Who had a dream

Who had a dream

donderdag 1 mei 2014 13:11

Laatst werd je
wakker uit iets moois. Je had gesurft, veel gesurft. Er stond je de sensatie
bij van de lagere school: dat je de bibliotheek uit kon krijgen. Sinds je besefte dat dit onmogelijk is,
ben je pas echt als een razende gaan lezen. Op een voorspelbaar moment dacht
je vervolgens dat er met je ogen een grap werd uitgehaald.

De leesbril kwam, de sterktes namen toe.

In je droom was
je opnieuw brilloos. Misschien was het bijgeloof, maar telde dat in een droom?
De gegeven toestand stelde je in staat optimaal te lezen. Dat kwam uitstekend
uit, omdat de bron een onafzienbare verzameling blogs en sites was. Regelrechte
vrijplaatsen. Ze leverden het niet te bewijzen bewijs: meer mensen dan met
academische titels alleen beschikten over kennis. Ze werden digitariërs
genoemd. Van hen trof je een schat aan ervaringen.

Wat een groots
medium! Temeer daar Bakoenin lang geleden iets had voorspeld dat onontkoombaar
leek: ‘Er zal een nieuwe klasse komen, een nieuwe hiërarchie van echte en
onechte geleerden en de wereld zal worden verdeeld in een minderheid, die
regeert in naam van de gemeenschap
, en een enorme onwetende meerderheid. En wee
dan de massa van de onwetenden.’ Ja, je Russisch is niet meer wat het nooit
geweest is.

Uit bevindingen
van digitariërs konden derden nu profijt trekken. Zo groeide behalve de
hoeveelheid informatie in je droom ook de scherptediepte van bijbehorende argumenten,
oordelen, nuances en vergezichten. Het totaalvoordeel van deze pluriformiteit vloeide
rechtstreeks naar de samenleving, en misschien naar de politiek die haar
vertegenwoordigde en haar belangen verdedigde.

Je droom was
daarom ook zo productief, omdat er vele soorten onrecht op de wereld in aangeklaagd
werden. Weinigen hadden de kans daar publiekelijk lucht aan te geven. Maar in je
droom kon het. Vaak wist je niet van de ellende af, maar nu raakte je er
adequaat van op de hoogte.

Voor het protest
werd eerst het onrecht, de dader of de misplaatstheid weergegeven. Zonder retoriek
of grotere verdraaiing. Soms bood het web zelf daarbij hulp, met een hyperlink.
Logisch eigenlijk, voor heel wat thema’s hadden anderen, van heinde en verre, het
terrein al een beetje verkend. Zelfs in je droom was dat geloofwaardiger dan
pertinenties als dat ‘recent onderzoek heeft bewezen’.

Basaal respect
voor de dader maakte de correctie van zijn fout zelfs overtuigender. Van buiten
je droom kende je cursiveringen, of aanhalingstekens bij een beschrijving (‘de
bekende “politicus” Pieterse’), of toevoegingen als ‘zogenaamd’, ‘quasi-’, ‘pseudo-’.

Ook prettig aan
de teksten in je droom was dat niemand van de gehekelde individuen representatief
werd voor een hele groep, zoals ‘de Marokkanen’, ‘de Amerikanen’, ‘de Russen’, ‘de
Vlamingen’, ‘de Wallonen’. Afwezig bleken eveneens ‘de rijken’ en ‘de proleten’,
of ‘de bankiers’ en ‘de gedupeerde spaarders’. Zelfs ‘de politici’ bleven
buiten schot.

Hierin lag al
een beduidende reden voor de toename van precisie. En voor de evidentie dat
iedereen wetenschapper kon zijn. Buiten je droom had je een kleuter die zoiets
elke schooldag bewees, als ze haar trommeltje voor de pauze gevuld wou met ‘één
boterham met zonder korstjes met speculoos en één boterham met zonder korstjes
met speculoos’.

