De heisa rond de Palestijnse kandidaatsstelling voor het VN-lidmaatschap is er intern op gericht om de erg getaande glorie van de Palestijnse Autoriteit en Mahmoud Abbas (foto) op te poetsen, vindt Lucas Catherine
Nieuws, Politiek, Oost-Europa, Nationalisme, Joden, Palestina, Zionisme, Vluchtelingen, Westelijke Jordaanoever, Lucas Catherine, Illegale kolonies, Mahmoud Abbas, Israël Palestina, Palestijnse Autoriteit, Theodor Herzl, Antisemitisme, VN-resoluties, Balfour-verklaring, Joodse staat, Ottomaanse Rijk, Britse kolonisatie, Palestijnse staat, Jiddisch, Pogroms, Jewish Agency -

Leidt oprichting Palestijnse staat tot oplossing voor Palestijns probleem?

De Palestijnse staat werd 23 jaar geleden al eens uitgeroepen, op 15 november 1988 om precies te zijn. Niemand die het zich nog herinnert. Ik wel. Ik woonde toen in Dar es Salaam en de Palestijnse ambassadeur organiseerde er een champagnefuif. Met 103 flessen, zoveel als er landen waren die de staat erkenden. De flessen waren snel leeg. Ook de staat bleek een lege doos, schrijft Lucas Catherine.

vrijdag 23 september 2011 17:05

Nochtans besloot de Algemene Vergadering van de VN in 1988 onder meer dit: “Wij erkennen de uitroeping van de Palestijnse staat door de Palestijnse Nationale Raad op 15 november 1988. Wij verzoeken de secretaris-generaal de nodige actie te ondernemen om deze resolutie toe te passen.” (ref. 43/177)

Voorts vroeg de Algemene Vergadering ook nog (ref. 43/176): “Het terugtrekken van Israël uit het Palestijns gebied dat het sinds 1967 bezet, waaronder ook Jeruzalem, en uit alle ander bezet Arabisch gebied. De ontmanteling van de Israëlische kolonies die er sinds 1967 zijn gebouwd.”

Niets laat mij denken dat het nu meer resultaat zal opleveren. Ik betwijfel het ten zeerste, en dit niet alleen omdat de VS en de belangrijkste EU-staten er tegen zijn.

Biedt de uitroeping van een Palestijnse staat een oplossing?

Daarvoor moeten we terug naar de grond van het probleem: de massale immigratie van Joden in wat eens (voor de Eerste Wereldoorlog) een Arabisch land was en de kolonisatie van Palestina door de zionistische beweging.

De zionistische beweging wou een antwoord geven op de situatie waarin de Oost-Europese Joden in de negentiende eeuw verkeerden. Ze stelden zich de vraag: wat doen we tegen het antisemitisme en ook nog: zijn wij een religieus-culturele groep of een natie?

De stichter van de zionistische beweging was Theodor Herzl, een Oostenrijkse Jood, die in 1895 ‘Der Judenstaat‘ schreef en die twee jaar later, in 1897 het eerste Zionistische Wereldcongres bijeen riep in Basel. De voertaal was het Duits. De beweging ontstond trouwens, en zal tot nu toe geleid worden door Joden afkomstig uit Oost-Europa die als omgangstaal het Jiddisch-Duits gebruikten. De zionistische beweging is dan ook het kind van wat er toen leefde in Oost-Europa, in wat gemeenzaam ook het Jiddisch Land wordt genoemd.

Oost-Europa kende dan een grote opstoot van antisemitisme, met tussen 1881 en 1884 erg gewelddadige vervolgingen (pogroms) in Kiev, Warschau en Odessa. En deze golf van antisemitisme verspreidde zich ook naar West-Europa. Het zionisme zal hier een reactie op vormen, een bizarre reactie, want in feite gaf zij de antisemieten gelijk wanneer die beweerden dat Joden niet in Europa thuis hoorden.

Hun antwoord op het antisemitisme is namelijk weg trekken uit Europa naar het mythische vaderland dat tweeduizend jaar geleden bestond en dat daar gaan koloniseren.

