Samenleving, Cultuur, België, Recensie, Boeken, Gent, Daklozen, OCMW, Drugs, Boekbespreking, Junks, Methadon -

Rauw: hallucinante trip door wereld van junks en daklozen

Toen hij in de krant las dat in Gent 2.500 mensen kind aan huis zijn bij de methadonkliniek van het MSOC, besloot Tim Van Steendam hier een boek over te schrijven. ‘Door het oog van de naald' is een hallucinante trip door de wereld van junks en daklozen.

vrijdag 13 augustus 2010 16:35

Tim Van Steendam woont tien jaar in Gent. Maar toen hij enkele maanden doorbracht in het kielzog van junks en daklozen leerde hij een andere stad kennen. Het contrast tussen die werelden schetst hij in het begin van zijn boek.

Van Steendam beschrijft vol kleur hoe prettig Gent is om te wonen en te werken. Maar geleidelijkaan voegt hij contrast toe, en voor we het goed en wel beseffen, zitten we middenin de rauwe realiteit van junks en daklozen.

Dat het geen doetjes zijn, maar dat ze elkaar met gemak de nek om wringen (of een mes in het gezicht planten), wordt doorheen het boek duidelijk. Maar ook de uitzichtloosheid van hun situatie komt sterk naar voren. Hoe de hulpverlening tekort schiet.

We zien drugsverslaafden die dakloos zijn én psychologisch een wrak, maar toch kunnen ze nergens terecht. Hoewel er er heel wat diensten bestaan, en plekken waar eten te krijgen valt, een bed voor een nacht, een douche en zelfs een leefloon.

Het OCMW wordt schamper ‘de kassa’ genoemd en ergens in het boek vraagt een dakloze zich luidop af hoe het toch komt dat ze elke maand geld trekken om niets te hoeven doen.

Dagtaak op straat

Niets doen blijkt te veel gezegd, want aan overleven op straat heb je ook een dagtaak. Flessen met statiegeld uit vuilnisbakken vissen, bedelen tot je genoeg geld om jezelf een shot te zetten naar de andere wereld, je daarvoor terugtrekken in een kraakpand, een paar schoenen scoren in de wasserette…

Maar evengoed urenlang rondlummelen op de pleinen en straten van Gent. De tijd dodend met liters Cara Pils of versmorend in een roes van weed. Maar je hebt intussen wel best ogen op je rug voor het geval een woesteling opduikt aan wie je nog tien euro moet.

Allemaal plekken waar ik – net als de auteur voor hij aan het boek begon – dagelijks  vrolijk voorbij fiets. Hoewel enkele personages het einde van het boek niet halen, zwerft een deel ervan zeker nog altijd rond op de pleinen en straten van Gent.

Hopelijk is dat niet het geval voor die ene man die er wél uit leek te raken. Na een jaar min of meer clean te zijn en met de hulp van een handvol instanties en organisaties wist hij voor zichzelf opnieuw een plek in de maatschappij te veroveren.

Verborgen in de stad

Hoewel het niet de meest opbeurende vakantieliteratuur kan genoemd worden, heb ik het boek op één dag onder de Franse zomerzon uit gelezen. Het hielp me een beter zicht te krijgen op dat deel van de stad dat ook voor gemeenteraadsleden doorgaans mooi verborgen blijft. Tenzij je het zelf gaat opzoeken, op het gevaar af als miserabilist en sensatiezoeker versleten te worden.

Ik weet dat mijn tussenkomsten in de gemeenteraad over de nachtopvang niet altijd in dank afgenomen worden. Ook door zij die dag in dag uit met daklozen werken. Omdat de problematiek zoveel ingewikkelder is dan het stellingendebat in de gemeenteraadszaal.

Het gaat niet gewoon over meer bedden, maar over verschillende soorten opvang en hoe je mensen terug uit een uitzichtloze situatie kunt trekken. Over het traject van ex-gedetineerden. Psychiatrische patiënten als tikkende tijdbommen en de harde strijd onderaan de samenleving tussen nieuwkomers en de anciens die elkaar soms naar het leven staan omdat ze elkaars grootste concurrenten zijn in het vinden van een betaalbare woonst, hulp en jobs.

Maar – zelfs met de nodige nuances en de toon van de auteur die doorheen het boek niet alleen scherp is voor onze samenleving maar dat ook wordt voor de daklozen en junks zelf – strookt dit boek niet met de citymarketing van Gent. Het brengt ruis in het verhaal over de gezellige en solidaire stad.

Ik betwijfel of dit verslag de auteur door de sociale organisaties en op het stadhuis in dank afgenomen wordt . Het boek brengt verslag van eenzelfde rauwe realiteit, weliswaar op een andere manier dan het fotoboek ‘Lijn 3′ over de Brugse Poort.

Het is minder gefocust op één buurt, meer op de interacties tussen mensen en de confrontatie van twee realiteiten in één stad die niet enkel plaats vindt op de Brugse Poort maar ook in de Muide, het Rabot, Nieuw Gent en zelfs het historische centrum.

Toegegeven, het is geen mooie realiteit om naar te kijken. De junks en daklozen dikken hun verhalen voor het oog van de camera of de recorder van een schrijver ook nog wat aan met een skelet hier en een gruwelijke marteling daar, maar dat betekent niet dat we blind mogen zijn voor deze realiteit.

Door het oog van de naald van Tim Van Steendam verscheen bij Uitgeverij Van Halewijck (2010).

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!