Inspraak van de gemeenteraadsleden, geen volmachtbestuur

Inspraak van de gemeenteraadsleden, geen volmachtbestuur

maandag 28 januari 2013 21:07
Spread the love

De afgelopen weken heb ik met stijgende verbazing het ene artikel na het andere gelezen over het Bestuursakkoord van Antwerpen. Om één of andere reden ging men ervan uit dat de gemeenteraad dit akkoord al had besproken en goedgekeurd.

Of, zo is men er van uitgegaan, dat een bespreking van het Bestuursakkoord door de gemeenteraad toch niets oplevert. Dat de 450 punten die de tekst nu telt “perfect” zijn, en dat het debat op de gemeenteraad “per definitie” een maat voor niets is die geen letter en ook geen komma aan het bestuursakkoord kan wijzigen.

Blijkbaar gaat dit College ervan uit dat er – behalve in het schepencollege – niemand in de gemeenteraad is te vinden die een zinnige bijdrage kan leveren over de oriëntaties van deze stad. Niet bij de meerderheid, en evenmin bij de vier oppositiepartijen. 
Blijkbaar meent het stadsbestuur dat er geen enkel capabel iemand te vinden is buiten het College, en dat er tijdens de gemeenteraad geen enkel nieuw voorstel of idee kan gevonden worden.

Neen, men legt de discussie op slot, en dat is democratische besluitvorming onwaardig. Het Bestuursakkoord werd zelfs al op de officiële website van de Stad Antwerpen gepubliceerd, zonder enige vermelding van de voorlopigheid van dit document.

Zo herleidt men de Gemeenteraad zelf tot een praatbarak waar de verkozenen een show mogen opvoeren voor de galerij, maar waar de diverse opinies en voorstellen er verder absoluut niet toe doen.

Zo las ik vorige week ook in alle kranten dat de Stad Antwerpen besloten heeft om alle papieren besluitvorming af te schaffen. De burgemeester klopte zich op de borst met het besparend effect van nog geen 100.000 euro per jaar. Het punt is echter dat de Stad Antwerpen, de gemeenteraad, deze beslissing nog niet heeft genomen. Ze staat vanavond pas op de agenda. En de burgemeester weet zeer goed dat er heel veel vragen over deze maatregelen bestaan, vanuit verschillende partijen, niet in het minst uit de districten. Het kan toch niet zijn dat we de besluiten van de gemeenteraad de week op voorhand in de pers moeten lezen alvorens de gemeenteraad is doorgegaan. Het College heeft niet het recht om zichzelf zulke volmachten toe te eigenen.

Voor ons is dat belangrijk omdat deze stad voor grote uitdagingen staat. En dat we alle goede voorstellen nodig hebben om die uitdagingen aan te gaan. Dat toont de heisa rond het capaciteitstekort in het onderwijs van deze week wel aan. Maar net hetzelfde is te zeggen over het capaciteitstekort in de sociale woningen, dat dramatisch toeneemt. En net hetzelfde is te zeggen over het democratisch tekort in de Antwerpse ziekenhuiszorg, waar gezondheidszorgen voor tienduizenden stadsgenoten onbetaalbaar worden.

Juist omwille van die grote uitdagingen roepen wij het College hartstochtelijk op om de democratische besluitvorming te respecteren, en echt te luisteren en in te gaan op het debat op deze gemeenteraad.

Het is niet omdat hij langzaam wordt opgewarmd, dat de kikker niet kookt

Over het bestuursakkoord zelf dan. Het vorige stadsbestuur erkende tenminste nog op papier dat de missie van een sociaal beleid erin bestaat om “voor iedereen op duurzame wijze de sociale grondrechten te garanderen” (Bestuursakkoord 2007-2012, blz. 47). Er werd toen – op papier – gezegd: “Antwerpen wil elke beleidsdaad toetsen aan de zeven sociale grondrechten en aan de belangen van kwetsbare groepen.” (blz. 47)

De sociale grondrechten zijn bepaald door de Verenigde Naties en garanderen elke inwoner, ongeacht afkomst, geslacht of overtuiging een aantal grondrechten. Het recht op betaalbaar wonen, op toegankelijk onderwijs en gezondheidszorg, op een menswaardige job, enz.

Ik weet wel dat men al tijdens de vorige coalitie in de praktijk van deze grondrechten is afgestapt om naar de voor-wat-hoort-wat logica over te stappen. Maar het is niet omdat de kikker langzaam wordt opgewarmd, dat hij niet kookt.

En koken zal hij: de term ‘grondrechten’ is gewoon uit het nieuwe Bestuursakkoord gekieperd, en bij het oud vuil gezet. Grondrechten, dat is blijkbaar iets voor mensen die het zich kunnen permitteren om grondrechten te kopen.

