Het lied van de beul
Mensenrechten, Verenigde Staten, Doodstraf, Doodvonnis, Death row, Kosten, Baten -

Het lied van de beul

maandag 19 december 2011 22:55

I just don’t see the sense of killing people to say that killing people is wrong.’

Helen Prejean, Dead Man Walking

De doodstraf is stervende. Meer dan tweederde van alle landen hebben de straf uit hun rechtssysteem gehaald. Voerden in 1995 nog 41 landen executies uit, dan waren er dat in 2010 nog slechts 23, blijkt uit recente cijfers van Amnesty International. China, Iran, Noord-Korea en Jemen voeren de ranglijst aan van landen die het grootste aantal van hun burgers executeren. In Europa is de doodstraf – op Wit-Rusland na – volledig verdwenen.

Een andere grote uitzondering is Amerika, waar tweederde van de staten nog steeds de doodstraf in hun wetgeving hebben staan. Maar ook daar kregen tegenstanders van de doodstraf de voorbije jaren hulp vanuit onverwachte hoek. Onder impuls van de economische recessie bekijken steeds meer Amerikaanse staten of ze de doodstraf niet beter zouden afschaffen, want die blijkt namelijk veel kostelijker dan het levenslang in de gevangenis opsluiten van misdadigers. De juryselectie, de rechtszaken en de oneindige beroepen (gemiddeld tien en een half jaar) doen het kostenplaatsje fors oplopen. Net als de bouw van speciale gevangenissen -die in de VS bekend onder de naam Death Row- en de verscherpte bewaking.

Uit een studie van de Amerikaanse denktank Urban Institute in 2008 blijkt dat een doodvonnis de belastingbetaler in de staat Maryland uiteindelijk 3 miljoen dollar kost, waar voor een levenslange gevangenisstraf iets meer dan 1,1 miljoen dollar volstaat. Andere argumenten zijn dat staten waar de doodstraf wordt uitgevoerd hogere misdaadcijfers hebben dan staten waar levenslang wordt gegeven. Verder zijn er ook al 138 mensen ter dood veroordeeld, waarvan later bleek dat ze onschuldig waren.

Toch blijft het merendeel van de Amerikanen voorstander van de doodstraf. Volgens een recente poll van het onderzoeksbureau Gallup, is er nog altijd een tweederde meerderheid die het ‘capital punishment’  wenst te behouden. Maar deze cijfers geven enkel de steun voor de doodstraf an sich weer, niet het enthousiasme ervoor. In de staat Texas werd recent de levenslange gevangenisstraf ingevoerd, zonder de kans om ooit opnieuw te worden vrijgelaten, het zogenaamde parole. Sinds dan is het aantal doodsvonnissen in de staat gedecimeerd. Nog volgens Gallup daalt de steun voor de doodstraf tot 49% eens staten levenslang zonder kans op vrijlating invoeren. Dit jaar werden 78 mensen in de VS ter dood veroordeeld, 30% minder dan een jaar eerder.

Toen in september van dit jaar Troy Davis, een zwarte man van 42, werd geëxecuteerd voor de moord op een politieagent, laaide de discussie omtrent de doodstraf in de VS opnieuw op. Over de schuld van Davis woedde een hevig debat omdat er geen fysiek bewijs was en zeven van de negen getuigen hun verklaringen hadden ingetrokken of gewijzigd. Het leek er zelfs even op dat noodzaak om de waarheid te kennen eindelijk even zwaar zou beginnen doorwegen als de noodzaak om te straffen. Zelfs voorstaanders van de doodstraf geven toe dat het systeem lijdt onder corruptie en incompetentie. In zijn boek Executioner’s Current:Thomas Edison, George Westinghouse, and the Invention of the Electric Chair schat auteur Richard Moran het aantal mensen dat in de vorige eeuw na hun terechtstelling van alle blaam werd gezuiverd op 24; nog eens 138 veroordeelden werden de voorbije 20 jaar onschuldig verklaard vooraleer ze geëxecuteerd konden worden.  Velen stellen zich dan ook de vraag of honderden ‘juiste’ executies opwegen tegen de dood van ook maar één onschuldige terechtgestelde. Dat een burger een onschuldige vermoordt is één zaak, maar wanneer de staat dat gaat doen… En toch blijven ook 34% van de Amerikanen, die ervan overtuigd zijn dat er van tijd tot tijd onschuldigen worden geëxecuteerd, de doodstraf verdedigen.

