Het Roma-beleid in Italië
Analyse - Margot Van den Heede

Het Roma-beleid in Italië

In Palermo, de hoofdstad van het Italiaanse eiland Sicilië, bevindt zich een illegaal Roma-kamp dat al drieëntwintig jaar bestaat. Het kamp wordt voornamelijk bewoond door Roma afkomstig uit Servië en Kosovo. De meesten onder hen zijn naar Italië gevlucht in het begin van de jaren 1990 als gevolg van de etnische conflicten in de Balkan.

dinsdag 18 november 2014 15:30



Het Roma-beleid in Italië

De
Kosovaarse Roma kregen bij hun aankomst onderdak in sociale woningen in een
buitenwijk van Palermo. Maar in september 1991 kwam er protest tegen de
aanwezigheid van de Roma vanwege de Italiaanse bewoners van deze buitenwijk. De
huizen van de Roma werden onder meer stookt met brandbommen.

De toenmalige
gemeenteraad besloot daarop de Roma te verplaatsen om verdere conflicten te
vermijden. Men oordeelde dat het natuurreservaat Parco Della Favorita de
enige oplossing bood. De gemeenteraad koos deze onbebouwde plaats om
ontevredenheid bij de inwoners van Palermo over het innemen van (sociale)
woningen door vreemdelingen te vermijden. De plaatsing van de Roma in het
natuurreservaat moest een tijdelijke oplossing bieden, maar ze leven er nu al
meer dan twintig jaar. Op die manier ontstond het ‘campo nomadi’ in Palermo.

Hoge muren

In
het begin woonden er alleen Kosovaarse Roma in het kamp, later werden ook Roma
uit Servië en Montenegro in het kamp gevestigd. De Roma uit Montenegro hebben
het kamp ondertussen allemaal verlaten. In het begin voorzag de stad de Roma
alleen van tenten, waardoor in de winter van 1991 een baby stierf van de kou.
Als gevolg van dit incident kregen de Roma de toestemming van de stad om
barakken te bouwen in het kamp. Doordat het zich in een natuurreservaat bevindt
is het kamp echter illegaal, ondanks het feit dat de Roma er door het stadsbestuur zelf
zijn gehuisvest. Dit zorgt ervoor dat de Roma zich in een zeer onzekere positie
bevinden aangezien de stad op elk moment kan besluiten om het kamp op te breken
en het park te ontruimen.

In tegenstelling tot de meeste Roma-kampen in Italië
ligt het kamp in Palermo niet geografisch geïsoleerd van de omringende
samenleving. Het kamp bevindt zich niet ver van het stadscentrum, naast het
grote voetbalstadion van Palermo. Langs het kamp is er dus veel beweging, maar
de hoge muren rondom het kamp zorgen voor een symbolische isolatie. Niemand
ziet wat er zich achter de muren afspeelt. Doorheen de jaren hebben de bewoners
hun eigen gammele huizen gebouwd in het kamp, hebben ze kleine winkeltjes
opgericht en de Kosovaarse Roma hebben er zelfs een moskee opgetrokken.

Er
bevindt zich als het ware een klein dorp achter deze muren. De mensen in het
kamp wonen er in zeer precaire levensomstandigheden aangezien de voornaamste
basisvoorzieningen ontbreken. Ze wonen in barakken gemaakt uit hout of steen,
die zelden waterdicht zijn en zeer vochtig en koud zijn in de winter.
Elektriciteit wordt illegaal afgetapt van de elektriciteitspalen in de buurt en
er is geen stromend water. Als alternatief heeft de stad vijf waterreservoirs in het
kamp geplaatst. Deze worden normaal gezien dagelijks gevuld met ondrinkbaar
water door een stadsdienst, behalve in het weekend. Er zijn echter al perioden
geweest waarin er gedurende dertig dagen geen water naar het kamp werd
gebracht, of dat niet alle reservoirs in het kamp werden gevuld. Dit is deels
te wijten aan de financiële problemen van de stad, die niet altijd in staat is
de stadsdiensten te betalen, maar het is ook vaak een kwestie van pure onwil
vanwege het stadsbestuur. De stadsdiensten haalden ook niet het huisvuil regelmatig
op in het Roma-kamp.
Dit is opnieuw te wijten aan de slechte financiële situatie van de stad en aan
onwil bij het stadsbestuur. Het spreekt
voor zich dat de hygiënische en sanitaire omstandigheden in het kamp dramatisch
zijn door het overtollige vuilnis en het gebrek aan wateraansluiting en
riolering. Efficiënte structurele
ingrepen om het kamp om te bouwen tot een leefbaar gebied zijn onmogelijk door de
milieueisen van het natuurreservaat.

