Een Belgische in Gaza
Nieuws, Samenleving, Politiek, Israël, Gaza, Boekrecensie, Bezette Gebieden, Inge Neefs, Gaza op mijn hoofd -

Een Belgische in Gaza

Eén van de verhalen uit 'Gaza op mijn hoofd' van Inge Neefs, exclusief in DeWereldMorgen.be. Zij verzamelde getuigenissen van het dagelijkse leven in Gaza onder het gezoem van de drones en de permanente dreiging van de Israëlische blokkade, verhalen over de wil tot leven in ondraaglijke omstandigheden.

donderdag 12 december 2013 16:49

Ondanks de korte tijd dat ik hier nog maar ben, is de warmte en de gastvrijheid van de mensen opmerkelijk. Met een wee gevoel van schaamte denk ik aan hoe buitenlanders in België ‘verwelkomd’ worden. Een voor een willen de mensen weten hoe ik Gaza zie. ‘Kief Ghazza? Hoe is Gaza?’ Ik weet nooit goed of ik de littekens van de destructie wil onderlijnen of de schoonheid van het land en de kracht van haar inwoners.

Meestal zet ik in op die spreidstand: ‘Gaza is verschrikkelijk mooi, maar vreselijk moeilijk tegelijkertijd.’ De reacties van mijn gesprekspartners zijn bijzonder geschakeerd. ‘Het leven in Gaza is goed, nietwaar?’, vraagt een vrouw die ons aanklampt op de markt.

Ik denk aan de stroomonderbrekingen. Ik denk aan vorige week toen ik op een nacht wakker werd van een luide knal die me deed opveren in mijn bed. Een bom raakte de kustlijn van Gaza-Stad, nabij de haven. Geen gewonden gelukkig. Alleen mijn hart dat luid in mijn keel bonsde.

Ik kreeg een sms van Anaah: ‘Ramen altijd op een kier laten staan! Alles oké?’ Oké. De letters persten zich vibrerend langs mijn lippen. Maar ik denk niet dat ik ooit al zoveel schrik had gevoeld. Ça c’est la vie, n’est-ce pas? Voor Anaah lijkt het vanzelfsprekend.

Ik vind het waanzinnig hoe de bezetting in ieder detail van het leven kruipt, hoe ’s avonds bevreesdheid voor het slapengaan aanzet tot voorzorgsmaatregelen, en hoe normaal die bevonden worden.

Ik denk aan de dag daarvoor, toen een Israëlische drone de gebroeders Yassin executeerde. Het nieuws kwam in een sms van GANSO, een dienst die veiligheidsdeviezen stuurt naar internationale ngo’s en gefinancierd wordt door de Europese Commissie:

17 NOV, 1640hrs: Reports of vehicle explosion on Al Wihda St, Shabeya Junction, Gaza City, with 1 injury and 2 fatalities. Advise to avoid area and approaches. Updates when available.

Een precisiemoord vanuit de lucht. De futiliteit van een fragiel leven tegenover de vernietigende kracht van hoogtechnologische almacht.

Ik was in de buurt, op een drietal kilometer, maar ik hoorde niks. De inslag moet krachtig geweest zijn, want de auto was in tweeën gespleten. Politieagenten weerden journalisten en bezorgde burgers. Ze spoelden het bloed van de straat en veegden de brokstukken samen. Ik ging ter plaatse om te weten wat er gebeurd was. Ik vond chaos en destructie en veel tweedehandsgetuigenissen: iedereen had iets horen zeggen.

Zeker één dode. Maar wie? Israël eiste de aanslag op; een van de broers Yassin zou een aanval beraamd hebben op Israëli’s in de Egyptische Sinaïwoestijn. Bewijzen? Rechtspraak? Slechts een paar mensenrechtenorganisaties werpen de term ‘buitengerechtelijke executie’ op, vergezeld door de nodige verontwaardigde vraag- en uitroeptekens.

Hoe kan deze aanslag op het recht op leven maar zo weinig verontwaardiging oogsten? Hoe kan het aanvaardbaar zijn dat mensen vermoord worden zonder proces en zonder enig bewijs? Hoe kunnen beweringen volstaan om een mensenleven te beëindigen?

Enkele mensenrechtenorganisaties, verder geeft er niemand om, ook niet die westerse regeringen die de mensenrechten zo hoog in het vaandel dragen. En hoe zit het met Islam Yassin? Schuldig bevonden door verwantschap?

‘Het leven in Gaza is goed, nietwaar?’ Ik kijk de vrouw vertwijfeld aan, wachtend op de uitleg van haar ironische zinspeling. Maar ze knikt en haar glimlach bevestigt dat ze het meent. Bedoelt ze dat het dagelijks leven doorgaat, dat mensen weigeren in angst te leven ondanks de pertinente dreiging van terreur?

Ik heb nochtans al spraakzame angst en onverwerkt verdriet gevoeld in bevroren stiltes met dorre ogen die mijmeren over el-harb, de oorlog. Misschien wil ze zeggen dat liefde het wint van de haat, dat verbittering bestreden wordt met hartelijkheid, dat Palestijnen leven met opgeheven hoofd?

Of liggen haar woorden eerder in het verlengde van een uitspraak die ik geregeld opteken: ‘Ehna naas basitien. We zijn simpele mensen. Wallah, bij God, Palestijnen zijn goede mensen!’ Mensen lijken trots te puren uit hun eenvoud, die zorgzaamheid herbergt en een sterk gemeenschapsgevoel koestert.

Anderen zijn lyrisch vanwege de strijd. ‘To exist is to resist’ lijkt op Palestina’s veerkrachtig lijf geschreven: ‘Gaza is dé beste plaats ter wereld, ik zou nergens anders willen wonen. De bezetting kan met ons doen wat ze wil, maar wij gaan hier niet weg, wij vechten en wij blijven!’ Die veerkracht en dat doorzettingsvermogen worden samengevat in het woord ‘sumoud’ dat op de collectieve Palestijnse identiteit pronkt.

Aan de andere kant van het spectrum weerklinkt geregeld het woord ‘khara’, ‘stront’, als referentie aan ieder aspect van het leven. ‘Het leven is khara. Gaza op zich is khara; de universiteit is khara, het werk is khara, geld is khara, electriciteit is khara, benzine is khara, water is khara, de bezetting is khara, Hamas is khara en Fatah is khara. Wallah, bij God, Gaza stinkt zelfs naar stront! Kullo khara hoon, laakin: ahleen fi Ghazza, ya Angie! Alles is stront hier, maar een dubbele welkom in Gaza, Inge!’

Ibrahim, een jonge twintiger uit het Jabalyavluchtelingenkamp, nam me een namiddag mee op sleeptouw en vertaalde alles in bruintinten. Het noodlot wou dat hij op het einde van de dag neerzeeg op een bankje waar een vogel net zijn gevoeg gedaan had. ‘Ah, zelfs de vogels kakken op ons!’, zei hij droog, waarna een lachsalvo het bitter smakend sarcasme wegspoelde.

Uiitreksel uit het boek ‘Gaza op mijn hoofd’ van Inge Neefs.

Je kan het boek bestellen in onze webshop

© EPO

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!