De negentiende eeuw is ook de eeuw waarin het nationalisme als ideologie werd geboren: in Duitsland met Johann Gottlieb Fichte, ‘Rede an die Deutsche Nation‘ (1808), in Frankrijk met Ernest Renan en zijn ‘Qu’est-ce qu’une nation?‘ (1882) en de oprichting van nationale staten zoals België of Griekenland (1830).

De zionisten beslisten toen om zich niet louter als een religieus ‘Gods Volk’ te beschouwen, maar als een aparte nationaliteit. Een mythische nationaliteit die tweeduizend jaar geleden verloren was gegaan en die tot wat de antisemieten noemen een ‘onnatuurlijk volk’ had geleid. Die oude natie moest worden heropgebouwd.

De mythe van de verdwenen natie proberen de zionisten in stand te houden door onder meer hun oorspronkelijke Oost-Europese naam te verloochenen en een nieuwe, zelf gekozen Hebreeuwse naam te verzinnen. Zo heette Tzipi Livni oorspronkelijk Benozovitsj; Shimon Peres, Persky; Ariel Sharon, Schönerman, enz.

En daar wordt demagogisch gebruik van gemaakt. Zo vertelde Benjamin Netanyahu in zijn speech tot de delegatie van de European Friends of Israel in Jeruzalem op 7 februari 2011 dat hij in zijn kantoor een zegelring bewaard die werd opgegraven naast de klaagmuur en die dateert van 2700 jaar geleden.

“Weet u welke naam daarop in het Hebreeuws staat? Wel dat is mijn familienaam.” Onzin, zijn vader en grootvader droegen de naam Mileikowsky. De naam Netanyahu hebben ze pas zelf verzonnen toen ze naar Palestina emigreerden.

Het zionisme bezit dus drie componenten: een reactie op het antisemitisme, een negentiende-eeuws nationalisme, en kolonialisme. Hiervan is het aspect kolonialisme het bindend bestanddeel omdat het zogezegd de oplossing biedt voor de twee andere componenten.

De eerste stap die het Zionistisch Congres dan ook zette, was de oprichting van de Jüdische Colonial Bank, later de Jewish Colonial Trust. Palestina is dan nog (tot 1918) onderdeel van het Ottomaanse Rijk en de zionisten zoeken voor hun kolonisatie steun bij de Ottomaanse sultan. Die heeft daar geen oren naar. Daarop keren zij zich in 1898 voor patronage tot de Duitse keizer, een bondgenoot van de Ottomanen tot in de Eerste Wereldoorlog. Ook dat lukt niet.

De Britten zullen wel toehappen. Herzl wordt als leider opgevolgd door de Britse Jood en chemicus Haim Weizman. Samen met de bankier Lord Rothschild zal hij van de Britten weten te verkrijgen dat die het koloniaal experiment van de zionisten steunen.

De Britse politicus die hierbij een grote rol heeft gespeeld, is Lord Balfour. Balfour was in 1905 eerste-minister en had toen de Aliens Act laten goedkeuren. Die was vooral gericht tegen de toevloed van Oost-Europese Joden naar Engeland, als gevolg van de pogroms in hun thuisland. Die Aliens Act wou al die vluchtelingen buiten Groot-Brittannië houden.

Balfour verklaarde in het House of Commons toen onder meer: “Er is het land een immens ongeluk overkomen door deze immigratiegolf die vooral uit Joden bestaat”. En ook nog: “Zij blijven een volk dat zich apart houdt. Ze belijden niet alleen een andere religie dan de overgrote meerderheid van onze landgenoten, maar huwen ook alleen maar onder elkaar”. Hierop riep het 7de Zionisten Congres hem uit tot “openlijk antisemiet en vijand van heel het Joodse volk”.

Deze Lord Balfour werd in 1917 minister van Buitenlandse Zaken en zal in een naar hem genoemde Balfour Declaration de zionisten Britse hulp aanbieden bij hun kolonisatie van Palestina, dat net door Britse troepen was veroverd op het uiteenvallende Ottomaanse Rijk. In 1922 kreeg Groot-Brittannië van de Volkenbond officieel het mandaat om het land als kolonie te besturen.

