitten, aangezien mijn lever het nogal moeilijk heeft. Normale werkdagen draaien, is voor mij geen optie. Ik kan (en wíl) acht uur per dag werken, maar dan moet het op mijn eigen ritme. Als ik te moe ben, moet ik even slapen, en erna kan het wel weer. Dat ik dan niet om 17u klaar ben en de rest van de avond voor de televisie kan zitten, maakt me niets uit. Gelukkig maar, want in dat plaatje zal ik nooit passen.

Ik ben vertrokken uit België omdat ik tijd nodig had. Tijd om uit te zoeken wat mijn eigen ritme dan precies is. Tijd om naar mijn lichaam te luisteren. Tijd om te kijken wat er bovendrijft als ik vrij ben, als alleen ík het voor het zeggen heb. Want nee, ik ben er niet op uit om van een uitkering te leven. Ik ben zo’n –allicht naïef- kind van die –allicht verwende- generatie die iets wil bijdragen aan de maatschappij. Iemand die op het einde van haar leven wil kunnen zeggen: ik heb gedaan wat ik kon. Een klein beetje tijd dus. Een paar maanden, een half jaar. Een jaar misschien. Een peulenschil ten opzichte van hoeveel tijd er (hopelijk) nog voor me ligt.

Nee, in België lukt me dat niet. In België is er altijd dat toeziende en oordelende oog van mijn omgeving. Er zijn altijd mensen rondom mij die zich afvragen wat ik (niet) aan het doen ben en waarom ik niet gewoon aan het werk ben. Maar vooral: in België zou ik zélf meegaan in het verhaal van de rest van het land. Ik zou mezelf voortdurend bang maken. Ik zou me verplicht voelen om snel werk te zoeken, ook al zou het iets zijn wat niet echt bij me past. Ik zou me bezwaard voelen om een tijdje van een uitkering te leven, ook al zou ik het als een investering zien. En ik zou bovendien een schuldgevoel krijgen bij elke gespendeerde euro, bang om op een dag zonder iets te zitten. Bang om op een dag te gaan geloven dat ik daarmee mijn eigen geluk vergooi.

El Hierro, Canarische Eilanden (afbeelding: Wikimedia)

Op El Hierro kan het anders. Wie met een materiële ingesteldheid naar dit eiland komt, redt het niet lang. De dingen moeten functioneren, niet meer dan dat. Hier zijn geen reclamebillboards die je verleiden om mooie kleren of blitse auto’s te kopen. (Niet echt vreemd, aangezien je zelfs voor een H&M of een Mc Donalds naar een ander eiland moet.) Hier verstop je je niet achter je kledij, je make-up of je gadgets. What you see is what you get. Geld is hier niet de norm. Begrippen als “fooi” kennen ze niet. Als mensen op café gaan, wuiven ze gewoon het wisselgeld weg. Het is geen díng, er worden geen extra centjes bij op tafel gelegd, het verloopt allemaal organisch. En zelfs als ze amper iets hebben om van te leven, zullen ze bij het betalen aan de toog een paar andere mensen in het café aanwijzen en zeggen: “ook voor die, die, die en die”. Niet omdat ze samen hebben zitten kletsen, maar omdat ze elkaar allemaal wel op één of andere manier kennen. En omdat het zich altijd wel weer recht trekt.

Gisteren had ik mijn eerste privé-zangles. Eén van de vele bemoedigende dingen die de leraar me tussendoor vertelde, was dat hij op alle manieren geleefd had: met heel veel geld, met weinig geld, en als straatmuzikant met quasi niets. Het laatste had hem de meest intense en boeiende periode uit zijn leven opgeleverd. Hij had geleerd om vrij te zijn, geen slaaf meer van voedsel, materiële bezittingen of uiterlijke schijn. De zangles duurde totdat we allebei verzadigd waren. Twee en een half uur. Hij vroeg tien euro. Voor hem is dat waarschijnlijk een mooi bedrag, de grote meerderheid is hier écht arm. De crisis heeft er serieus op ingehakt. Maar de mensen leven. En ze zullen elkaar nooit laten verhongeren.

