about
Toon menu
Opinie

Warm pleidooi voor meer cultuur en reflectie in het onderwijs

Het eindtermendebat in Vlaanderen is voor onderzoeker Lode Vermeersch een gelegenheid om na te denken welke verhalen we vandaag met ons leerplichtonderwijs schrijven en hoe we die aan onze kinderen vertellen. "Ons onderwijssysteem wil vooral jongeren afleveren met feitenkennis, een scherpe analytisch blik en een grote souplesse om dingen uit te leggen. Dat is niet slecht maar tegelijk moeten we beseffen dat dit ook maar één verhaal is."
woensdag 9 maart 2016

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

“Dus u wilt nog een verhaal?”

“Eh… nee. We willen graag weten wat er echt is gebeurd.”

“Maar als je iets vertelt, wordt het toch altijd een verhaal?”

“Eh… hier misschien wel. Maar in het Japans is een verhaal iets met een verzonnen element erin. Wij willen geen verzonnen verhaal. Wij willen ons “tot de feiten beperken”, zoals men hier zegt.”

“Maar als je iets vertelt – in woorden, in het Japans of in een andere taal – dan moet je toch altijd iets verzinnen? Begin je eigenlijk niet altijd met verzinnen als je alleen maar naar de wereld kijkt?”

“Eh…”

“De wereld is niet alleen maar de gewone wereld. De wereld is zoals we die begrijpen, toch? En door iets te begrijpen, voegen we er iets van onszelf aan toe, niet? Dan is het hele leven toch een verhaal?”

(The life of Pi, p. 301, Yann Martel)

In deze tijd van sms-jes, tweets, krantenkoppen, facts & figures, … zouden we het haast vergeten: een mens is niet zomaar een robot met een krachtige processor in zijn hoofd. Een mens is meer. Een mens speelt en probeert, voelt en verveelt, zoekt en beseft, een mens laat zich horen, creatief en narratief. Of zoals Salman Rushdie het ooit zo treffend verwoordde: misschien zijn we gewoon dieren die verhalen vertellen. Het zijn schrijvers als Martel en Rushdie die ons daar nu en dan aan herinneren, maar wij vergeten het zo snel in de hectiek van de dag. Sms-jes, tweets, …

Het eindtermendebat in Vlaanderen (www.onsonderwijs.be) is een gelegenheid om na te denken welke verhalen we vandaag met ons leerplichtonderwijs schrijven en hoe we die aan onze kinderen vertellen. Het is ook het moment om na te denken welke we hen zouden moeten meegeven. Enigszins veralgemenend kan je stellen dat we vandaag maar één verhaal brengen in ons onderwijs, dat van het rationeel en logisch-sequentieel denken. Lees de huidige eindtermen maar: ons onderwijssysteem wil vooral jongeren afleveren met feitenkennis, een scherpe analytisch blik en een grote souplesse om dingen uit te leggen. Het liefst gebruiken die jongeren daarbij gesproken of geschreven taal, want daarop leggen we in ons curriculum nogal nadruk. Dat ons systeem die klemtonen legt is zeker niet slecht, want ze zijn belangrijk om overeind te blijven in de hectiek van de dag. Tegelijk moeten we beseffen dat dit ook maar één verhaal is.

De cognitief psycholoog en onderwijsspecialist Jerome Bruner (een monument in de VS, hij werd onlangs 100 jaar maar is nog erg kwiek) gebruikt voor de visie die vandaag dominant is in ons onderwijs het begrip ‘paradigmatisch denken’. Hij bedoelt daarmee een denken dat zich nogal koeltjes “tot de feiten beperkt”: de feiten van vandaag en ook de vaardigheden die de samenleving, de arbeidsmarkt voorop, vandaag waardeert. Maar we kunnen als mensen meer. We kunnen ook ‘narratief denken’, stelt Bruner. Dat narratief denken is een denken dat verder gaat dan het verwerken van vastgelegde facts & figures, maar gaat over het verkennen en delen van wat zou kunnen zijn. Niet het feitelijke, maar wel het mogelijke. Het rationeel en logisch-sequentieel denken volstaat dan niet. Om narratief te denken moeten we onze creatieve en reflectieve vermogens aanspreken. Niet altijd gemakkelijk, maar het is een verhaal met een warmere toon en een vertelstandpunt dichter bij ons.

