Luc Coene, de Bank en de index
Europa, Economie, Politiek, België, Europese Commissie, Kredietcrisis, Ratingbureaus, Nationale bank, Paul Krugman, Jean-Claude Trichet, Index, Luc Coene -

Luc Coene, de Bank en de index

Luc Coene, oud-kabinetchef van Guy Verhofstadt, heeft nog maar pas Guy Quaden opgevolgd als gouverneur van de Nationale Bank, of hij neemt al een ingrijpend persoonlijk initiatief: een onderzoek naar de indexering van de Belgische lonen.

zondag 19 juni 2011 23:18

Origineel kan men Coene niet noemen: de OESO, de Europese Commissie, De Europese Centrale Bank, de patroonsorganisaties UNIZO, VOKA en VBO (lijst nog aan te vullen!) hebben ook al onze automatische aanpassing van de lonen aan de prijsindex bekritiseerd.

Zelfs onze ontslagnemende minister van Financiën, Didier Reynders, zei onlangs in De Morgen (11/6) dat het indexmechanisme niet moet afgeschaft, maar aangepast worden: voor de grootverdieners geen procent maar een vast bedrag. “Want wat is de index? Een bescherming tegen koopkrachtverlies, toch?”. Wat een wijsheid en tevens slimmigheid bij deze (oud)voorzitter van de Mouvement Réformateur.

Waarom nog een studie?

Wat verwacht Luc Coene van deze studie? Dat blijkt eigenlijk al duidelijk uit zijn schets van de Belgische economie. Onder meer moet er gekeken worden “hoe indexeringsmechanismen de prijsvorming beïnvloeden”. “De prijzen stijgen sneller dan in de buurlanden. Als dat doorgerekend wordt via indexeringen, dreigt er een loon-prijsspiraal die onze concurrentiekracht ondermijnt”. “De prijzen in ons land stijgen te snel waardoor het risico op een prijs-kostenspiraal toeneemt via de loonindexeringen”.

Zoals vele andere experts verwisselt Coene dus oorzaak en gevolg: zogezegd stijgen de prijzen door de indexering. In werkelijkheid stijgt de index maar NA de prijsstijgingen. Het zijn deze laatste die de primaire oorzaak zijn. En waarom stijgen de prijzen in de eerste plaats? Doordat producenten en handelaars ze verhogen – dat is nogal duidelijk. En waarom doen ze dat? Om hun rentabiliteit en hun winstmarge te vergroten of te behouden, tiens.

Verstaat Coene zoiets eenvoudigs niet? Natuurlijk wèl. Maar hij ziet het duidelijk als zijn taak de winstmarges te verdedigen. De koopkracht (denk aan de uitspraak van Reynders!) is van secundair belang, hij spreekt er zelfs niet over. Evenmin behoort de enorme schuldenberg van de privésector tot zijn zorgenkind.

Prof. Paul De Grauwe onderlijnde dat de overheidsschuld niet de oorzaak was van de kredietcrisis. Die schuld daalde, zelfs ingrijpend in Ierland en Spanje (Griekenland is de enige uitzondering). Daartegenover stond de explosie van de schuld van de banken tot in 2008 en in mindere mate de groei van de schulden van de gezinnen. http://www.ceps.eu/book/mechanism-self-destruction-eurozone  

God is een ratingbureau

Luc Coene heeft nog een andere prioriteit: “Het komt er niet alleen op aan de financiële markten en de ratingbureaus gerust te stellen...”. Hier zijn “de markten” weer! Wie zijn dat toch, die heren Markten (geen mevrouwen vermoed ik) waar de media en analysten dagelijks over spreken? Ze zijn de verpersoonlijking van in feite complexe computerprogramma’s die op een tiende van een seconde beslissen massaal overheidsobligaties of andere effecten te verkopen, of andersom.

Verstaat iemand nog hoe die programma’s eigenlijk precies werken? Sommige verbeteren zichzelf aan de hand van de resultaten. Eén kenmerk staat echter vast: hun doel is winst te maken op de beurzen. Winst is het criterium om te bepalen welke beursorder beter, of minder goed is.

