De toekomst volgens Distel en Koreander

De toekomst volgens Distel en Koreander

zaterdag 9 juli 2016 14:36



Onderschrift

In ‘De kronieken van Distel en Koreander’ 454 blz.wordt een scenario ontwikkeld dat uiteraard fictief is. De hoofdstukken 50-54 geven een indruk van de werkzaamheden die volgens Distel en Koreander tijdens de eerste 100 jaar nodig zullen zijn om een paradijslijke wereld op te bouwen waar alles groeit naar bevrijdende perfectie.U kunt vanuit uw inzichten en waarden een ander scenario opbouwen. Dat zou  heel boeiend kunnen worden. U bent alvast uitgenodigd. Een redactioneel artikel over de roman en meer info vindt u op www.facebook.com/jan.driesen/DistelKoreander

 

     50. City farming, waarom niet?

     51. ontwikkeling van energiebronnen

     53.  Het eerste wereldcongres              

     54. Het vegetarisme geïmplementeerd

    55. Satellietnavigatie en het fruitbomenverhaal

    56.Het jaar 72 nieuwe tijd                      57. Hebranto, de eenheidstaal              

58. Wetenschappelijk onderzoek in de koelkast        

50. City farming

 ‘Hoewel groenten en fruit in open veld, met zonlicht worden gekweekt, de Schepper heeft ons daarom liefdevol de zon ter beschikking gesteld om er van te genieten en er ons voordeel mee te doen, is er toch besloten om aan stadsfarming te doen. Waarom moest dat nu zo hoognodig?’

Distel begreep de instelling van Koreander maar al te goed, eigenlijk dacht hij er net zo over. ‘Wel Koreander, het Coördinerend Centrum heeft dit besloten met het oog op de opstanding van honderden miljoenen mensen en hun nood aan verse groenten. Hoe lang deze nieuwe aanpak zal duren is voorlopig onduidelijk. Maar aangezien de Hemelse Regering en het Coördinerend Centrum ons deze suggesties hebben gegeven, zijn we blij dat we hieraan kunnen voldoen en Zijn zegen kunnen verwachten. Een sterke leiding tijdens de eerste eeuwen van het millennium is onmisbaar om een wereldwijde eenheid te creëren en het einddoel te bereiken. We zitten in een duizendjarig project om met allen en alles tot volmaaktheid te groeien en daarna zullen we zelf de richting van onze ontwikkeling in overleg mogen bepalen.’

Dit cityfarm-project maakt gebruik van led-technologie in gesloten klimaatkamers. De teelt is daarom niet meer afhankelijk van zonlicht waardoor gewassen in gesloten ruimtes kunnen worden geproduceerd. Leegstaande fabriekshallen, kantoren en metrostelsels krijgen een nieuwe bestemming en groenten en fruit kunnen dichtbij of in de stad worden geteeld.

‘Een fascinerende ontwikkeling’, zegt Eva Roels, de coördinator. ‘Natuurkundigen hebben een nieuwe technologie ontwikkeld die door biologen en telers is opgepikt. Energie-efficiënte ledlampen bieden interessante mogelijkheden voor de tuinders en hightech organisaties.’ Filps Horticulture ontwikkelde daarvoor lichtrecepten. Een onderzoeksgroep van bio-ingenieurs werkte aan de ontwikkeling van nieuwe rassen, die zouden voldoen aan de eisen van het telen in gesloten ruimtes.

Distel was een pleitbezorger van deze kweekmethode. ‘In het oude gebouw van Maartensdal, in het centrum van Leuven, produceert de ‘Groenboerderij’ in moderne teelttorens sla, kool, spinazie, tomaten en verschillende kruiden. Elke verdieping is drie meter vijftig hoog en is uitgerust met 6 lagen aan productieoppervlakte, boven elkaar. Er komt geen zand aan te pas, een minimum aan water omdat de wortels in water met de juiste voedingssamenstelling staan. Boven het gewas branden rode en blauwe led-lampen. Om de twee weken wordt er geoogst en de groenten en kruiden worden op de vrijdagmarkt ter beschikking gesteld. Lubbeek, Pellenberg en Herent, blijven onze graanbelt. Uien, prei en selder worden al jaren in Kessel-Lo en Heverlee geteeld. Aanplantingen naast de Bondgenotenlaan en de invalswegen naar het centrum leveren appels, peren en pruimen. En je mag ook niet vergeten, Koreander, dat elke familie een eigen tuin kan uitbouwen waarin specialiteiten kunnen worden gekweekt: van aardperen naar zoete aardappels, asperges en kervel of wat dan ook.’

De nieuwe afdeling Flips Horticultural Lighting werkt al een tijd aan de zogenaamde lichtrecepten voor de teelt van planten.

Eva Roels: ‘De voordelen van led-belichting voor de tuinbouw zijn groot. Voorheen werden gewassen in kassen in de winter met natriumlampen bijgelicht om het tekort aan zonlicht te compenseren. Deze lampen zijn echter niet energiezuinig en hebben een veel breder lichtspectrum dan wat planten strikt nodig hebben voor hun groei. Met leds kunnen planten nu op een energiezuinige manier een optimale lichtkleur-samenstelling krijgen.’

Koreander:Dankzij led-belichting passen veel meer planten op een vierkante meter door deze in meerdere lagen boven elkaar te zetten. Ziet u nog andere voordelen?’

Eva: ‘Ja, nog een voordeel is dat in een gesloten ruimte ziekten en plagen buiten de deur worden gehouden en dat er daarom geen chemische middelen nodig zijn voor gewasbescherming. Tot slot maakt de teelt in gesloten ruimtes het mogelijk om groenten en fruit te produceren dichtbij waar mensen wonen. De transportafstanden zijn korter en daardoor is de co2-footprint laag en zijn de verliezen minder. De afstand tot de markt in Leuven is nog geen vijfhonderd meter en die in Heverlee net geen twee kilometer. ’We richten ons op de Groot-Leuvense bevolking, dicht bij de productieboerderij die ondertussen al volledig gerobotiseerd is. Broeders doen nog wel het wetenschappelijk onderzoek naar betere rassen en kweekmethoden.’

