"Rams" van Grimur Hákonarson: de band tussen mens en dier.
Interview, Cultuur -

Rams: rurale tragikomedie van ‘IJslandse Ken Loach’

De film van Grimur Hákonarson, de "IJslandse Ken Loach", werd opgemerkt in Cannes en kreeg sindsdien nominaties voor zowat alle belangrijke filmprijzen. Regisseur en cast maakten ook hun doortocht op Film Fest Gent. De visueel en dramatisch sterke film toont de impact van het BSE-virus op schapen én op het leven van de boerengemeenschap - verpersoonlijkt door twee van elkaar vervreemde broers. Hákonarson vertelt over zijn uitgangspunt en aanpak, over anti-helden en over zijn Scandinavische roots.

maandag 30 november 2015 15:28
Spread the love

Rams vertelt hoe het leven van twee schapenkwekers – broers die al jaren niet meer met elkaar praten – brutaal verstoord wordt door het BSE-virus en de gevolgen ervan. Het gesloten leven van de boerengemeenschap in een afgelegen IJslandse vallei verandert volledig met de komst van een extern overheidsteam. 

Hákonarson toont het koppige verzet van de boeren tegen het overheidsingrijpen. Ze putten daarbij kracht uit hun diepgewortelde cultuur van de schapenkweek. Bij wijlen is de band tussen mens en dier tragikomisch. Regisseur Grimur Hákonarson: “De crisis heeft een enorme economische impact op deze rurale regio, maar verandert ook de relatie tussen de broers.” 

 

Broedertwist – een universeel verhaal

Theodór Júlíusson speelt Kiddi, één van beide broers: “Het verhaal van twee broers die al jaren niet meer met elkaar spraken, is natuurlijk niet typisch IJslands.” Hij en Sigurõur Sigurjönsson, broer Gummí, benaderden dit rurale drama als een Shakespeariaanse tragedie.

“Ik kende mijn collega goed en dat helpt,” zei Júlíusson. “We leefden lang samen tijdens de opnames en praatten veel over de film. We zijn beiden theateracteurs en werken ontzettend hard aan onze personages. Zelf tracht ik telkens iets in mezelf te vinden dat aansluit bij het personage.”

De acteurs waren niet vertrouwd met schapen en het boerenleven. “Maar weet je, I am an actor,” benadrukt Júlíusson, “ik ben het gewend om me in te leven in situaties. Dat is mijn job. Je bereidt je voor en dan ga je ervoor. Schapen zijn zoals mensen, ze kennen je en je kunt hen leren kennen.”

 




 

 

De band tussen mens en dier

Voor regisseur Grimur Hákonarson is Rams, na enkele kortfilms en documentaires, nog maar de tweede fictiefilm (na de komedie Sumarlandið). Een gesprek met de “IJslandse Ken Loach” over schapen, mensen, film, humor en kritiek.

Rams is een ode aan mens, dier en natuur. Hoe vertrouwd was je met deze afgelegen IJslandse rurale regio waar het verhaal zich afspeelt?

“Toen ik aan dit project begon was ik vertrouwd met het boerderijleven en met schapenteelt, maar niet met Bardardalur, de regio in het noorden van IJsland die ik koos omwille van zijn unieke uitzicht. Ik groeide op in een rurale streek en werkte als tiener op boerderijen. Daarom ben ik zo sterk gefascineerd door de natuur en de band tussen mens en dier.”

Welk idee lag aan de basis van dit project?

“Schapen zijn voor veel IJslanders nog steeds heilig. Ze zijn essentieel in hun levensonderhoud en dus heel nauw verbonden met de IJslandse geschiedenis en cultuur. Het schaap is hun trots en hun link met tradities, veel meer dan koeien of paarden. Ik maakte kennis met schapenkwekers die elk van hun 300 dieren bij naam kennen en meer contact hebben met hun schapen dan met hun buren.” 

“Ik wilde het verhaal over de emotionele band tussen mens en schaap vertellen. Toen iemand me vertelde over twee broers die naast elkaar wonen maar niet on speaking terms zijn, besloot ik beide elementen te combineren in een film.”

Voor sommige regisseurs begint een film met een bepaald beeld.

“Beelden komen achteraf. Bij mij begint alles met het onderwerp. Ik stel me eerst en vooral vragen. “Wat wil ik vertellen?” “Waarom wil ik hier een film over maken?”. Je bent immers snel enkele jaren bezig met een project en dan moet het echt de moeite zijn om er zo veel tijd en energie in te steken.”

“In dit geval speelde mijn eigen achtergrond mee. Mijn vader werkte voor het ministerie van landbouw en via hem kreeg ik meer inzicht in de administratieve kant van landbouw en in hoe de agricultuur geëvolueerd is.”

“Ik ben me er van bewust dat de globalisering impact heeft, de grote bedrijven worden alsmaar machtiger, maar dat de zaken vaak ook op persoonlijk problematisch zijn. De moeilijkste beslissingen die mijn vader ooit moest nemen, draaiden rond het doden van dieren bij het uitbreken van een ziekte. Hij besefte dat dit voor de getroffen veeboeren catastrofaal was.”




