Van Mattheuseffect naar Lucasprincipe
Armoede, ACW-Leuven -

Van Mattheuseffect naar Lucasprincipe

maandag 7 maart 2011 15:17

Ik werd gevraagd om het spilfigurenweekend van ACW Leuven te voorzien van een poging van slotconclusie. Drie dagen lang gingen 80 vrijwilligers van ACW Leuven in Oostende aan de slag rond armoede. Ze werden daarbij gegidst vanuit Welzijnsschakels en vijf ervaringsdeskundigen. Het was soms een behoorlijk confronterend gebeuren. Wat mijn volgende insteek opleverde.

Armoede is een tekort. Te weinig geld. Te weinig eten. Te weinig kleren. Slecht eten. Oude kleren. Geen werk. Geen schooluitstapjes. Geen voetbalschoenen. Geen cafébezoek. Geen Pukkelpop. Geen auto. Geen dubbel glas. Geen dakisolatie. Geen diploma. Geen partner. Geen sociale contacten.
Armoede is een teveel. Te veel zorgen. Te veel monden. Te veel schulden. Te veel hindernissen. Te veel hoofdpijn. Te veel tranen. Te veel onbegrip. Te veel complexen.
Armoede is gekleurd. Armoede heeft wortels achter de Bosporus, in het Atlas-gebergte, in de krochten van het genie van de Karpaten.
Armoede heeft geen papieren.

Armoede is de vader van revolutie en misdaad, zei Aristoteles. Een eeuwigheid geleden. Met alle respect voor klassieke filosofen, maar daar klopt niets van. Revoluties werden, door de geschiedenis heen, veel meer gedragen door de middenklasse, dan door het proletariaat, wat Marx ook mag hebben beweerd. En misdaad toewijzen aan de armen, is een van de trukjes van de maatschappij om de armen nog meer in het verdomhoekje te steken.  Armen kunnen, uit geldgebrek, de meeste misdaden niet eens in de praktijk brengen.

Eigendom is diefstal

Neen, geef me dan Proudhon maar. “Eigendom is diefstal”, zei die, lang voor vriend Marx zijn theorieën over materialisme ontwikkelde. En si non é vero, é ben trovato. Want eigendom geeft net wel hopen mogelijkheden om misdaden die in deze maatschappij bon ton zijn uit te voeren. Zo zal een arme geen fiscale fraude plegen, bij gebrek aan te betalen belastingen. Geen notionele intrest voor de verpauperde, geen aftrek van beroepskosten, wegens  geen beroep. Vraag is dan alleen of het “verduisteren” van een oud brood uit de afvalcontainer van de Aldi een grotere misdaad is dan het oplichten van de gemeenschap voor ettelijke tienduizenden euro’s?

We zouden geen beweging zijn die de wereld wil veranderen, als we de volgende vraag niet stellen: “hoe brengen onze beleidsmakers het er vanaf in de strijd tegen armoede?” Jammer genoeg, dames en heren politici, is het antwoord hierop “slecht”. Sinds 1985 stijgt het aantal mensen met armoederisico in België gestaag. Niet toevallig sinds 1985, want dit is het moment dat de sociale zekerheid begint in te boeten aan herverdelend vermogen. Het Centrum Voor Sociaal Beleid schrijft daar elk jaar een dik rapport over, veel opbrengen doet dat allemaal niet, blijkbaar.

Van Mattheus naar Lucas

In plaats van armoede te bestrijden, zijn beleidsmakers veelal mee veroorzakers van armoede. Ondermeer door vele Mattheuseffecten. Of dacht u dat armen subsidies kunnen aanvragen voor het plaatsen van zonnepanelen op hun dak? Dat armen bij hun bank kunnen aankloppen voor een groene lening als ze een hoog-rendement-verwarmingsketel willen plaatsen? Dat armen veel belastingaftrek hebben voor kinderopvang?  Armen krijgen veelal hun gasfactuur niet eens betaald. En als hun huurwoning verwarmd wordt met elektriciteit en ramen enkel glas hebben, is dat hun probleem, en niet dat van hun huisjesbaasmelker.

In plaats van het Mattheuseffect zoeken wij naar het Lucasprincipe. De samenleving moet gestoeld worden op een gedragen solidariteit, waarbij de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen. Om armoede te bestrijden, hebben we nood aan een armoedetoets. Als je een beleidsmaatregel onderwerpt aan een onderzoek naar wie er van geniet, en wie er de gevolgen van draagt, leg je de pijnpunten zo bloot. En dat gebeurt zeker niet in onze middenklasseparlementen, volgepropt met verstandige, maar toch zo beperkte juristen. En evenmin in provincie- en gemeentehuizen, waar zichtbare prestige- en betonprojecten de voorkeur genieten. Dus geef je subsidies, verlaag je lasten, leg je regeltjes op: doe de toets!

Armoede van geest

En laat ons vooral het armoedeprobleem niet beperken tot geld. Een geldprobleem is zo opgelost. Belast de bonussen van Paul Baron Buysse weg, knip in de dotatie aan het koningshuis, controleer de belastingaangifte van zelfstandigen, vraag een bijdrage aan hoge vermogens en hop, geen gezeik, iedereen rijk. Uiteraard moeten we al de dingen die ik net opnoemde wel doen, maar daarmee lossen we armoede niet op. We hebben dus nood aan:
– Onderwijs en opleiding op maat
– Aangepaste begeleiding in de zoektocht naar een job
– Cultuurparticipatie
– Deelname aan jeugdwerk
– Budgetbegeleiding
– Opbouwwerk, in buurten en scholen
– Toegang tot zorg
– Flexibele en betaalbare kinderopvang, ook gericht op eenoudergezinnen
– En vooral respect

“Rijke mensen hebben er hard voor gewerkt, arme mensen hebben het zelf gezocht”. Deze ironische uitspraak van Mark Uytterhoeven lijkt in het toch zo hardwerkende Vlaanderen zich een weg gebaand te hebben naar het collectieve ideeëngoed. Solidariteit komt overal onder druk. Solidariteit tussen oude Belgen en nieuwkomers, tussen werkenden en niet-werkenden, tussen jongeren en ouderen, tussen Vlamingen en Walen. Als we iets aan armoede willen doen dat er echt toe doet, moeten we ook verlost zien te geraken van deze Nieuw-Vlaamse armoede van geest.

Luc Purnelle
 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!