Egidius, waer bestu bleven?
Brugge, Egidius, Gruuthuse -

Egidius, waer bestu bleven?

dinsdag 9 april 2013 16:34

Ik heb levendige herinneringen aan mijn leraar Nederlands die mij begin jaren zeventig het gedicht ‘Egidius, waer bestu bleven’ in de strot wilde rammen, terwijl The Byrds toch die prachtige traditional ‘He was a friend of mine’ opgenomen hadden, een lied dat toch ook over het verlies van een dierbare vriend ging. Veertig jaar later loop ik nog steeds niet warm voor dat Egidiuslied, ook niet voor de versies van Paul Rans, Studio Laren, Camerata Trajectina en Faia Música die je kunt beluisteren op de tentoonstelling ‘Liefde en devotie – Het Gruuthusehandschrift’ die thans loopt in het Brugse Gruuthuse.

Toen ik deze middag thuiskwam en euforisch riep: “Schat, ik heb het Gruuthusehandschrift met mijn eigen ogen gezien”, maakte dat weinig indruk. Toch veel minder dan die keer dat ik Colin Farrell een koffie had zien slurpen op het terras van café Craenenburg op de Markt. Nochtans is dat handschrift zo’n zeshonderd jaar ouder dan Farrell.

Op de tentoonstelling werd een aparte kamer vrijgemaakt voor het Gruuthusehandschrift.  Het ligt onder glas opengeslagen op de bladzijden met het Egidiuslied. Het ziet er weinig indrukwekkend uit, met plastic tape aan de zijkanten, aangebracht door de vorige eigenaars. Bovenaan heeft de boekbinder het papier ietsje te dicht bij de tekst afgesneden. Omdat de teksten geschreven werden op geitenperkament, werd een wand van de ruimte versierd met rechthoekige opgespannen geitenvellen die verlicht worden. Momenteel is het boek in het bezit van de Nationale Bibliotheek van Nederland in Den Haag. Het werd in 2007 aangekocht van de familie Calcoen uit Koolkerke.

Het spreekt vanzelf dat het Gruuthusehandschrift van onschatbare waarde is voor de studie van de Middelnederlandse literatuur, maar dat ‘het gemis van een geliefde vriend nooit zo ontroerend werd beschreven’ als in dat lied, zoals her en der te lezen valt, is wat overdreven. Het is een klaaglied ter herinnering aan ene Gillis Honin, leermeester in de Walburgakerk en ‘in het bezit van een hemelse zangstem’.  De auteur, mogelijks Jan Moritoen, was in elk geval diep bedroefd toen Honin de pijp aan Maarten gaf.

Omdat het Gruuthusehandschrift – het boek – eigenlijk het bekijken niet waard is, worden in de tentoonstelling ook andere handschriften uit die tijd getoond. Prachtig gekalligrafeerde werken met mooi ingekleurde illustraties en vaak ook kalfslederen banden. Maar wat méér is:  in acht kamers van het stadspaleis wordt de tijd van Lodewijk van Brugge, heer van Gruuthuse (1422-1492)  gereconstrueerd aan de hand van boeken, schilderijen, sculpturen, tapijten, waszegels, schalen, matrijzen, ringen, halssnoeren, gebruiksvoorwerpen en zelfs insignes waarop fallussen afgebeeld staan.

Dat laatste roept een heel ander beeld op van de donkere middeleeuwen dan we gewoon zijn. Te midden van alle Mariadevotie was er ook plaats voor vleselijk vertier, iets wat de huidige leden van de verschillende Mariaverenigingen die in Brugge nog bestaan, wellicht niet weten. De invloed van deze ‘confréries’ op het huidige cultuurleven in de stad, mag trouwens niet onderschat worden. Zeker in het recente verleden hebben deze ridders van de hypocriete moraal wel vaker tentoonstellingen die niet in hun kraam pasten gedwarsboomd.

De tentoonstelling ‘Liefde en devotie – Het Gruuthusehandschrift’ laat eigenlijk het Brugse Gruuthusemuseum zien zoals het permanent te zien zou moeten zijn: als een herinnering aan de tijd toen Lodewijk van Gruuthuse in het gebouw resideerde. Jammer genoeg zal het binnen enkele maanden weer gewoon een van de zovele musea worden met toegepaste kunst. Dan keert het Gruuthusehandschrift terug naar Den Haag en keren de vele andere kunstwerken, boeken en voorwerpen terug naar hun musea of privé-eigenaars.

Misselyk

‘Liefde en devotie – Het gruuthusehandschrift’, nog tot 23 juni in het Gruuthusemuseum Brugge.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!