Kinderbijslag: FC De Kampioenen 0 – Femma 1

vrijdag 28 november 2014 07:09

Niet om te lachen

Markske van FC De
Kampioenen, vertolkt door Herman Verbruggen, mocht op Reyers Laat komen vertellen waarom Bieke en hij geen
kindergeld nodig hadden. Neen, sorry. Opnieuw: Herman Verbruggen, die
Markske Vertonghen speelt in FC De Kampioenen, mocht komen vertellen
waarom hij en zijn vrouw Petra geen kindergeld ‘nodig’ hebben, waarom tweeverdieners geen kindergeld nodig hebben.

Nogmaals sorry. En helaas. Het was
spijtig genoeg geen fictie, het was Reyers Laat.

FC De Kampioenen is
al niet om te lachen, maar dit was écht niet om te lachen.

Dat het hem vrij
staat om het kindergeld dat hij ‘niet nodig heeft’ weg te schenken
aan behoeftige kinderen, eender waar in de wereld, was nog niet bij
hem opgekomen. Neen, hij wilde een gebaar stellen, denk ik. Een signaal geven.

De broeksriem

Herman noemde
zichzelf heel expliciet eerlijk en impliciet genereus. Hij wilde
tonen dat een hele hoop mensen, waaronder hijzelf en zijn vrouw, de
broeksriem een stuk harder kunnen aantrekken. Maar dat hijzelf in
feite níet de broeksriem zou moeten aantrekken, want hij verdiende
meer dan genoeg. En dan waren er nog royalties en rechten. Maar hij
was toch bereid om de broeksriem ‘aan te trekken’. Het zou niet in
zijn vlees snijden, dat wilde hij zeggen. De metaforische broeksriem: We, de
gerfortuneerden, moeten niet wachten op nog hardere besparingen.
Herman stelt vrijwillig voor om kindergeld af te schaffen, behalve
voor wie het écht, écht, nodig heeft.

Ja, neen, maar écht?

Want Herman en zijn
vrouw worden daar niet per se gelukkiger van, van die 273 euro per
maand.

Het interview begon
al goed. Lieven peilde naar Hermans inkomsten. Herman vond het geen
enkel probleem om ‘helemaal eerlijk’ te zijn over dat onderwerp, om
vervolgens heel vaag te blijven. Hij zegt niet hoeveel hij verdient.
Al zegt hij op een bepaald moment wel “veel”. Hij zou het eens
aan zijn boekhouder kunnen vragen wat hij vorig boekjaar verdiend
heeft, die zal het hem tot op de centiem nauwkeurig kunnen vertellen.
Delen door twaalf en dan zouden we weten wat je inkomen per maand is.
Niet dat het me interesseert, Herman, maar je wilde er open en
eerlijk over zijn. Dan weten we ineens tot welk bedrag die 273
euro kinderbijslag in verhouding staat en waar die grens
gaat liggen die jij wil trekken. De grens waarboven mensen geen
kindergeld meer zullen krijgen. Want dat is toch wat je voorstelt,
Herman?

Gelukkig zat er
iemand aan de overkant – want van Lieven komen de intelligente
vragen toch te zelden – die Herman een klein lesje
solidariteit gaf. Echte solidariteit, en dan niet de neoliberale
aalmoespolitiek die Herman onder progressie verstaat. Riet Ory van
Femma legde hem en een deel van Vlaanderen uit wat de essentie is
van onze welvaartstaat, onze maatschappij, onze échte roots. De
kinderbijslag is er omdat wij als maatschappij geloven dat wij
allemaal instaan voor de opvoeding van onze kinderen.

Goed bedoeld en sympathiek

“Het was eigenlijk
heel goed bedoeld”, zegt Herman tegen Lieven en geeft hem
onmiddellijk een vermaning, “Want ge hebt het eigenlijk ook weer
fout aangebracht, hé!” Hij vertelt dat hij die zondagochtend op Radio
2 dit heeft bedoeld: “In het kader van de besparingen  – die
nu gewoon nodig zijn, hé, want dat heb ik begrepen – dúrf ik de
vraag stellen of mijn vrouw en ik, die allebei werken, die twee
kinderen hebben, die daarvoor gekozen hebben, dúrf ik in vraag te
stellen, euh: Is dat misschien wel nodig dat wij dat kindergeld
eigenlijk nog krijgen? Zijn er geen andere mensen die dat meer nodig hebben
dan wij? Da’s ‘t enige dat ik gedaan heb!”, besluit hij met een
onschuldig gezicht dat toch, jawel, aan Markske doet denken…

