Nieuws, Cultuur, Recensie, China, Boekrecensie, Mao Zedong, Grote Sprong Voorwaarts, P. Ôtié, Li Kunwu, China 1. De tijd van de vader, Culturele Revolutie - Mik Torfs

‘China – De tijd van de vader’: revolutie door de ogen van een kind

De nieuwsgierigheid naar China is in het Westen sinds een aantal jaren exponentieel toegenomen, wat niet in het minst af te leiden valt uit de hoeveelheid vertaalde literatuur. Een stripverhaal dat bericht over de bewogen 20ste eeuw van de nieuwe wereldmacht, komt dan ook niet geheel onverwacht.

donderdag 10 mei 2012 11:50

Auteur Li Kunwu werd geboren in 1955, kort nadat Mao aan de macht kwam. Aldus maakte hij alle belangrijke en elkaar steeds sneller opvolgende omwentelingen mee die volgden op eeuwen van starre dynastieën. Reeds bij de kleuters werden de doctrines van de Grote Roerganger erin gestampt en in de lagere school droomden Li en zijn vriendjes maar van één ding: de rode revolutie helpen realiseren.

De brutaliteit waarmee deze kinderen te werk gingen, is confronterend: ze intimideerden en beschimpten hun leerkrachten en nagelden hen openlijk aan de schandpaal omdat ze leerstof onderwezen die te werelds was naar hun zin en niet voldoende focuste op voorzitter Mao en zijn revolutie.

Na de Grote Sprong Voorwaarts, die een alomvattende hongersnood tot gevolg had, volgde de Culturele Revolutie, een periode van immense paranoia en anarchie, waarin iedereen iedereen ervan kon beschuldigen een antirevolutionair element te zijn – een zeer eenvoudige en effectieve manier om bijvoorbeeld een gehate buurman lik op stuk te geven voor het parkeren van zijn fiets voor jouw voordeur.

Deze periode zal een keerpunt betekenen in het leven van de adolescent Li. Klasgenootjes graven in het verleden van zijn familie en ontdekken dat zijn grootvader een grootgrondbezitter was onder de oude dynastieën. Prompt wordt Li’s vader opgepakt en jarenlang opgesloten in een heropvoedingskamp.

De militante Li neemt dienst in het Rode Volksleger, maar wanneer het bericht komt dat zijn moeder ernstig ziek is en zijn vaders gevangenschap verlengd wordt, begint de grond hem onder de voeten weg te zakken en voelt hij zijn geloof in Mao’s doctrine stilaan afbrokkelen.

Het is intrigerend om deze woelige gebeurtenissen in een beeldverhaal verteld te zien door iemand die ze persoonlijk als kind beleefde. Het is dan ook jammer dat de emotionele impact veeleer aan de magere kant blijft. China leest als een geschiedenisboek, degelijk verteld, maar met weinig betrokkenheid.

De gebeurtenissen volgen elkaar razendsnel op en Li Kunwu en zijn scenarist P. Ôtié worstelen om een evenwicht te vinden tussen de vertelling vanuit het standpunt van een kind dat niet alles kan begrijpen wat er om hem heen gebeurt en het toevoegen van historische uitleg die de context aan de lezer moet verduidelijken.

Pas in de laatste hoofdstukken, wanneer Li’s ouders slachtoffer worden van de ideologie die ze zelf hielpen uitdragen en de sfeer snel grimmiger wordt, krijgen we een gevoel van beklemming en verhalende spanning. Dat is alvast een goede aanzet voor het tweede deel, dat ondertussen ook in Nederlandse vertaling is verschenen.

Het boek is verkrijgbaar in onze shop.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!