 

Twee zeer verschillende broers

De twee broers zijn anti-helden, menselijk en herkenbaar. 

“Mensen zoals Gummi en Kiddi, die leven met de natuur en hun dieren, staan op het punt te verdwijnen. Jammer, want ik hou van ‘speciale’, excentrieke mensen. Voor mij zijn ze boeiender dan superhelden.”

“Gummi en Kiddi spreken al 40 jaar niet meer met elkaar. Het land en de ouderlijke boerderij, twee zaken die mogelijk aan de basis van het conflict liggen, dwingen hen naast elkaar te wonen, al botsen hun persoonlijkheden stevig. Gummi en Kiddi zijn zwart en wit, zowel fysiek als mentaal. Als mensen zo geïsoleerd leven wordt dat extra tragisch. Hun koppigheid staat een harmonieus leven in de weg.” 

Verloren ze ook niet het vermogen te communiceren door vooral met schapen en de natuur te leven?

“Een geïsoleerd bestaan heeft impact op mensen. Ik heb zelf al ervaren dat, toen ik me in een afgelegen streek terugtrok om te schrijven, isolement gevolgen heeft voor je gedrag en je persoonlijkheid. Hoe langer je alleen bent, hoe vreemder je wordt. Je begint met jezelf te praten, levenloze dingen worden voor je levend. Ik denk dat je excentriek wordt wanneer je lang alleen leeft. Je wereld wordt ook alsmaar kleiner.”

Fysiek en expressief staan tegenover gesloten en contemplatief. Evolueert dat in het verloop van het verhaal; leren ze van elkaar?

“Hun karakter verandert niet maar hun relatie wel. Na veertig jaar zwijgen, moest er een externe factor zijn om hen aan het praten te krijgen. Een echt grote crisis zoals een brand, een sneeuwlawine of deze epidemie. Toen ik aan het scenario aan het schrijven was, realiseerde ik me dat er iets groots moest gebeuren om het contact te herstellen.”

Ze komen dichter bij elkaar door actie, door dingen te doen, en niet door te praten.

“Hun boerenbestaan en de crisis dwingen hen om actie te ondernemen. Die is fysiek, maar herstelt ook hun emotionele band. Het hoofdverhaal van Rams is dat van de broers en het nevenverhaal is dat van de ziekte en wat ze aanricht in een kleine boerengemeenschap. De belangrijkste opgave bij het schrijven, was de balans tussen beide goed te houden. In het begin focus ik op de ziekte maar langzaam gaat de aandacht naar de broers. Een moeilijk script, met quasi twee personages op dezelfde locatie. Vooral omdat de twee broers niet met elkaar spreken. Het is niet eenvoudig om manieren te vinden om het verhaal te ontwikkelen.”




De economische impact van BSE

Je introduceert ook de economische impact van de crisis.

“Ik ken mensen die door zo’n crisis getroffen zijn en ik wou duidelijk maken wat de gevolgen zijn voor een samenleving. Die informatie en kritiek moesten zeker in Rams zitten. De plot volgt het verloop van de ziekte: ze brengt alles in beweging en dwingt de broers tot actie. Die rebellie en overlevingsstrijd beïnvloeden hun onderlinge relatie.”

De broers zijn meer begaan met het mogelijke verdwijnen van een oude bloedlijn dan met de economische impact op hun bestaan.

“Het gaat om een specifiek schapenras, met een eigen naam, dat beschouwd wordt als het beste in IJsland. Elk schaap heeft een waarde en biedt de kwekers ook een toekomst. De twee broers zijn een leven lang bezig geweest met het ras te verbeteren en dan verdwijnt plots alles door de als “scrapie” bekend staande ziekte.”

“In de openingsscène wordt de rivaliteit tussen Gummi en Kimmi duidelijk als ze op de jaarlijkse schoonheidscompetitie zijn. Het ene jaar wint Gummi met zijn schapen; het andere Kiddi. Die strijd wordt irrelevant wanneer de bloedlijn bedreigd wordt. Met de schapen dreigt namelijk ook hun leven te verdwijnen.”

Het overheidsteam dat de controles uitvoert is dreigend aanwezig, maar wel op de achtergrond.

“De leden van het team en de boeren verschillen sterk. Het overheidsteam, onder leiding van een vrouw, duikt als een outsider op in een gesloten gemeenschap met voornamelijk mannelijke schapenkwekers. Het zijn geen slechte mensen, maar gaan emotieloos te werk en vernietigen zo het leven van de boeren. Het team is een symbool voor de Europese unie, die vanop afstand en koudweg beslist over het leven van de mensen in deze gemeenschap.”

Een documentaire inslag

Hielp je ervaring als kortfilmer en documentairemaker je om Rams in beeld te brengen?