En dan begint het
interview pas. Nadat Herman Lieven op zijn plaats heeft gezet.
Lievens eerste vraag is die naar het inkomen van de gasten. Een
moeilijk onderwerp in Vlaanderen. Niet voor mevrouw Ory:

“Zonder
kinderbijslag 4200 euro.” Ze vertelt er verder bij dat daar 500
euro kinderbijslag bijkomt, want ze heeft drie kinderen (ze zag er
erg gelukkig uit wanneer ze het zei, en wellicht even aan hen dacht).
Zo! 4700 per maand dus. Mooi. En vooral klaar en duidelijk.

Dan is
het Hermans beurt. Lieven begint voorzichtig: “Mag ik dat aan jou
ook vragen?”

Waarop Herman:
“Liever niet, maar ik ga dat wel proberen.”

Proberen, Herman? Of
ga je eerlijk zijn?

Herman: “Ik ga het
eigenlijk wel doen, ja. Ik wil het eigenlijk wel doen.”

Lieven: “Da’s
sympathiek.”

Herman:
“Neeneeneenee, dat kadert volledig in de openheid die ik wil,
euh… Ik heb een bedrijfje, daar heb ik een maandloon van 1500
euro.”, steekt hij van wal. Om daarna te stoppen met cijfers noemen.

Hij heeft dus een
basisloon, maar daar komt vanalles bij, en zijn vrouw, die werkt
3/5e, maar werkt blijkbaar ook ‘veel’, en verdient ‘zelfs wat meer
dan ik’, maar geen cijfers.

Letterlijk: “Mijn
vrouw, die werkt drie vijfde, dat wil ik nog zeggen, euh, ik denk dat
die ongeveer ‘t zelfde verdient zoals ik, ik denk dat die zelfs soms
wel wat meer heeft, ze werkt ook euh veel, (…)”

Dus, Petra werkt 3
dagen per week, verdient daarmee ‘misschien zelfs’ meer dan jij, maar
ja, ze werkt dan ook ‘veel’. Geraak daar maar eens wijs uit. Hij kon
niet zeggen hoeveel hij verdiende, maar we kregen na enkele minuten
wel een “Het zal ongeveer wel…” uit Hermans mond, waarbij hij
in de richting van Riet Ory wees.

Waarop Lieven
aanvult: “Hetzelfde bedrag?”

Herman: “Mjaa, oké,
ik heb dan het geluk dat ik natuurlijk af en toe eens wat royalties
krijg en rechten enzo, hé… Maar oké.”

Oké dus. Hij verdient wellicht meer. So what and who cares? Het is hem volledig gegund. Hij is
verdorie een legende, een stripfiguur op rust, zoals Jomme Dockx van
De Collega’s (maar dan met merchandising, royalties en rechten).

We willen niet per se weten hoeveel je verdient, Markske. Wat we in geen geval willen is een uitleg van drie minuten zonder antwoord. Zeggen dat je eerlijk zal zijn omdat het kadert in je filosofie van ‘openheid’ en dan zó rond de pot draaien…

Herman was over zijn
inkomen even eerlijk en duidelijk als een slechte politieker. Even langdradig en oninteressant. En even grappig. Hij was heel ernstig, beangstigend ernstig en onbekwaam, en zelfs in zijn mislukte humor van de avond zat de potentiële rechtse hoek, de vloek van de ondernemer.

Niemand moest lachen wanneer hij nog voor het interview verklaarde
dat hij nog eens met z’n smoel op tv wilde en dat hij daarom een controverse
uit z’n rechtermouw had geschud. “Hahaha, ‘t is niet waar, zenne,”
voegde hij eraan toe zonder mij gerust te stellen. Smakelijk lachen
moest ik niet. Ook het ‘grapje’ dat zijn inkomsten aangedikt worden
dankzij zijn bekende kop, via signeersessies, andere schnabbels,
onkostenvergoedingen, “Zoals hier hé, hahaha!”… Riet vroeg hem of
hij hiervoor betaald werd, en alweer kon er gelachen worden. “Hahaha, neen, neen,” zei Lieven, “‘t Was
maar om te lachen,” zei Herman, maar in zijn ogen stond te lezen dat
hij op zijn minst de naft gaat inbrengen. ‘t Zal wel niet zijn.

