Mike Pompeo tijdens de persconferentie over de aanslagen in de Golf van Oman. Bron: Screenshot US State Department
Analyse -

Veel redenen om sceptisch te zijn over vermeende rol Iran in aanslagen op olietankers

maandag 17 juni 2019 14:59

VS-minister van Buitenlandse Zaken Mike Pompeo liet er geen twijfel over bestaan. “Iran heeft de aanslagen op twee olietankers in de Golf van Oman gepleegd”. Niet alleen Rusland en China, ook meerdere EU-lidstaten zoals Duitsland zijn echter niet overtuigd. Er zijn meerdere redenen om te betwijfelen dat deze aanslagen het werk zouden zijn van Iran. Hoe betrouwbaar zijn de VS en hun woordvoerders? Er zijn bovendien precedenten, maar vooral, wie heeft baat bij deze aanslagen?

Mike Pompeo

Minister van Buitenlandse Zaken Pompeo komt er openlijk voor uit dat hij bereid is te liegen, wanneer het er op aankomt “de belangen en de veiligheid van de VS te garanderen”. In een recente toespraak voor Texas A&M University zei hij letterlijk hoe hij als directeur van de buitenlandse inlichtingendienst CIA “complete trainingscursussen” om te liegen en te bedriegen liet organiseren. Hij vergeleek de CIA met het motto van West Point, de militaire academie voor kandidaat-officieren: “U zal niet liegen, bedriegen of stelen of zij die dit doen tolereren.”

Pompeo heeft in zijn verklaring over deze aanvallen meerdere malen woorden gebruikt die een doelbewust verkeerde indruk geven. Zo zouden deze aanvallen ‘unprovoked‘ zijn, zonder enige provocatie, en daarenboven verwees hij naar vorige aanvallen, waarvan evenmin is bewezen dat ze door Iran werden gepleegd. De VS hebben zware sancties opgelegd aan Iran sinds Trump het nucleair akkoord eenzijdig opzegde. De Amerikaanse zeemacht is al jaren aanwezig in de internationale wateren voor de Iraanse kust.

Hoe dat overkomt op een geïsoleerd land als Iran met een defensiebudget zo groot als dat van Noorwegen? Dit kan het best worden uitgelegd met een hypothetische vergelijking. Hoe zouden de VS reageren op een aanwezigheid van de Chinese of Russische zeemacht in de Golf van Mexico of in de Stille Oceaan in internationale wateren net voor de kust van de VS “om het internationaal vrij verkeer ter zee te beschermen”.

Dit zou gezien worden als een oorlogsprovocatie, ook al hebben China en Rusland het volste recht om daar aanwezig te zijn volgens het internationaal zeerecht. De militaire aanwezigheid van de VS in de Golf en de eenzijdige sancties zijn de permanente provocatie waarmee alles begint.

John Bolton

Nationaal veiligheidsadviseur John Bolton heeft in interviews openlijk verklaard dat leugens een aanvaardbare strategie zijn: “Als ik iets zou moeten zeggen waarvan ik weet dat het vals is om de veiligheid van de VS te beschermen, dan zou ik dat doen.”. Hij maakte daarbij een vergelijking die totaal naast de kwestie was, maar waarop de interviewende journalist niet inging.

“Zou ik liegen over waar de landing van D-Day zou plaatsgrijpen om de Duitsers te misleiden, dan zou ik dat zeker doen.” Militaire strategieën omvatten altijd methodes om de vijand te misleiden. Daar is niets abnormaals of buitengewoons aan. Wat Bolton en Pompeo daarentegen doen, is liegen tegen de eigen Amerikaanse bevolking.

Bolton is dezelfde topadviseur die in 2002 als vice-minister voor wapencontrole en internationale veiligheidszaken onder minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell het ontslag eiste van José Bustani, de toenmalige Braziliaanse directeur-generaal van de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW). De VS wilden geen controles van het OPCW in Irak, omdat die zouden aantonen dat er geen chemische wapenvoorraden waren (zie “We know where your kids live”: how John Bolton once threatened an international official).