Koreander: ‘Jaren geleden, in de oude wereld, was er al een tendens om stadsteelt te promoten. Gaat dit initiatief in dezelfde richting?’

‘Wereldwijd was er in die periode veel belangstelling.

In de Verenigde Staten was vers, gezond en veilig eten de trend. Met groenten die lokaal in klimaatkamers zijn geteeld, gaat ‘Cityfarming Maartensdal’ hierop verder. In Japan leefde sinds de aardbeving in Fukushima de wens om los van de grond te telen. De Japanners pakten het industrieel aan en ontwikkelden in de grote steden zogenaamde plantfabrieken. Soms werd de dakoppervlakte van hele industriële wijken als landbouwgrond ingericht.’

‘Telen in gesloten ruimtes zonder zonlicht stelt nieuwe eisen aan de gewassen’, legt Eva uit. ‘Je kunt daarbij denken aan meer opgaande slatypes, planten met bladeren die verticaal groeien zodat er nog meer planten per vierkante meter passen. Ook is het mogelijk om gewassen te telen met hogere gehaltes aan gezonde bestanddelen, zoals vitamines, of met een betere smaak. Het combineren van deze eigenschappen met de lichtomstandigheden is een nieuwe benadering voor veredelaars en zaadbedrijven. Er moeten veel nieuwe rassen worden ontwikkeld en het ontwikkelcentrum kan hen daarbij ondersteunen met efficiënte veredeling- en selectiemethodes.

In een volledig geautomatiseerde kas kan plantengroei en -ontwikkeling worden geanalyseerd in relatie tot de genetische eigenschappen en de kweekomstandigheden. Er wordt daarbij gebruik gemaakt van beeldanalyse met camera’s en van geavanceerde rekenmodellen om de grote hoeveelheid data te analyseren.

‘Binnenkort beschikken we hier ook over een afdeling met led-lampen’, vertelt Van Tunen. ‘Nieuwe rassen kunnen daar efficiënt worden gescreend op hun geschiktheid voor telen in gesloten ruimtes. Met onze kennis van genomics in combinatie met bio-informatica kunnen we de veredeling versnellen. City farming is ondertussen een vaste waarde geworden en de broeders hebben er zaak van gemaakt om geschikte rassen beschikbaar te stellen.’ De combinatie tussen ‘city farming” en “agrogenetica” zijn typische voorbeelden van grensoverschrijdende ontwikkelingen in de wetenschap. ‘Je ziet het steeds vaker: hightech-organisaties werken met biologen en veredelaars. Teeltbedrijven werken steeds vaker met informatici. Wij verwachten de komende jaren veel van disruptieve innovaties, zoals de ontwikkeling van krachtiger leds en het gebruik van big data in de tuinbouw. Verschillende disciplines komen zo samen en dat maakt baanbrekende innovaties mogelijk.’ Eva Roels toonde een presentatie over led.

Leds hebben een aantal voordelen ten opzichte van andere lichtbronnen. De lampen zijn heel efficiënt in energieverbruik en ze hebben een veel langere levensduur dan traditionele lampen. Bovendien zijn leds erg klein en kunnen ze in allerlei kleuren worden geleverd. Voor de groei van planten heeft dit laatste het voordeel dat er ‘lichtrecepten’ kunnen worden ontwikkeld. Planten gebruiken namelijk vooral de rode golflengtes uit het zonlicht om te kunnen groeien. Daarnaast gebruiken ze ook een beetje blauw licht, afhankelijk van het gewas en ras. Voor de meeste gewassen is de optimale verhouding tussen rood en blauw licht ongeveer 90 procent rood en 10 procent blauw. Stilaan begrijpen we beter hoe de Schepper de schepping heeft verricht en hoe de samenhangen zijn. Superboeiend.’

‘Bedankt Eva, je hebt dat geweldig uitgelegd, misschien wil je dat ook in de Vijfjarige Basisopleiding komen vertellen, dat zou beslist een meerwaarde zijn?’ Distel merkte het terloops op, uitnodigend en zeker niet dwingend.

‘Dat is geweldig, Distel, ja natuurlijk doe ik dat. Geef me maar een seintje tegen wanneer precies.’ Distel lachte omwille van dit spontane aanbod, dat zou tof worden. ‘Dankjewel Eva.’ Onderwijs ontwikkelen in deze omstandigheden is niet moeilijk: de bereidheid van de gastleraren om mee te werken is heel groot. Na een drankje namen ze afscheid van de onderzoekers. Er liep net een volautomatische bestelwagen binnen die door de logistieke robots werd volgeladen met sla, andijvie en courgettes. Er kwamen geen mensen aan te pas, enkel een halftijdse vrijwilliger, die vanachter een scherm het geheel observeerde.

  1. Ontwikkeling van energiebronnen

Wind, water en zonlicht zijn milieuvriendelijke energiebronnen, in tegenstelling tot fossiele brandstoffen, die onze leefomgeving vervuilen. Kernenergie is dan weer interessanter maar gevaarlijker en moeilijker te beheersen, en ook met de verwijdering of verwerking van de radioactieve afvalstoffen is de mensheid nog niet klaar. Ondanks de overstromingen die stuwdammen te weeg kunnen brengen en de visuele en auditieve vervuiling van moderne windturbines blijven de water- en windkracht voorlopig overeind.’ Zonlicht lijkt dan wel de toekomst te hebben, alvast tot de tijd aanbreekt dat de wetenschap andere, tot noch toe minder bekende energieleveranciers naar voor schuift. Vanaf dan zal Gods geest wetenschappers in een bepaalde richting kunnen sturen. Zo zou bijvoorbeeld een klein zwart gat als energiebron kunnen dienen. Theoretisch althans.