Coene wil ook de ratingbureaus geruststellen. Standard and Poors, Fitch en Moody’s zijn vandaag belangrijker geworden dan nationale regeringen, ja zelf dan de VS, Europa of het IMF: alle worden ze de les gelezen door anonieme computerfreaks die ruimschoots bewezen hebben hoe onbetrouwbaar hun voorspellingen zijn (ze gaven de Amerikaanse rommelhypotheken de hoogste veiligheidsrating).

Elders heb ik al voorgesteld deze agentschappen buiten de wet te stellen omdat ze staatsgevaarlijk zijn: ze duwen meerdere landen, zelfs de euro, in het faillissement. Het zijn “weapons of mass destruction”. Personen worden voor veel minder in Guantanamo opgesloten. Zelf dragen de ratingbureaus geen enkele verantwoordelijkheid.

Dient gouverneur Coene het algemeen belang?

Hijzelf denkt ongetwijfeld van wel. Als de bedrijven groeien, is dat in het voordeel van iedereen, het is een bekende ideologie. De koopkracht kan dalen, maar dat is slechts tijdelijk en voor een minderheid. Wat goed is voor Ford, is goed voor Amerika. Wie toch uit de boot valt (werklozen,…) zal dat wel aan zichzelf te wijten hebben. Ieder moet zijn verantwoordelijkheid kunnen opnemen, responsabilisering heet dat. Klinkt u dit vertrouwd in de oren?

Dat de prijsstijgingen (‘bij ons hoger dan in de buurlanden’) aan de basis liggen van de zogenaamde spiraal doet elk denkend mens de vraag stellen: kunnen we die prijzen niet onder controle houden? Bijvoorbeeld: maximum 0,3% over twee jaar – zoals nu voor de lonen wettelijk is vastgelegd, na de laatste CAO. 

Lang geleden bestond er een prijzencommissie, die elke verhoging van elektriciteit, brood, melk…moest goedkeuren. En het gebeurde dat een verhoging niet gerechtvaardigd werd bevonden. Dat was betutteling van de vrije ondernemers, inderdaad, in het belang van de klanten en van andere bedrijven, want die betalen allemaal wanneer de loonindex blijft stijgen. Uiteraard remt zo’n prijzencommissie de winsten enigszins af, althans op heel korte termijn. Maar er is toch méér.

Centrale banken heersen over de regeringen

Slechts heel onlangs leerde ik dat de centrale banken (bij ons heet ze Nationale Bank) geen overheidsinstellingen zijn. Ze zijn onafhankelijk van regering en parlement, en zetten “onafhankelijk” hun beleid uit – zopas geïllustreerd door Luc Coene door zijn bestelling van de index-studie. Alleen de benoeming van de bestuurders is een politieke beslissing, een specifiek beleid mag daar niet aan gekoppeld worden.

Historisch zijn het privébanken, die de naam centraal gekregen (of genomen) hebben. Ook de Europese Centrale Bank wordt niet beheerd door de Europese Commissie of het Europees Parlement, maar is onafhankelijk. Het bestuur bestaat uit afgevaardigden van de centrale banken. Op wereldniveau komen de centrale banken samen in Basel, Zwitserland, waar ze richtlijnen opstellen, opnieuw buiten de bevoegdheid van de democratisch verkozen parlementen. Zie hieronder citaat uit de statuten van de ECB; en website.

Op dit ogenblik zitten we aan de richtlijn Basel III, die o.m. handelt over de verhoging van het minimum eigen reservekapitaal dat een bank moet aanhouden, waarmee dus niet mag gespeculeerd worden. Het is meteen duidelijk dat Basel II de bankencrisis niet heeft verhinderd, en dus zijn nutteloosheid bewezen heeft voor de bescherming van de spaarders, en zelfs van het eigen overleven van de banken. De Basel richtlijnen streven prioritair naar een maximale vrijheid om winsten te maken voor de eigenaars van de bank en grote beleggers die klant zijn.