Bastani wilde doorgaan met die controles. “U heeft 24 uur om de organisatie te verlaten”, zei Bolton in Genève tegen Bustani, “als u niet instemt met deze beslissing van Washington, hebben wij manieren om terug te slaan. Wij weten waar uw kinderen wonen. U hebt twee zonen in New York.” Ook intern in het eigen departement heeft Bolton een reputatie. Hij wilde in 2005 een hoge ambtenaar ontslaan omdat die weigerde een toespraak goed te keuren waarin werd beweerd dat Cuba een geheim biologisch wapenprogramma zou hebben.

VS en Iran, een lange voorgeschiedenis

De VS zijn niet zomaar een toevallige hedendaagse actor in de Perzische Golf. In 1953 waren de VS en Groot-Brittannië verantwoordelijk voor de staatsgreep tegen een democratisch verkozen regering in Teheran, die de denkfout maakte te veronderstellen dat de olie in de Iraanse bodem van de eigen bevolking zou zijn en voor hen zou moeten opbrengen, niet voor Britse en Amerikaanse bedrijven.

Eerste minister Mossadegh, een sociaal bewogen conservatief nationalist, werd in de westerse media voorgesteld als de nieuwste communistische dreiging. De VS leerde uit deze staatsgreep dat niet langer Groot-Brittannië maar zij de wereldmacht waren en pasten het model van deze staatsgreep nog tientallen malen toe in Latijns-Amerika, Afrika en Azië.

Na de staatsgreep gaven de VS aan de sjah van Iran vrij spel om een folterregime te vestigen dat door Amnesty International het meest wrede op aarde werd genoemd, erger nog dan Saoedi-Arabië. Een volksopstand tegen het regime in 1978-1979 ontaardde weliswaar in het huidige theocratische regime in Teheran, maar ook al wil de Iraanse bevolking af van dit regime, de VS zijn wel de laatsten die ze daarvoor als redders zullen verwelkomen (voor meer achtergrond, zie Echte reden voor VS-oorlog tegen Iran is nog steeds ongehinderde controle over Midden-Oosten).

Golf van Tonkin?

Het idee om met een valse vlagoperatie een oorlog met Iran te beginnen werd al meermaals geopperd door voorstanders van een oorlog tegen Iran. In 2012 bepleitte Patrick Clawson van de reactionaire denktank Washington Institute of Near East Policy op een toespraak dat een ‘incident’ nodig zou zijn, omdat er anders geen goede reden zou komen om een oorlog tegen Iran te beginnen. Hij herinnerde het publiek aan vorige ‘incidenten’ zoals de Golf van Tonkin.

Het VS-ministerie van buitenlandse zaken heeft reeds meerdere operaties gelanceerd om de openbare opinie over Iran te manipuleren. Het ministerie heeft onder meer 1,5 miljoen dollar toegewezen aan de organisatie E-Collaborative for Civic Education om via internet allerlei geruchten, beweringen, verdraaiingen, feiten uit context te verspreiden over Iran (zie Outrage on Capitol Hill over ‘completely unacceptable’ US-funded scheme to shape Iran debate).

Dat programma werd recent zwaar bekritiseerd door Amerikaanse diplomaten en door parlementslid Ilhan Omar, omdat het project ook over Amerikaanse burgers leugens had verspreid, wanneer die ingingen tegen het leidende discours over Iran. Zij werden ervan beschuldigd betaalde agenten van Iran te zijn, met fake ‘bewijsmateriaal’. E-Collaborative for Civic Education is een initiatief van Iraans-Amerikaans activiste Mariam Memarsadeghi, dat reeds meerdere malen werd gefinancierd met contracten van het ministerie van Buitenlandse Zaken. De organisatie verspreidde tientallen artikels over Iran in Amerikaanse media die geschreven zouden zijn door een zekere Heshmat Alavi, die een fictief persoon blijkt te zijn.

