Deze gemeenschappelijke graansilo in een dorp in Malawi staat leeg wegens gebrek aan oogst (Watson Maingo/IPS)

Armoede en klimaatopwarming één strijd in Malawi

Al sinds zijn onafhankelijkheid in 1964 worstelt Malawi met de strijd tegen de armoede in het land. Malawi’s economie steunt voor het overgrote deel op de landbouw. De klimaatopwarming heeft de landbouwsector zwaar getroffen, wat het land opnieuw bijzonder kwetsbaar maakt voor armoede.

dinsdag 8 december 2015 11:10

“Ik ben geboren in een familie van landbouwers”, zegt Annie Ganizani van het dorp Kandulu in Salima, een van de districten in Malawi die het ergst worden getroffen door de gevolgen van de klimaatopwarming.

“Mijn ouders waren te arm om me naar school te sturen, maar ik trouwde en werd gezegend met sterke kinderen, dus onze leiders zegden me dat ik niet hoefde te vrezen. Ik had land en krachten en de opbrengsten uit onze landbouw waren voldoende om iedereen te voeden. Landbouw was altijd de meest beloftevolle bezigheid voor onze gemeenschap”, zegt ze.

Aan deze beloftevolle toekomst kwam brutaal een einde toen de klimaatopwarming hier jaar na jaar meer impact kreeg. “De eerste gevolgen merkten we kort na het jaar 2000”, zegt Ganizani. “De regenpatronen veranderden, er waren meer overstromingen en lange droogteperiodes. Het resultaat was een tekort aan voedsel en armoede.”

Overstromingen én droogte

In 2004 trad de rivier Lifidzi buiten zijn oevers. De overstromingen verwoestten Ganizani’s dorp en alle landbouwgronden er rond. Na die overstromingen verhuisde ze met haar familie naar een andere regio. Ze kregen een kleiner stuk grond om te bewerken. “Om toe te komen moesten we uiteindelijk ook dingen doen die de klimaatopwarming nog versnellen”, zegt ze.

“Wie de armoede ontvlucht moet bomen omhakken, houtskool produceren en aan landbouw doen op rivieroevers”, zegt Majawa Bwanali van het Rampen- en Risicomanagement in Kandulu. “Op die plekken landbouw bedrijven maakt de oevers nog kwetsbaarder en werkt overstromingen in de hand.”

Ook de milieuverantwoordelijke van het district Salima, Davies Chogawana, is het daarmee eens en vindt dat de inspanningen om de klimaatverandering tegen te gaan hand in hand moeten gaan met de bestrijding van armoede. “Mensen kappen nog steeds bomen, maken houtskoolvuurtjes en doen aan landbouw op de oevers van de rivieren, wat meer overstromingen en droogte uitlokt.”

Dijken, trainingen en evacuatieposten

Met fondsen van onder meer de VN werd een dijk opgetrokken om te vermijden dat de rivier Lifidzi opnieuw zou overlopen. Met de hulp van de milieuorganisatie Global Environment Facility werden evacuatieposten en opvangvoorzieningen voorbereid zodat de mensen niet langer in scholen moeten schuilen bij noodweer en overstromingen.

Ook het VN-Voedsel- en Landbouwagentschap (FAO) is actief in Malawi met landbouwprogramma’s voor de capaciteitsversterking van kleinschalige boeren in Malawi.

Daarnaast wordt er werk gemaakt van early warning systems en betere landbouwplanning. Ondanks alle inspanningen zal er echter meer nodig zijn, als de regering de armoede wil beëindigen tegen 2030, zoals vastgelegd in de VN-Duurzaamheidsdoelstellingen 2015-2030 (SDG’s – Zie Wat zijn de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen van de VN?).

Volgens de Rampenmanager van het district Salima, Blessings Kamtema, moeten “slimme landbouwtechnologie en alternatieve economische activiteiten meer onderzocht worden, zodat ook hier de impact op de klimaatopwarming kan verminderd worden.” In Malawi is 80 procent van de inwoners afhankelijk van de eigen landbouw om te voorzien in de levensbehoeften.

Bron: Addressing Climate Change and Poverty as one in Malawi

 

take down
the paywall
steun ons nu!