Nobelprijswinnaar Paul Krugman: “De doctrine van groei door soberheid had geen grotere voorstander dan Jean-Claude Trichet, de voorzitter van de Europese Centrale Bank. Onder zijn leiding begon de bank soberheid als een universeel economisch wondermiddel te verkopen dat onmiddellijk en overal moest worden toegepast.(…) …dat een sterke munt en een begrotingsevenwicht het antwoord op alle problemen zijn. Die stelling berust op economische fantasieën”.

Pikante info: Jean-Claude Trichet zou opgevolgd worden door Mario Draghi, tot 2005 managing director worldwide van Goldman-Sachs, die de vorige Griekse regering in 2002 hielp de staatsschuld te verbloemen (en waar de bank zelf 735 miljoen euro aan verdiende, volgens Bloomberg). Draghi zat ook bij de Wereldbank, was daarna Italiaans minister van Financiën (een land met een enorme overheidsschuld) en vervolgens voorzitter van de Italiaanse Centrale Bank.  

Internationaal netwerk van banken

Er bestaat dus, naast de democratisch aangestelde regeringen, een wereldwijd netwerk van centrale banken, die hun eigen onafhankelijk beleid voeren, dat wel over de nationale staten heen afgestemd is. Regeringen zijn afhankelijk van de banken: deze zorgen voor de leningen die de meeste regeringen nodig hebben en ze beslissen samen met bieders over de intrest die de staten moeten betalen.

Het voorbeeld van Luc Coene toont aan dat aan regeringen een specifieke sociaaleconomische ideologie opgedrongen wordt, die geen weerspiegeling is van een parlementaire meerderheid. In zijn eenvoudigste vorm komt deze ideologische keuze hierop neer: winsten krijgen voorrang op koopkracht. Dat macro-economisch de winsten afhangen van onder meer de koopkracht, houdt Coene en consoorten niet tegen.

Volgende week (?) stemt het Europees Parlement over een voorstel van de Commissie, dat aan nationale staten stringente eisen stelt inzake begroting, staatsschuld, loonoverleg, pensioenleeftijd, werkloosheiduitkering, e.a. Voor Luc Coene zal dit een nieuw argument zijn. Prof. Paul De Grauwe zegt: dit is geen goed bestuur. De drie Belgische vakbonden hebben in een gezamenlijke tekst het asociale karakter van dit supranationaal economisch bestuur aangekaart; ze betogen volgende week in Luxemburg op 21/6. 

https://www.dewereldmorgen.be/artikels/2011/06/16/werknemers-in-gevaar 

http://www.abvv.be/web/guest/news-nl/-/article/277993/;jsessionid=2COlzFBHWl0JG7NyeA0S_cZ&p_l_id=10187

ECB onafhankelijk van verkozen parlementen: “Bij de uitoefening van met het Eurosysteem verband houdende taken mogen de ECB en de nationale centrale banken geen instructies vragen aan dan wel aanvaarden van instellingen of organen van de Gemeenschap, van regeringen van EU-lidstaten of van enig ander orgaan. De instellingen en organen van de Gemeenschap en de regeringen van de lidstaten mogen op hun beurt niet trachten de leden van de besluitvormende organen van de ECB of van de nationale centrale banken bij de uitoefening van hun taken te beïnvloeden. De Statuten van het ESCB en van de ECB voorzien in een zekerstelling van de benoeming van de Presidenten van de nationale centrale banken en van de leden van de Directie van de ECB, en wel op de volgende wijze:  • een minimum ambtstermijn van vijf jaar voor presidenten van nationale centrale banken; • een ambtstermijn van acht jaar voor leden van de Directie, zonder mogelijkheid van herbenoeming”. zie site ECB.

Toegevoegd op 10/8: Luc Coene, toen al gouverneur van de NB, nam deel aan de Bilderbergconferentie.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!