rafael correa
Nieuws, Politiek, Socialisme, Ecuador, Rafael Correa, Klimaat + cancun + Yasúni + klimaatverandering + Ecuador, Buen vivir, President Correa, Socialisme van het Goede leven -

Verkiezingsoverwinning Correa en ‘Socialisme van het Goede Leven’

Rafael Correa won met glans de presidentsverkiezingen in Ecuador. Hij bezorgde zijn land de afgelopen zes jaar politieke stabiliteit en een grote sociale vooruitgang. In binnen- en buitenland krijgt hij veel lof, maar ook veel kritiek. Tekst en uitleg door Marc Vandepitte

maandag 18 februari 2013 12:00

Zoals te verwachten heeft Rafael Correa de presidentsverkiezingen gemakkelijk gewonnen. Volgens de exit polls haalde hij ongeveer 60% van de stemmen. De eerstvolgende tegenkandidaat strandde op iets meer dan 20 procent. Daarmee heeft Correa geen tweede ronde nodig en kan hij beginnen aan zijn derde termijn.

Stabiliteit

Correa werd de eerste maal verkozen in 2007. Zijn land kwam toen uit een uiterst turbulente periode. Op tien jaar tijd waren acht presidenten de revue gepasseerd. Drie daarvan traden af omwille van aanhoudend volksprotest.

Die bijwijlen hevige protesten waren het gevolg van 25 jaar neoliberaal beleid. Tussen 1995 en 2000 kende het land een van de snelste verarmingen uit de geschiedenis van Latijns-Amerika. De kloof tussen rijk en arm was torenhoog en bijna zestig procent van de bevolking leefde in die periode onder de armoedegrens.

De politieke partijen waren niet meer dan marionetten van de oligarchie. Bij de bevolking hadden ze zowat alle geloofwaardigheid verloren. Dat belangrijke tegenkandidaten van Correa een bankier en een ex-militair zijn, zegt genoeg.

Correa bracht opnieuw stabiliteit in zijn land. Ondertussen is hij de langst regerende president van Ecuador van de laatste honderd jaar.

Economische opkuis

Correa, zelf economist van opleiding en voormalig minister van financiën, nam vooreerst de economie onder handen. Hij maakte een einde aan de uitverkoop van zijn land. Buitenlandse petroleumbedrijven kregen te horen dat het afgelopen was met de zeer voordelige contracten uit het verleden. De royalties (staatsbelastingen) werden opgetrokken van 20 procent naar 85 procent.

Hij weigerde de buitenlandse schulden af te betalen en wist na stevige onderhandelingen met het IMF zo’n 70% korting te verkrijgen op die schulden. In 2005 slorpte de jaarlijkse afbetaling van die schuld nog 40 procent op van het overheidsbudget, in 2012 was dat al minder dan 6 procent. Hij onteigende ook de onrechtmatig verkregen vermogens van bankiers. Tenslotte werden de fortuinen van de rijksten aangesproken via een belastinghervorming.

Om te verhinderen dat de media een verlengstuk en een spreekbuis zijn van commerciële belangen introduceerde hij een nieuwe wetgeving over de media. Die verbiedt o.a. dat financiële of commerciële groepen (of personen, of aandeelhouders ervan) eigenaar mogen zijn van de media. Een moedig besluit, dat hem enkele machtige vijanden rijker maakte.

Socialisme van het Goede Leven

De economische maatregelen brachten heel wat geld in het laatje. Geld dat nodig was om zijn links project te realiseren en dat daar ook voor bestemd werd. In 2005 was het overheidsbudget goed voor 24 procent van het bnp (de jaarlijks geproduceerde rijkdom). In 2011 was dat 58 procent. Onder Correa waren de sociale uitgaven viermaal zo hoog als in de neoliberale periode.

President Correa omschrijft zijn politiek project zelf als ‘het socialisme van het Goede Leven’ (socialismo del Buen Vivir). In zijn programma van de voorbije verkiezingen bepleit hij “een overgang naar een samenleving waarin het leven niet in dienst staat van het kapitaal of enige andere vorm van overheersing”.

