(foto WIkipedia)
Nieuws, Milieu, Politiek, België, De lijn, Automobiliteit, Hilde Crevits, Bedrijfswagens, Basismobiliteit, Besparingsplan De Lijn, Trein Tram Bus -

Vlaanderen investeert vier keer zoveel in bedrijfswagen als in De Lijn

Het programma De Zevende Dag bevestigde de stelling van sp.a Parlementslid Bart Martens dat er vier keer zoveel overheidssteun naar bedrijfswagens gaat als naar De Lijn. Factchecking wijst uit dat De Lijn 0,9 miljard euro per jaar ontvangt, terwijl er 4,1 miljard naar de subsidie voor bedrijfswagens gaat. Volgens De Lijn directeur Kesteloot moet de basismobiliteit ter discussie komen te staan vanwege de kosten, wat veel reacties uitlokte.

woensdag 29 januari 2014 11:37

Volgens cijfers van De Zevende Dag bedraagt de totale overheidssteun aan alle openbare vervoersmaatschappijen tesamen 2,4 miljard, tegenover 4,1 miljard voor de bedrijfswagen. Dat maakt duidelijk dat er in België geen duidelijke keuze wordt gemaakt voor het stimuleren van openbaar vervoer of automobiliteit, zegt de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso). 

De Oeso haalde onlangs fel uit naar het Belgische beleid inzake openbaar vervoer. Volgens de Oeso is het onbegrijpelijk dat de personenwagen wordt aangemoedigd dankzij de fiscale regeling voor bedrijfsauto’s. Zeven op de tien Vlamingen kiest in het dagelijkse woon-werkverkeer voor de auto, wat grotendeels te verklaren valt door het fiscale gunstregime voor de bedrijfswagen.

Nergens zoveel investeringen in de bedrijfswagen 

Volgens cijfers van het Deense onderzoeksbureau Kopenhagen Economics, dat voor de Europese Commissie onderzoek deed naar het beleid rond bedrijfswagens in Europa, is er geen enkel ander Europees land dat zoveel geld investeert in bedrijfswagens als België.

Door allerlei fiscale gunstmaatregelen is het voor werkgevers in België voordeliger om hun werknemers een bedrijfswagen aan te bieden dan een loonsverhoging. Mensen met bedrijfswagens schakelen nauwelijks over op openbaar vervoer of fiets, zelfs niet voor trajecten waar zich frequent files voordoen. 

Volgens een studie van Promoco gaat 84 tot 93 procent van de mensen die een bedrijfswagen bezitten met de auto naar het werk, terwijl dit voor mensen zonder bedrijfswagen maar 59 procent is. Bedrijfswagens doen daarnaast het aantal gereden kilometers sterk toenemen. Een bedrijfswagen leidt gemiddeld jaarlijks tot 9.200 extra gereden kilometers. Bedrijfswagens maken maar liefst de helft uit van de auto’s in de Belgische files.

Bovendien blijkt uit de ongevalstatistieken dat er met bedrijfswagens ook nog eens minder voorzichtig gereden wordt. Ook op dat terrein betekenen bedrijfswagens dus maatschappelijk verlies. 

Beleid van Crevits zorgt voor meer fijn stof

Terwijl bedrijfswagens gesubsidieerd worden, bieden bus, tram en trein onvoldoende betrouwbaar alternatief, vindt Groen. Groen voorzitter Wouter Van Besien: “Jaar na jaar ontvangt De Lijn te weinig middelen om te kunnen voldoen aan haar opdracht: de Vlaming een alternatief bieden voor het wagenverkeer. Het is duidelijk dat openbaar vervoer voor minister Crevits minder belangrijk is dan het aanleggen van nieuwe wegen en verbreden van autosnelwegen. Hiermee doet ze de Vlaming dubbel tekort: haar beleid zorgt voor meer fijn stof en dus een grotere impact op onze gezondheid en ze ontneemt duizenden Vlamingen de kans om zich vlot te kunnen verplaatsen.”

Nieuw directeur-generaal Roger Kesteloot van De Lijn heeft onlangs aangekondigd dat er creatief omgegaan zal moeten worden met diensten in dunbevolkte gebieden, bijvoorbeeld door belbussen of taxi’s in te zetten. De basismobiliteit zal ter discussie komen te staan door de van overheidswege opgelegde bezuinigingen.