Toen John Wheeler eind de jaren zestig, het begrip ‘zwart gat’ de wereld instuurde, kon hij niet voorzien dat dit zo inspirerend zou werken. Hij had begrepen dat als de brandstof van een zware ster opraakt, deze de druk van de zwaartekracht niet langer zou kunnen weerstaan zodat de kern implodeert en een leeg stuk ruimte achter laat, vandaar de benaming ‘gat’. Doordat het licht van een krimpende ster door de tijdvertraging steeds langzamer gaat trillen, wordt zijn frequentie steeds lager. Dit geeft een rode kleur. Een zwart gat is een gebied van ruimte-tijd waaruit niets kan ontsnappen, zelfs licht niet. Aangezien een lichaam in een kleiner en kleiner volume wordt verpletterd, worden de gravitatiekrachten, en de vluchtsnelheid groter. Uiteindelijk wordt een punt bereikt waarbij zelfs licht, dat bij 300 000 kilometer per seconde reist, niet snel genoeg meer is om te ontsnappen. Op dit punt kan niets meer ontsnappen aangezien niets sneller dan licht kan reizen. Totdat de ster uiteindelijk uitdooft als de houtskool van een dovend haardvuur. Helemaal ‘zwart’.

Stephen Hawking dacht hierover verder:

‘Since most black holes are thought to form from collapsed stars and are very massive, they give off very little radiation. However, a smaller hole (on the order of only a few billion tons) would radiate a great deal more, making it an excellent power source for an advanced civilization.’

Distel ging verder: ‘Als we in de toekomst nu eens een zwart gat konden opsporen of zelf creëren, ter grootte van een flinke berg en die in een orbitraal rond de aarde laten draaien, zoals de maan dat doet, en de energie die hierdoor vrij komt kan worden opgevangen, dan zal een dergelijk zwart gat in alle energiebehoeften van de mensheid kunnen voorzien.’

Jeffrey en Mylliz klapten in de handen. ’Dat heb je mooi gezegd, professor Distel.’

Koreander wilde niet zover nadenken: ‘Geef mij maar de zon, dat lijkt me veiliger. Zwarte gaten moeten van me af blijven, ik vertrouw ze niet.’ Hoe dan ook, hier eindigde de voorstelling.

‘Iemand zou wat eten moeten klaarmaken en de tafel dekken’, merkte Emma Wittgenstein op. ‘De buren zijn uitgenodigd, er zal muziek gemaakt worden, liederen gezongen en een stuk uit de Bijbel wordt uitgebeeld in mime door enkele gasten uit Griekenland. Ze logeren bij de buren. Zullen we dan maar?’ Koreander nam de leiding.

  1. Het eerste Millennium-wereldcongres

In het jaar 24 van de nieuwe tijdrekening werd met de overlevende leden van de Grote Schare een wereldconferentie gehouden onder voorzitterschap van het Coördinerend Centrum in New York. In het nieuwe centrum in Warwick werden de online aandelen voorbereid, waarna ze over heel de aarde werden gestreamd naar koninkrijkszalen, congreshallen en andere grote zalen. De inhoud van de nieuwe rollen stond centraal in het programma: regels en principes die in het millennium van kracht zouden zijn en waarop Jehovah’s geest rustte, zoals zijn geest ook rustte op de Bijbel. Het programma was divers en liep over zeven volle dagen. De inhouden werden online op de Koninkrijkswebsite bewaard en van daaruit verwerkt in een gekoppelde elektronische leeromgeving. Deze zou voor alle opgestane doden, vanaf het jaar 40 n.t. worden gebruikt in onder andere de Vijfjarige Basisopleiding, maar ook in de wekelijkse gemeentevergaderingen, dit in de zin van de WTLibrary-app maar dan wat uitgebreider en met interactiemogelijkheid met de opleiders. De thema’s voldeden aan een grote behoefte bij aanbidders die het einde overleefd hadden. Vanaf het jaar 12 werden op de gemeentesamenkomsten lessen Hebranto gegeven. Hebranto was de nieuwe wereldtaal die God in het hart van mensen had gelegd. Het was een basistaal die nog moest opgevuld worden met nieuwe woorden voor allerlei voorwerpen, situaties en activiteiten. Een aantal begaafde taalleraren hadden een basis uitgewerkt en gaven deze basiscursussen in online lessen op de website. Ze konden in de elektronische leeromgeving worden geoefend, zowel geschreven als gesproken. Tegen de aanvang van het wereldcongres was het Hebranto al gemeengoed geworden bij alle overlevenden van de Grote Schare. Het was verwonderlijk dat de taal zo gemakkelijk geleerd werd, mede natuurlijk door het hoge IQ van alle leerlingen, hun perfecte lichamelijke toestand en de stuwende kracht van Gods geest. Zo kon het eerste wereldcongres van de nieuwe tijd georgani- seerd worden. Voedsel te rechter tijd.

Dag 1

Overzicht van de gebeurtenissen in de Grote Verdrukking en Armageddon en hoe Jehovah’s hand zichtbaar was geweest. Wat was er in de periode van de eerste twintig jaar plaatselijk gedaan. Een overzicht van de toestand van de steden en de woongebieden. Getuigenissen van over heel de wereld. Regels in verband met het gebruik van de gespaarde bezittingen van mensen die waren omgekomen.

Dag 2

De eenheidstaal: het Hebranto en waarom en hoe deze taal zou gebruikt worden. De grammaticaregels, de syntaxis en de basiswoordenschat van vijfduizend woorden werden wereldwijd voorgesteld, mede om de eenheid te benadrukken. Elk volk en elke taalgroep zullen de basistaal mogen verrijken met uitdrukkingen die plaatselijk in gebruik zijn genomen en die als waardevol voor de mensheid werden beoordeeld. In de elektronische leeromgeving was een ruimte voorzien om nieuwe woorden en zegswijzen in te geven. Bij aanvaarding door een taalcommissie werden ze toegevoegd aan de vijfduizend basiswoorden.

Dag 3

De aanbidding: Voorstelling van de nieuwe ‘leven en dienen’-vergadering in het Hebranto. Het onderwijzen van opgestane mensen en de relatie tussen de Nieuwe Rollen en de Bijbel.

Voorstelling van een nieuw studiehulpmiddel voor de nieuwe rollen in boekvorm en interactief op de site.