Het
‘campo Rom della Favorita’ is het enige Roma-kamp in Palermo, maar sinds 2012 is
er wel een nieuwe ontwikkeling zichtbaar, namelijk de komst van een groepje
Roemeense Roma in de stad. Deze Roma bevinden zich voornamelijk aan Via Messina
Marina, een drukke baan aan de kustlijn van Palermo. De zelfgemaakte ‘huisjes’
van deze Roemeense Roma zijn opgetrokken uit golfplaten en ander
wegwerpmateriaal. Het zijn kleine en onstabiele nederzettingen omdat ze steeds
worden verplaatst door de politie.  

Het label ‘nomadi’ 

Net
als in vele Europese landen verspreiden de Italiaanse media en politiek het
beeld van een ware invasie door de Roma. In werkelijkheid maken de Roma in
Italië slechts 0,25 procent van de populatie uit. In de Italiaanse politiek
spreekt men van een ‘problema dei nomadi‘ (een zigeunerprobleem), een
verwijzing naar de groeiende ongerustheid over de
‘bedreiging’ die de migratie van de Roma vormt voor Italië. Gedurende de
regeerperiode van Berlusconi werden in het licht van dit probleem noodwetten
opgesteld die de onmiddellijke uitwijzing van Roma die buiten de Europese Unie,
vergemakkelijken.

Eén van de meest typerende kenmerken van het Italiaans beleid
ten opzichte van de Roma-bevolking is de oprichting van speciale nomadenkampen. Deze kampen zijn meestal te vinden op
geïsoleerde plaatsen, wat de algemene houding ten opzichte van de Roma
weerspiegelt, namelijk dat ze gescheiden moeten blijven van de Italiaanse
bevolking. In Italië kunnen twee soorten kampen worden onderscheiden. Er zijn
illegale kampen die meestal bestaan uit zelfgefabriceerde barakken. Daarnaast
zijn er legale kampen, opgericht door de lokale regering en voorzien van het
nodige sanitair en andere basisvoorzieningen. Deze legale kampen worden de klok
rond bewaakt en zijn meestal omheind.

Italië
stelt dat nomadisme een fundamentele culturele karakteristiek is van de Roma,
waardoor ze in kampen willen wonen. Daaruit volgt dat de Italiaanse wet het recht op nomadisme en de nomadische cultuur van de
Roma zou beschermen door ze in kampen te plaatsen. Deze segregatiepolitiek in de vorm van Roma-kampen is terug te vinden in
heel Italië. Veel regionale wetgevingen in het land erkennen nomadisme officieel als inherent aan de Roma-cultuur. Bijgevolg stimuleren de regionale
wetgevingen de lokale overheden om kampen op te richten. Het label ‘nomadi’ is op die manier de politiek correcte
term geworden om naar de Roma te verwijzen in Italië.

Deze
hele redenering is ook zeer duidelijk terug te vinden in het beleid ten
opzichte van de Roma in Palermo. Het spreekt echter voor zich dat dit slechts
de politieke legitimatie is om een situatie goed te keuren die normaal gezien niet te
tolereren valt. Een belangrijk gevolg van deze Italiaanse
politiek is dat kampen als de normale woonplaatsen van de Roma gezien worden,
als een culturele keuze in plaats van een gevolg van armoede, discriminatie en
isolatie. Nomadisme is echter een cultureel kenmerk dat niet meer
strookt met de levenswijze van de meeste Roma in Europa. Slechts tien procent van hen heeft
vandaag nog een nomadische levensstijl, tien procent leeft semi-nomadisch en de
overige tachtig procent is volledig sedentair.  