De tijd is te kort om op alle aspecten van het akkoord in te gaan. Ik beperk me daarom hier tot drie grondrechten, en meteen drie kardinale uitdagingen voor deze stad: betaalbaar wonen, toegankelijke zorg en onderwijs.

Eerste probleem: de wooncapaciteit. Duizenden gezinnen op de wachtlijst en het probleem wordt straal genegeerd.

U weet dat Antwerpen de hoogste woonquote heeft van heel Vlaanderen. Een gezin spendeert gemiddeld meer dan dertig procent van het inkomen aan woonkost. Nergens in Vlaanderen is dat hoger. Sinds 2000 zijn de prijzen voor appartementen en huizen verdubbeld.

Ondertussen staan er in onze stad meer dan 10.000 gezinnen op de wachtlijst voor een betaalbare sociale woning. Vorige week nog werd bekend dat het aantal aanvragen voor nieuwe sociale woningen de afgelopen twee jaar met 16 procent is gestegen. De vraag stijgt, maar het aanbod blijft geplafonneerd. Toch vindt het college dat “Antwerpen meer dan zijn verantwoordelijkheid neemt op het vlak van sociale woningen” (Bestuursakkoord, §66).

Integendeel, de hete aardappel wordt doorgeschoven naar de buitengemeenten. Op alle fronten wordt Antwerpen vergeleken met grootsteden zoals New York en Londen, behalve dan als het op sociale woningen aankomt. Dan plots moeten we ons vergelijken met Wortel of met Achterbroek.

Bovendien verdoezelt het bestuursakkoord het feit dat in Antwerpen zelf slechts 2 van de 9 districten de minimale Vlaamse norm van 9 procent halen: Antwerpen en Hoboken  (antwerpen.buurtmonitor.be). De 7 andere districten in Antwerpen halen de norm niet: Ekeren telt slechts 0,6 procent sociale woningen, Merksem 3 procent, Deurne 4,4 procent en het Wilrijk van schepen Homans nauwelijks 5,4 procent.

Maar wat zegt het ontwerp-bestuursakkoord van Wilrijk, dat ook vanavond wordt besproken: ‘sociale woningen not in our backyard’, niet in onze achtertuin. “Wij zijn als district voorstander van een “stand still” wat betreft het bijbouwen van sociale woningen op ons grondgebied.”, zo staat er letterlijk in artikel 83 van het bestuursakkoord in Wilrijk. Het is niet eens een bevoegdheid van de districten, maar het district van mevrouw Homans zegt alvast: wij hebben 984 sociale woningen, ofte 5,4 procent, en wij willen er de komende zes jaar geen enkele bij. Het moet zijn dat schepen Homans Wilrijk ook ziet als een randgemeente, en niet als een district in Antwerpen. Zo geraken we er dus niet.

Deze stad heeft dringend nood aan een woonbeleid, die naam waardig. Waar de schepen van Wonen niet haar achtertuin in Wilrijk beschermt, maar wel ingrijpt in de private huurmarkt met een wooncode naar Nederlands model, en met maximum-huurprijzen afhankelijk van de kwaliteit. En waar de partijen die ook in de Vlaamse meerderheid zetelen in Brussel op tafel kloppen om een echt Marshallplan rond sociaal wonen te realiseren. Zo niet zal de wooncrisis tijdens deze legislatuur écht ontploffen. Dat kan iedereen zien aankomen.

Tweede probleem: de toenemende concurrentie in de zorgsector. Tienduizenden Antwerpenaren stellen hun geneeskundige zorgen uit.

Een tweede probleem dat straal ontkend wordt is de gezondheidsproblematiek. Wie het bestuursakkoord leest moet wel denken dat we in Antwerpen in het paradijs zitten: “Met ZNA beschikt Antwerpen over het grootste ziekenhuisnetwerk van het land. Samen met de andere ziekenhuizen beschikt de Antwerpenaar over een grote keuze wat gezondheidszorg betreft.”, zo staat er in artikel 372.

We hebben het grootste ziekenhuisnetwerk van het land! Maar geen woord wordt er vuil gemaakt over de toegang tot dat ziekenhuisnetwerk.

Tien jaar geleden telde onze stad niet alleen een groot ziekenhuisnetwerk, maar ook een sterk sociaal ingebed ziekenhuisnetwerk. Naast het revalidatieziekenhuis Galifort waren er nog zes volwaardige OCMW- ziekenhuizen: Hoge Beuken, Middelheim, Elisabeth, Erasmus, Stuivenberg, en Palfijn. Een sterk netwerk van tweedelijnszorg dicht bij de mensen.

De neoliberale hervormingen bouwden dat zorgweefsel af. En dit stadsbestuur is blijkbaar van plan om daarmee verder te gaan., zonder grondige evaluatie van de toenemende tweedeling in de gezondheidszorg.

