Heerlijk, de vluchtelingen komen eraan

Heerlijk, de vluchtelingen komen eraan

maandag 14 september 2015 19:35

Het is de Romeinse beschaving overkomen. Dat rijk, dat op kennis en vooral op militaire macht en slaven was gegrondvest, raakte in verval toen onstuitbare migratiegolven van minder ontwikkelde volkeren opdoken. Maar je kan dat ook positief bekijken. Vitaliteit haalde het van cultuur. Europa hoeft na 2000 heus niet ten onder te gaan, zelfs integendeel. In zekere zin zijn de golven van migranten het beste wat het oude, vermoeide continent en zijn cultuur kan overkomen.

(1700 woorden)

 

Mede door onvoldoende kansen in een groep van bekenden iets te kunnen betekenen, en door gebrek aan een grotere ‘familie’ en warme aanwezigheid voor de allerkleinsten, werd onze identiteit dun. Velen vluchtten uit dit on-bestaan in allerlei verslavingen, in de “rich belt”, van de VS tot in eigen land: (hard)druggebruik bij arm én rijk; de collectieve aardolieverslaving (naar het woord van Kurt Vonnegut, overlevende van het tapijtbombardement op Dresden en schrijver en maatschappijcriticus); het autorijden (met vele doden tot gevolg, verstoring van de rust en veiligheid, én een zware beschadiging van moeder aarde); een algemene workaholic-verslaving (het systeem raakt oververhit, met talrijke burn out-gevallen, een gevolg van een nooit gezien geloof in de plicht om mens en wereld te maken, verergerd door onvertrouwd zijn met en angst voor de dood); stoemelingse overgave aan rijk en in oorsprong sacraal voedsel (rundsvlees); vlucht in geldbezit (een vorm van macht, wat altijd corrumperend werkt op de mens); koopverslaving (dat een volatiele vorm van geluk brengt, ten koste van veel goeds); verslaving aan internet, televisie en smartphone (vaak zonder te worden geremd door het besef dat het om relatief arme communicatie gaat, vergeleken bij echte oog-in-oog-ontmoetingen waarbij de vijf zintuigen meespelen).

 

Het loopt al vroeg mis: kinderen worden op de schoolbanken nine to five tot een soort kleine, gedweeë kantoorklerken gekneed, volgzaam ‘zittend vlees’, niet meer in contact met het wonder van het leven, de magie van het moment, het ingewikkelde samenspel tussen mensen, de wondere wereld van de natuur en de dieren.

 

De migratiegolf geeft kansen om te herontdekken waar het in het leven van onze soort altijd om zal draaien: om werkelijk “samen zijn”

 

Het goede menselijk bestaan draait niet rond “veel doen”. Niet om veel verzamelen. Draait het goede leven niet om deze heilige trits? Samen zitten (con-sideratie opbrengen, con sedere in de taal van de Romeinen); samen eten (com-paan zijn, cum pan); en samen horen (de unieke bron van samenhorigheid)?

 

Het ene grote en in wezen werkelijk goddelijke appel voor de mens is altijd weer: “help elkaars lasten dragen”

 

Voor de gelovige die ik ben, is dat een buitenkans die God biedt, – te verstaan als de Goede Kracht aanwezig in en achter de Levende Tijdsstroom. Was onze bevolking niet stilaan over-verwend? Toch zeker als we de afmeting maken aan de oer situaties van miljoenen jaren menselijk bestaan, toen de mens leefde als voedsel verzamelende half-nomade, tijdens een eeuwigdurende dagelijkse strijd tegen de drie grote ‘vijanden’, armoede, ziekte en oorlog… Het betreft een bijzonder lang en fundamenteel tijdperk waarin het menselijke ‘hart’, onze diepste behoeften structuur, duurzaam werd vastgelegd. Maar dat harde leven lijkt ook relatief voldoening gevend te zijn.  Tot kort geleden waren er volken van voedselverzamelaars die hun leventje relatief tevreden konden leiden, zoals de Inuït en de !Kung San (Bushmen); en zij werden naar verluidt evengoed gemiddeld zeventig jaar. In onze (over)beschaafde contreien vinden velen intussen de zin van het bestaan niet meer, toch? Wij werden globaal gesproken nogal oppervlakkige wezens, misschien wel vaak op de vlucht voor werkelijk verdiepende ervaringen en contacten.

