Institutioneel Racisme, onbewust en onbedoeld, maar toch aanwezig

Institutioneel Racisme, onbewust en onbedoeld, maar toch aanwezig

woensdag 10 augustus 2016 11:54

We lezen racistische commentaren en scrollen lustig verder alsof er niets aan de hand is. Onze smartphones worden overrompeld met meldingen van aanslagen en we negeren ze, net zoals die drukke groepsgesprekken op WhatsApp. We leven in tijden waarin mensen sterven in ons midden, ofwel door een aanslag of wanneer ze de oversteek proberen te maken naar Europa, en het doet ons allemaal niets, of toch bijna niets.

Meestal volg ik de actualiteit vrij passief. Ik ben geen socioloog, linguïst, of sociaal werker,  en  ik beschouw mezelf zeker niet als een intellectueel. Het is gewoon een terugkerend besef. Ik merk dit niet alleen in de kranten, maar ook in mijn blanke omgeving. Ik merk het als ik terug ben in Belgie hoe wordt gekeken naar ‘anderen’. Een Amerikaanse vriend van me vertelde me ooit waar hij ’t meeste naar uitkeek bij z’n terugkomst na een reis: “Ik ben nieuwsgierig om te zien hoe mijn kijk op een omgeving die ik al heel mijn leven ken, veranderd is.” Dit is exact wat gebeurd is met mij.

Mensen gebruiken woorden als ‘neger’, ‘makak’, ‘tjoef’, … zonder er bij stil te staan wat voor effect dit heeft. Dat ik me dit afvraag toont dat er iets fout zit. Ik heb 21 jaar lang woorden zoals ‘neger’ gebruikt zonder hierbij stil te staan. Ik ben hierover pas beginnen nadenken toen mijn Amerikaanse vrienden perplex stonden toen ik dit woord gebruikte in een conversatie. ’t Is een buitenstaander die me erop moest wijzen. Toen is het tot mijn aandacht gekomen dat er duidelijk iets fout is in onze maatschappij.

Door mijn bevoorrechte ervaringen van wonen en werken in het buitenland en reizen op verschillende continenten ben ik beginnen beseffen hoe wij Belgen bepaalde dingen zien. Eerst was er de ‘profiterende Waal’ (of is die er nog steeds?) en nu is er de ‘profiterende asielzoeker/migrant/Moslim/makak/neger’ (schrappen wat niet past). Stel we doen een associatie test met de zin: “Het waren allochtonen.” Ik denk dat er weinig mensen deze zin zullen associeren met iets positief. De connotaties die woorden zoals ‘allochtoon, ‘vreemdeling’ en ‘asielzoeker’ oproepen, zijn veel te negatief. Ik merk het ook bij mezelf.

Ik denk dat er een soort racisme is ingeburgerd in onze maatschapij. Kijk maar naar het debat rond zwarte piet, het gebruiken van het woord negerinnentet voor een Melo-Cake of de Noirauds in Brussel. Zonder initieel hier enige bewust kwaad mee te doen is dit volgens mij een van de vele redenen dat een vorm van racisme creëert bij ons. Kijk maar naar de geladen discussies die deze onderwerpen teweeg brengen.. Zoals Yves Petry schreef: “Je mag niet eeuwig het kind van overgeërfde vooroordelen en omstandigheden blijven.” Ook ik gebruik dit taalgebruik nog. Dit is wat ik bedoel met een institutioneel racisme, dat in stand wordt gehouden door de maastchappij, zonder dulding van enige tegenspraak, zonder te beseffen wat het teweeg brengt en zonder er ook maar iets om te geven. Ik kan me niet herinneren dat iemand op de lagere en middelbare school mij ooit heeft aangesproken op het gebruik van zo’n taal. Er zou een duidelijk signaal moeten komen om dit gedrag te veranderen. Het zijn deze kleine dingen die een maatschapij kan helpen om de juiste richting in te slaan.

Ik besef natuurlijk dat er ook andere aspecten zijn die moeten aangepakt worden om dit te bestrijden. Maar dit is maar een klein iets, dat zo weinig moeite kost maar wel een groot effect kan hebben. En zoals de Dalai Lama zei: “Als je denkt dat je te klein bent om een verschil te maken, dan heb je nog geen nacht doorgebracht met een mug.”  Als we naar elkaar kunnen verwijzen zonder denotatieve verwijzingen te gebruiken, dan zal onze blik van hoe we naar elkaar kijken ook veranderen.

Ik besef maar al te goed dat ik dit allemaal vanuit een bevoorrechte positive schrijf. Ik maak deel uit van de Erasmusgeneratie voor wie alles kan en alles mag. Ik voel mij comfortabel in een multiculturele samenleving. Dit klinkt allemaal ideologisch, maar ik ben nog jong, ik mag, nee ik moet, ideologisch zijn. Zoals Ghandi zei: “Wees de verandering die je wilt zien in de wereld.” Ik weiger me bij de situatie neer te leggen. Noem me naïef, lach me maar uit, scheld me verrot, en bestrijd al m’n ideeën. Ik wacht op jullie.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!