Gebruik van Koninkrijkszalen en congreshallen.

Ochtendaanbidding en het lezen van de Bijbel.

Dag 4

Volmaaktheid nastreven in de toepassing van de vrucht van Gods geest. De nieuwe persoonlijkheid met nieuwe eigenschappen en instellingen. Het denken zuiver maken voor aanbidding. Communicatievaardigheden ontwikkelen: spreken, luisteren, vragen stellen, presenteren, empathie.

Dag 5

Verandering in de relaties tussen man en vrouw. Kinderen opvoeden, seksualiteit en samenwonen, familiebanden. Soorten liefde, vergeven en geduld.

Dag 6

Het onderwijssysteem van de nieuwe wereld. Basiscursus, hoger onderwijs, innovatie, wetenschappelijk onderzoek. Opleiding in het gezin, in de koninkrijkszaal op het internet.

Dag 7

Van winsteconomie naar geefeconomie. De geefcultuur. Liefde, geven, gehoorzamen en vreugde; dit zijn de basiswaarden tegenover de medemens en Jehovah. Iedereen stopt met dingen voor zichzelf te zoeken maar acht de ander superieur aan zichzelf en zoekt manieren om iets te kunnen doen of geven aan zijn broeders en zusters.

Koreander, als onderwijs- en communicatiespecialist, voelde zich uitermate gelukkig met dit programma. Ze wou er geen woord van missen: ‘Distel, ik heb begrepen dat vanaf volgend jaar alle officiële communicatie in het Hebranto zal verlopen, maar hoe zullen onze vrienden die pas later uit de dood terugkomen die taal zo vlug kunnen begrijpen? Ik kan er mij wel iets bij voorstellen maar ik weet niet of dat zomaar kan. In ieder geval, dit wereldcongres zal heel veel betekenen om het werk in eenheid op gang te brengen.’ Distel was het volledig eens.

‘Lieverd, ik heb nog een vraagje: ‘Als onderdeel van dag zeven werd beslist over een mogelijk satellietnavigatiesysteem. Ik was er niet met mijn hoofd bij, waarover had de spreker het eigenlijk? Ik heb me daar nooit voor geïnteresseerd.’ Ze lachte wat ondeugend wat haar nog mooier maakte in het gouden avondlicht. Distel kuste haar zacht en de duisternis viel als een gekloste kanten doek over het land van Leuven.

Veel stadsgedeelten waren, in Leuven net als in andere steden, ondertussen opgeruimd, het Tafelrond en het Stadhuis waren gespaard, evenals de panden van het Moorinneken tot de Gambrinus. De St.Pieterskerk was geïmplodeerd, evenals de huizen van de Brusselsestraat tot aan de Ridderstraat. Heel het blok van de Mechelsestraat en de Brouwerstaat was verdwenen evenals de kant van de Bondgenotenlaan en de Diestsestraat met de woonwijk erachter, tot de Van Monsstraat, de Minckelersstraat en een deel van Maartensdal. Eigenlijk was er een groot grasveld met wandelpaden en vruchtbomen gecreëerd tussen het stadhuis, de Ridderstraat, en de TweeWaters, bij een eerste indruk leek het op een natuurgebied. Het station stond nog recht en het Martelarenplein. De duizend zeshonderd bussen die elke dag over de Bondgenotenlaan gierden waren verdwenen. De overdekte ruimte stond vol met elektrische fietsen en paarden met koetsen aan de andere kant.

Komende van het station was de Bondgenotenlaan rechts beplant met appelbomen en daarachter, op het grote grasveld, waren peren-, pruimen, en kersenbomen aangeplant. Kippen liepen vrij rond op het gras en paarden werden verzorgd door bewoners en reizigers. Geen stress, geen lawaai, enkel lachende mensen en hinnikende paarden.

Aan de kant van het vroegere Inbev waren kleine fabrieken gevestigd, niet vervuilend en geassorteerd met het milieu. Inbev was gereduceerd tot een stadsbrouwerij, de grote productiegebouwen waren gesloopt.

Er leefden bij de aanvang van het millennium slechts vierhonderd mensen in het Leuvense, later in de eerste en tweede opstandingperiode werd dit aantal met nog eens drieduizend mensen aangevuld. Daarna zou het totale aantal tot vijfduizend aangroeien of iets minder dan vijf percent van de bevolking van voor de Grote Verdrukking. In de andere steden had zich eenzelfde opruiming voltrokken. Het stadsleven was aangenaam en rustig geworden met veel gratis cultuur in het centrum. Mensen kwamen voor de aanbidding, voor zaken of inkopen en amusement met de trein naar de stad en bleven er voor de lunch. Elektrische fietsen met een krachtige motor die tot 200 km bereik hadden domineerden de wegen. Geen auto’s, geen vrachtwagens in die eerste decennia. De stad bereidde zich voor op de opvang van de doden die na hun opstanding in de stad een basiscursus volgden en logies zochten.

  1. Het vegetarisme geïmplementeerd

De mensheid voelde elke dag de vrede en veiligheid toenemen, zoals lang tevoren in psalmen voorzegd was: ‘En de goddeloze zal er niet meer zijn. En zij die de aarde bezitten zullen hun heerlijke verrukking vinden in een overvloed van vrede.’ Dit uitte zich ook in de voedingsgewoonten.

Om het wereldwijde VeganFood-project te ondersteunen werd in elke stad een proefrestaurant opgericht waar vegetarische gerechten werden voorgesteld en van kooktips voorzien, geïnteresseerden konden elke week komen koken en de basisvaardigheden voor vegetarisch koken aanleren.