Tussen 1972 en 1976 vaardigde het Hooggerechtshof een de facto moratorium op de doodstraf uit in de VS. Maar de befaamde Rockefellerwetten, die tussen 1973 en 2000 voor een verzevenvoudiging van de New Yorkse gevangenispopulatie zouden zorgen, lieten politici geen andere keuze dan zich ‘though on crime’ op te stellen.  Andere staten volgden New York snel, want ‘though on crime’ is altijd goed om het kiesvee te paaien. Doch deze drie decennia durende uitbreiding van het Amerikaanse gevangenisapparaat bleek uiteindelijk een kostelijke denkfout. Zo slokken gevangenissen vandaag 10% van het budget van de staat Californië op, terwijl dat in 1980 amper 4% was. Het was tegen die achtergrond dat in 1976 – al was het tijdelijk – de doodstraf opnieuw werd  ingevoerd. Maar in de drie en een halve decennia die daarop volgden slaagde Amerika er nooit in de twijfels omtrent discriminatie en willekeurigheid inzake capital punishment – die in 1972 hadden geleid tot de stopzetting ervan – weg te werken.

De eerste persoon in de Verenigde Staten die na de herinvoering van de doodstraf ter dood werd gebracht was Gary Gilmore, de protagonist van het boek  ‘Het Lied van de Beul’ (The Executioner’s Song), het meesterwerk van auteur Norman Mailer, die er in 1980 de Pullitzerprijs voor zou krijgen. Gilmore, die in koelen bloede twee mannen had vermoord en de eigentijdse exponent was van dat andere – uiterst geweldadige  – Amerika, bracht de autoriteiten in verlegenheid door af te zien van elke mogelijkheid om de doodstraf om te zetten in een gevangenisstraf.

De doodstraf heeft zowat alle statistieken tegen.  Terdoodveroordeelden zijn meestal zonder uitzondering mannen – sinds 1976 zijn amper 12 vrouwen terechtgesteld op een totaal van 1.277 geëxecuteerden -, die buitenproportioneel een zwarte huidskleur hebben en arm zijn. Van al de mensen die sinds 1977 ter dood veroordeeld zijn werd 83% schuldig bevonden aan het doden van een blanke en dat terwijl blanken slechts de helft van alle slachtoffers vertegenwoordigen. Naargelang de staat waarin de misdaad wordt begaan maken misdadigers vier tot elfmaal meer kans om te worden veroordeeld voor een moord op een blanke dan op een zwarte. Gerechtigheid is blind, zei u?

De Amerikaanse wetgeving inzake ‘capital punishment’ leidt ook vaak tot bizarre toestanden. Wie iemand in de VS wil ombrengen, vermijdt best de staat Texas. Hij doet er beter aan zijn slachtoffer te gijzelen en de grens met New Mexico over te steken, want daar werd de doodstraf recent afgevoerd. Of hij kan doorrijden naar Californië, waar 648 terdoodveroordeelden in de gevangenis van San Quentin op hun executie wachten. De kans dat het alsnog zover komt is klein, want sinds 1976 werden er in de ‘Sunshine State’ amper 13 doodsvonnissen voltrokken. Texas executeerde totnogtoe 40% van zijn veroordeelden; Californië minder dan 1%. Dat maakt dat er jaarlijks vier keer meer veroordeelden op Death Row belanden dan er worden geëxecuteerd. Om de bestaande achterstand in te halen zouden de Verenigde Staten vijfentwintig jaar lang elke dag een terdoodveroodeelde moeten terechtstellen, iets wat gezien hun veelvuldige mogelijjkheden om in beroep te gaan, gewoon onmogelijk is.

‘Ik geloof niet dat we de doodstraf moeten steunen om wraak te nemen. Ik denk dat de beste reden om de doodstraf te steunen is dat ze mensenlevens kan redden,’ zei George W. Bush in een debat met Al Gore, kort voor de controversiële presidentsverkiezingen van 2000. Maar is dat wel zo? Dat de doodstraf mensen zou afschrikken om misdaden te plegen is een fabel. Mocht dat wel het geval zijn dan zou Texas de veiligste plek op aarde zijn. En dat is het niet. De Republikeinse presidentskandidaat Rick Perry liet in de voorbije 11 jaar niet minder dan 236 mensen executeren, één om de veertien dagen en een absoluut record. Nog eens 411 gevangenen wachten er op hun executie. De Texas Departement of Criminal Justice vaardigde recent nog een decreet uit dat een einde maakt aan het laatste privilège van de terdoodveroordeelden, namelijk het recht om hun laatste maaltijd te kiezen.

Toen Perry tijdens een recent debat door de moderator de vraag werd gesteld of zo’n executie hem soms belette te slapen, rekening houdend met het feit dat verschillende ‘death row inmates’ uiteindelijk onschuldig bleken, gaf de gouverneur geen krimp. Maar het was vooral het applaus van het publiek – nog voor Perry de vraag kon beantwoorden – dat velen de wenkbrauwen deed fronsen. Zelfs voorstanders van de doodstraf vonden de reactie ongepast, al was die waarschijnlijk enkel een bevestiging van het feit dat vele Amerikanen – Republikeinen en andere – de doodstraf nog altijd als een vorm van gerechtigheid beschouwen. Hoe de Republikeinen hun pro life-abortus- en euthanasiestandpunten rijmen met de doodstraf levert telkens weer interessante debatten op.