De gefortuneerden

“Komen jullie
daarmee toe, met dat kindergeld?”, vraagt Lieven. Een eigenaardige
vraag. Toekomen met kinderbijslag. Dat is één van die minder
intelligente vragen van Lieven, zullen we maar zeggen.Wat reken je?
Hoeveel kost een kind? Wat een belachelijke vraag.

Riet Ory draait de
zaak om en beantwoordt tegelijkertijd de ‘uitdaging’ van Herman. Ze
geeft een antwoord op de vraag of ze zónder die bijslag zou
‘toekomen’.

“Het zou wel
lukken”, zegt ze, om vervolgens te stoppen met die flauwekul van de
heren aan tafel. Gelukkig!

Ze gaat verder:
“Maar da’s persoonlijk. Ik zit hier niet alleen voor mezelf,
natuurlijk. Ik wil ook spreken vanuit veel onderzoek dat gevoerd is
over: Waar komt kindergeld terecht, bij welke gezinnen? En dan denk
ik, dan wéét ik uit cijfers dat wíj dan,” ze richt zich nu tot
Herman, glimlacht even en gaat verder, “als wij ongeveer hetzelfde
verdienen, dat wij dan gefortuneerd zijn, hé? Dat de meeste mensen
niet zo veel verdienen, hé?”

Gefortuneerd? In de
zin van ‘zich gelukkig mogen prijzen’, misschien. Het is maar een
woord, zal je misschien denken. Maar wel een woord dat ‘rijk’
betekent, ‘bemiddeld’, ‘vermogend’. Een woord waar ‘fortuin’ in
schuilt, dat naar het lot verwijst, naar immense bedragen, naar de
geluksgodin…

 Lieven komt tussen
en geeft Herman de volgende voorzet: “Dat is ook wat jij wil
aangeven…?”

“Jawel”,
antwoordt Herman niet geheel onverwacht.

Lieven: “Ik ben
bij de gefortuneerden en ik stel mezelf dan de vraag: Is het wel goed
besteed aan mij?”

De volgende cut naar
de ingezoomde lens van de camera op het blinkende, fronsende,
nadenkende gezicht van Herman deed me weer aan Markske Vertongen
denken. Ik fantaseerde er een regie-aanwijzing bij in de trant van:
‘Close up naar Markske die de mop van Boma niet begrijpt’. Met zo’n
fantasietje zou ik normaal even voort kunnen om een aflevering van de kampioenen bij elkaar te verzinnen, maar in tv-land gaat
alles onverbiddelijk door, zonder pauses of stiltes.

Waar waren we
gebleven? Lieven had weer een voorzet gegeven door te stellen dat
Herman had ‘aangegeven’ dat hij té gefortuneerd was om nog langer
recht te hebben op kinderbijslag. Een moeilijk ethisch punt voor
Herman in deze tijden van besparingen, die noodzakelijk zijn, zo
heeft hij geleerd. Dat geld zou beter besteed moeten worden, zo vindt
Herman, die zich onder de ‘gefortuneerden’ acht – ocharme – en dat
graag beaamt.

“Ja, dat is het
eigenlijk.”, zegt Herman opgelucht.

“Hé? Daar komt
het eigenlijk op neer, hé?”, vraagt Lieven nog eens bevestiging
voor zijn assist.

“Dat is het
eigenlijk”, zien we Herman nog eens de bal binnentikken in een live
repeat
.

Samen zijn ze erg
blij met deze samenvatting. Ik heb het niet nodig, anderen wel, geef
het aan die anderen. Eervoller kan haast niet. Nogmaals, het staat
hem vrij om dat geld weg te schenken. Ik houd hem niet tegen.

Herman: “Dat is
het eigenlijk, omdat ik, euh, allez, ik wil het nog ietske, euh, nog
meer wat nuanceren, en wat, wat, omdat ik, de laatste jaren ben ik
enorm, euh, allez, geïnteresseerd geraakt, allez, in het gegeven
Sociale Zekerheid, hé?”

Het gegeven Sociale Zekerheid?
Ja, daar had Lieven al van gehoord. Hij kwam dan ook met een
aanmoedigende “Ja” tussen.

Herman trok nu een
nog ernstiger gezicht en vervolgde: “Euhm, ik denk dat, ik, ik, ik vind
dat mensen dat ook te weinig beseffen, hoe fan-tas-tisch dat ons
systeem is.”

Lieven gromt even
goedkeurend “Hu-hummm”

Herman: “Er mag
ons vanalles gebeuren, we kunnen echt compleet in ‘t failliet
terechtkomen, d’ er is altijd een vangnet. Al-tijd.”