Hierbij speelden nog andere belangen, dan het “wegwerken van ongenode Joden uit Oost-Europa”. Engeland zag in de zionisten “een zelfgeorganiseerde groep Europese kolonisten die daar onder Britse bescherming het land konden bezetten”. Zoals Balfours voorganger Lord Chamberlain het formuleerde. En die de strategische zeeroute naar India, het Suez-kanaal, mee konden bewaken.

En er was, toen al, de olie. Vanaf 1900 werden de oliereserves van Irak bekend. De Britten richtten daarop in 1912 de Turkish Petroleum Company op. Irak viel toen nog onder Turks-Ottomaans bestuur en de Engelsen droomden van een pijpleiding van Mosul (Irak) naar Haifa (Palestina) om zo de aardolie via de kortste weg naar Europa te krijgen. Iets wat ze in 1934 konden verwezenlijken.

Jewish Agency met eigen milities tegen Palestijns verzet

De Britten zullen de zionisten toestaan een eigen regering te vormen in Palestina, de Jewish Agency, en die zal eerst eigen milities, later een eigen leger uitbouwen. Wanneer de Palestijnen in opstand komen tegen het Britse bestuur en de zionistische kolonisatie – en dit gebeurt al direct na de officiële machtsovername door de Engelsen in 1922 – zullen die zionistische milities ingezet worden tegen het Palestijnse verzet.

Wanneer tijdens de jaren 1936-1939 de grote Palestijnse revolte om onafhankelijkheid op gang komt, zal het weer het zionistische leger, de Hagannah zijn die als hulptroepen aan de zijde van de Britten vechten. En na de Tweede Wereldoorlog zullen die Europese kolonisten zich sterk genoeg voelen om tegen de Britten, en het Verdeelplan van de Verenigde Naties in, het grootste deel van Palestina militair te veroveren.

In 1948 waren de zionisten er slechts in geslaagd om maar 6,7 procent van de grond op te kopen. De rest van wat de staat Israël werd, is veroverd met militair geweld, waarbij 418 Palestijnse dorpen werden vernietigd en hun bewoners verdreven.

Het is een mythe dat de VN de staat Israël gesticht heeft. De VN heeft zich bij het resultaat van een oorlog neergelegd en daarbij tekenden nogal wat landen bezwaar aan. Zelfs België, dat in 1947 voor het verdeelplan had gestemd. België zal, samen met de twee andere Benelux-landen de Joodse staat pas in 1950 erkennen, maar met deze restrictie, geformuleerd door onze toenmalige minister van Buitenlandse Zaken, Paul Van Zeeland: “cet acte du gouvernement belge ne signifiait pas que la Belgique reconnaît les limites territoriales d’Israël”. België erkende dus de grenzen van 1948 niet. Maar dat is onze diplomatie al lang wetens en willens ‘vergeten’.

De zionistische kolonisatie heeft drie feiten gecreëerd

– De massale landonteigening van de autochtone Palestijnse bevolking: Israël binnen de grenzen van 1948 controleert nu 78 procent van het historische Palestina. Daarbij komt nog dat iets meer dan de helft van de Westelijke Jordaanoever in handen is van Joodse kolonies. Dit maakt dat er voor de Palestijnen maar 10 procent van hun oorspronkelijk land overblijft.

– De reductie van de meerderheid van de Palestijnen tot vluchtelingen door hen de nationaliteit van hun land te ontnemen. Er zijn nu 7,6 miljoen Palestijnse vluchtelingen, waarvan 4,6 miljoen geregistreerd door de VN.

– De creatie van een nieuwe Hebreeuwstalige natie.

Elke oplossing voor het Palestijns-Israëlische probleem moet een oplossing bieden aan deze drie feitelijke toestanden. Doet de uitroeping van een Palestijnse staat dit?