Begrijp me niet verkeerd: de mensen op dit eiland zijn niet beter. Ik wil geen geromantiseerd plaatje brengen. Integendeel: ik ben ervan overtuigd dat wij in België net hetzelfde zouden doen. Het is alleen nog nooit nodig geweest. De echt armen blijven een minderheid die we makkelijk in een hokje kunnen plaatsen. Intussen blijven wij in een grote boog om hen heen rennen, bang om in de buurt te komen van iets wat we nog nooit hebben meegemaakt. Ja, ik ook. Toen ik je brief in mijn mailbox vond, dacht ik: lap, ik ben erbij. Eigenlijk wilde ik een excuus verzinnen, het zo lang mogelijk rekken, en me dan stiekem uitschrijven als werkzoekende als het echt niet anders kon. Maar het is oké. Ik ben niet bang meer. Het zou ook idioot zijn. Want ja, ik ben verwend. Ik heb nog wat reserve. Als kind heb ik altijd mooi gespaard, en mijn moeder heeft me tot voor kort -veel te veel- gesteund. Dus ik wil verdorie dat verblindende alarmlampje uitkrijgen, dat voortdurende “GELD! GELD!”-stemmentje stillen. Ik wil een andere drijfveer. Dus ik schrijf. Ik schrijf aan wat misschien ooit een boek kan worden, omdat dat is wat ik nu wil doen. Omdat ik al die andere stemmetjes in mijn hoofd, ook een kans wil geven.

En daarnaast schrijf ik dus dit, zo blijkt. Aan mezelf, en aan jou. Ik zou niet weten aan wie anders, want uiteraard heb ik niemand met de vinger te wijzen. Maar ik hoop zo, vanuit het diepste van mijn hart, dat mijn generatie en de generaties erna stilaan klaar zijn om door een andere bril te kijken. Ik weet niet of ik geloof in systemen als het basisinkomen, ik ben niet bezig met de praktische of de politieke kant. Waar het voor mij vooral om gaat, is dat er ruimte vrijkomt voor een bewustzijnsverschuiving. En volgens mij zijn we goed bezig. Het enige wat me moeten doen is elkaar blijven vertellen dat we niet bang hoeven te zijn. En wie weet zijn we dan op een dag geen slaaf meer van ons geld.

Ziezo. Bij deze weet je dat ik er niet zal zijn, morgen. Ik drink dan koffie met een Belg die hier in ’86 terechtkwam, om aan de dienstplicht te ontsnappen. Soms hebben we onze eigen plichten, en soms botsen die met wat onze omgeving van ons wil. Ik veronderstel dat er nu dus een gaatje vrijkomt in jouw agenda? Gebruik het goed, schenk het aan jezelf.

Hartelijke groeten,

Ine

Ps: ik schrijf me meteen ook maar zelf uit bij de VDAB

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis dankzij uw steun. We rekenen op uw fair share. Maandelijks, Jaarlijks, Eenmalig.

reacties

3 reacties

  • door Ina Roelants op zondag 29 maart 2015

    knap! het ga je goed, je bent hoop voor de volgende generaties... ik steun je, wens je het allerbeste en ook een Nieuwe Mooie Wereld toe!

  • door speedmaster op zondag 29 maart 2015

    succes, ine! en dan bedoel ik niet op financieel vlak, maar wel levenskwaliteit. het ga je goed!

  • door Stevenh op woensdag 1 april 2015

    Beste Ine,

    Ik snap van waar de gevoelens komen en ben er deels mee eens. Echter heb ik een paar bedenken die ik moeilijk kan rijmen met de geest van je brief: Ben je dan ook van plan het geld dat je hebt gekregen van de staat terug te geven? Want het enkel doen als je "betrapt" bent is een beetje dubbel... Of wanneer je in de toekomst (dure) medische hulp nodig hebt zal je ook geen gebruik maken van de dingen die mogelijk zijn dankzij een door de staat gesubsidieerde ziekenzorg? Wanneer je een boek hebt geschreven zal je dan ook nee zeggen tegen de grote hoeveelheid subsidies die het geschreven woord krijgen? (dat gaat zelfs niet wanneer je het laat drukken, want dan betalen mensen er minder BTW op, net zoals uitgeverijen met overheidssteun werken; ik raad u dus aan enkel online of met e-books te werken).

    Wat is jouw visie om dit alles betaalbaar te houden indien niet zoveel mensen, die de capaciteiten hebben, zouden proberen (deeltijds) werken?

    Verder nog een kleine tip: indien ik Tineke was, zou ik beledigd zijn door je laatste paragraaf; ook al geloof ik oprecht dat je intenties goed waren.

Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties