Opinie - Magda De Meyer

België lost kopgroep in de strijd tegen partnergeweld

Op 25 november is het de Internationale Dag voor de Uitbanning van Geweld op Vrouwen. De Vrouwenraad wil deze dag aangrijpen om België aan te porren om weer aan te sluiten bij de kopgroep van Europese landen in de strijd tegen partnergeweld.

dinsdag 25 november 2014 14:01

Volgens
een onderzoek van het Europese Fundamental Rights Agency (FRA)
van 2014 zou maar liefst één op vijf Europese vrouwen fysiek of
seksueel geweld hebben ervaren bij hun (ex-)partner. Slechts 14
procent van hen meldde ernstige voorvallen aan de politie. In België
zou zes procent van de vrouwen het jaar tevoren te maken hebben gehad
met fysiek of seksueel geweld bij hun (ex-)partner.

Ongelijkheid

Voor
de Vrouwenraad is partnergeweld meer dan een individueel of
relationeel probleem. Eerder is het een structureel maatschappelijk
probleem dat is gelinkt aan ongelijke machtsverhoudingen. Wij wijzen
erop dat niet enkel vrouwen partnergeweld ervaren. Ook veel mannen,
kinderen en ouderen worden erdoor getroffen. Maar
het blijft een feit dat de grote meerderheid van slachtoffers
vrouwen zijn en dat het geweld tegenover hen deel uitmaakt van een
groter patroon van discriminatie en ongelijkheid.

Wij
zien grote problemen met de registratie van klachten over
partnergeweld. Regelmatig ontvangen wij meldingen van vrouwen die
onjuist behandeld worden door instanties waar ze met hun klacht
terechtkomen. Vaak werden hun klachten niet ernstig genomen. Veel
klachten werden geseponeerd of door de dader gemanipuleerd. Volgens
de Vrouwenraad heeft dit te maken met vooroordelen ten aanzien van
deze vrouwen. Zo werden vrouwen die al eens depressief waren vaak als
‘labiel’ gezien, met alle gevolgen van dien voor bijvoorbeeld het
hoederecht na scheiding.

Daarnaast
is de Vrouwenraad bezorgd dat meldingen van partnergeweld weinig
gehoor vinden bij huisartsen. Zestig procent van de slachtoffers zou
praten met hun dokters, maar deze blijken daar weinig mee te doen.
Zij herkennen de patronen niet of durven niet te handelen. Dat
terwijl 87 procent van de slachtoffers aangeven dat zij graag zouden
hebben dat dokters hun advies zouden geven. Dit zou immers hun
bereidheid verhogen om iets aan de situatie te doen.

Ook
hulpverlening en preventie zijn van groot belang. De Centra voor
Algemeen Welzijnswerk ervaren dat hun interventies bij partnergeweld
meestal veel te laat komen. Er moet vroeger gereageerd worden op
geweld in het gezin. Een duurzame samenwerking met gezinshulp en
thuiszorg is broodnodig. Er werd in 2012 een meldpunt ‘misbruik,
geweld en kindermishandeling’ opgericht in Vlaanderen. Het is tijd
om te bekijken of dit meldpunt voldoende helpt om partnergeweld te
voorkomen.

Ten slotte
willen wij vragen om extra aandacht voor groepen vrouwen die
vanwege hun status extra kwetsbaar staan. Wij denken dan aan zwangere
vrouwen, vluchtelingen, huishoudpersoneel, ouderen, vrouwen met een
handicap en vrouwen die actief zijn binnen de prostitutie.

Verdrag
van Istanbul

Sinds
1 augustus 2014 is het Verdrag van Istanbul in werking
getreden. Dit verdrag van de Raad van Europa is gericht op het
voorkomen en bestrijden van partnergeweld. Het vormt het eerste
bindende instrument op Europees niveau dat een wettelijk kader
creëert om geweld tegen vrouwen en partnergeweld te voorkomen,
slachtoffers te beschermen en daders te berechten. Het definieert en
bestraft verschillende vormen van geweld tegen vrouwen, waaronder
partnergeweld, gedwongen huwelijken, genitale verminking, stalking en
fysiek, psychologisch en seksueel geweld.

Het Verdrag van Istanbul
wil dat de aangesloten landen de nodige maatregelen nemen om
veranderingen in de sociale en culturele gedragspatronen van vrouwen
en mannen te stimuleren, “teneinde vooroordelen, gewoonten,
tradities en alle andere praktijken gebaseerd op het idee dat vrouwen
inferieur zouden zijn, uit te bannen.” De gelijkheid van vrouwen en
mannen, niet-stereotiepe genderrollen, wederzijds respect, het
geweldloos oplossen van conflicten en het recht op persoonlijke
integriteit zijn allemaal aandachtspunten binnen het verdrag.

De federale regering heeft het Verdrag van Istanbul nog niet
geratificeerd. Zo laten we maar liefst vijftien Europese landen aan
ons voorbijgaan. Wij hopen dat België zijn huidige voorzitterschap
van de Raad van Europa aangrijpt om dit recht te zetten. Hier ligt
een kans om de totale visie van het Europese verdrag mee te nemen in
een nieuw Nationaal Actieplan tegen Partnergeweld.

Magda
De Meyer, voorzitter Vrouwenraad

take down
the paywall
steun ons nu!