Lieven: “Hu-hummm”

Herman: “En voor
iedereen. Ie-de-reen mag naar den dokter gaan, iedereen zal daar de
helft eigenlijk maar van betalen.”

Lieven: “Hu-hummm”

We zouden natuurlijk
wel een kanttekening of twee kunnen maken bij dat fan-tas-tisch systeem. Maar
ik laat de man en zijn briljante geest verder aan het woord.

Herman voelt de pot kleiner worden

Herman: “Ik ben er
ook van overtuigd, en dat voel ik aan – iedereen voelt dan aan –
dat er bespaard moet worden omdat die pot waar dat wij elke dag iets
inleggen van ons inkomen, hé, en die verdeeld wordt, voor naar die
tandarts te gaan, en voor die kinderen enzo. Die pot, die is kleiner.
Er komt wat minder in. Dus we moeten onze broekriem een klein beetje
aantrekken.”

Hij ademt even in en
mimeert ‘man die broeksriem aantrekt’. Ook een regie-aanwijzing.

Hij gaat (nóg)
verder. Ondertussen zit mevrouw Ory er een beetje bij voor Riet Snot….

“Euhm, goe!”
besluit hij, alsof het laatste woord over de besparingen daarmee
gezegd is.

We moeten ons erover
zetten, lijkt zijn boodschap. Be realistic.

Hij vervolgt: “Er
wordt eigenlijk alleen maar over geld gesproken, en niet over hoe
mensen zich voelen; het welbevinden van de mensen. En dat vind ik dan
belangrijk, en dan denk ik van: Kijk! Petra en ik, gaan wij
on-ge-luk-kig-er worden?”, stelt Herman de vraag terwijl hij
“ongelukkiger” ook nog eens met gebaren tussen aanhalingstekens
plaatst. (Die acteurs toch.) “Gaan wij ongelukkiger worden als wij
die 273 euro minder hebben? Ik denk het niet, maar ik denk wél, dat
er heel veel mensen zijn, die wel gelukkiger gaan worden, mochten die
iets meer krijgen.”

Lieven: “U-Hu”

Herman: “Dan denk
ik dat ge uiteindelijk, als iedereen daar eerlijk mee zou omgaan, dat
ge nog ne grotere pot zou hebben om te verdelen. Ik denkt dat wel.”

Lieven: “Nobel
idee, maar je zegt dus zelf nu ook: ik, ik stel daar een vraagteken
bij… Mevrouw Ory, u heeft daar ook onderzoek naar gedaan, hé?”

Riet Ory geeft kopstoot aan onderbuik

Lievens samenvatting
raakt alweer kant noch wal. Laten we dus zelf even stoppen en
nadenken. Wat heeft Herman Verbruggen nu eigenlijk gezegd de laatste
minuut of zo? Hij is de laatste jaren erg geïnteresseerd geraakt in
sociale zekerheid en denkt dat andere mensen, die waarschijnlijk niet
zó geïnteresseerd zijn als hijzelf, niet beseffen hoe fan-tas-tisch
dat systeem is. En omdat hij er al zo lang mee bezig is, de
entertainer Herman Markske, is hij een soort expert. Hij weet de
klepel hangen en wil ons, het gewone volk, waarschuwen voor misbruik
van onze sociale zekerheid. Het kan ‘beter’ besteed worden volgens
hem. Ons prachtig systeem, waar iedereen naar de dokter kan gaan en
uiteindelijk maar ‘ongeveer de helft’ voor zal betalen. Niet zoals in
het door links vervloekte Verenigd Koninkrijk, waar je niks betaalt
voor medische zorgen. Niet zoals in het door rechts verafschuwde
Cuba, waar je niks betaalt voor medische zorgen. Maar we ‘weten’ – of
is het ‘aanvoelen’, Herman? – dat we moeten besparen. Want volgens
Markske komt in die ‘pot’ altijd maar minder en minder. Misschien is
Herman wel ‘geïnteresseerd’ in sociale zekerheid, maar dat
wil daarom niet zeggen dat hij er iets vanaf weet natuurlijk. Wat
bedoelt hij met ‘de pot’? Het bedrag dat de ministers voorzien voor
bepaalde diensten, de budgetten, de begroting? Waarom komt hij plots af met de factor ‘geluk’? Omdat er straks in de uitzending iemand anders komt lullen over geluk? Hij zegt voor de rest helemaal niks over geluk. Hij zal niet ongelukkiger worden als hij die kinderbijslag niet langer zou krijgen. Dat doet me denken aan een andere, écht gefortuneerde: Coucke, die vorig jaar nog verklaarde dat hij het niet meer dan normaal zou vinden mocht er een billijke vergoeding komen op de meerwaarde bij verkoop van bedrijven. In het ondernemersklimaat van vandaag heet het dat hij al genoeg heeft bijgedragen en dat die billijke vergoeding toch maar in een bodemloze put zou belanden. Of, zoals Siegfried Bracke en anderen het zeggen: We mogen godverdomme blij zijn dat er rijke mensen zijn.