De president haalde een half miljoen kinderen uit de kinderarbeid. Hij trok de minimumlonen en lagere pensioenen op, en voorzag microkredieten voor de grote groep arbeiders uit de informele sector. Bijna twee miljoen armen (op een populatie van 14,5 miljoen) krijgen een maandelijkse uitkering van 25 dollar. Dat bedrag zal wellicht verdubbeld worden na de verkiezingen.

Op het vlak van toegankelijke gezondheidszorg en gratis onderwijs maakte het land een grote sprong vooruit. De regering trok ook heel wat geld uit voor sociale huisvesting en voor de gehandicaptenzorg. Voor het laatste kreeg ze de hulp van Cubaanse dokters.

Het aantal hongerenden mensen daalde met 15% en tegen 2015 wil Correa de ondervoeding bij kleine kinderen halveren en bij baby’s helemaal uitroeien. Ook de armoede is sterk teruggedrongen. In de neoliberale periode was bijna 60% van de bevolking arm tegenover 29% vandaag. De Gini-coëfficiënt, die de kloof tussen rijk en arm aan geeft, daalde tijdens de regeerperiode van Correa van 0,54 naar 0,46. Op zes jaar tijd is dat vrij spectaculair te noemen.

De afgelopen eeuw heeft geen enkele Ecuadoriaanse president in de verste verte zo een sociale vooruitgang weten te verwezenlijken als Correa.

Internationale lof

Ook op ecologisch vlak voer Correa een progressieve koers. Hij ontwierp de eerste grondwet in de wereld waarin de rechten van de natuur zijn opgenomen. Ook beloofde hij de petroleum in een natuurpark niet te ontginnen op voorwaarde dat de internationale gemeenschap de helft van de geschatte waarde van het zwarte goedje zou ophoesten. Dat leverde hem veel goodwill op in het buitenland.

Zijn buitenlandse politiek kan eveneens op veel bijval rekenen. Net zoals Chávez stelt hij zicht assertief op t.a.v. Washington. Hij sloot een militaire basis van de VS en lanceerde een voorstel voor Latijns-Amerika om een eigen militaire opleiding te creëren, los van de VS. Hij vaardigde in afwachting al een decreet uit dat Ecuadoriaanse soldaten nog verbiedt om naar de beruchte ‘School of the Americas’ te gaan (die school heet tegenwoordig Western Hemisphere Institute for Security Cooperation). Ook wees hij de VS-ambassadeur uit na uitgelekte informatie over corruptie, en aan Julian Assange, de belaagde stichter van Wikileaks, verleende hij asiel.

Correa veroordeelde met klem de oorlog tegen Gaza in 2008-2009. Hij was gekant tegen de militaire interventie in Libië en veroordeelde scherp de moord op de leider Kadhafi. Hij verzet zich ook tegen een buitenlandse interventie in Syrië.

De Ecuadoriaanse president is één van de trekkers van de integratie van Latijns-Amerika. Ecuador is notoir lid van de ALBA en Correa heeft verschillende voorstellen gelanceerd voor een verdere integratie van het continent, los van de VS. Ook heeft hij de uitsluiting van Cuba in de Organisatie van Amerikaanse Staten fel veroordeeld.

Kritiek en tegenstand

Maar naast lof is er ook veel kritiek. Correa krijgt het verwijt dat hij weinig collectief regeert en veel macht naar zich toe trekt. Hij doet amper pogingen om een draagvlak te creëren bij het georganiseerde middenveld en regeert zonder veel overleg te plegen. Hij stelt zich op als een verlichte technocraat.

Zo heeft hij een belangrijke olieontginning gepland in de Amazoneregio zonder de inheemse bevolking te consulteren. De lokale bevolking vreest dat die ontginning vervuiling, afval en watertekort zal veroorzaken en dat hele gemeenschappen hun woongebied zullen moeten verlaten. Toen er protesten uitbraken dreigde hij de staat van beleg uit te roepen en het leger erop af te sturen. Hij beriep zich op de antiterreurwet en verschillende de inheemse leiders werden opgepakt en gevangengezet.