De VS hebben een lange geschiedenis van leugens en valse operaties om oorlogen te starten. De aanval van een Noord-Vietnamees marineschip op een Amerikaanse oorlogsbodem in de Golf van Tonkin in 1964 werd het startsein voor de VS om voluit voor oorlog in Vietnam te gaan. De bezetting van Koeweit door Irak ging gepaard met vreselijke wreedheden, waartegen moest worden gereageerd. Zo hadden Iraakse soldaten in een Koeweitse materniteit baby’s uit incubators gegooid en de incubators meegenomen.

Voor de tweede oorlog tegen Irak werd in 2003 de these verspreid dat Irak nucleaire, biologische en chemische massavernietigingswapens bezat en die dreigde in te zetten. Deze drie incidenten hadden met elkaar gemeen dat ze de triggers waren om de eigen publieke opinie te winnen voor oorlog. Wat ze ook met elkaar deelden was het feit dat het leugens waren.

De VS zijn niet uniek op dit vlak. Alle oorlogvoerende mogendheden hebben doorheen de geschiedenis onbestaande of verkeerd voorgestelde incidenten ingezet om hun bevolking zover te krijgen hun soldaten naar oorlogen ver van huis te zenden. Japan beweerde in 1931 dat Chinese troepen een spoorlijn hadden opgeblazen die eigendom was van een Japanse spoorwegmaatschappij, om de bezetting van de Chinese regio Mantsjoerije te beginnen. Het incident was reëel, alleen waren het Japanse soldaten die de aanslag hadden gepleegd. Het is slechts één voorbeeld uit een zeer lange lijst.

Wie heeft hier baat bij?

Zoals steeds is de vraag wie hier baat bij heeft cruciaal. Iran heeft geen enkel politiek, strategisch of militair belang bij enig incident. Een van de twee schepen die werden aangevallen, de Front Altair, had een lading van 75.000 naft (een afgeleid petroleumproduct) met bestemming Japan. De front Altair is eigendom van de Noorse rederij John Fredriksen, die al decennia zaken doet met Iran. De andere tanker, Kokuka Courageous, is eigendom van de Japanse rederij Kokuka Sangdyo en was op weg naar Singapore met een lading methanol. Volgens de reder wijst de schade eerder op de impact van een projectiel dan op een explosie. Ook een torpedo moet worden uitgesloten, omdat het geslagen gat in de romp meters boven de waterlijn ligt.

Tijdens de aanvallen was Japans eerste minister Abe in Teheran om een de-escalatie van de spanningen te onderhandelen. Iran had net de Libanees-Amerikaan Nizar Zakka vrijgelaten, die in 2015 was veroordeeld tot tien jaar voor spionage voor de VS. De Iraanse kustwacht ontzette de bemanning van de Japanse tanker en Iran doet er alles aan om het nucleair akkoord met Europa te vrijwaren, door zich ondanks het opzeggen door de VS van het akkoord nog steeds scrupuleus te houden aan de verdragsvoorwaarden.

De Japanse eigenaar van de Kokuka Courageous spreekt tegen dat er sprake zou zijn van een aanval met een limpetmijn1. Zijn bemanning verklaarde immers een vliegend object te hebben gezien voor de impact. Beide schepen werden geraakt boven de waterlijn, wat verklaart waarom ze niet gezonken zijn (zie Kokuka Courageous operator doubts mine responsible for Gulf of Oman explosion). Indien dat wel was gebeurd, zou het een zoveelste natuurramp geweest zijn.

Van een korrelige video wordt gesteld dat het om een Iraanse kustwachtboot gaat die een voorwerp van de romp van een tanker verwijdert. Het is niet duidelijk of dat voorwerp een limpetmijn is, noch of het om een van beide tankers gaat, maar zelfs als deze veronderstellingen juist zijn, bewijst dit nog niet dat Iran ook het land is dat de mijn zou hebben aangebracht.