Mevrouw Ory begint
aan haar uitleg waarbij ze heel duidelijk aangeeft dat er studies
bestaan, dat er onderzoek is gevoerd naar alles wat met
kinderbijslag te maken heeft en de impact ervan op de samenleving: “Kindergeld is eigenlijk geld van de
samenleving dat gegeven wordt aan iedereen die kinderen heeft omdat
men vindt dat kinderen opvoeden en de kosten die daarmee gepaard
gaan, gedragen worden door de hele samenleving. Dat is het opzet van
kinderbijslag.”

Bang,
bang. Een
nieuwe heldin is geboren. Herman zijnde zou
ik de handen voor de ogen
slagen en vergiffenis vragen voor de domme uitspraak. Sorry, sorry,
sorry, zou ik zeggen, ik had er eigenlijk nog nooit over nagedacht.
Nu snap ik het. Bedankt Riet. Ik zie nu in dat om een
maatschappelijke basis te hebben om het kindergeld te behouden in
België op de langere termijn, het noodzakelijk is dat iedereen, elk
kind er recht op heeft. De seconde dat de rijkere mensen geen of veel
minder kinderbijslag zullen krijgen, is het moment dat ze zullen
beginnen roepen dat minder welgestelden profiteurs zijn.

Ze gaat verder met uitleggen hoe het systeem in
grote lijnen werkt. Er is een universeel systeem, iedereen krijgt,
maar er is een corrigerende factor voor mensen in nood. Maar de grote
entertainer Mark zit met gekruiste armen en hautaine lichaamshouding
te wachten tot de mevrouw van Femma met haar linkse bullshit zou
stoppen. Hij was niet van plan om op te geven.

Hoed u voor gefortuneerde geïnteresseerden

Mevrouw Ory legt
piekfijn uit hoe onze ‘gefortuneerden’ zich zouden gedragen als
Hermans voorstel ingang zou vinden. Ze pleit voor een uitbreiding van
de sociale toets – een lichte herverdeling naar onderen toe –
maar, en dat is een grote maar, ze waarschuwt ons dat uit alle
studies blijkt dat het systeem van kinderbijslag en andere sociale
voorzieningen enkel overeind kan blijven als elk kind er recht op
blijft hebben. Met andere woorden als iedereen bijdraagt, en iedereen
krijgt. Of ze het nu nodig hebben of niet.

Ory: “Dan heeft
men onderzocht: Kunnen we die bijslag niet toch nog meer corrigerend
maken, zoals jij zegt, Herman? Een nobel gedacht…”

Herman knikt
instemmend, Lieven vergast ons nog eens op een hmmm en een “ja,
ja”.

Ory: “Dat is de
vraag die voorlag. En dan blijkt dat grote sociale systemen, zoals de
kinderbijslag, dat wérkt omdat het een combinatie is van twee
elementen. Enerzijds: iedereen draagt bij (…) dat maakt het
universeel, zoals de kinderbijslag, en men zegt eigenlijk: Als je dat
te selectief maakt, dan gaan mensen daar niet meer aan toe willen
bijdragen want dan plukken ze daar zelf de vruchten niet van.”

Zo! Duidelijker kan
niet. Lieven kijkt dan ook lichtjes geshockeerd en met een gezicht
van ‘wat zegt zij nu?’, maar mevrouw Ory gaat verder:

“En men weet – bij
Kindersbijslag heeft men onderzoek gevoerd – als er een collectief
element in zit, zoals bij ons, is dat effectiever als het gaat over
armoedebestrijding, want het is duurzamer. Mensen stellen het niet in
vraag, want zeggen, ja, kinderbijslag is voor heel veel gezinnen heel
belangrijk. Ik draag daar toe bij maar ik krijg dat ook voor een
stukje terug. (…) Dat maakt dat het genereuzer is. Mensen wíllen
ertoe bijdragen.”