Geen
vluchtelingen 

De
gelijkstelling van Roma met nomaden is ook nadelig voor hun legaal statuut in
Italië. De meeste Roma in het kamp in Palermo zijn hun land ontvlucht als
gevolg van oorlog en hadden dus recht op politiek asiel. Velen onder hen hebben
echter geen verblijfsvergunning gekregen als politieke vluchtelingen. Volgens
socioloog Nando Sigona komt dit onder meer omdat de Roma bij hun aankomst in Italië
onmiddellijk officieel bestempeld worden als nomaden. Hierdoor kunnen ze niet
als vluchtelingen worden beschermd. Vluchtelingen worden immers gedwongen hun
staat te verlaten, maar omdat nomaden verondersteld worden staatloos te zijn,
kunnen zij geen vluchtelingen zijn. Doordat de Roma beschouwd worden als een volk
zonder territorium, kent de
Italiaanse grondwet hen ook geen bescherming als ‘linguïstische minderheid’
toe. Hierdoor
is de bescherming van hun grondwettelijke rechten zwakker dan bij andere
minderheidsgroepen. De behandeling van de Roma
door Italië is dan ook al verschillende keren veroordeeld door de Europese
Unie, de Verenigde Naties, de Raad van Europa en verschillende internationale
mensenrechtenorganisaties. 

De
Roma die meer dan twintig jaar geleden bij hun aankomst in Palermo wel een
verblijfsvergunning toegekend kregen op basis van politiek asiel, kregen dit
slechts voor vijf jaar. Na vijf jaar verviel hun statuut als vluchteling
waardoor de meeste bewoners van het kamp onderhevig zijn aan een constante
juridische limbo. Ze moeten steeds opnieuw gebruikmaken van trage en
omslachtige procedures om hun verblijfsvergunning te vernieuwen. Dit
illustreert het gebrekkige asielsysteem in Italië dat voornamelijk gebaseerd is
op het al dan niet toekennen van tijdelijke verblijfsvergunningen. Voor 1990 was
er in Italië zelfs geen sprake van een asielbeleid. Dat kwam er pas omwille van
de grote toevloed van mensen die op de vlucht waren geslagen voor de oorlogen
in de Balkan. Maar veel Roma uit het voormalige Joegoslavië kregen slechts
tijdelijke bescherming in plaats van een permanent legaal statuut.    

Nando Sigona wijst er op dat het vaak de Italiaanse wetgeving is die het
voor de Roma onmogelijk maakt om uit de illegaliteit te geraken. Om een
verblijfsvergunning te krijgen moet je beschikken over een legaal paspoort.
Veel Roma die staatloos zijn geworden door het uiteenvallen van Joegoslavië en
de daarbij horende administratieve verwarring, hebben geen legaal paspoort.
Bovendien moet je beschikken over een officieel adres of een job, twee
dingen die voor illegale Roma moeilijk te bemachtigen zijn. Omdat de Roma in het campo Rom della
Favorita afkomstig zijn uit Kosovo en Servië, en dus niet-Europese migranten
zijn, ligt de situatie nog iets moeilijker. Zij bevinden zich in een zeer onzekere positie doordat
ongedocumenteerde migranten van buiten de EU sneller een uitzettingsbevel
ontvangen en het voor hen een stuk moeilijker is om een tijdelijke
verblijfsvergunning te vernieuwen. 

Wat brengt de
toekomst voor de Roma in Palermo?

In
1994 werd door de toenmalige burgemeester van Palermo, Leoluca Orlando, een
decreet opgesteld om het beheer van het kamp te regelen en te systematiseren.
Het kamp moest voorzien worden van basisdiensten zoals licht, water, sanitaire
voorzieningen en medische hulp. Hier
kwam echter niets van in huis omdat dit alleen mogelijk is voor geautoriseerde
kampen die ingericht zijn met basisfaciliteiten, wat nooit het geval was in
Palermo. Na deze ene, onuitgevoerde stadsverordening werden er geen nieuwe meer
opgesteld. Tot vandaag blijft het kamp vanuit juridisch oogpunt illegaal, wat
de concrete verbetering van de levensomstandigheden van de bewoners haast
onmogelijk maakt. Het bieden van hulp aan deze Roma-gemeenschap wordt daarom
zo goed als volledig overgelaten aan non-profitorganisaties, zoals Idea Rom
Palermo (IRP), een NGO die zeer actief samenwerkt met de bewoners van het kamp.