Eén Antwerpenaar op zeven – 14 procent – stelt gezondheidszorg uit om financiële redenen.

Voor Vlaanderen is dat gemiddeld 11 procent, en dat was vier jaar geleden maar 5 procent. We hebben dus niet alleen het grootste ziekenhuisnetwerk, we hebben ook het record in gezondheidsuitstel om financiële redenen.

In het bestuursakkoord wordt bovendien expliciet gesteld dat ZNA moet werken “binnen de competitieve gezondheidszorg” (artikel 372) Wel, als je gezondheidszorg als iets competitief beschouwt, dan kun je niet anders dan de prijzen omhoogduwen om ‘marktconform’ gaan werken. Dat is wat ZNA nu al doet. Daarom zijn ze de fusie met Klina aangegaan: ‘om beter de concurrentie met Gasthuiszusters, Monica en het UZA aan te gaan’. De dupe van dit concurrentieel beleid zal de gewone Antwerpenaar zelf zijn.

Verder zegt het nieuwe bestuursakkoord: “Er komt een evaluatie van de dotatie aan het Zorgbedrijf met als doel een eventuele bijsturing om de tekorten van het OCMW in te perken en de kerntaken duidelijk af te lijnen.” (artikel 369). Dat betekent dat er wellicht nieuwe bezuinigingen komen in het Zorgbedrijf, en dat ouderen nog meer gaan moeten betalen voor serviceflats, voor dienstencentra, en voor thuiszorg ondanks de toenemende noden van de vergrijzing. Kijk naar de nieuwe serviceflats in Deurne. Er staan er meer dan 250 leeg, ondanks heft feit dat er meer dan 5.000 senioren op de wachtlijst staan voor een betaalbare serviceflat. Waarom staan ze leeg? Omdat ze te duur zijn: gepensioneerden betalen er  720 euro tot 1140 euro, en daar komen nog 100 euro vaste kosten bij. Doe dat maar eens met een pensioentje van 800 of 1100 euro.

De ‘grootste’ zijn, met het ‘meeste prestige’ is geen project van de toekomst. Het is een project dat dateert uit de vorige eeuw, tijdens het neoliberale tijdperk. Zorg is geen commercie, en de inwoners van deze stad hebben nood aan wijkgerichte moderne publieke ziekenhuizen om de zorguitdagingen van de 21[ste] eeuw echt aan te kunnen.

Derde probleem: het opvangtekort in de Antwerpse scholen. Hoeveel ouders wachtend op een schoolplaats voor hun kind op 1 september?

Deze week hebben we een sterk staaltje mediadebat gehad over het onderwijs. Burgemeester De Wever die minister Smet verwijt dat hij “het nieuwe geld voor de scholen tegenhoudt.” Sommige politici hebben de kunst van het zwarte-piet-doorschuiven fantastisch onder de knieën. Want wat doet de burgemeester met die aanval: hij schuift de zwarte piet naar minister Smet toe, voor het geval het mis zou gaan.

Dat is een mooie bliksemafleider voor het feit dat álle Vlaamse meerderheidspartijen boter op hun hoofd hebben. Allemaal. Want de onderinvesteringen in het onderwijs dateren al van langer dan vandaag.

De vorige Vlaamse regering dacht een wonderoplossing te hebben via de privaat-publieke samenwerking (PPS) en heeft onder leiding van minister Van Mechelen een groot PPS-project opgezet dat 1 miljard euro zou kosten voor 210 scholen. De huidige Vlaamse regering is daarmee verder gedaan. Maar nu blijkt dat de kostprijs intussen is opgelopen tot 1,5 miljard euro voor hoogstens 200 scholen. De bankencrisis van 2008 heeft gemaakt dat heel het project veel duurder is geworden maar geen enkele partij die daar vandaag ook maar iets over zegt.

In de oorspronkelijke planning moesten die scholen daar nu ongeveer allemaal staan. Ze staan er niet.

In de volgende Vlaamse regering beloofde minister Smet dat de eerste steen eind 2012 zou gelegd worden … maar er is nog nergens met de bouw begonnen. Maar de steen moet niet in de eerste plaats naar minister Smet worden geworpen. Het is minister van begroting Muyters die het meest heeft gehamerd en gehamerd  op besparingen in het onderwijs. Het is minister Muyters die het meest heeft aangedrongen op de één-procent loonsinlevering voor het personeel.

Als de burgemeester vandaag stelt dat het “vijf over twaalf” is om tegen september 2013 in Antwerpen voldoende capaciteit te bouwen, is dat een verantwoordelijkheid van de hele Vlaamse regering. En in plaats van zich in de pers bezig te houden met de zwarte piet door te schuiven zou men iets moeten doen aan het probleem zelf.

