Atheïsme

maandag 14 mei 2012 22:15

De in Vlaanderen gezaghebbende en invloedrijke moraalfilosoof, Etienne Vermeersch, heeft een groot deel van zijn leven gewijd aan de intellectuele bewijsvoering dat God niet bestaat. In dit boekje op vestzakformaat beschrijft hij beknopt en in ijltempo de betekenis, de geschiedenis en de essentie van het atheïsme. Hij begint het boekje dan ook met een verwijzing naar de oorsprong van het woord atheïsme.

“Het Griekse woord ‘theos’ betekent ‘god’ en de ‘a’ wijst op een afwezigheid of ontkenning van hetgeen erop volgt, zoals in ‘asociaal’, ‘apolitiek’ ‘aseksueel’ of ‘aseptisch’. Een atheïst is dus iemand die geen god erkent of, sterker nog, uitdrukkelijk bevestigd dat er geen god bestaat. Atheïsme is de opvatting of de houding die kenmerkend is voor zo’n atheïst.”

Met deze inleidende kennis kan de lezer het boekje echt beginnen lezen. Want door de betekenis van atheïsme te begrijpen is er in feite nog niets gezegd. Wat betekent immers het woord ‘god’? Hiervoor heeft de auteur wat meer bladzijden nodig, omdat er in de verschillende godsdiensten vroeger en nu meer dan één god bestaat. Toch hebben de goden enkele gemeenschappelijke kenmerken. Zo worden ze allen vereerd en gevreesd, worden ze voorgesteld in menselijke of dierlijke gedaanten of in een combinatie van beiden en de meesten zijn onsterfelijk, met uitzondering van Osiris, Attis, Adonis en Christus. In alle religiën worden de goden aanbeden, meestal om gunsten te bekomen vaak ondersteund door offers, soms kunnen dat mensenoffers zijn of worden er bepaalde lichaamsdelen verminkt, zoals bij een besnijdenis. En tot slot is het een wijd verbreide misvatting dat men de goden heeft uitgevonden om een grondslag voor de moraal te bieden. Vooral de goden van de Romeinen, de Grieken en de Egyptenaren waren bepaald geen engeltjes.

Hoewel er in de oudheid atheïsten voorkwamen is het moderne atheïsme pas echt ontstaan in de 17de eeuw. Heel wat Romeinen uit de burgerij geloofden niet in de goden maar voerden wel consequent de rituelen uit. Het ontkennen van god of de goden is altijd gevaarlijk geweest en het was pas met de radicale grondlegger van het atheïsme, Rento de Spinoza (1632-1677), dat de eerste ontkenningen van het bestaan van een god op schrift werden gesteld. Spinoza was wel zo verstandig zijn bevindingen na zijn dood te publiceren. Na hem volgden grote atheïsten waaronder Jean Meslier (1664-1729), wiens werk ook na zijn overlijden bekend raakte, de late Diderot (1713-1784) en baron d’Holbach (1723-1789). Volgens Etienne Vermeersch is zijn Système de la Nature wellicht het eerste atheïstisch werk dat tijdens het leven van een auteur werd uitgegeven, zij het onder schuilnaam. Het werd echter onmiddellijk veroordeeld en in 1770 publiek verbrand. Later kwam er in Duitsland een doorbraak met onder meer Ludwig Feuerbach (1804-1872) en Karl Marx (1818-1883) met zijn stelling: ‘Godsdienst is opium voor het volk’ tot Friedrich Nietzsche verklaarde dat God dood is!

Toch zou het duren tot ver in de twintigste eeuw dat, althans in het Westen, het atheïsme een wereldwijde beweging werd waartegen geen verbod meer bestand is en dat het niet geloven in een god zich zou uiten in een meer geïnspireerde vorm van wat men ‘humanisme’ noemde.

De rest van het boekje besteedt Vermeersch aan het verduidelijken van de argumenten voor het atheïsme. Hij doet dat door de eigenschappen van god te analyseren en te verwijzen naar tegenstrijdige openbaringen, de natuur en het heelal, de goddelijke goedkeuring van de slavernij, de Jodenhaat en naar het einde toe maakt hij onverbiddelijk komaf met de recente argumenten voor het bestaan van God op basis van actuele theïstische en atheïstische standpunten.

Een boekje in ieder geval dat eenieder die zich atheïst wil noemen best mag doornemen.

Auteur: Etienne Vermeersch

ISBN: 978 94 6058 0529

Uitgeverij: De Essentie, Luster – Antwerpen

 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!