Deze aanpak staat in schril contrast met zijn eigen politiek programma. Het centraal concept Buen Vivir (het Goede Leven) drukt de harmonieuze relatie uit tussen de economie, de participatie van de burger en het ecologisch evenwicht.

Kritiek verdraagt Correa heel slecht en hij aarzelt niet om zijn politieke tegenstanders te beledigen. Inheemse bewegingen die zich verzetten tegen mijnontginningen omschreef hij als ‘terroristisch’. Linkse oppositiebewegingen bestempelt hij als ‘infantiel en middelmatig’. Zijn polemische stijl is electoraal misschien tot op zekere hoogte lonend, maar het polariseert wel onnodig.

Dat Correa niet goed ligt bij de oligarchie en de rechterzijde is niet meer dan logisch. Maar de president krijgt evengoed tegenstand van de belangrijkste inheemse organisaties, grote vakbondscentrales, milieubewegingen en heel wat progressieve intellectuelen. Men kan het op zijn minst merkwaardig noemen dat er kortsluiting is tussen een regering die een linkse koers vaart en de linkerzijde zelf.

Zeker, de oorzaak daarvoor ligt deels bij het revolutionair ongeduld en de vaak enge belangenstrijd van de progressieve bewegingen. Als bepaalde groeperingen dan nog allianties sluiten met de rechterzijde dan bevordert dat geenszins een toenadering met Correa. Maar dat belet in elk geval niet dat de heel ‘persoonlijke’ regeerstijl van Correa voor een groot deel verantwoordelijk is voor de polarisatie tussen de regering en een belangrijk deel van het georganiseerd middenveld.

Uitdagingen

Het hele project van Correa is gebaseerd op één enkele factor: petroleum. De sector is goed voor 63% van de export en 30 tot 40% van de overheidsinkomsten. Dat is een zeer smalle basis. Het is ook riskant. Als de olieprijzen in elkaar storten dan is dat een regelrechte ramp voor het land en voor zijn project. Bovendien heeft het land nog maar oliereserves voor de volgende twintig jaar. Diversificatie is de boodschap, maar dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan.

Een tweede uitdaging voor Correa is de creatie van een maatschappelijk draagvlak voor zijn politiek project. Tot op heden heeft hij een electoraal draagvlak van ongeveer 60% weten te consolideren. Ook dat is een te smalle basis om goed te zijn. Indien de olie-inkomsten zouden tegenvallen dan zal het wellicht snel afgelopen zijn met zijn socialistisch project. Wil hij zijn project bovendien verder uitdiepen, dan is de steun van een groot deel van het georganiseerd middenveld onmisbaar.

Correa heeft heel wat gerealiseerd voor de armere bevolkingslagen. Zowel in de steden als op het platteland is de armoede sterk gedaald. Toch vertoont de rurale bevolking – zo’n een derde van het totaal – nog steeds een grote achterstand t.o.v. de rest. Het betreft in de eerste plaats de inheemse bevolking en in mindere mate de bevolking van Afrikaanse herkomst en de mestiezen. Hier zijn extra inspanningen nodig om die achterstand weg te werken.

Dankzij de aanzienlijke petroleumopbrengsten heeft Correa zijn sociale vooruitgang kunnen realiseren zonder de economische structuur grondig aan te pakken en zonder te breken met de kapitalistische logica. Als Correa de maatschappelijke verworvenheden wil consolideren en de sociale vooruitgang wil verder zetten, dan zullen meer diepgaande hervormingen nodig zijn. Als het Correa menens is met het ‘socialisme van het Goede Leven’ en hij het leven niet langer in dienst wil stellen “van het kapitaal of enige andere vorm van overheersing” dan zal hij ook de eigendomsverhoudingen in de economie moeten aanpakken. Maar daarvoor zal hij een breder maatschappelijk draagvlak nodig hebben dan nu het geval is.

De toekomst zal uitwijzen of zijn project een postliberaal dan wel een postkapitalistisch project is. Dat is niet alleen belangrijk voor Ecuador maar ook voor de rest van Latijns-Amerika.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!