Het Decreet Basismobiliteit voorziet voor iedereen een bushalte op maximaal 750 meter van de woning. Op het platteland kost deze regeling veel geld. Kesteloot wil voorrang geven aan extra investeringen in stedelijke gebieden en aan woon-werk verkeer, omdat daarmee het grootste reizigerspotentieel wordt bereikt. 

“De Lijn heeft de discussie gemist”

Mobiliteitsexpert Kris Peeters zegt daarover: “Kesteloot zit in een moeilijke positie. Hij bevindt zich in de context van besparingen die hem door de regering opgelegd zijn. Iedereen moet besparen, maar er wordt geen debat gevoerd over prioriteiten. De keuzes die gemaakt worden zijn impliciet. De Lijn had bij een expliciet debat het openbaar vervoer op de kaart kunnen zetten, maar heeft de discussie gemist.”

“Binnen een dergelijk denkkader klopt het dat openbaar vervoer buiten de stad het minst rendabel is en dat het dus logisch is daar te bezuinigen. Hiermee gaan we echter voorbij aan de sociale functie die openbaar vervoer heeft. Dit soort maatregelen leiden tot vervoersarmoede.”

“Het openbaar vervoer komt zo ook terecht in een neerwaartse spiraal: minder openbaar vervoer zorgt voor minder reizigers. Bij de volgende besparingsronde wordt dat allicht als argument gebruikt om nog verder af te bouwen”

Meer openbaar vervoer, minder auto

Reizigersvereniging TreinTramBus stelt in een reactie dat investeringen in de steden hard nodig zijn, maar niet ten koste van het platteland. Jan Vanseveren, woordvoerder van TreinTramBus zegt: “Meer openbaar vervoer en minder auto’s zijn absoluut noodzakelijk voor de leefbaarheid van onze steden. Alleen mag dat niet ten koste gaan van het openbaar vervoer op het platteland. Mobiliteit is een basisbehoefte, even essentieel als onderwijs of medische zorgen.”

“Met de besparingen van 2012 is de bodem bereikt. Als nu nog wordt gesnoeid in het aanbod, is basismobiliteit echt niet meer gegarandeerd. In regio’s waar basismobiliteit is ingevoerd, stellen we ook vast dat de bussen goed gebruikt worden. Belbussen zijn een stuk minder klantvriendelijk dan reguliere bussen: je moet ze twee uur op voorhand reserveren.”

Busje komt zo

Volgens Peeters is het niet verwonderlijk dat de dienstverlening van De Lijn nu terug ingekrompen moet worden. Peeters: “In 2000 hebben onder meer professor Willy Miermans en ik dit al voorspeld. Toen kwam men met de basismobiliteit, wat ik omdoopte tot het ‘busje komt zo’-beleid. Het was een verkeerd signaal: er werd effectief tegen mensen gezegd dat ze konden wonen waar ze willen en dat het openbaar vervoer hen achterna zou komen.” 

“Toen al werd er gewaarschuwd dat dit zich op termijn zou wreken. Als je in de middle of nowhere gaat wonen, moet je andere service en kosten verwachten dan in de stad. Mensen waren er ook gewoon niet mee bezig. Ze woonden vaak in grote huizen buiten de bebouwde kom en hadden twee auto’s.”

“Nu zijn we meer dan tien jaar verder en je ziet dat de mensen die er nu nog wonen vaak bejaarden zijn die geen auto meer (durven) rijden en nu slachtoffer dreigen te worden van vervoersarmoede en geïsoleerd raken. Voor de toekomst zou het verstandiger zijn een beleid te ontwikkelen dat mobiliteit niet beschouwt als iets dat los staat van ruimtelijke planning. En omgekeerd.”

“Er moet dringend iets gebeuren”

De Lijn heeft onlangs een eigen toekomstvisie voor de komende legislatuur voorgesteld. De maatschappij heeft een ‘wensnet’ vastgelegd waarmee maximaal beantwoord kan worden aan de klantvraag. Om dit te kunnen realiseren zijn er volgens De Lijn vooral meer investeringen nodig in vervoer in en naar de stad. 

Volgens de visie van De Lijn zit Vlaanderen met enorme mobiliteitsproblemen, zowel op het vlak van congestie, verkeersveiligheid, bereikbaarheid en ontsluiting: “Er moet dringend iets gebeuren, zoniet boeten we onherroepelijk in aan welvaart. Ook onze leefbaarheid, de luchtverontreiniging, de geluidshinder en de drang naar meer duurzaamheid in onze samenleving stemmen tot nadenken over hoe we openbaar vervoer in de toekomst willen ontwikkelen.”

take down
the paywall
steun ons nu!