The Valley Of Deslation.

The Valley Of Deslation.

woensdag 14 december 2011 18:05

Gisteren beleefden we ongetwijfeld het hoogtepunt van onze rondreis.

Graaff-Reinet is een zeer prachtig stadje. Je kunt er gerust een ganse dag ronddolen om de meer dan 200 monumenten te bezichtigen. Niet voor niets wordt deze stad het juweel van de Oost Kaap genoemd. En dik verdient ook!!!

Graaff-Reinet:

De stad ligt als het ware in een vorm van een hoefijzer omgeven door de dorre bergen van het Camdeboo National Park.
Eind 18de eeuw hadden Nederlandse burghers de grens naar het Kaapse noorden verlegd. Zo kwamen ze terrecht in deze groene vallei en dachten handel te kunnen drijven met de inheemse bevolking, de Koi en de San. Maar de kolonisten bleken niets anders te zijn dan een stelletje boeven en stalen het vee van de nomadische boeren. Uiteraard eindigde dit een enorm conflict. De kolonisten ontvoerden ook vrouwen en kinderen om voor hen te komen werken als slaven.

Het conflict escaleerde in 1786 waardoor de authoriteiten een landgoed stichten in Graaff-Reinet om vrede te stichten. Het hele gebied werd nu bestuurd door de kolonisten. Het lijkt wel het verhaal van de Palestijnen in Israël.

Langzaam maar zeker worden de eerste schapenboerderijen opgericht omdat morinowol goed handeldrijft. De bloei van de wolindustrie bracht rond 1855 welvaart in de stad. Vandaag is de stad nog steeds de hoofdzetel van de wolindustrie. Je vindt er dan ook de ene boerderij na de andere.

In de voormiddag hebben we gedurende 3 uur een rondleiding gekregen van lokale gids David. Hij loodst ons naar de belangrijkste bezienswaardigheden in de stad en vertelt ons uitvoerig over de geschiedenis.

Eén van de mooiste plaatsen in de stad is ongetwijfeld het Drosdyhotel. Het smalle straatje dat leidt naar het hoofdgebouw staat vol met kleine symetrisch gebouwde huisjes waarvan de deuren en luiken allemaal een eigen opvallende kleur hebben. Vandaag zijn het allemaal afzonderlijke appartementjes om in te verblijven.

Vermeldenswaardig zijn zeker ook de Nederlands hervormde kerk en de vele Victoriaanse huizen die deze stad rijk is. Allemaal in het wit of zandkleur met een groen dak en groene deuren, luiken en veranda’s. Deze kleur groen, die overal hetzelfde is, kreeg dan ook de naam Graaff-Reinetgroen. De inwoners van de stad zijn dan ook heel trots op hun kleur.

The Valley of Desolation:

Om 16.30 uur komt gids David ons terug ophalen met zijn Jeep. We hebben afspraak met het Camdeboo National Park en zijn Valley of Desolation. Het is de bedoeling dat we naar de zonsondergang gaan kijken.

Het Nationale park ligt rondom de stad. Het is als het ware dat de dorre bergen de stad omarmen om haar te beschermen tegen alle kwaad. De ingang van het park ligt een 5 km buiten de stad. We rijden er met de open-Jeep naar toe.

Onderweg stoppen we nog bij een stuwdam met aanpalend meer. Het was oorspronkelijk de bedoeling dat het water als irrigatie zou gebruikt worden maar blijkbaar was het gemeentebestuur effe vergeten dat de boerderijen veel te ver van het stuwmeer liggen. Het water van het meer wordt nu enkel gebruikt in de voorziening van drinkwater.

Aangekomen aan het park voert een smalle asfaltweg ons gaandeweg naar boven. David vertelt ons over het ontstaan van het park en zijn troeven. Hij wijst ons regelmatig de plaatsen aan waar er dieren te zien zijn. Goed dat we de verrekijker mee hebben en dat David ons exact de plaatsen aanwijst. Anders zouden wij de Kudu’s en Hartebeesten niet gevonden hebben.

Na een tijdje komen we aan bij een eerste vieuw point. We moeten enkele treden naar omhoog klimmen. Het zicht is buitengewoon. We zien de ganse stad onder ons liggen en met de verrekijker vinden we de B&B waar we verblijven. Inmens zijn ook de vlaktes die we in de verte ontwaren en de bergen die er achter liggen. David vertelt ons ook veel over de vegetatie en de soorten gesteenten. Hij is een echte kenner en dat is leuk meegenomen.

Onze Jeep voert ons verder naar boven. We doen nog drie vieuwpoints aan zo vertelt ons onze gids. Plots stopt David de Jeep en wijst ons naar de rotsen aan de overkant. Fier, de hoorns naar boven getorst en met opgeheven hoofd staat daar als een koning, een mannetjes Kudu of Kudustier. Hij is de meester van het gebergte en zijn blik liegt er niet om. Ik voel me nietig en klein bij het aanschouwen van dit geweldige dier.