Dan legt ze nog even
uit dat het budget voor kinderbijslag naar Vlaanderen
komt, niet langer uit ‘de (federale) pot’ van de sociale zekerheid zal komen, maar
uit ‘algemene middelen’. Ik vermoed dat expert Markske Herman dat nog
niet wist. Het ware hem vergeven, mocht hij er voor de rest ook over
zwijgen. Maar dat doet hij dus niet.

Eerst mag Riet
uitleggen dat er, naar aanleiding van die overheveling van de
federale sociale zekerheidskas naar de Vlaamse begroting, simulaties
werden gemaakt.

Riet Ory: “Wat
doen we als we de kinderbijslag heel selectief maken? Als we zeggen, zoals u zegt : hoge inkomens hebben dat niet nodig…?
Het blijkt uit die simulaties dat de beste manier om die
gezinnen te beschermen, via de kinderbijslag, dat dat is zoals we dat
nu hebben, maar dan nét iets meer werken op het selectieve.”

En daar zou het toch
allemaal om moeten draaien, nietwaar, Herman? Uw nobele ideeën? Om
het te geven aan zij die het het meest nodig hebben, de meest
kwetsbare. Of niet? Daar zijn mensen zoals Riet Ory en honderden, duizenden ander mensen dagelijks mee bezig. Maar Herman
is ‘sinds een aantal jaar geïnteresseerd in
sociale zekerheid’. En een bekende Vlaming. Bekende Vlamingen hebben geen studies nodig, die voelen en begrijpen.

Macro Riet en Micro Mark: een goed gevoel

Herman: “Nu, mij
gaat het natuurlijk over… Ik kan daar voor een stuk wel in volgen,
maar mij gaat het er vooral over het feit dat euh, dat ge het toch
moogt zien als, eug, ge moogt dat zien als ne pot
geld, hé, waar mensen die het nodig hebben gebruik van maken.
Uiteindelijk gaat het daarover. Stel dat die kinderbijslag, dat dat
een aparte enveloppe was waar we allemaal ons geld in stoppen, dan
denk ik, kan ik u ergens wel volgen. Ik stop het erin, ik krijg het
dan terug. Dat. Maar, uiteindelijk denk ik, dat, euh, als ik het
niet, als ik het niet zou nodig hebben, echt, en anderen worden er
meer mee geholpen, dan ga ik daar toch ook een goed gevoel bij
hebben, hé, ge zegt van, ge krijgt daar een goed gevoel van (tegen
Riet Ory), hé, doordat ge allemaal hetzelfde doet, hé, ge krijgt en
ge geeft, maar…”

Riet
Ory kwam gelukkig tussen: “Ja, maar dat is ook op een heel
individueel niveau benaderd.”

Lieven
geeft Riet gelijk: “Ja, dat zeg jij (tegen
Herman)”

Riet:
“Het is een macro-systeem natuurlijk, hé. Het is een beleid dat
gemaakt wordt en ik vind het heel belangrijk ook om altijd te denken
– als je vanuit jezelf reflecteert – om te zien dat je uiteindelijk
een uitzondering bent, hé? “

Dat
vond Herman maar niks.

Riet ging verder en haalde een enquete aan van
testaankoop, waaruit zou blijken dat 43 procent aangaf af en toe niet
rond te komen op het einde van de maand en “20 procent daarvan zegt
dat zij hun rekeningen niet kunnen betalen”.

Hier
begint Herman te schokschouderen en te gesticuleren, alsof de
regieaanwijzing las: ‘Boma heeft net gezegd dat er voor de trainingen geen pintjes meer gedronken mogen worden. Markske haalt eerst opgelucht zijn schouders op, want hij dacht dat Boma iets helemaal anders ging zeggen, namelijk dat Boma erachter was gekomen dat Markske het papiertje met de ingrediënten van de geheime Bomaworst was kwijtgespeeld, ‘t is te zeggen, Nero, het hondje van Carmen had het opgegeten want er hing nog een beetje bomaworst aan. Xavier is natuurlijk in alle staten dat hij geen dagschotels meer mag drinken voor de training en begint aan zijn gebruikelijke overacting. Hij port Markske in zijn zij en doet hem teken dat ook hij moet acteren alsof het 1921 is. Omdat Markske nog in de war is en hij schrik heeft dat Xavier zijn geheim alsnog aan Boma zou vertellen, gebaart hij nu ook van ‘Allez, wat ge nu zegt, seg…’ Dan shot van Boma die verschiet van de reactie van chocomelkdrinker Markske, die tussen de alcoholiekers staat te protesteren tegen de voorzitter. Mijn gedacht! (Leve de pauzeknop ook, zodat ik toch een beetje kon Kampioen-fantaseren.)

