RAND-studie over cannabis regulering

RAND-studie over cannabis regulering

dinsdag 24 december 2013 21:37

De internationale verdragen rond de productie, distributie en bezit van cannabis zijn de afgelopen 25 jaar nagenoeg onveranderd gebleven. Toch hebben een aantal landen hun wetten en het beleid omtrent cannabis gewijzigd. De straffen op het bezit werden verlaagd, en sommige landen namen stappen voor cannabisteelt en distributie te reguleren.

In juli 2013 heeft de Nederlandse overheid aan RAND Europe[1] de opdracht gegeven om een overzicht[2] op te stellen van deze initiatieven. Hiervoor werden de Cannabis Social Clubs in Spanje en België, de legalisering van cannabis in Colorado en Washington, en de legalisering in Uruguay, onder de loep genomen. Het rapport haalt ook voorbeelden aan in Canada, Chili, Tsjechië, Frankrijk, Israël, Groot-Brittannië, Zwitserland en Portugal, waar de productie van cannabis voor medisch of recreatief gebruik toegelaten is of het onderwerp vormt van discussie.

Enkele verschillen tussen deze initiatieven zijn distributie, standpunt van de overheid, rol van de overheidsfunctionarissen en de mate van openheid waarin deze activiteiten worden ondernomen. In België en Spanje gebeurt dit via het besloten clubmodel en vervullen overheidsfunctionarissen geen enkele rol in de productie en distributie. Wettelijke handhavingsmaatregelen kunnen volgen, maar zijn wellicht halfslachtig. In contrast hiermee staan de openlijke maatregelen die worden getroffen in Uruguay en de Verenigde Staten waar men overgaat tot een grotere en openlijke distributie met winstoogmerk en waar vervolgens belastingen wordt betaald. In Uruguay stelt de nationale overheid wetten op die indruisen tegen de internationale verdragen.

De V.N. heeft op de initiatieven in de Verenigde Staten en in Uruguay gereageerd door te stellen dat deze initiatieven in strijd zijn met de internationale wetgeving en de landen aangespoord om hun beleid in lijn te brengen met de geldende internationale verdragen. In de Verenigde Staten is weinig discussie over de vraag of men wel of niet in strijd zou zijn met de drugsconventies van de V.N.. De Minister van Justitie verklaarde in eerst instantie dat hij het in overweging zou nemen, maar in de daaropvolgende memo werden de internationale conventies niet genoemd. Ook een tussenkomst van een senator op een hoorzitting werd niet aangekaart en is daarom geen onderwerp van officiële discussie.

In Uruguay wordt er openlijk getwijfeld aan de internationale drugsconventies. Zij noemen het Enkelvoudig Verdrag en de daaruit voortvloeiende beleidsmaatregelen, een product van hun tijd en vinden dat het daarom nu kritisch bekeken en aangepast dient te worden. De nieuwe aanpak, waarbij cannabis gelegaliseerd wordt, streeft nog steeds dezelfde doelstellingen na van de internationale verdragen, enkel de aanpak verschilt. Over de Cannabis Social Clubs in Spanje en België is er geen officiële overheidstandpunt en ook de V.N. heeft niet gereageerd.

De Cannabis Social Clubs in België zijn VZW’s en opereren onder de ministeriële gemeenschappelijke richtlijn van 2005. Deze richtlijn kent de laagst mogelijke prioriteit toe aan vervolging voor bezit van maximaal drie gram cannabis of één geteelde cannabisplant. Social Clubs bieden hun leden de mogelijkheid om gezamenlijk cannabis te telen, één plant per persoon, in besloten ruimten. De Antwerpse CSC ‘Trekt uw plant’ is betrokken geweest bij twee rechtszaken maar telkens werden de verdachten vrijgesproken. Sinds 2010 werd er geen enkele juridische actie ondernomen tegen deze CSC’s.

Onlangs werd het halfslachtige cannabisbeleid in België verstoord door een nieuw wapenfeit. Op 18 december 2013, samen met het verschijnen van de RAND-studie, werd de voorzitter van de Limburgs CSC Mambo Social Club gearresteerd.[3] Hij was op weg met een zestigtal planten naar evenveel leden die zich hadden verzameld voor een privé-bijeenkomst waar ze hun, door de CSC geteelde cannabisplant, in ontvangst konden nemen. Verontwaardigde reacties, niet in het minst van de medische gebruikers, die geconfronteerd werden met een inbeslagname van het plantje waar ze drie maanden op hadden gewacht. Het verschil tussen kerstdagen met of zonder pijn.  

Recent pleitten professor Paul De Grauwe, Jan Tytgat en Tom Decorte voor een legaal kader voor cannabis. “De 400 miljoen euro die nu wordt ingezet voor een falend repressiebeleid kan beter worden besteed aan extra middelen voor de ontrading van cannabisgebruik en voor hulp aan verslaafden. Een door de overheid gecontroleerde cannabisproductie en -distributie zou een meer dan welkome oplossing zijn, zeker voor het medicinale gebruik van cannabisproducten“[4].

Minister Onkelinx heeft aangekondigd dat “Op 14 januari 2014 de Algemene Cel Drugsbeleid zal bepalen hoe het nu verder moet met de globale analyse van de problematiek. Bij die analyse moet rekening worden gehouden met alle mogelijke denksporen en adviezen, ook over het medicinale gebruik van cannabis. Op basis van deze analyse kunnen dan eventueel de nodige initiatieven worden genomen.”[5]  Hopelijk kan er worden gewerkt aan een wettelijk regulerend kader waarbij de regels van de CSC‘s, zoals een minimumleeftijd, een ingezetencriterium bekrachtigd worden en aangevuld met een vergunningsysteem en controle op de teelt en eindproduct.

Voetnoten

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!