In het jaar 30 n.t. was de website Veganfood opgestart, een kook- en infosite over voedingsmiddelen en gezondheid. De bedoeling van het Coördinerend Centrum in New York was alle geselecteerde informatie over voedingsmiddelen en gerechten voor te stellen en de broeders en zusters op te leiden in de productie en verwerking van gezonde voedingsproducten. Aangezien er geen commerciële activiteiten meer waren toegelaten en warenhuizen, die in het verleden honderden concurrerende producten hadden aangeboden verwijderd werden, was er nood aan een digitaal centrum dat zelfproductie van groenten en fruit en een vegetarische eetcultuur zou ondersteunen. Zo zou gezond, milieusparend en lekker koken wereldwijd mogelijk worden. Vlees zou meteen afgebouwd worden. Degenen die uit de opstanding terugkeerden zouden een stevige basis krijgen om deze eetcultuur over te nemen.

Leven uit de rivieren en de zee kon tot nader order nog worden gebruikt. Met tien miljoen aanbidders was het massaal vernietigen van alle vleesproductie eigenlijk heel normaal. Als er geen vraag meer is hebben kippen, runder- en varkenskwekerijen geen reden van bestaan meer. De Hemelse regering kwam hier rechtstreeks ter hulp door wereldwijd de grote kweek-, kloon-, en slachtbedrijven te laten imploderen waardoor de oorspronkelijke grond weer beschikbaar kwam voor tuinbouw of een beperkte intensieve veeteelt. Een zelfde procedé dat al toegepast was op religieuze, militaire en ziekenhuisgebouwen. Ook woonkazernes en sloppenwijken, trotse wolkenkrabbers en kernreactoren werden op dezelfde manier opgeruimd, waardoor ook vervuilende stoffen op een milieuvriendelijke manier werden verwijderd.

Het Veganproject was mondiaal van opzet, wereldwijd was er inbreng uit de verschillende culturen en deze werden in het Hebranto, de nieuwe eenheidstaal, ter beschikking gesteld. Het voordeel van een wereldwijde kooksite en de eenheidstaal was duidelijk: Iedereen kon geven aan vrienden van over heel de wereld en zo belangstelling en liefde tonen, en iedereen kon genieten van de liefdevolle suggesties en de kennis van alle andere bewoners. Dat China, Thailand en Italië in het begin de meeste inbreng hadden, wekte geen verbazing. Maar tijdens de eerste honderd jaar werd vooral gewaakt over de dynamiek van de elektronische omgeving, dat ze voortdurend, progressief in ontwikkeling bleef. In het ontwikkelcentrum zouden heel wat webmasters en teams nodig zijn om de informatie bereikbaar en ordelijk op te slaan. De programmeurs gebruikten hun, in de oude wereld opgedane, kennis en ontwikkelden systemen waaraan door vrijwilligers van over heel de wereld kon gewerkt worden in een nieuwe open source programmeertaal NEW, die elementen van Php-7 , Go, Dart en Opa gebruikt, zowel bruikbaar voor de serverkant als de cliëntkant. NEW zou ook in de Vijfjarige Basiscursus worden opgenomen vanuit het idee dat iedere bewoner kennis moest hebben van de basistechnologie van het gebruikte systeem en daarover kon waken. Doordat de menselijke soort een volmaakt fysiek lichaam en volmaakte hersenstructuren ter beschikking kreeg, waardoor de intelligentiegroei snel tot tweehonderd IQ opliep, werden bekwaamheden dan ook moeiteloos aangeleerd. Ondertussen dreef de werkzame kracht van de Schepper iedereen aan zodat elke verwachting ruim overtroffen werd. Opmerkelijk hierbij was dat alle bewoners in diezelfde geest bleven wandelen, zonder af te wijken, wereldwijd in eenheid verbonden. Dit soort eenheid was ongezien in de menselijke geschiedenis. Sommigen herinnerden zich nog de tijd, niet eens veertig jaar geleden, dat vegetariërs op restaurant genoegen moesten nemen met een extra blad salade ter vervanging van vlees of vis, en dat elke drukbevolkte stad genoegen moest nemen met enkele alternatieve vegan restaurants, die verre van lekker waren. Biologische boerderijen kampten met insectenplagen en slechte weersomstandigheden, en hoewel ze biologisch beweerden te kweken, lagen hun tuinen op vervuilde bodem, met vervuild regenwater en vervuilde lucht die van ver uit de steden en industriezones aan kwam waaien, zoals de ramp van Tsjernobyl, ten zuiden van Kiev, waar een reactor ontplofte en de radioactieve wolk over een groot deel van de aarde door luchtstromen werd voortgedreven, pas boven Scandinavië werd ze voor het eerst opgemerkt. Deze milieuvervuiling was ondertussen helemaal opgeruimd, veelal door het rechtstreekse ingrijpen van de Hemelse Regering.

In Vlaanderen was het VeganFood-project krachtig ondersteund. Voor de Grote Verdrukking waren er in Vlaanderen ook al initiatieven als ‘Dagen Zonder Vlees’, die niet het verhoopte succes hadden, en dit om een aantal redenen: ten eerste omdat de toprestaurants nog altijd met vlees, gevogelte en vis werkten en daarmee hoog scoorden op de gidsen van Michelin en Gault Millau, die toch als hoogste standaard golden. Het was opmerkelijk dat het visuele aspect van de vegetarische schotels lange tijd in het nadeel van groenten en fruit werkte. Vegetarisch werd doorsnee minder mooi voorgesteld. Esthetiek leek voor vlees- en visschotels voorbehouden, daar zaten de garnituurgoeroes. Ten tweede was ook in de dagelijkse keuken vegetarisch koken nog niet ingeburgerd: enerzijds knapten velen af op de angst voor het ontberen van de dagelijkse dosis proteïnen en anderzijds was er de luiheid, de weg van de minste weerstand, doordat winkelrekken, diepvriezers, slagers en viswinkels, vlees en vis voor het grijpen legden. Als je deze drempels al overwonnen had, dan was er de onvermijdelijke groentesteak en de imitaties van worsten en spekjes, die in smaak niet met het origineel konden concurreren. Overschakelen naar vegetarisch was in die dagen niet vanzelfsprekend. Pas in het Millennium werd dit plots wel mogelijk doordat de bewoners zich gewillig lieten leiden door de geest en het hele socio-economisch systeem onmiddellijk de noden volgde: gereinigde gronden, geen insecticiden, geen kunstmest, plaatselijke kweek, en de vlotte en snelle verdeling van producten langs de markten en individuen. Het VeganFood-Project zorgde voor de vaardigheden, de kennis, de esthetiek van de schotels en de vervolmaking van de smaakcombinaties. In de oude wereld was met de richting van de ‘atomaire kookkunst’ de weg van het onderzoek ingetreden. De eigenaar van het beste restaurant ter wereld, had in andere werelddelen testrestaurants opgericht om de traditionele keukens van die continenten en landen te bestuderen en er van te leren. Dit initiatief kreeg vlug navolging. Koken werd een ware kunstvorm, maar voor een minderheid. De meerderheid was vergelijkbaar met de zondagschilders die hun werken op de dorpsfeesten voor een appel en een ei te koop aanboden en die met een nietszeggende inleidende toespraak en handengeklap werden vereerd. Mooi maar weinig inspirerend of verrassend.