Neen, Herman weet hoe de vork aan de steel zit: Mensen
die op het einde van de maand niet toekomen, dat zijn losers die geen ticket voor een musical van een volle GB-kar kunnen onderscheiden.

Riet
ziet zich genoodzaakt om nog even een paar cijfers te noemen, want
die hadden Herman noch Lieven ooit van dichtbij gezien. Cijfers zijn
voor boekhouders. Herman gelooft in zijn ‘gevoel’.

Ze
zegt dat het gemiddelde inkomen voor een huisgezin 3400 euro is. Ze
weet bovendien dat ze erbij moet zeggen dat dat een gemiddelde is. Er
zijn veel mensen die veel minder hebben per maand, legt ze nog eens duidelijk uit. Ze
zegt tegen Herman dat ze begrijpt waarom hij die heel
individuele bedenking
maakt,
maar dat hij daarnaast zou moeten inzien wat de realiteit is. Dat hij
dus, zoals hijzelf beaamde daarstraks, gefortuneerd is…
Ze maande Herman dan ook aan even stil te staan bij die mensen die
het met iets minder tot veel minder moeten stellen dan hijzelf. Dat ze zojuist, backstage, nog met iemand gesproken had die haar toevertrouwde
dat ze het zonder die kinderbijslag niet zou halen.

“Zo
zijn er veel”, beaamde Lieven en leek even helemaal geen schrik
meer te hebben van Markske.

Eigen schuld, slechte keuze

“Kan
dat volstaan als antwoord?”, stelde hij scherp.

Lieven was terug,
weer helemaal mee en vatte bovendien goed samen: “Het komt er dan eigenlijk op
neer dat, hoe nobel je streven ook is, als we dat zouden doen, die
suggestie van jou zouden volgen, dat selectiever maken, kinderbijslag
bijvoorbeeld voor tweeverdieners in twijfel trekken, dan zou finaal,
als ik jou hoor (hij wijst naar Riet Ory) het systeem in mekaar
stuiken. En dat wil jij (hij wijst naar Herman Verbruggen) natuurlijk
net niet.”

Herman:
“Neen. Maar dat heeft toch,… Ik blíjf toch denken, dat voor een
groot deel van de bevolking, euh, het een keuze, euh, dat, dat, dat
is een keuze, hé? Wanneer op het einde niks meer over hebben,
is ten eerste een keuze, vind
ik. Dat is een keuze.” Zo
zei hij met de stelligheid van de lagereschoolmeester. 1 en 1 is 2.
Hé? Duidelijk?

Herman:
“Hé? Dat is een keuze, hé?”

Riet
probeert over
de initiële shock te komen
(het is in elk geval niet het Markske dat ze kende) en probeert nog:
“Ik denk dat als ge aan
veel mensen gaat vragen die hier zitten, dat ge…”

Herman
onderbreekt haar met luide stem: “Neen, een groot deel, hé? Een
groot deel, hé? Ik zeg niet voor iedereen… Er is toch een groot,
een, een, een déél van de bevolking, die de keuze heeft van, wat
doe ik met mijn geld. Hé?”

Riet
weet niet wat zeggen op zoveel incoherente dommigheid. Ze wilde even
reageren op zo’n “Hé?” van
Herman, maar die waren
natuurlijk retorisch. In haar lichaamstaal en op haar gezicht konden
we wel haar verbazing over zoveel dwaasheid lezen. De ontnuchtering
ook. Mocht het een tooggesprek zijn geweest en dit een paringsdans,
dan had Herman er wel heel hard naar kunnen fluiten nu.

Musical of eten? Groot deel bevolking weet niet wat kiezen

Herman
gaat maar door: “Er is een deel dat het niet kan. Hé? Kijk, die
zeggen van: neen, dat heb ik voor mijn huur, dat heb ik voor mijn
eten nodig en dan heb ik uiteindelijk, hé, voor mijn kinderen, en
dan heb ik niks meer over. Dat is toch ook een deel, veronderstel ik,
die keuzes kunnen maken. Die kunnen zeggen: Ja, ik ga bijvoorbeeld
naar een musical over de eerste wereldoorlog, ik ga daar met het
gezin naartoe en ik ben 250 euro kwijt, euh, dat is ook een keuze. En
dat is ongeveer het bedrag van ‘t kindergeld.”

