Elie Wiesel tijdens een lezing op het Wereld Economisch Forum van 2003 in Davos (Veni Markovski/WikiMedia Commons)

Elie Wiesel (1928-2016), strijder voor rechten van de mens met blinde vlek

Joods-Amerikaans schrijver Elie Wiesel overleefde de Holocaust. Voor zijn levenslange strijd tegen racisme, onderdrukking en genocide kreeg hij de Nobelprijs voor de Vrede in 1986. Er is echter ook een andere, minder flatterende kant aan Elie Wiesel, zijn blinde vlek voor het Palestijnse onrecht.

dinsdag 5 juli 2016 10:42

Elie Wiesel had in zijn strijd voor de mensenrechten, voor de bescherming van minderheden en tegen genocide een grote, blinde vek. Hij had namelijk geen oog voor de onderdrukking, de discriminatie en de moordpartijen tegen het Palestijnse volk. Erger, hij was een rabiaat zionist.

Zo was hij van mening dat Jeruzalem een uitsluitend Joodse stad is (hoewel er 200.000 Palestijnen wonen) en dus bij Israël hoort. Dit is in tegenspraak tot het internationaal recht (o.a. Resolutie 478 van de VN-Veiligheidsraad van 20 augustus 1980) dat Oost-Jeruzalem als bezet gebied beschouwt.

Steun voor de koloniale nederzettingen

Toen in oktober 2014 Joodse kolonisten 25 Palestijnse appartementen bezetten in Silwan, een Palestijnse wijk in Oost-Jeruzalem, plaatste Elie Wiesel zijn naam onder een advertentie in de Israëlische krant Haaretz om hen daarvoor te feliciteren. De activiteiten van deze kolonisten in Silwan worden geleid door Elad, een organisatie die de verjoodsing van Silwan nastreeft. Wiesel was niet zomaar een medeondertekenaar van de advertentie, vermits hij voorzitter van de ‘publieke raad’ van Elad was.

Wiesel was een militante aanhanger van de kolonisatie van Oost-Jeruzalem. Hij bekritiseerde president Obama toen die Israël onder vuur nam voor de kolonisatie achter de Groene Lijn (de demarcatielijn van de VN die de Palestijnse bezette gebieden afbakent).

Wiesel hing een complete negatie van de Palestijnse en moslimaanwezigheid in Jeruzalem op, hoewel de grote meerderheid van de bevolking in het oude stadsgedeelte Palestijn is: “Voor mij, de jood die ik ben, staat Jeruzalem boven de politiek… het behoort toe aan het joodse volk…” (zie de website van de Elie Wiesel Foundation for Humanity).

“Ant’-Israël is gelijk aan anti-joods”

Voor Elie Wiesel was kritiek op Israël niet legitiem. Het joodse volk en Israël waren voor hem synoniem: “Als je tegen Israël bent, dan ben je ipso facto anti-joods” (geciteerd in Robert Franciosi, Elie Wiesel: Conversations, 2002, p. 20).

Hij zei ook: “Ik steun Israël… Ik identificeer me met Israël… Ik val Israël nooit aan en zal het nooit bekritiseren wanneer ik niet in Israël ben” (geciteerd in Chomsky, The Faithful Triangle, 1983, p 16).

Het Goldstone-Rapport over de Gaza-oorlog van 2008-2009, dat in opdracht van de VN was opgesteld,  stelde vast dat er sprake was van Israëlische oorlogsmisdaden. Daarom veroordeelde Wiesel het rapport als een “misdaad tegen het joodse volk, maar ook als “onnodig”, want “Ik kan niet geloven dat Israëlische soldaten mensen vermoordden of kinderen neerschoot. Dat kan gewoon niet.”

Hij voerde campagne om de VN-conferentie tegen Racisme in Genève van 2009 te boycotten, omdat bij de vorige conferentie in DUrban het Israëlisch zionisme als racistisch was gebrandmerkt. 

“BDS is het nieuwe antisemitisme”

Wiesel zetelde ook in de adviesraad van NGO Monitor, een rechtse organisatie die alle organisaties van Human Rights Watch en Amnesty International tot de militante BDS-beweging onder vuur neemt telkens als Israël door hen wordt bekritiseerd. NGO Monitor omschrijft de BDS-campagne (Boycott, Divestment & Sanctions) als “politieke oorlogsvoering” en deel van het nieuwe antisemitisme’.

Elie Wiesel droeg daarenboven actief bij tot de demonisering van deze organisaties. Zo verweet hij Human Rights Watch (in een opiniestuk in de New York Times dat hij samen met de rabiate zionist Alan Dershowitz schreef) Israël er uit te lichten als het over mensenrechtenschendingen gaat en dat de organisatie zijn originele ethiek was kwijtgespeeld.

Wiesel was een tegenstander van het ‘nucleaire akkoord’ met Iran en verdedigde publiekelijk de komst van de Israëlische premier Netanyahu naar het Amerikaans Congres (maart 2015) om te waarschuwen voor Iran, door te insinueren dat dit akkoord mogelijkerwijze de deur voor een nieuwe Holocaust open zou openen.

Hij was zelf aanwezig en Netanyahu maakte in zijn speech in zijn referenties naar Iran graag gebruik van Wiesel’s faam als Holocaust-overlever. Een paar jaar eerder zei Wiesel dat hij “niet zou treuren als hij hoorde dat (de Iraanse president) Ahmadinejad vermoord was”.

Kritiek van andere Holocaust-overlevers

Tijdens de jongste oorlog tegen Gaza van 8 juli tot 26 augustus 2014 vergeleek Wiesel Hamas met de Nazi’s, hoewel het nu net het Israëlisch leger was dat verantwoordelijk was voor grootschalige vernietigingen en meer dan 2.100 doden, grotendeels burgers. Hij weigerde toen opnieuw om het Israëlische optreden te bekritiseren. Verschillende lotgenoten van Wiesel die net als hij de Holocaust hadden overleefd reageerden op Wiesels uitlatingen met volgende woorden:

“Wij verafschuwen en zijn verontwaardigd over Elie Wiesel’s misbruik van onze geschiedenis om te rechtvaardigen wat niet gerechtvaardigd kan worden: Israëls massale poging om Gaza te vernietigen en de moord op meer dan 2.000 Palestijnen, waaronder honderden kinderen. Niets kan het bombarderen van VN-schuilplaatsen, huizen, ziekenhuizen en universiteiten rechtvaardigen. Mensen van elektriciteit en water beroven valt niet te rechtvaardigen.”

Dit alles belet blijkbaar niet dat Elie Wiesel bij zijn dood door zowat alle media en politieke leiders zonder enige nuance op een sokkel wordt geplaatst.

Van Ludo De Brabander verscheen zopas ‘Oorlog zonder Grenzen (Uitgeverij EPO)

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!