Aangekomen aan een rotonde parkeren we de safariwagen. David haalt een rugzak boven en we klimmen te voet verder.
Bij een eerste vieuwpoint zijn we al sprakeloos. Het uitzicht is adembenemend. Maar blijkbaar is dit nog maar een voorsmaakje. Dan maar verder naar het volgende punt. David vertelt ons over het onstaan van dit rotsachtige gebied miljoenen jaren geleden. Hij leert ons ook de verschillende lagen steen te onderscheiden en volgens een beroemd geolooog zouden de vlaktes vroeger veel hoger hebben gelegen.

Bij het tweede punt zijn we nog meer van slag. Hier zien we reeds te toppen van de rotsen en de diepe rotskloof. We horen ook de Bavianen krijsen. Het lijkt wel ruzie in het huishouden. Maar ja, dat kan overal wel eens gebeuren zeker? We krijgen maar niet genoeg van het wijdse uitzicht. Toch maant David ons aan om nog even verder te gaan.

En zo komen we letterlijk op het hoogtepunt van onze reis. Wat we hier zien is werkelijk fenomenaal. Onze mond valt wijd open bij het zien van al het moois wat moeder natuur hier heeft gemaakt. De rotsen staan recht omhoog. Ze lijken wel de puntige pieken van een kerstboom. En onderaan ligt de kloof. Adembenemend. Schitterend schoon. Er zijn geen superlatieven genoeg om dit te beschrijven. Ondertussen heeft David zijn rugzak reeds opengedaan en schenkt ons een roemer wijn in en biedt ons nootjes, olijven en chips aan. En nu maar wachten op zonsondergang. Als dit niet puur genieten is?

Maar, we vrezen dat het zal mislopen. Er hangt te veel bewolking die de zonsondergang zal verstoren. We zouden het wel erg vinden maar het uitzicht alleen al is de moeite waard. We zullen nog een 10 tal minuutjes moeten wachten, zegt David ons. Dus worden de glazen nog eens bijgevuld en praten we verder over alles wat we zien en krijgen we nog een les plant- en dierkunde. Plots zien we boven op één van de hoogste rotsen een Baviaan zitten. Het doet hem blijkbaar niks daar zo bovenop deze hoge rots te zitten. Gelukkig heeft de baviaan in verhouding tot mezelf geen last van hoogtevrees. En Sylvie die trekt maar lustig verder foto’s maar het is dan ook de moeite waard.

Het uitzicht vanaf de rand van de canyon in schitterend. Het wordt nog beter als je luistert naar de weergalmende vogelgeluiden. Het zou enig geweest zijn om ook hier de zwarte arend te zien rondcirkelen maar vandaag geeft hij niet thuis.

Een 10-tal minuten verder is het of de goden ons gunstig gezind zijn. De meeste wolken zijn weg en een rode gloed verschijnt aan de horizon. We kunnen nu volop genieten van de zonsondergang. Het lijkt wel of de hemel en de nog aanwezige wolken in brand staan. Prachtig, gewoonweg prachtig. Bijna elke seconde verandert het schouwspel en de kleuren. Dit is ontegensprekelijk de mooiste zonsondergang die we ooit hebben gezien. Mogelijk maken we dit nooit meer mee en dat beseffen we maar al te goed. Zelfs David is onder indruk en hij komt hier meerdere keren per week.

Als de zon helemaal onder is steekt er plots enorm veel wind op. Tijd om te vertrekken zegt David. Niet veel later verschijnen de eerste bliksemschichten aan het firmament. We hebben weer veel geluk want er komt dan toch geen regen. We hebben hooguit een paar flitsen gezien maar deze waren voor ons al indrukwekkend en schrikbarend genoeg.

Ondertussen is het al flink donker en met de grote lichten op rijden we terug naar beneden. De wind waait nog steeds en snijdt onze adem af. Toch voelt het goed na al wat we gezien hebben.

En als kers op de slagroomtaart krijgen we vlak voor ons nog een uil te zien die op de weg zit. We stoppen en zijn ogen schijnen als schitterende juwelen door de lichten van de Jeep. Het dier blijft rustig zitten en kijkt ons recht in de ogen met zijn blinkende knikkers. Een paar seconden later open hij zijn vleugels en vliegt de donkere nacht in op zoek naar prooi.

Een mooiere aflsuiter, van een voor ons wel heel bijzondere dag, hadden we ons niet kunnen inbeelden. Dit was ontegensprekelijk letterlijk en figuurlijk het hoogtepunt van onze rondreis die bijna afgelopen is.

Knysna:

Ondertussen hebben we 400 km afgelegd en zijn we toegekomen in Knysna. We waren hier verleden jaar slechts één dag en merkten dat dit veel te kort was.  Er is hier een prachtige lagune en die willen we wel eens helemaal zien, dus…  zijn we hier terug.

Maar deze keer willen we de lagune wel eens van een andere kant bekijken. En daarom gaan we morgen bootje varen.
Maar daarover later meer…

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!