Doordat vlees niet langer werd aangeboden werd de gedragsneiging tot vleesaankoop en -gebruik vlug afgeleerd, dit gecombineerd met een nieuwe instelling ten aanzien van voeding en respect voor de natuur, leidde tot een gezonde, evenwichtige voeding die alleen maar lekkerder en evenwichtiger kon worden. De toekomst zou uitwijzen dat het vegetarisch alternatief lekker en totaal voldoeningschenkend kon zijn. Trouwens, was het dit niet dat de Schepper aan Adam en Eva in Eden ter beschikking stelde, en waarvan hij zei dat het ‘goed’ was?

In Leuven, Hasselt, Gent, Brugge, Oostende, Eindhoven, Maastricht, Aken, Rijsel, Luxemburg, Luik, Namen, Charleroi, Bergen en Antwerpen werden rond het jaar 40 n.t. de eerste proefkeukens opgericht door geselecteerde vrijwilligers. De selectiecriteria waren: liefde voor gezonde, evenwichtige en lekkere voeding, een perfecte smaakherkenning, hobbykoks, onderzoekers van voedingsmiddelen, die daarbij de nodige didactische vaardigheden hadden aangeleerd om hun kennis aan hun broeders en zusters over te brengen, zowel mannen als vrouwen. Vanuit deze centra waren er proefkeukens opgestart in kleinere steden als Aarschot, Turnhout, Mechelen, Calais, Heerlen, Aarlen, Koksijde en andere. Op de website kon je volgen dat in een periode van nog geen tien jaar op alle plaatsen waar toen broeders woonden, het Veganfood-project werd gevolgd, zodat tegen het jaar 42 n.t. toen de eerste opstandingsperiode begon, de opgestane broeders en ook de ‘onrechtvaardigen’ die een opstanding waardig werden geacht, van dit systeem gebruik konden maken. Ook op de Vijfjarige Basisopleiding die iedereen diende te volgen was er een opleidingsonderdeel over voeding en vegetarisch koken. Al vlug kwamen er van over de hele wereld ideeën binnen om de Hebranto-taal te verrijken met nieuwe woorden uit de plaatselijke keukens.

Door de strenge selectie kreeg je sterk gemotiveerde medewerkers die vonden dat ze ‘de job van hun leven’ hadden gevonden. Iedereen werkte vijf halve dagen zodat namiddagen en weekends vrij bleven voor aanbidding, studie en meditatie. Bijbelstudie met familieleden die uit de opstanding waren gekomen nam nogal wat tijd in beslag, en natuurlijk gewoon gezellige omgang, het genieten van de natuur, de kunsten en het creatief omgaan met de schepping. Een nachtrust van zeven uur volstond voor de meesten om overdag optimaal te kunnen presteren. Met de kippen opstaan was een gewoonte hoewel soms een nachtraaf daar wat moeite mee had. Na tien uur ‘s avonds gingen de openbare lichten uit en werd de aarde in een zalige nachtrust gedompeld. De maan legde met gouden penseelstreken op de akkers en huizen een dun laagje goud dat amper opglansde met een gedempte warme gloed. De vogels zaten in hun nesten te dutten enkel de uil riep in het beukenbos. Een overvloed aan rust en vrede lag bedolven onder de ondoordringbare stilte, zelfs geen verre hond die het aandurfde deze te verbreke.

  1. Satellietnavigatie Galileo en het fruitbomenverhaal

‘Galileo Galilei van Pisa heeft de eer gekregen om zijn naam te mogen geven aan het satellietnavigatiesysteem dat we de volgende honderd jaar zullen gebruiken.’, ging Distel verder. Er was dan wel een nachtje over gegaan maar alles zat des te vaster in zijn voorhoofd en hij wist precies waar het gesprek afgebroken was.

Aan tafel zaten verder, Luticia en Guildo, die vroeg op bezoek waren, en ook Han en Basiel in hun trainingspak, ze werden aangetrokken door de verse geur van Braziliaanse koffie, toen ze de biehal aan het inspecteren waren. Tegenwoordig gingen zij met de zon slapen en ze stonden met de zon weer op wat een kalmerende invloed op hen had.

Distel dronk van zijn kopje koffie, zijn gezicht zag er jong en gezond uit. Bij de start van het millennium werd de wetenschappelijke en technologische ontwikkeling voor honderd jaar stilgelegd, enkel de hoognodige onderzoeksprojecten werden ondersteund. Ondertussen werd de aarde opgeharkt, in die zin dat grote religieuze en militaire gebouwen en installaties werden weggeruimd, deels door de Hemelse Regering, deels door de bewoners zelf. Het zelf produceren van antimaterie dat al voor Armageddon op gang was gebracht in CERN, was slechts een matig succes omwille van de waanzinnig hoge investering voor enkele grammen. Aangezien de Schepper bij de oerknal naast de materie ook een enorme hoeveelheid antimaterie had geschapen, was het voor Hem geen probleem om voldoende antimaterie aan te wenden om al de ongewenste materiële menselijke scheppingen te annihileren, wat een mooi woord voor ‘vernietigen’ is. De enorme energie die vrijkomt als een materiedeeltje in contact komt met een antimateriedeeltje zodat ze elkaar vernietigen, is gigantisch en werd gelukkig door de Hemelse Regering onder controle gehouden. Voor de ruimte rond de planeet, resulteerde dit in een voorjaarskuis van tienduizenden brokstukken, verouderde en onbruikbare satellieten, objecten voor militaire doeleinden en spionage, alsof de ruimte na het harken met een grote borstel van antimaterie was leeg gekeerd. De koninkrijksregering besliste om enkel de bestaande systemen die goed werkten een tijd in leven te houden. Voor een aangepast satellietnavigatiesysteem dat heel de aarde bedekte en uit vijfentwintig satellieten zou bestaan, werd niet het Amerikaanse gps of het Russische Glonass gekozen, noch het Chinese Beidou maar wel het Europese Galileo dat het meest recent tot ontwikkeling was gekomen.