Wie doet wat hij kan, is een tevreden man. Een jonge Malinese vrouw mocht in Tertio, het christelijke opinieweekblad, getuigen:

 

“Zolang je iemand anders kan helpen, ben je niet arm”

 

Dat is waar. De spiritueel aangelegde mens zal zijn oor te luisteren leggen bij de andere mens, én bij de kosmos, de natuur. In deze contemplatie, in het toelaten van schoonheid tot ons diepste zelf, ligt een grote kans onze noblesse te vergroten. En dat is precies wat de mensheid redding brengt (Dostojevski, geciteerd door Kardinaal G. Danneels in “L’art du cardinal Danneels”). Niet veroveren en onderdrukken, niet het vergroten van onze macht is wat ons in de limiet gelukkig en vredig maakt, maar innerlijke voeling houden. En iets kunnen betekenen, in het bijzonder voor de kwetsbare, weerloze andere. Voor mijzelf stel ik altijd weer de vraag, of het gaat om een nieuwe vriendschap, een noodsituatie in mijn buurt of het indrinken van de schoonheid van een schilderij of een groots landschap:

“Wat doet er zich hier aan mij voor? Wat voel ik daarbij? Wat leer ik hier over de weg die ik te gaan heb? Wat leer ik hier over heil voor mijzelf en de andere(n)? Hoe kan ik op dit contact, deze confrontatie reageren zodat de andere én ikzelf er beter, wijzer uit komen?”

 

Er zijn toch vrij veel verdoolde medemensen, rijk en arm, geleerd én onwetend?

De vele zusters en broeders die in onze streken zelfdoding plegen, zijn toch al lang een Signaal waar wij meestal zonder meer van wensten weg te kijken?

 

In religieus – ethische termen kan je zeggen: wij keken weg, om rustig verder te kunnen gaan met zondigen.

 

 

Om bijsturing van ons gedrag en ons karakter door middel van Verdieping af te kunnen wijzen.

 

Spirituele luiheid is een wijdverbreide houding geworden. Terwijl juist in solidariteit met de verzwakte medemens, in genereuze gastvrijheid het ultieme appel én het diepste doel van het Leven schuilt.

 

Wie dat ‘helpen’ als leidraad neemt, schept voor zichzelf waardevolle kansen op het dan toch mogen ervaren van de hoogste emotie: “ de ongrijpbare Vreugde” (“La joie imprenable”, Lytta Basset, Zwitserse pastoraaltheologe met speciale aandacht voor het slachtoffer). Evangelische parabels blijven intussen richtsnoeren voor dieper begrip van de tijden: de historicus ziet hoe het Oude Continent al gedurende meer dan twee eeuwen de boodschap van het verhaal over de ontmoeting van Maria en Martha met Jezus radicaal heeft genegeerd: wij gingen rücksichtslos de weg van de haastig actieve Martha op, terwijl het beste deel altijd zal bestaan in samen ontmoeting laten gebeuren. In “keutelen – to fart away” (Kurt Vonnegut). In lichte, gewoon-vriendelijke dagelijkse contacten met buurtgenoten, passanten en wie ons thuis nabij is.

 

Als wij het contact met de vluchtelingen zullen aangaan, krijgen wij onschatbare kansen op het vergroten van onze Zelfkennis, wat de sleutel tot Wijsheid is, en dus tot een meer geslaagd leven.

 

Als wij zullen delen wat wij hebben, krijgen wij krachtige kansen op Godsontmoeting. Die komt er alleen als wij leven in Absolute Soberheid, zo benadrukt André Chouraqui, religieus genie, vertaler van Bijbel én Koran, met Joodse, Arabische en Franse wortels).

 

Le ciel, c’est des relations célestes

 

– De hemel, dat zijn hemelse relaties hier op aarde

 

(Lytta Basset)

 

 

Aandacht, warme werkelijke nabijheid en steunende zorg geven aan elkaar, is dat niet het meest wezenlijke doel van de gezonde mens? “Het oog van de meester maakt het paard vet” (= welvarend, sterk, gezond) zegt de moedertaal. Kijk hoe het kinderen vergaat tijdens de wondere, positieve dynamiek van opgroeien. Kijk naar het verschil tussen kinderen die de boodschap krijgen “jij bent minderwaardig, ik wijs jou af” tegenover deze die zich geliefd en verzorgd, gewaardeerd weten.

