De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

Het gouden kwaad van de Amazone

Het gouden kwaad van de Amazone

woensdag 13 april 2011 21:51
Spread the love

Auteur: Talinay Strehl en Julia Quaedvlieg LA Ruta

“Sinds de mijnwerkers protesteren is mijn winkel dicht. Ze verplichten ons om mee te doen en alles te sluiten hier in Laberinto. Wie dat niet doet, wordt beschuldigd van verraad en zal gelyncht worden. Ik baal ervan; al de hele week heb ik geen inkomsten.” Voor de gesloten rolluiken van haar internetcafé wijst Teodora Velille naar het verlaten plein in het anders zo levendige mijnwerkersdorp waar zij werd geboren. De regen valt met bakken uit de hemel en veroorzaakt modderstromen in de onverlichte straten. Het is moeilijk voor te stellen dat in Laberinto normaal gesproken harde muziek uit de cafés schalt en honderden mijnwerkers hier na werktijd hun nachtelijk vertier vinden in de drank en prostituees.

Laberinto is een mijnwerkersdorp in het departement Madre de Dios, gelegen in het zuidoostelijke deel van de Peruaanse Amazone. Madre de Dios is niet alleen de nationale hoofdstad van de biodiversiteit, maar ook Peru’s hoofdproducent van artisanaal goud. Met de komst van enerzijds de snelweg die de Amazone verbindt met de omliggende provincies, en anderzijds de stijgende internationale goudprijs, was er de afgelopen decennia een grootschalige migratiestroom naar Madre de Dios.

Armoede en gebrek aan werk in andere delen van Peru staan in schril contrast met de snelle rijkdom die de goudwinning in dit departement aan migranten biedt. De goudkoorts trekt naar schatting tweehonderd migranten per dag, die zich settelen in de vele mijnwerkerskampementen langs de rivieren en in de bossen, ook wel ‘blauwe dorpen’ genaamd. Terwijl de meeste migranten in hun dorpen van herkomst niet meer dan 400 sol (100 euro) per maand verdienden, verdienen ze in de mijnbouw tot 1500 (375 euro) sol per week. Belasting betalen ze hier nauwelijks over want de meeste mijnwerkers werken illegaal en staan niet geregistreerd. Van de 800 miljoen dollar die de goudsector van Madre de Dios per jaar oplevert, blijft nog geen procent in het gebied zelf. Via tussenhandelaren wordt het overgrote deel van het goud direct naar Zwitserland, Canada en de Verenigde Staten verscheept.

Met opgewonden stem legt Teodora uit dat de mijnwerkers uit Laberinto vandaag in Puerto Maldonado, de hoofdstad van Madre de Dios, zijn om te protesteren tegen een maatregel van de nationale overheid om de goudmijnsector uit de illegaliteit te halen en te formaliseren. Door een herverdeling van mijnbouwconcessies in het gebied, wil het Ministerie van Milieu de mijnwerkers verplichten milieu- en waterstudies uit te voeren en geëxploiteerde gebieden te herbebossen. “De mijnwerkers zijn boos en protesteren al een maand tegen deze nieuwe maatregel. Ze steken huizen in brand en vernielen auto’s in de straten van Puerto Maldonado. Ze zijn bang niet aan de milieueisen te kunnen voldoen en hun banen te verliezen.” Als één van de weinigen bleef Teodora achter in het dorp, want stiekem staat ze niet achter het protest. “Ze vervuilen onze rivieren, ontbossen de Amazone, brengen kinderprostitutie naar onze dorpen en betalen geen belasting. Hier moet verandering in komen.”

Teodora is niet de enige die er zo over denkt. Tegelijkmet het protest van de mijnwerkers in Puerto Maldonado, organiseren vakbonden van onder meer motortaxichauffeurs, marktkooplui en bosbeheerders in samenwerking met de regionale overheid een tegenactie. Ze willen dat de mijnwerkers ophouden de stad lam te leggen en zich schikken naar de milieueisen van de nationale regering. “Natuurlijk hebben ze het recht om hier te werken, maar ze moeten zich wel aan de regels houden”, aldus de woordvoerder van de motortaxichauffeurs.

Niemandsland
Jarenlang is de mijnbouw in Madre de Dios gekarakteriseerd door de afwezigheid van enige overheidscontrole. ‘Tierra de nadie’ (niemandsland) was dan ook de bijnaam van de mijnwerkersgebieden. Freddy Vracko, adviseur van de regionale overheid op het gebied van mijnbouw, legt uit dat de mijnbouwsector in Madre de Dios de afgelopen decennia uit zijn voegen is gegroeid en totaal oncontroleerbaar is geworden. “Door corruptie en belangenverstrengeling keek de regionale overheid niet om naar de snelgroeiende goudsector. Milieustudies werden zelden toegepast en iedereen kon zomaar een stuk grond gebruiken om goud te delven. Van de 30.000 mijnwerkers staat maar 5 procent officieel geregistreerd, de rest werkt illegaal op andermans grond of in beschermd natuurgebied.”