Politiek links schaamt zich evenmin om stemmen te ronselen met een hard standpunt inzake de doodstraf. Het bekendste voorbeeld daarvan is – de ondertussen tot globale éminence grise gebombardeerde Democraat – Bill Clinton. In de aanloop van de presidentsverkiezingen van 1992 haastte de toenmalige gouverneur zich naar zijn thuisstaat Arkansas om er de executie van de zwakzinnige moordenaar Ricky Ray Rector in goede banen te leiden. De zwakzinnige Rector, die na een mislukte zelfmoordpoging een lobotomie had ondergaan, had geen idee van wat hem overkwam. Zo vroeg hij de bewakers om het dessert van zijn laatste maaltijd te bewaren voor later. Terwijl de beul 45 minuten lang tevergeefs zocht naar een ader waarin een dodelijke dosis sodium thiopental kon worden geïnjecteerd, zat de immer flamboyante Clinton wat kilometers verderop alweer te tafelen met actrice Mary Steenburgen.

Vooral Europa heeft het moeilijk met wat velen deze ‘onverdedigbare straf’ noemen. Noord-Europeanen zijn veelal van mening dat gevangenissen bestaan om te rehabiliteren. Amerikanen zien dat anders: de oog-om-oog-tand-om-tand-natuur van de doodstraf  blijft voor hen een aanvaardbaar uitgangspunt, dat occasioneel wordt bevestigd onder impuls van een reeks afschuwelijke misdaden. 

Doch is het Europese standpunt inzake de doodstraf er gekomen op vraag van of in weerwil van de bevolking?  De vraag lijkt gerechtigd, want wie na de aanhouding van Marc Dutroux of recenter nog Hans Van Themsche, Kim De Gelder  of Ronald Janssen eender welk dorpscafé bezocht kon ervaren dat ook wij Belgen er niet vies van zijn. In 2000 schreef Josh Marshall, de stichter van het politieke blog TalkingPointsMemo, over die ogenschijnlijke paradox nog het volgende:

Opiniepeilingen tonen aan dat Europeanen en Canadezen net zo veel naar de doodstraf neigen als Amerikanen dat doen. Maar het grote verschil is dat hun politici niet naar hen luisteren. Met andere woorden: indien de politieke cultuur in deze landen superieur is aan de Amerikaanse, dan is dat vooral omdat ze minder democratisch zijn.

In 1949 schafte West-Duitsland de doodstraf af, ondanks dat 74% van de bevolking zich voor deze straf had uitgesproken en slechts 26% tegen. Maar 31 jaar later, in 1980, waren die percentages net omgekeerd en vonden nog amper 26% van de West-Duitsers dat de doodstraf aanvaardbaar was. ‘Wanneer mensen opgroeien in een maatschappij waarin geen doodstraf bestaat, verwordt die straf al snel tot een barbaars relikwie, enkel vergelijkbaar met slavernij en brandmerking’, aldus Richard L. Nygaard in The New Yorker in 1992.

Toch wordt de doodstraf in de VS politiek amper in vraag gesteld. Weinig politici voeren hiervoor aktie; wie dat wel doet graaft vaak zijn politieke graf. Zelfs president Barack Obama – in 2009 nochtans Nobelprijswinnaar voor de Vrede – schreef in zijn mémoires ‘The Audacity of Hope’ dat de doodstraf gerechtvaardigd kan zijn ‘voor misdaden die zo afschuwelijk brutaal zijn dat enkel deze straf de afkeer van de bevolking kan uitdrukken.’

Wat de Amerikaanse zuster Helen Prejean in haar boek Dead Man Walking – in 1995 magistraal verfilmd door Tim Robbins, met in de hoofdrollen Sean Penn en Susan Sarandon – al jaren eerder tot de volgende conclusie leidde:

‘Ik denk dat ik het feit dat de doodstraf in onze maatschappij nog een tijd blijft bestaan best gewoon moet accepteren, want er is weinig dat ik eraan kan veranderen. Misschien, naarmate de jaren verstrijken – na hoeveel executies? – zal men begrijpen dat het willekeurig uitkiezen elk jaar van een paar mensen die moeten sterven, uiteindelijk totaal niets betekent.’

Rick Perry on the death penalty

http://www.youtube.com/watch?feature=player_embedded&v=mjmrf4ad4jk

Bron : Express.be

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!