Gijzeling Algerije voorbode van meer Special Forces-operaties
Grondstoffen, Petroleum, Mali, BP, Algerije, Franse militairen, Aardgas, Energiegrondstoffen, Statoil, Sonatrach -

Gijzeling Algerije voorbode van meer Special Forces-operaties

woensdag 6 februari 2013 15:56

Algerije ligt alweer helemaal uit de actualiteit. Op 16 januari heeft een commando van religieuze extremisten daar de enclave van In Amenas overvallen en er alle werknemers gegijzeld. Vier dagen later maakte het Algerijnse leger een einde aan de gijzeling. In Amenas is een industriële oase in de woestijn. Er wordt natuurlijk gas geproduceerd. De gebeurtenissen aan de gasfabriek van In Amenas zijn echter veel te leerzaam om ze gauw te vergeten. Gelukkig is The Guardian Weekly er op teruggekomen (editie van 25 januarti) naar aanleiding van verklaringen van de Britse premier David Cameron in het Britse parlement. Onder invloed van de interventie van het Algerijnse leger, stuurt Cameron de Britse anti-terreurpolitiek bij, lees ik daar. Cameron zou voortaan minder rekenen op conventionele troepen en (nog) meer op ‘special forces, cyber-security (zeg maar hacking en telefoon- en internettap), drones and intelligence capability (infiltratie en spionage)’.

Volgens mij zal In Amenas een wereldwijde trend inzetten. Ik verwacht meer van zulke militaire interventies om industriële enclaves en de economische belangen die eraan gekoppeld zijn te beschermen of te vrijwaren. De internationale mijnbouw en de gas- en petroleumontginning zijn namelijk hoe langer hoe meer in zulke enclaves geconcentreerd. Het zijn productie-eilanden die helemaal afgesneden zijn van de omgeving en het land waarin ze opereren. Ze zijn verboden gebied voor de mensen van de streek, en ze zijn exclusief gericht op het exporteren van grondstoffen. Ze laten taxen en belastingen in het land, maar ze voeren grondstoffen en financiële rendementen uit.

Geen lokale links

In dat opzicht is in Amenas een prototype. Op de satellietfoto’s is goed te zien dat deze site geen enkele link heeft met de omgeving en de bevolking. De gasfabriek is de gemeenschappelijke eigendom van de Algerijnse staatsfirma Sonatrach (51%) en de Britseen Noorse enegiereuzen BP en Statoil. Zij doen een onbekend aantal andere bedrijven als onderaannemers voor hen werken. Zo bij voorbeeld de ingenieurs van de Japanse firma JGC, het Franse cateringbedrijf CIS Catering, een Franse privé-bewakingsfirma enzovoort. Zeker drie vliegtuigmaatschappijen (waarvan een filiaal van Sonatrach) transporteren de werknemers, die met congé gaan, naar elderzs.

Ten Noorden van In Amenas liggen gelijkaardige enclaves, met participaties van de multinationals Total en Repsol (Tin Fouye Tabankort), BHP Billiton (Illizi), Gazprom (Berkine) enzovoort (informatie van Le Monde, 19 januari 2013).

De slotbalans van de gijzeling en de legeroperatie ten slotte zeggen veel over de mensen die in dit soort van enclaves werken. De hogere kaders zijn expatriates, de werklieden en lagere technici zijn Algerijnse burgers (in het geval van In Amenas). Zoals al de materialen die in de enclave worden gebruikt, worden ook de werknemers van heinde en ver aangevoerd.

Als er in zo’n enclave iets onprettigs gebeurt, dan treden de autoriteiten op. Iets onprettigs ? Het denkbare gamma is ruim : van een werkonderbreking, een staking , of protest van verjaagde dorpelingen tot een terroristische of criminele gijzeling. Zulke interventies gebeuren aan de olieboorplatformen in de delta van de Niger, het gebeurt in Algerije, en we gaan het in de toekomst overal zien gebeuren.

Wie controleert de Sahel ?

De gijzeling in In Amenas kwam ter sprake tijdens de infomiddag van de vredesorganisatie CNAPD van vorige donderdag. Ik moest daar het debat op gang brengen met een uiteenzetting over Mali. Thema van de middag : Is de Westerse militaire interventie in Mali een oorlog tegen het terrorisme ? Mijn antwoord is : ja, vast en zeker, maar het is veel meer dan dat. De interventie tegen het terrorisme is in mijn ogen het taktische luik, op korte termijn, maar op lange termijn wil het Westen met deze operatie zijn economische en strategische belangen vrijwaren, in Mali en een gebied dat veel verder rijkt.

Voor het Westen staan er grote economische belangen op het spel. Ik heb er hier in een vorig blogbericht al een aantal opgesomd. Het gaat om ertsen (goud, uranium, bauxiet, ijzer, koper, zilver, fosfaat…), olie en gas. Maar het gaat ook om water. Zo zit er een groot ondergronds waterbassin onder Niamey, de hoofdstad van buurland Niger, waarvan wetenschapslui zeggen dat het zich al jaren met water vult (terwijl de Sahel aan de oppervlakte kurkdroog is). Het gaat ook om het potentieel aan energie uit zonlicht. Het Duitse consortium Desertec werkt onderhand al vijf jaar aan een project om in Noord-Afrika zonnefabrieken te bouwen (met spiegels die het zonlicht opvangen en omzetten in elektriciteit), een project op koloniale grondslag omdat het niet in de eerste plaats stroom voor Noord-Afrika maar wel voor de Europese Unie wil voortbrengen.

We weten wanneer de Westerse militaire operaties in Mali zijn begonnen, we weten – zoals meerdere stemmen hebben geopperd – niet wanneer ze zullen eindigen. Gaan de troepen doorstoten in Niger, tot voorbij de streek van Arlit waar de Franse nucleaire reus Areva drie uranium-enclaves heeft ? Misschien is dat niet eens zo denkbeeldig. Het strategische doel van de operatie is volgens mij namelijk dat het Westen de controle behoudt over de Sahel, in plaats van de hele gordel over te laten aan anti-Westerse actoren.

Nog dit : uit de gedachtenwisseling bij de CNAPD kwam ook dat Frankrijk zijn defensiepolitiek alweer aan het evalueren is. Ik verwees in mijn vorige Mali-blog naar de ruime consultatie van eind 2007 over het Livre Blanc de la Défense in Frankrijk. Welnu, vorige zomer is er opnieuw een commissie van het Militaire Witboek opgericht, die het document desnoods zal herzien. Wat die commissie doet, dat hangt Parijs niet aan de grote klok. Zo gaat dat met militaire zaken. Maar mogelijk houdt de Franse militaire interventie in Mali verband met het werk van de commissie. Daar zouden verscheidene lobbys het laken naar hun kant proberen te trekken. Het Franse landleger zou ook zo’n lobby zijn. Het zou bang zijn dat er in zijn budget wordt gesneden. Nu het leger tussenkomt in Mali, bewijst het zogenaamd zijn nut, en zouden besparingen op de rug van het landleger zijn afgewend. Of hoe Mali mogelijk ook in de Franse coulissenpolitiek meespeelt.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!