Ivoorkust heeft nog geen zin in ontwapening
Nieuws, Afrika, Ivoorkust -

Ivoorkust heeft nog geen zin in ontwapening

Na de bloedige gevechten van vorig jaar maakt Ivoorkust zich op voor de ontwapening van tienduizenden militieleden. Maar veel enthousiasme is er niet. Ivoorkust is meer dan ooit gepolariseerd.

maandag 24 september 2012 16:51

Met zijn zwarte bottines en groene uniform – op zijn arm stond zelfs de naam van het nationale leger, de Forces Republicaines de Côte d’Ivoire – zag Ousmane Kone er helemaal uit als een soldaat toen hij op een dinsdagnamiddag vorig jaar op wacht stond bij een elektriciteits- en waterbedrijf in Abidjan.

Maar zijn uiterlijk was enigszins misleidend. De 22-jarige jongeman had geen formele training gekregen voor hij zijn eerste kalasjnikov in handen kreeg, en hij stond ook nergens geregistreerd bij het Ivoriaanse leger.

Meer nog, het gebouw dat hij bewaakte was geen staatseigendom maar een privébedrijf van zijn “commandant”, een voormalige opstandeling van de Forces Nouvelles de Côte d’Ivoire (FNCI).

Afgeslacht

Kone is een van de talloze strijders die vorig jaar de wapens opnamen tijdens het conflict dat op de presidentsverkiezingen volgde. Dat was ontstaan toen voormalig president Laurent Gbagbo weigerde te vertrekken nadat hij in november 2010 van huidig president Alassane Ouattara verloren had.

Toen Kone hoorde dat andere leden van de Dioula, de etnische groep waartoe hij behoort, levend verbrand werden door pro-Gbagbo-strijders, aarzelde hij geen moment om zich in april 2011 aan te sluiten bij de pro-Ouattara-factie tijdens de beslissende slag in Abidjan die tot Gbagbo’s arrestatie leidde.

“Onze vrienden werden afgeslacht, en we stonden niet sterk omdat we geen wapens hadden”, zegt hij. “Elke dag moesten we ons schuil houden tot pro-Ouattara-strijders de aanval op Abidjan lanceerden.”

Ontwapening

Vandaag ziet Kone’s toekomst er onzeker uit. Ivoorkust maakt zich op voor het lang verwachte ontwapenings-, demobilisatie- en re-integratieprogramma. Duizenden jongemannen vrezen dat ze hun wapens gaan verliezen.

Volgens analisten is die vrees mogelijk de oorzaak van een recente opstoot in aanvallen op militaire posten. In augustus zijn daarbij minstens twaalf soldaten omgekomen. Het was het opvallendste geweld sinds het einde van het conflict meer dan een jaar geleden.

Het is niet voor het eerst dat Ivoorkust moet ontwapenen. Na een mislukte staatsgreep tegen Gbagbo in 2002 was het land acht jaar lang opgedeeld, waarbij de FNCI het noorden controleerde. De ontwapening mislukte toen, vooral omdat het conflict niet opgelost was.

Honderdduizend strijders

Volgens Alain-Richard Donwahi, defensie- en veiligheidsadviseur van Ouattara, waren er vóór het laatste conflict naar schatting nog zeventigduizend strijders die ontwapend moesten worden: 32.000 van de FNCI en 38.000 van wat hij “pro-Gbagbo-milities” noemt.

De regering weet niet precies hoeveel strijders er zijn bijgekomen tijdens het conflict.

Arthur Boutellis, analist van het Internationaal Vredesinstituut in New York, schat dat er vandaag honderdduizend strijders ontwapend moet worden. “We weten het niet precies, maar het gaat om enorme aantallen.”

De Nationale Commissie voor de Strijd tegen de Proliferatie van Lichte en Kleine Wapens, een overheidsinstantie die burgers moet ontwapenen, schat dat er nog drie miljoen wapens in omloop zijn. Ivoorkust telt ongeveer twintig miljoen inwoners.

Zwaar gepolariseerd

Velen zijn niet echt happig om die in te leveren. Meer dan een jaar na het einde van het conflict blijft Ivoorkust zwaar gepolariseerd. Pogingen om een dialoog op te starten tussen de regering en Gbagbo’s partij hebben weinig opgeleverd. De verdeeldheid is alleen maar groter geworden omdat justitie volgens velen partijdig optreedt.

Zo zijn meer dan honderd aanhangers van Gbagbo aangehouden in verband met het geweld na de verkiezingen terwijl geen enkele aanhanger van Ouattara werd gearresteerd of onderzocht.

Het is daarom niet realistisch om meteen met de inzameling van wapens te beginnen, aangezien veel strijders hun wapens als een soort verzekeringspolis zien, zegt Boutellis “Je moet beginnen met re-integratieprogramma’s die de sfeer kunnen verbeteren, en dan pas kun je wapens gaan inzamelen.”

Geen toverstokje

Er moet inderdaad nog werk gemaakt worden van re-integratieprogramma’s, vooral op het vlak van jobtraining, zegt ook Donwahi. “We gaan geen banen creëren met een toverstokje. Het is belangrijk om banen te koppelen aan de vaardigheden van de gedemobiliseerde strijders.”

Ook als die re-integratieprogramma’s van start gaan, blijft het ontwapeningsproces gevaarlijk, waarschuwt Boutellis, onder meer verwijzend naar de aanvallen op militairen vorige maand. “Er zullen problemen komen, en ik denk dat sommige van die (recente) aanvallen te maken hebben met het feit dat strijders niet weten waar ze uiteindelijk terecht zullen komen. Sommige mensen zijn bang dat ze niet in aanmerking zullen komen. Anderen zijn bang dat ze niet zullen krijgen wat ze willen.”

Het belangrijkste, zegt Kone, is om strijders zoals hem ervan te overtuigen dat ze een leefbare toekomst hebben buiten het leger, een toekomst waarin ze over vaardigheden  beschikken die ze momenteel niet hebben. “Het enige wat ik geleerd heb sinds het begin van het conflict is hoe ik een wapen moet gebruiken. Dus wil ik mijn wapen momenteel niet opgeven.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!