Bruner meent dat zowel het paradigmatische als het narratieve denken kansen moeten krijgen in ons onderwijs. Wie zich alleen beperkt tot het eerste denkt de wereld “dicht”. En dat is vandaag, vrees ik, nogal eens het geval in de klas. Wie zich oefent in het tweede zal de wereld “open” denken en steeds meer mogelijkheden zien. Het besef zal ook ontstaan dat dat paradigmatische denken ook maar één verhaal is, een vrij recent en typisch Westers verhaal. Het personage van Martel merkt dat treffend op: “De wereld is niet alleen maar de gewone wereld. De wereld is zoals we die begrijpen, toch? En door iets te begrijpen, voegen we er iets van onszelf aan toe, niet?”

Lees je in de bovenstaande redenering een pleidooi voor meer kunst, literatuur, filosofie, burgerschapsvorming, enz. in ons onderwijs? Mooi, want net dat zijn de domeinen die vaak uitnodigen tot reflectie. In die zin horen ze ook mooi samen. Lees je het bovenstaande ook als een vraag om niet alleen aandacht te hebben voor praten en schrijven, maar ook voor andere “talen” zoals beeld, muziek, beweging, drama? Zeker. Zie je het als een oproep om vaker met leerlingen stil te staan bij wie we zijn en wat we doen? Prachtig.

Ik hoop alleszins dat je het leest als een pleidooi dat verder reikt dan de vraag naar een extra vak of naar wat meer eindtermen. Ik verdedig een reflectieve kijk en die hoeft zich net niet te beperken tot een paar uur cultuur in de lesweek. Ook pakweg een leerkracht wiskunde moet een bijdrage leveren, door bijvoorbeeld met zijn leerlingen stil te staan bij hoe we vandaag rekenen: Waarom gebruiken we een tientallig cijferstelsel? En kan het ook anders? En waarom spreken we over Arabische cijfers als ze eigenlijk uit India komen? Laat die leerkracht wiskunde dat soort vragen ook maar op het examen stellen, ze zijn net zo relevant voor ons denken als het correct oplossen van een rekenopdracht.

Tegelijk wil ik er ook voor waarschuwen dat we de weinige artistieke en culturele vakinhouden in ons onderwijscurriculum niet mogen laten verworden tot een activiteiten waarin uitleggen primeert boven vertellen. Want dat gevaar dreigt, dat het koele rationeel en logisch-sequentieel denken ook daar nog verder terrein zal winnen en dat kunst- en cultuureducatie transformeert tot iets dat het niet is: een vak over droge kennis en techniek, een vak waarin goed goed is en fout fout maar waarin elk verhaal ontbreekt.

Lode Vermeersch is onderzoeker aan HIVA-KULeuven en VUB.

reacties

5 reacties

  • door Carlos Pauwels op woensdag 9 maart 2016

    Ik kan mij niet vinden in dat verhaal. Maar ik respecteer de mening van iedereen. Waar en hoe ga je de kennis waar hierboven voor gepleit wordt gebruiken om uwen boterham te verdienen, om het zo te zeggen? Of anders gezegd om een gezin te stichten en zorgen dat er brood op de plank komt. Ik zie vele beroepen die daar beter voor in aanmerking komen en niets te zien hebben met bv. kunst. Ik meen te weten dat er in de sector waar hierboven voor gepleit wordt daar nogal vraag naar is, maar dan veelal via subsidies omdat men niet zelfredzaam is. Ik heb niet afgehangen van subsidies en ben daar blij mee. Maar elk doet wat hij/zij niet laten kan. Zo zie ik ook wel graag een mooi schilderij en hoor ik ook wel graag goede muziek.

  • door Alysa op vrijdag 11 maart 2016

    Tja, algemeen herken ik mijzelf wel in dit pleidooi, ik wil ook meer cultuur en reflectie in het onderwijs mogelijk is die er in 't ASO, TSO en KSO genoeg en ook nog wel voldoende in het basisonderwijs, doch ik heb Beroepsonderwijs gevolgd en een van de pijnpunten van 't Beroepsonderwijs is toch dat er onvoldoende les gegeven wordt ivm. cultuur, je kan argumenteren, ja, maar je zat toch in het Beroepsonderwijs en dan is 't toch normaal dat je weinig cultuurontwikkeling krijgt, bv. maar niet ieder kind dat in het Beroepsonderwijs zit heeft er zelf voor gekozen, bovendien die eerste momenten, jaren dat je erin zit besef je niet eens dat je op dat vlak achterstand oploopt, 't is pas later dat je je mogelijk begint te realiseren dat je op dat vlak wel erg weinig leert en mogelijk wil je (toch) naar 't hoger onderwijs (een culturele richting studeren) en heb je helemaal een achterstand opgelopen!