Evenmin trof je in
je droom een bepaald lidwoord voor oorzaken van onrecht: ‘het neoliberalisme’, ‘het
kapitalisme’, ‘de vrijhandel’, ‘de politiek’, ‘het populisme’, ‘de gevestigde
macht’, ‘de Joodse lobby’, ‘de Palestijnse lobby’, ‘de media’, ‘het systeem’, ‘de
elite’, ‘de bureaucratie’. Ze hadden je buiten je droom een recept toegeschenen
voor iedere kwaal (en waartegen ‘de vakbonden’ voor huisapotheek mochten spelen).
Ook zonder lidwoord konden niet-tastbare termen dat halfbakken effect sorteren:
‘mechanismen’, ‘dogma’s’, ‘structuren’, ‘propaganda’, ‘symbolen’.

Onwillekeurig deden
al deze termen denken aan de tijd dat de wereld overzichtelijk was. Toen je voor
de rebellie nog geen spijkerbroek kon kopen met ingestikt gat of een
scheerapparaat ten gunste van de five o’clock shadow.

In je droom werd
echter niet gefoeterd tegen ‘de sossen’, ‘de tsjeven’, ‘de liberalen’, ‘de fascisten’
of ‘de communisten’. En, als je het goed had gezien zonder bril, ook niet tegen
‘provincialen’, ‘intellectuelen’, ‘nationalisten’ en ‘kosmopolieten’. Vergiste
je je nu, of begon zowel antisemitisme als moslimhaat te vervagen?

Zonder al deze
grootheden ervoer je in je droom een sterke afname van complotten die de wereld
even ondoorgrondelijk als evident in hun greep zouden hebben. Je ervoer een toename
van precisie. En die verhinderde om bij het dienstdoende onrecht toevlucht te
zoeken in beschuldigingen van ‘discriminatie’ over ‘seksisme’ en ‘racisme’ naar
‘censuur’.

De goede fee in je
droom vertelde dat die beschuldigingen menselijk zijn en soms terecht, en thuishoren in een biotoop
van sociale netwerken die geprivatiseerd zijn. Maar digitariërs maakten deel uit van
de publieke ruimte. Daar heerste echte vrijheid, die verantwoordelijkheden had
geschapen.

Ooit maakte Isaiah
Berlin – ook een Rus, maar in Engeland gepokt – een onderscheid tussen twee
soorten vrijheid. Het is veelgeciteerd, binnen en buiten het web, terwijl het
voor velerlei uitleg vatbaar is.

Bij ‘negatieve
vrijheid’, zei Berlin volgens jou, is er hooguit afwezigheid van frustratie.
Van de vrijheid op zich kun je geen gebruikmaken binnen een groter geheel, laat
staan dat een ander er iets aan heeft. Zelfs wanneer die als gevolg van dit
type vrijheid in de prak zit, moet je hem gerust laten. Zo luidde het adagium
dat voor tolerant doorging.

Bij ‘positieve
vrijheid’, beweerde Berlin volgens jou, verdwijnt het individuele belang naar
de achtergrond en hoeft er niet teruggekoeioneerd. Voorbij instrumentaliteit en
impulsen kunnen er richtingen worden ingegaan die niet gestuurd zijn, maar
gemotiveerd.

Sinds kort moet je
dan denken aan de app waarmee je, met titel en uitvoerder en
downloadplek, de weg gewezen
wordt naar het liedje dat je in je omgeving hoort en dat je wilt delen. Dat
dunkt je een uitvinding die er mag wezen. Ze voldoet aan een behoefte die, in
jouw beleving, een droom leek. Kan er ook een app ontwikkeld worden voor brilloos
lezen buiten de droom?

Het ingewikkelde
is dat digitariërs die onrecht aan de kaak stellen, zelf geregeld in de positie
van negatieve vrijheid verkeren. Anything goes? De verleiding van
destructie is levensgroot. Maar in je droom stapten ze daar als heiligen overheen.

Wat heb je met
heiligen? Dragen zij een spijkerbroek die door niet voorziene omstandigheden is
gescheurd of lopen ze nog echt ongeschoren rond? Jou zou het niet verbazen dat
ze voor positieve vrijheid kozen uit eigenbelang.

Door die gedragslijn
hoefden in ieder geval cynisme en onverschilligheid wegens ‘vrijheid van
meningsuiting’ niet te regeren. De vrijplaats veranderde niet terug in een
stortplaats. Het was dan ook een mooie droom. Zou jij hem zelf
kunnen vervullen?

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!