Guildo had zich hierin gespecialiseerd, samen met Luticia trokken ze rond om deze opruimactie mee te coördineren en hierover te informeren aan de website. Guildo had al op jonge leeftijd zijn leven moeten laten door een agressieve kanker en op zijn sterfbed had hij beloofd terug te komen en Luticia op een wit paard te komen afhalen. En hij had zich aan zijn belofte gehouden. Toen Luticia en Distel en verschillende vrienden uit Antwerpen en Turnhout Guildo gingen verwelkomen, was hij niet op de afspraak, pas toen het duister inviel hoorden ze wild hoefgetrappel en zagen in de verte een witte hengst naderen. De ruiter was in het wit gekleed en het witte paard was zwart getuigd. Met een zwaai stapte de ruiter uit de beugels, kuste Luticia lang en intens en hijste haar op het paard, waarna hij zelf achter op sprong en in galop een toer maakte rond de opstandingplaats. Ze zagen er overgelukkig uit. Daarna had Guildo de vijfjarige basiscursus doorlopen en Luticia had hem vergezeld al was het voor haar de tweede keer, zo waren ze tenminste in de voormiddag gezellig samen. Wat later kregen ze toewijzingen in verre landen, zodat aan hun reisverlangens maximaal kon worden tegemoet gekomen. Voorlopig waren ze bij het ruimteproject betrokken.

Guildo: ‘Wisten jullie dat bij metingen van de Galileosignalen een bijzondere rol werd weggelegd voor het ESA-centrum in Redu, in de Belgische provincie Luxemburg. De vijfentwintig satellieten gingen om beurten, over een periode van 10 jaar, de ruimte in en eenmaal veilig aangekomen in hun baan om de aarde, werden hun systemen ingeschakeld. De satellieten draaiden in drie baanvlakken. Per baanvlak waren er twee actieve reserve-exemplaren voorzien, die onmiddellijk konden ingeschakeld worden als een satelliet niet naar behoren functioneerde. Een aantal geselecteerde satellieten van andere systemen, die al rond de aarde toerden, werden voorlopig in de ruimte gehouden ingeval dat één van de actieve satellieten uit zou vallen. Met deze aanpak zou het satellietnavigatiesysteem Galileo wel 120 jaar kunnen blijven functioneren in plaats van de vroeger berekende 12 jaar. De schotelantennes en de controlegebouwen zoals in Redu, in Nederland en Duitsland werden behouden. Na honderd- twintig jaar zal geëvalueerd worden welk systeem voor de volgende duizend jaar zal gebruikt worden en hoe dit kan gelanceerd worden, indien het überhaupt nog nodig zou zijn.’ Koreander legde haar tablet naast de warme appelcake die de buur had binnengebracht en in de keuken geurde de koffie die Lou en Mylliz hadden gezet. Lou zag er met haar mixed huidskleur en golvend zwart haar uit als een prinses, van Zanzibar of toch ergens in die buurt. Hun kleindochter leek veel op haar moeder. Ze lachte uitbundig bij het opdienen en iedereen kon niet anders dan mee lachen om haar gekke opmerkingen.

Jeffrey stond op: ‘Zeg Guildo, je verhaal impliceert wel dat de herstart van de ruimtevaart, later in het millennium, zou heroverwogen worden. Is daar al iets over bekend gemaakt?’

Guildo: ‘Nee, nog niet. Maar je hebt gelijk, ik verwacht hierover informatie op de website. Je mag niet vergeten, Jeffrey, dat we nog maar in het jaar 25 n.t. zijn en dat het wetenschappelijk onderzoek voor honderd jaar is opgeschort. Wat ons nu meer interesseert is onze voeding en het voorbereiden van de noden van de velen die met de opstanding terug zullen komen. Hoewel de onlangs weer in gebruik genomen gronden nu gezuiverd zijn van vervuiling en extra vruchtbaar gemaakt zijn, is er toch nog wat te verbeteren, zeker met het oog op de massale opstanding die we verwachten. In 42 n.t. zal de eerste golf beginnen met de laatst gestorven generatie van voor Armageddon. Ons huidige bewonersaantal zal vlug verdubbelen en nog eens verdubbelen, en wat gaan onze vrienden eten?‘

Mylliz: ‘In China, India en Noord-Italië wordt rijst geteeld en dat kan volstaan voor de eerste honderd jaar. Europa en Noord-Amerika wordt nu bezaaid met gerst, tarwe en maïs. De genetisch gemanipuleerde zaden zijn voorlopig vernietigd wegens een tekort aan onderzoek op onwenselijke gevolgen. Wellicht dat dit later onder leiding van de Hemelse Regering weer wordt opgenomen als het tenminste veilig en gezond kan ontwikkeld worden en op lange termijn geen problemen oplevert. Weet je nog, Koreander, dat voor Armageddon een hele rist nieuwe appelen en peren werden ontwikkeld. Ik heb gelezen dat het Coördinerend Centrum voorstelt om drie appelsoorten massaal aan te planten, langs stedelijke invalswegen, stedelijke parken en wandelroutes, het zou voor West-Europa, Australië en Noord-Amerika gaan om de opvolgers van Pink Lady, Kaapse Golden en Jonagold. Door een lichte temperatuurverhoging in Noord- en West Europa zullen deze appelsoorten goed gedijen in het gewijzigde klimaat.’