Andere tijden

Een oorlog beginnen met een vals voorwendsel is niet nieuw. Men kan zelfs stellen dat de meeste oorlogen zo beginnen. Toch is er een verschil met de Golf van Tonkin en andere incidenten. De ware aard van dat incident bleef nog jaren geheim.

De Pentagon Papers werden zeven jaar later in 1971 gepubliceerd door The New York Times. Daarin kon worden gelezen dat president Johnson en zijn adviseurs systematisch hadden gelogen tegen de Amerikaanse bevolking en tegen het Congres. In 2019 gaat het veel sneller. Nauwelijks enkele uren na de beweringen van de VS-regering circuleren al berichten op het internet die de stelling van een Iraanse aanval in twijfel trekken.

De EU-regeringen vragen terughoudendheid en grondig onderzoek alvorens conclusies te trekken en tot actie over te gaan. De EU blijft achter het Iran-akkoord staan en heeft zich niet aangesloten bij de eenzijdige terugtrekking van de VS. Ook al blijven de VS met enorme afstand de grootste supermacht ter wereld, hun dominantie is niet meer zo evident als voorheen. Zelfs zeer gezagsgetrouwe mediacommentatoren in de VS uiten hun twijfels.

Vorige vals gebleken uitlokkingen kwamen te laat om een oorlog te voorkomen. Misschien is dat nu niet het geval. Het wordt echter afwachten, de geradicaliseerde fanatici die president Trump omringen zullen het hier niet bij laten.

“Pro-Iraanse twitterati”

De interne aard van het Iraanse regime is voldoende bekend. Die aard is echter geen bewijs van schuld voor deze aanvallen. Dat dit om een strijd zou gaan voor democratie en mensenrechten, kan overigens snel weerlegd worden. De voornaamste Westerse bondgenoot in de Perzische Golf en de Golf van Oman is Saoedi-Arabië. Dit regime wil een 18-jarige jongen onthoofden omdat hij acht jaar geleden, toen hij 10 was, deelnam aan een betoging tegen de politieke repressie …

Volgens De Standaard zijn personen die twijfel zaaien over deze tankeraanvallen ‘pro-Iraanse twitterati’. Het zou kunnen dat de journalist van de krant dat echt gelooft. Het zou ook kunnen dat De Standaard dat schrijft om critici verdacht te maken. In beide gevallen is dit geen ernstige journalistiek.

In een eng wereldbeeld van ‘wij, altijd de goeden’ en ‘zij, altijd de slechten’ is het idee dat men tegelijk  zeer kritisch kan zijn over het regime in Teheran én tegenstander zijn van een oorlog tegen Iran ontoelaatbaar. In de echte wereld daarbuiten is het aanvaarden van de complexiteit van internationale conflicten heel normaal. Dit is jammer genoeg niet ‘normaal’ in de gigantische zeepbel van de massamedia.

Zo werken de media (opnieuw) mee aan de mentale voorbereiding op een zoveelste verwoestende oorlog, die net als de vorige oorlogen in Irak, Syrië en Libië vluchtelingenstromen zal veroorzaken en de wereldwijde terreurdreiging zal verhogen (zoals de Amerikaanse veiligheidsdiensten hadden voorspeld voor de invasie van Irak in 2003).

 

Notes:

1  Een limpet (NL: zeeslak) zet de typisch ronde kalkafzetting af op schepen wanneer die lang te water blijven zonder dat de romp wordt gereinigd. Limpetmijnen bestaan reeds sinds WOII. Het zijn kleine magnetische bommen met een geringe explosieve kracht, die wel voldoende is om een gat te slaan in schepen die niet zijn uitgerust met een dubbele romp. Ze kunnen ongemerkt worden aangebracht door één duiker onder de waterlijn. Om ze boven de waterlijn aan te brengen is een boot nodig, wat het element van verrassing uitsluit.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!