De cijfers zijn gekend: tegen 1 september 2013 moeten er 3.400 plaatsen worden bijgecreëerd in het basisonderwijs. Er staan 91 projecten op stapel, en daarvoor is 50 miljoen euro nodig. Antwerpen heeft die 50 miljoen nodig, en de partijen die in de Vlaamse regering zitten moeten ervoor zorgen dat dat geld er komt. Anders speelt men niet alleen zwarte-piet. Men speelt vooral met de toekomst van de jeugd in onze stad.

De polarisering: een beleid gebaseerd op angst voor de jongeren

Wat ons als PVDA+ het meeste stoort, is zelfs niet dat het nieuwe stadsbestuur de drie kernproblemen uit de weg gaat.

Want ons nog veel meer stoort is de polarisatie die het nieuwe Stadsbestuur hier rond wil opzetten. Sinds einde vorig jaar is deze stad voortdurend in het nieuws met ophefmakende berichten over patsercampagnes, samenscholingsverboden, sneeuwballenverbod enzomeer. Ja, de burgemeester van deze stad vindt zelfs de tijd om in een Opinie in de Standaard de hip-hop-cultuur in onze stad te beledigen.

Het lijkt er vooral op dat dit stadsbestuur de oorlog met de jongeren wil aangaan.

Wel, jongeren moeten jong kunnen zijn, en dus af en toe een sneeuwbal gooien, zonder dat de zware arm van de wet hen antwoordt met een GAS-boete.

Jongeren moeten zichzelf kunnen zijn, en dus ook naar muziek kunnen luisteren, zonder dat de grote leider hen verwijt dat hip-hop leidt naar criminaliteit.

Jongeren moeten ruimte hebben om met elkaar om te gaan, samen te zijn in een park, op een plein zonder dat ze gestigmatiseerd worden als ‘overlastjongeren’.

Een beleid dat gebaseerd is op angst voor jongeren, is een beleid dat gebaseerd is op angst voor de toekomst.

Jongeren moeten een kans krijgen om een job te leren en een volwaardige baan te betrekken. Maar dit stadsbestuur bouwt de tewerkstelling zelf af. Door lineair te besparen bij de stadsdiensten, en door de sociale tewerkstelling af te bouwen. Alles wordt nu gezet op ‘activeren’. Maar je moet dat wel eens uitleggen: hoe gaat men meer dan 40.000 mensen activeren voor nauwelijks 7.000 openstaande banen? Waarvan de helft dan nog interim-arbeid is.[1]

Waar dit stadsbestuur mee bezig is, is haar verantwoordelijkheid naar onder door te schuiven. Dat is de logica achter het hele rechten-en-plichten-discours.

De week na de verkiezingen zijn wij op het Schoon Verdiep gaan spreken met de burgemeester – toen nog informateur. Mijnheer De Wever vertelde ons toen dat je op twee manieren burgemeester kan zijn van een stad. 
Ofwel op de manier zoals Janssens dat deed, zo vertelde hij. Dat wil zeggen een burgemeester zijn voor de hele stad, en boven het gewoel staan.

Ofwel op de manier zoals in Orange, zo vertelde hij. Door een bestuur te hebben voor 55 procent van de bevolking, dat gehaat wordt door 45 procent van de bevolking. Een soort gewapend bestuur. Dat is de andere manier, zei mijnheer De Wever. Hij liet toen verstaan dat hij eerder voor de ‘optie Janssens’ zou kiezen.

Wel, het lijkt er steeds meer op dat De Wever heel bewust kiest voor de aanpak zoals in Orange. Door jongeren te schofferen, door zeer hard te besparen op het stadspersoneel en de publieke dienstverlening, door migranten te stigmatiseren, door Borgerhout hard aan te pakken, en vooral door in de media te polariseren, te verdelen en te verdelen.

Deze stad heeft geen polarisatie nodig, deze stad heeft verbinding nodig. Een beweging die verbindt, in plaats van te verdelen. Een beweging die streeft om de grondrechten voor elke Antwerpenaar te realiseren, in plaats van die af te schaffen. Een beweging die opkomt voor democratie en inspraak, in plaats van oncontroleerbare volmachten voor de burgemeester en het schepencollege. Een beweging die een nieuwe, toekomstgerichte en solidaire dynamiek brengt in de stad.

Dat is de logica waarmee onze fractie de komende zes jaar oppositie zal voeren.

 

[1] 31.336 uitkeringsgerechtigde werklozen in Antwerpen; 7.624 leefloontrekkers; 4.570 equivalente leefloontrekkers. Totaal: 43.548 te activeren voor slechts 7.188 vacatures, waarvan 49 procent door ‘uitzendkantoren’

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!