Koreander: ‘Je bent goed op de hoogte Mylliz?’

‘Ik lees de nieuwe ontwikkelingen zoals die op de site worden geschetst. De nieuwe media doen hun werk.’

Koreander: ‘Weet je Mylliz dat Distel en ikzelf de ontwikkeling van de Jonagold en de Kanzi nog hebben meegemaakt. Heel het Hageland en Haspengouw stond vol appelbloesem van de Jonagold. En de Kanzi is als een opvolger ontwikkeld als concurrent van de Pink Lady. Distel at graag de Pink Lady, die van overal op aarde kon aangevlogen worden: Chili, Nieuw Zeeland, Australië, Zuid-Afrika, Zuid-Frankrijk. Voor de Kanzi was dat ook zo georganiseerd in het decennium voor de Grote Verdrukking. Distel was een fan, gebakken in de pan met wat suiker, heel lekker zegt hij omdat de appel iets zuurder is dan Jonagold en toch zoet waardoor hij een krachtige zuurzoete smaak heeft. Alé, Distel beschreef het zo. Ik hield niet van appels omdat ik niet tegen het knapperige geluid van een aangebeten appel kon. Ik hoop dat die vervelende hypersensitieve prikkels nu weggevallen zijn en dat ik weer eens een lekkere harde appel kan eten. Ik heb het nog steeds niet durven proberen.’

Jeffrey: ’Maar mama, dat soort fantoomprikkels, die geen reden van bestaan hebben, zijn al lang verdwenen. Heb ik jullie trouwens al verteld dat al mijn tanden ondertussen spontaan voor de derde keer vernieuwd zijn, een heel nieuw gebit, zeker om al die harde appels te eten.’ Jeffrey was de enige die lachte, iedereen had het ineens over tanden en hoe dat nu kon dat al die tanden opnieuw waren gaan groeien, en niet alleen bij Jeffrey.

Vanaf het moment dat het DNA door de Hemelse Regering was gereset, werden systematisch alle bestaande lichaamscellen door volmaakte nieuwe cellen vervangen, net als bij een baby en een lagereschool kind dit het geval was. Het resultaat was, een aarde vol met volmaakte lichamen zoals Jehovah het oorspronkelijk in Eden bedoeld had.

Koreander vond dat de Kanzi-case nog niet de nodige aandacht had gekregen: ’Om nog eens op die Kanzi terug te komen. Ik wil nu niet chauvinistisch uit de hoek komen, maar ik vind wel dat we fier mogen zijn dat de Kanzi een Leuvens product is dat door kruising van de sappige Gala en de zuurzoete Braeburn, bij ons is tot stand gekomen. In de jaren negentig van vorige eeuw werden de te kruisen rassen bij elkaar gebracht in proefboomgaarden en in 2004 werd de appel ten slotte op de markt gebracht. Een prachtige rode appel die naast de Pink Lady niet misstaat en die in onze streken gemakkelijker groeide. En… beste vrienden, die fameuze appel … gaan we massaal in Europa aanplanten, en in nog veel andere plaatsten in de wereld.’ Koreander glunderde. ‘Tegen het jaar 72 n.t. zal het gaan om vijfhonderdduizend Kanzibomen. De andere appelsoorten zullen in elke individuele boomgaard kunnen worden geplant, maar aangezien de laagstambomen in de tijd voor Armageddon de wereld hadden veroverd zou extra inspanning worden gedaan om weer de oude hoogstamsoorten te veredelen waardoor het effect van oude boomgaarden met kunstzinnig kronkelende takken en een grastapijt met kippen en vallend fruit zou ontstaan. Romantiek avant la lettre, of nee, dat mag ik niet zeggen. De Romantiek bestond al als richting in de oude wereld, daarom kan ik het beter hebben over retroromantiek, maar dat klinkt zo vreemd in een wereld die blaakt van de toekomstverwachtingen. Laat maar vallen, gewoon romantiek van de toekomst.’

Koreander raakte er niet uit, geschiedenis en toekomst werden zodanig verweven dat het even wennen was om alles chronologisch in een tijdsband te zetten. ‘Er zijn ondertussen ook nieuwe pruimen- en perensoorten in ontwikkeling, voor massale aanplantingen ter afwisseling van de appelbomen. Alle fruit zou gratis ter beschikking staan van reizigers en bewoners en de variëteiten worden elke twintig jaar aangepast. Hetzelfde zou plaats vinden in India en China, Sri Lanka en Vietnam en ook in Mongolië waar fruit altijd schaars is geweest. Steeds zou voorrang gegeven worden aan fruit dat in de omgeving kon groeien, zoals bananen in Senegal en Sri Lanka, Sinaasappelen in Marokko en Spanje. kiwi’s, appelen en peren in Australië, ananas en mango’s in West Afrika, druiven en dadels in het Middenoosten, Spanje en Frankrijk. Tegenwoordig zijn we met weinig bewoners en is er niet zoveel fruit nodig, maar verder in de duizend jaar zullen we de aanplantingen systematisch moeten opdrijven.’

Hetzelfde principe heerste ook in de tuinbouw: dicht bij huis planten en minimale in- en uitvoer, dit om het milieu niet meer te belasten dan nodig. De eerste honderd jaar was het allemaal wat wennen maar later werd dit ‘het nieuwe normaal.’ Mensen spraken elkaar aan met ‘broeder’ en ‘zuster’ en ‘vriend’, iedereen was gelukkig, Jehovah’s geest was werkzaam achter de coulissen van de mensheid waardoor iedereen het gevoel had dat de vreugde eindeloos was. Net als de late avondluchten waren hun harten met sterrengoud beneveld, geen enkel vroeger leed of tekort kwam in het hart op, enkel nieuwsgierigheid, positief verlangen naar vriendschap, liefde, samenzijn en vertrouwen. Een overvloed van vrede en rust tot aan het ochtendgloren.

Typ of plak de tekst in dit veld…

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!