“De visuele stijl – met trage pans en widescreen opnamen – ontwikkelde ik al in enkele kortfilms (Last words of Hreggvidur, Slavek the shit, Wrestling). Mijn vier documentaires (Vardi goes on tour, Vardi goes Europe, Pure Heart, Hvlellur) draaiden rond mensen, wat me hielp om het realistisch en geloofwaardig te houden.”

“Wie de film ziet moet geloven dat de broers echt broers zijn en werken als schapenkweker. Ik maakte ook twee documentaires over het boerenleven en daar deed ik ideeën op voor de locatie en de personages.”

In documentaires kan je niet alles plannen, veel gebeurt spontaan. Ook voor Rams werkte ik wel met een scenario, maar ik hield mijn geest open. Dan duiken er interessante dingen op, die je kan gebruiken. Mijn scenario en film evolueerden daardoor constant en soms voerde ik op het laatste moment nog wijzigingen door. Dat is de magie van film maken, veel interessante dingen ontstaan spontaan, ook bij fictie.”
 

De visuele look van de film is mooi en vooral warm.

“De digitale Arri Alexacamera’s met anamorfe lenzen zorgden voor zachte, warme beelden, die de indruk wekten dat we met 35mm draaiden. Zo brachten we de personages en het landschap op een organische manier in beeld. We filmden in widescreen Cinemascope en omdat er in IJsland niet zo veel bomen zijn, kon je bij de buitenopnames echte open ruimtes tonen en de menselijke eenzaamheid benadrukken.”

Humor en drama in balans

Daardoor is de finale gezamenlijke tocht door wind, sneeuw en bergen ook zo mooi. Zie je de afloop als een open einde?

“Ik praat niet graag over hoe het afloopt met de broers maar het is inderdaad een open einde. Het einde van de film verschilt overigens van dat in het scenario. Het goede aan het slot is dat het bijblijft, mensen praten er de volgende dag over.”

Rams is dramatisch maar bevat ook humor. Hoe vond je dat evenwicht?

“Ik zou de film omschrijven als tragikomisch; ik probeer geen grappen te maken maar de humor ontstaat uit de situaties. Er zijn ook enkele komische momenten die ik inlaste omdat de film te ernstig dreigde te worden. Ik zocht een pad tussen drama en komedie. Rams is een drama met droge humor.”

Er is een hond die berichten overbrengt tussen de broers. Een grappige scène, die verwijst naar hun verbondenheid met hun dieren. 

“Het is zowat het enige fictie-element in de film, de meeste andere dingen zijn authentiek en realistisch. Het idee van de hond als boodschapper ontstond toen ik aan het brainstormen was over de film.”

De muziek wordt niet gebruikt om zaken te onderlijnen.

“Ik wou een soort folkmuziek. We gebruikten geen violen, andere snaarinstrumenten of grote orkesten. We kozen voor het instrument dat gebruikt werd tijdens de bijeenkomsten van de boeren: de accordeon. Het is het belangrijkste instrument in de score.”

“De muziek van Rams is nostalgisch, verbonden met het oude IJsland. Het is een subtiele en niet-sentimentele muziek. Er is ook niet té veel muziek, we gebruiken ook de stilte van deze geïsoleerde plek. De muziek verbindt het verhaal zonder nadrukkelijke accenten te leggen.”

Scandinavische geëngageerde cinema

Je bent al omschreven als de “rurale Ken Loach”?

“Inderdaad, in Cannes omschreef een criticus me als “a rural Ken Loach”, dat vond ik een hele eer want ik hou van de films van de Britse filmmaker (It’s a free world…, The Angel’s Share). Rams is geen nadrukkelijk politieke film, maar er zit wél een politieke laag in het verhaal. Bovendien verdedig ik mensen tegenover het systeem. Mijn volgende film zal trouwens een meer politieke film zijn, dus de link met Ken Loach zal opnieuw de kop opsteken.”

Zie je zelf nog andere invloeden?

Rams is een Scandinavische film: ik ben niet zozeer door de Deense film beïnvloed, als wel door de cinema van de Fin Aki Kaurismaki (Le Havre), de Zweed Roy Anderson (A pigeon sat on a branch reflecting on life), de IJslander Dagur Kari (Noi albinoi) en de Noor Bent Hamer (O’ Horten).”

Rams wordt overal heel goed onthaald. Wat doet zoiets met een filmmaker?

“Ik ben blij verrast met alle positieve reacties op Rams. Behalve een aantal mensen in IJsland kende niemand me voor deze film en ik was het dan ook niet gewoon om veel reacties te krijgen op mijn werk. Rams heeft me op de kaart gezet.”

De reacties in Cannes, de nominaties voor de Oscars, de European Film Awards en BAFTA Awards, zullen een serieuze impact hebben op mijn werk. Ik heb al gemerkt dat er heel wat interesse is voor de projecten die ik wil ontwikkelen. De zaken zijn omgekeerd: voor Rams moest ik deuren openen maar nu zoeken mensen me zelf op.”

“Rams” loopt vanaf 9 december in de zalen.

 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!