IRP stelt dat het stadsbestuur zich nooit heeft bekommerd om de
problemen in het kamp. Er werden nooit specifieke maatregelen genomen door de
gemeenteraad om een nieuwe woonplaats te zoeken of om de illegaliteit van de
bewoners aan te pakken. Er wordt ook geen specifiek budget voorzien ten
voordele van de Roma-gemeenschap. De
houding van de gemeenteraad is sinds de verkiezingen van 2013 wel een beetje
veranderd dankzij een linkse electorale overwinning. Na tien jaar van rechts
bestuur in Palermo, heeft de nieuwe linkse gemeenteraad meer aandacht voor de
Roma-gemeenschap.

Het huidige bestuur is meer gericht op solidaire acties ter bescherming van
minderheden en toont een grotere economische bereidheid. Niettemin stelt de
voorzitster van Idea Rom Palermo dat de concrete situatie van de Roma in het
kamp sindsdien nog steeds niet verbeterd is. De gemeenteraad blijft maar debatteren over de
verplaatsing van de Roma, maar er wordt geen actie ondernomen. Er was op een
bepaald moment sprake van het oprichten van een legaal kamp met de nodige
(sanitaire) voorzieningen. Voor de Roma is dit echter geen oplossing, aangezien
zij net willen ontsnappen aan de economische, culturele en politieke segregatie
die gepaard gaat met het leven in een kamp.  

Nomadisme en de Roma
in Palermo 

In
mijn eindwerk voor het behalen van de graad master in de sociale en culturele
antropologie onderzocht ik of nomadisme daadwerkelijk een inherent deel is van
de Roma-cultuur, zoals de Italiaanse politiek stelt. Uit mijn onderzoek bleek
dat er zeker zoiets bestaat als een Roma-cultuur, die onder meer terug te vinden is in hun
taal, hun feesten, hun religie en hun bewuste identificatie als Roma. Maar de
Roma in Palermo hebben nooit een nomadenleven gekend, niet in Italië, noch
voordien in Kosovo en Servië. Deze Roma koesteren ook niet de wens om in de
toekomst als nomaden te gaan leven. Indien de oorlog niet was uitgebroken,
hadden ze hun land waarschijnlijk zelfs nooit verlaten.

De meesten onder hen
wonen ondertussen al meer dan twintig jaar in Italië in de hoop dat ze daar een
stabiel en sedentair leven kunnen opbouwen. Deze mensen bestempelen en
behandelen als nomaden op juridisch en politiek vlak, druist in tegen hun wens
om erkend te worden
als gewone burgers, met alle daarbij horende rechten en plichten. Na al die
jaren zijn de meeste Roma in het kamp toch op verschillende manieren
geïntegreerd geraakt in de lokale samenleving. De meesten van hen verlangen er
dan ook naar om hun Roma-identiteit te combineren met het Italiaans
burgerschap. Maar door de moeilijkheden om het Italiaans burgerschap te
verkrijgen en door hen af te zonderen in een kamp worden deze Roma toch buiten
de samenleving gehouden.  

Besluit 

Het etiket ‘nomadisme’ blijft er voortdurend voor zorgen dat de Roma in
Italië als een aparte groep bekeken worden, anders dan de ‘gewone’ migrant of
vluchteling. Deze aparte categorisering is niet alleen gebaseerd op een
levensstijl die vreemd is aan de meeste Roma in Italië, door hen te definiëren
als een unieke groep worden hun tevens verschillende rechten ontnomen, zoals
het recht op politiek asiel. Daarbij
zorgt de term ‘nomadisme’ ervoor dat de reden voor hun migratie verkeerd wordt
begrepen. Wanneer nomadisme als een raciaal en cultureel kenmerk wordt gebruikt
om migratie te verklaren, worden de werkelijke redenen zoals de economische en
politieke push- en pullfactoren totaal genegeerd.

Margot
Van den Heede heeft een master in de sociale en culturele antropologie. Ze liep
stage bij de NGO ‘idea Rom Palermo’ en daarna bij de NGO ‘European Roma and
travellers Forum’.

Dit artikel is ook verschenen in het tijdschrift Vrede nov – dec 2014.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!