De uitroeping van de Palestijnse staat lost het grondprobleem niet op: tachtig of meer procent van het land zal zo nog in handen blijven van de 5,7 miljoen Joden. De Palestijnen die nog ter plekke wonen, 5,3 miljoen zullen het met het restant moeten doen. De grondrechten van de vluchtelingen die nu buiten historisch Palestina wonen, worden al helemaal vergeten.

Trouwens, de creatie van deze Palestijnse staat biedt ook geen oplossing voor het vluchtelingenprobleem. De 7,6 miljoen vluchtelingen zijn afkomstig uit wat nu Israël is en een ‘terugkeer’ zal slechts gedeeltelijk mogelijk zijn naar de Westelijke Jordaanoever, niet naar hun dorpen en steden van origine. Ook compensatie voor het geleden landverlies – zoals voorzien in de VN-resoluties en door het internationaal recht – komt niet ter sprake bij de uitroeping van deze Palestijnse staat.

De gevolgen van de kolonisatie voor de Palestijnen worden niet verholpen en op het terrein zal er niets veranderen, tenzij Israël daartoe gedwongen zou worden. Ik zie namelijk Obama, Sarkozy, Merkel en De Crem geen internationale troepenmacht sturen om het Israëlische leger uit de Westelijke Jordaanoever te verdrijven en zo die staat mogelijk te maken.

Voor de nieuwe Hebreeuwstalige natie is zo’n Palestijnse ministaat globaal positief, want zij behoudt haar staat op het grootste gedeelte van wat ooit Palestina was.

Waarom is Israël dan zo tegen de uitroeping van die staat?

Stel dat die staat er toch komt, dan zouden de Palestijnen klacht kunnen indienen bij het Internationaal Gerechtshof in Den Haag tegen Israël, omdat het, tegen het internationaal recht in, grote delen van hun gebied bezet en een deel van zijn bevolking, namelijk de kolonisten, heeft getransfereerd naar dit bezet gebied.

Dit zou leiden tot de veroordeling van de Joodse staat en zou het einde betekenen van de verdere kolonisering van de Westelijke Jordaanoever. Nu is kolonisatie juist de essentie van het zionisme en van Israël.

Daarom wil Israël het gebied blijven beheersen en bezetten. Vergeet niet dat de Palestijnse Autoriteit van Mahmoud Abbas alleen bevoegd is voor persoonsgebonden materies en ordehandhaving.

Israël beheerst de grenzen, de grond, de lucht, het water én de economie en is er oppermachtig. Dat wil het zo houden, om voort te kunnen koloniseren. Een politiek die het trouwens ook nu nog toepast binnen de grenzen van 1948.

In Galilea, waar 85 procent van de inwoners Palestijns is, neemt de Joodse staat nog dagelijks meer grond in beslag om er Joodse nederzettingen op te bouwen. Ook daar gaat de kolonisering nog steeds door, want Israël kan niet leven zonder de motor achter de ideologie van de kolonisatie.

Nog een argument om tegen te zijn

Heel de heisa rond de Palestijnse kandidaatsstelling voor het VN-lidmaatschap door de Palestijnse Autoriteit (PA) is er intern op gericht om de erg getaande glorie van de PA op te poetsen. De PA is verworden tot een gewoon Arabisch regime, dit wil zeggen: autoritair, corrupt en zonder enig respect voor de eigen bevolking.

Zoals de Palestijnse socioloog en politicus Azmi Bishara het ooit uitdrukte: “Vroeger zou men hen collaborateurs en verraders hebben genoemd, nu zijn ze zogezegd onze vertegenwoordigers”.

Heel de VN-mobilisatie nu is voor de PA een middel om zich weer als ‘representatief’ op te werpen, ook al is zowel het mandaat van ‘president’ Abbas als die van het parlement al lang verlopen en regeren ze voort bij de gratie van buitenlandse steun.

Het tegendeel van wat je na de Arabische lente zou verwachten.

Lucas Catherine

Lucas Catherine is onder meer auteur van de boeken ‘Palestina, de laatste kolonie?’ en ‘De Israëllobby’.

 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!