    Je kan ook argumenteren: "cultuur en reflectie in het onderwijs is helemaal niet zo belangrijk; wat belangrijk is is dat je een degelijke stiel leert en/of een goede opleiding in 't hoger onderwijs volgt waar ge dan goed uw boterham mee verdient en eventueel ook nog je toekomstig gezin kunt (helpen) onderhouden" en uiteraard is dat belangrijk. Maar mag het a.u.b. wat meer zijn, mag iemand die Beroepsonderwijs heeft gevolgd tenminste ook notie hebben wie bv. Nietzsche en Shakespeare waren, bv. ?!

    • door Carlos Pauwels op maandag 14 maart 2016

      Alysa, het siert je dat je wil bijleren. Er zijn daartoe mogelijkheden genoeg dat dit niet moet gebeuren in bv. het BSO. Zelfstudie is ideaal. Het internet is een schat aan informatie. Als je over cultuur niet weet wat je graag zou weten ligt het aan u en niet aan het onderwijs. In het BSO wordt je voorbereid op de arbeidsmarkt.

      • door Alysa op woensdag 16 maart 2016

        Inmiddels word ik in december van dit jaar 43 jaar; ik heb altijd een culturele belangstelling gehad en besefte niet goed toen ik in het BSO terecht kwam wat ik er juist van kon verwachten; ik heb niet zelf gekozen om in deze richting terecht te komen; mijn mama heeft mij van mijn oude school weggehaald en mij, in onwetendheid in het BSO terecht laten komen waar de inschrijfster van dienst mij zonder morren inschreef; ik wist dus helemaal niet of we daar veel of weinig 'cultuur' zouden krijgen. Maar ik had wel culturele belangstellingen; wat je mist bv. in het BSO is een leerkracht waarmee je daarover kunt reflecteren, bv., die zijn er mogelijk wel maar je wil die mensen op dat moment niet altijd aanspreken, bovendien wanneer je zo'n leerkracht teveel gaat aanspreken bekijken de andere leerlingen je als 'een speciale', dus meestal hield ik mijn culturele belangstelligwel voor mijzelf, maar wanneer je als onderwijs - eender welke vorm - enigzins culturele vorming aanwakkert bij jongeren gebeurt er misschien wat positiefs op dat vlak!

        Ik vind dus wél degelijk dat het onderwijs - eender welke vorm - cultuur moet aanbieden! Leren doe je voor een groot deel op school; wanneer je als leerling ook nog in je vrije tijd moet leren heb je bv. minder tijd voor (échte) ontspanning! Bovendien: wanneer je als leerling in je vrije tijd (moeilijke) culturele boeken gaat lezen , bv. mis je dus mogelijk die 1 of 2 leerkrachten die mogelijk écht belangrijk zijn (je mist dus ruimte om te reflecteren) Bovendien: wanneer je als Beroepsleerling tot de constatatie komt dat je wil verder studeren heb je simpelweg doorgaans te weinig bagage. En ja, nu mag ik dan wel zo goed als volonté cultuur bestuderen; dat geeft mij zo goed als geen voldoening;

      • door Alysa op woensdag 16 maart 2016

        begrijp: wel een intellectuele voldoening maar ik heb bv. niet verder kunnen studeren, waardoor ik mogelijk een interessante studie aan mij heb moeten laten voorbij gaan en bv. ook (mogelijk) geen interessant inkomen kan genereren! Bovendien: ik heb niet gekozen om in het Beroepsonderwijs terecht te komen, ik wist helemaal niet dat die richting zo goed als niet voorbereidde op eventuele verdere studies (waar ik wel van droomde!). Ik was hélémaal nog niet klaar voor de arbeidsmarkt. Mijn levensjaren zijn gesaboteerd geweest (ik studeer hééél veel o.a. via het internet) maar da's toch niet 't zelfde als in hoofdzaak les krijgen eerst in 't lager onderwijs, dan in 't middelbaar en dan in 't hoger. Bovendien weet ik van voormalige ASO - leerlingen die op een of meerdere vakken er niet door waren en toch naar 't hoger mochten, van onrechtvaardigheid gesproken! Overigens wist ik wél wat ik wilde studeren op cultureel vlak maar ook dan blijft een algemene culturele vorming belangrijk!

      Het is niet langer mogelijk om te reageren.

Lees alle reacties