 

Liefde werkt

Liefde brengt op. Dat mogen wij geloven. Menselijke warmte is de grootste kracht. Het is met menselijke warmte als met de uitzettingskracht door warmte in de natuurkunde: deze kracht lijkt klein en traag, maar ze is onstuitbaar.

 

Was het beschavingsproject van Europa niet in grote mate een toren-van-Babel-verhaal geworden: wanhopig-actief en gekenmerkt door overmoed? De verdelende en verwarring stichtende krachten namen exponentieel toe. Wij liepen vast. In gebrek aan verbondenheid, eenzaamheid, en in onmenselijke complexiteit veroorzaakt door harde wetenschap gesteund door commercieel kapitaal. Bijvoorbeeld in de snel oprukkende “geneeskunde”, die meer en meer emotionele problemen veroorzaakt, omdat zij vaste grond mist door gebrek aan een moreel kompas dat nog volgt. De migratiecrisis kan, als wij er goed mee om gaan, een gedroomde kans bieden weer het Goede Spoor te vinden. Samen, Soberder én met meer plaats voor Stilte (de 3 originele waarden van de groene beweging in Vlaanderen). Less is more.

 

De aanzwellende Golf Vreemdelingen biedt zowaar kansen om ‘mensen te redden’. Is dat niet de hoogste vorm van “arbeid” die denkbaar is?

 

“Wie één mens heeft gered, heeft de mensheid gered” stelt de Talmoed terecht. Daaraan werken, is dat niet de enige werkelijke maatschappelijke en persoonlijke Vooruitgang? Zelf heb ik letterlijk verscheidene mensen gered, in familiekring en als hulpverlener. In de opvang van bellers met acute zelfmoordplannen. Dat soort werk blijkt bron van ware Vervulling.

 

De Eenzaamheid als hulpverlener drijft je wortels dieper

de aarde in

en breekt je dorre takken af

 

(naar Kahlil Gibran in “De profeet”)

 

 

Europa, jubel nu de Vreemdeling komt, want

 

“Celui qui me dérange, éveille en moi la vie!

 

– De persoon die mij verstoort, wekt het Leven in mij op!”

(Jean Vanier, stichter van de Arkgemeenschappen en Templetonprijswinnaar 2015).

 

Deze crisis biedt ons een kans op het hervinden van diepgang. Op het herontdekken van de diepere Betekenissen van het Leven. Karakter vormt zich in de stroom van het leven. Hebben de bomen met de diepste wortels niet de beste kansen de stormen eigen aan het leven te doorstaan en trotse eeuwelingen te worden?

 

 Voor sommigen zal mijn relaas heel positief klinken, bijna niet te geloven. Daarbij moet ik opmerken dat het geschreven is als 52-jarige, na intense intermittente jaren van samen leven met mensen van heel diverse afkomst: Congolezen, Chinezen, Kameroenezen, Amerikanen, Duitsers, Togolezen, Ghanezen, Nepalezen, Japanners, Vlamingen, Walen, Nederlanders, Italianen, Russen, Polen, Sloveniërs, Antwerpenaren… soms hier bij ons, soms in hun landen van herkomst. Mijn opvattingen over de waarde van uitwisseling door osmose met vreemdelingen steunt ook op de doorgedreven studie van exotische en vaak fascinerende volkeren zoals de Inuit, de Mongolen, de Japanners, de Amerikanen, de Noord- en Zuidamerikaanse Indianen, de Kung San!, de Yaka (Congo), de Yanomami…

 

Het samenleven met heel andere mensen maakt het leven intenser. Daardoor wordt het rijker, maar ook wel (tijdelijk) zwaarder, dat valt niet te ontkennen. Mijn ervaring is, de problematische dagen nemen vaak toe, maar ook de dagen van heerlijk thuiskomen in het leven, van thuiskomen bij elkaar én bij jezelf.

 

Er zijn geen “gemakkelijke oplossingen” in het leven van de mens.

 

Stef Hublou Solfrian

 

PS. Lees met het oog op de actualiteit de notities bij DeWereldMorgen die ik schreef onder de titel “De mysterieuze meerwaarde van de migrant” (1) en (2) nadat partijvoorzitter  Bart De Wever de vraag had gesteld, “Wat zou de meerwaarde van migranten kunnen zijn?”.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!