Op
zoveel populistische bullshit wil Riet graag ingaan, maar Herman
schakelt een paar extra decibels in: “Maar dat is een keuze. En dan
kunt ge zeggen, gaan we dan die mensen dat afnemen? Ik denk, ja,
neen, wij willen dat
allemaal doen. En ik heb het niet – ge moogt mij niet verkeerd
begrijpen – er is een deel, er is een deel mensen die het moeilijk
hebben, maar ik ben nog altijd zeker dat er in ons systeem een
groot deel mensen zijn die het eigenlijk niet heel moeilijk hebben,
maar die een keuze kunnen
maken, van ‘wat doe ik met mijn geld?’ en ja, dan denk ik, ja, dan
moet ge, ge moet, ge moet eerlijk zijn naar dat systeem toe, en, ja,
bon….”

Riet
Ory: “Ik wil toch nog eventjes zeggen, in het begin van het gesprek
hebben we ernaar verwezen, kinderbijslag is niet hét instrument om
armoede te bestrijden, he? Eigenlijk, als je echt gezinnen wil helpen
in armoede, (…) moet je vooral inzetten op goeie lonen (…)

Stop. Stop, Markske, stop. Man man man.’t Is niet waar,hé?

De
eerste versie van deze tekst was veel langer. De gaten in zijn betoog zijn zo groot dat ze eindeloos ingevuld konden worden. Af en toe commentaar geven kon ik niet laten, maar de woorden van Herman spreken werkelijk, en in alle onvolkomenheden, voor zichzelf. Herman Verbruggen kwam niet verder dan het hakkelend herkauwen van toogpraat op een ondernemersbeursje. Ik heb als tiener nog naar de Kampioenen gekeken. Het werd op den duur te pijnlijk om nog meer commentaar te geven. Over potjes, keuzes, musicals van 250 euro. Man man man.

Rest mij niks meer dan te betreuren dat zo’n man een
forum krijgt om te spreken over zaken waarover hij duidelijk minder
dan niks afweet. Een man die nooit hetzelfde standpunt in Reyers Laat
zou mogen komen verdedigen mocht hij niet jarenlang Markske van de
Kampioenen zijn geweest. De enige positieve noot is de geboorte van
een nieuwe persoonlijke heldin: Riet Ory.

Sociale media

Daar
is niet iedereen het mee eens. Als
uitsmijter een mooi staaltje van de ene onderbuik die de andere voelt. Recht van de facebookpagina van
Reyers Laat:

Ann Rosmans:
“Respect voor Herman! Wat die Riet zei stoort me toch een beetje,
wij hebben geen kinderen, onze bijdrage gaat ook elke maand in dat
potje zonder dat wij daarvoor kindergeld terug krijgen, dat is nu
eenmaal hoe een sociaal vangnet werkt, En wie ons kent weet dat wij
actief bezig zijn met armoedebestrijding zonder te oordelen maar als
ik rondom mij kijk merk ik ook dat veel mensen, tweeverdieners
verkeerde of zelfs geen keuze meer maken waaraan ze hun geld
uitgeven. En geloof me ik spreek uit ervaring.”

Ik ken u niet, Ann,
maar ik geloof u. U bent erg geloofwaardig. Niet alleen heeft u een
scherpe analyse gemaakt van Riet Ory’s woorden, maar u strijdt
bovendien actief tegen armoede terwijl u duidelijk goed rondom zich
kijkt én verstandige, ervaringsrijpe beslissingen neemt (in
tegenstelling tot veel mensen, zoals u terecht opmerkt). Chapeau!

Hugo, zo leek het
wel, had ondertussen naar een ander programma gekeken. Hij begreep er
werkelijk niks van:

Hugo Van de Gaer:
“Herman heeft blijkbaar de slimmigheid van Marcske geërfd.
Schoenmaker, blijf bij je leest. Dit lijkt wel een politieke
statement dat in de richting van Dalrymple gaat. Ik hoop dat Lieven
een ernstige achtergrondinfo heeft gekregen.”

NB: Alles wat tussen dubbele aanhalingstekens staat “…”, is letterlijk. Ofwel letterlijk overgenomen van de website, zoals de opmerkingen op facebook, ofwel een zo getrouw mogelijke transcriptie van aflevering 40 (2014) van Reyers Laat.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!