Met zuigmachines en gigantische drijvende pompen in de rivier, zuigen en pompen de mijnwerkers de goudstof uit de rivieren en bosgronden. Juan Moreno, die op 18-jarige leeftijd uit Cusco vertrok om in de mijnbouw te werken, vertelt hoe gevaarlijk en zwaar dit werk is. “Je draait diensten van 24 uur en soms moet je 11 meter duiken om slangen in en uit de modder te wroeten. Daar gingen vaak mensen bij dood; ze verdronken of werden bedolven onder het zand.” Om het goud uit de riviermodder te extraheren gebruiken de mijnwerkers grote hoeveelheden kwik, naar schatting 40.000 kilo per jaar. Niet alleen komt dit kwik via lichaamscontact in hun bloedstelsel terecht, maar ook in de rivieren en de voedselketen. Duizenden hectaren bos worden gekapt en geëxploiteerde gebieden blijven als woestijnen achter in het regenwoud.

Hoeren en drank
Naast milieuschade bracht de grootschalige migratie van voornamelijk mannelijke migranten ook sociale problemen met zich mee. Sinds de intrede van het grote geld in de mijnwerkersdorpen zijn prostituees, alcoholmisbruik en drugshandel een dagelijkse realiteit. Mijnwerker Juan beaamt dit. “Het is daar echt waanzin. Drank, drugs en hoeren. Dat is waar al mijn geld naartoe gaat. Pura fiesta.” Aan het einde van de maand houdt hij net genoeg over voor een buskaartje terug naar huis. Net als de andere mijnwerkers geeft Juan het grootste deel van zijn geld direct uit aan drank en vrouwen. Dat de prostituees vaak minderjarig waren, lijkt hem weinig uit te maken. “Weet ik veel, ik heb hun leeftijd nooit gevraagd, maar goed zijn ze wel.” Begin maart zijn bij een politie-inval in één van de mijnwerkersdorpen 69 minderjarige meisjes gevonden in bordelen.

Volgens de Zwitserse priester Xavier Arbex de Morsier, die meer dan dertig jaar in de mijnwerkersdorpen woonde en predikte, zijn kinderhandel en kinderprostitutie problemen die de regio kenmerken. Met eigen ogen zag hij hoe minderjarige meisjes uit arme gezinnen in de hooglanden door mensenhandelaren de mijnwerkersdorpen binnen werden gebracht. “Eerst doen ze hen mooie beloftes over goedbetaalde banen. Als ze eenmaal in de mijnwerkerskampen aankomen, moeten ze als prostituee werken.”

Onhandige actie
Ook Mario Cabrera Villanueva, de vicepresident van de Federatie van Mijnwerkers van Madre de Dios (FEDEMIN), en één van de hoofdaanvoerders van de mijnwerkersprotesten, geeft toe dat er misstanden plaatsvinden in de huidige ongecontroleerde mijnbouw. “Een formalisering van de sector zou op zijn plaats zijn. Zo kunnen de werkomstandigheden van de mijnwerkers verbeteren en meer milieuvriendelijke technieken gebruikt worden.”

Toch is Mario boos over de manier waarop de overheid de mijnbouwsector aangepakt. “In plaats van met ons te praten, willen ze ons met geweld uit Madre de Dios verjagen.” Mario refereert aan het feit dat de nationale overheid eind februari een rigoureuze en grootscheepse ‘schoonmaakactie’ hield om hun plannen van formalisering kracht bij te zetten. “Minister Antonio Brack van milieu liet een leger van 1500 man invliegen om vanuit helikopters met dynamiet onze machines tot zinken te brengen. Hierbij kwamen twee mijnwerkers om het leven.” Met deze actie lijkt de regering haar kansen op samenwerking met de mijnwerkersfederatie verspeeld te hebben.

Want in plaats van te investeren in milieuvriendelijke mijnbouwmethodes, gaf de regering het startsein voor een gewelddadig conflict waarvan het einde nog lang niet in zicht is. Volgens Mario gaat het de overheid dan ook helemaal niet om de milieuvervuiling of sociale misstanden in de mijnwerkersdorpen. “Wat de regering wil is ons land afpakken om het te kunnen verkopen aan transnationale bedrijven. Zo ging het een paar jaar geleden ook met de houtsector. Ze pakten het land af van de kleintjes en gaven het vervolgens aan de groten”.

Ook Teodora uit Laberinto is het op dit punt met Mario eens. “Jarenlang sloot de overheid haar ogen voor de snelst groeiende sector van Peru. Nu, van de één op de andere dag, zullen 30.000 man hun werk verliezen en terugvallen in de armoede.” Of in de woorden van priester Xavier: “Als je een wond op je been hebt, dan zoek je toch eerst naar een oplossing voordat je je hele been amputeert?”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!