Democratische renaissance in het neoliberaal tijdperk

Democratische renaissance in het neoliberaal tijdperk

maandag 18 augustus 2014 10:41


doc

Het kleine IJsland is een mooi voorbeeld van échte democratie
in de 21ste eeuw. Voor het eerst sinds lang primeren de publieke
belangen op die van grote bedrijven. Waarom horen we hier zo weinig over
in Westerse media?

Eind 2008 kon IJsland de nationale schuld niet meer terugbetalen en ging het land failliet.
Niet omdat IJslanders jarenlang ‘boven hun stand geleefd hebben’ –
zoals we zo graag zeggen over de Grieken en Spanjaarden – maar omdat de
schuldenberg door jarenlang wanbeheer van de banken de overheid had gedwongen om ter hulp te snellen. De financiële put was niet meer te overzien.

Besparingsdrift

Het recept van de trojka – De Europese Centrale Bank, de Europse
Commissie en het Internationaal Monetair Fonds – voor landen in
financiële moeilijkheden is bekend: besparen voor een slankere overheid, privatisering van grote industrieën en diensten, het vermijden van bijkomende regels voor de veroorzakers van de crisis, met name de banken.

Niet toevallig zijn dit de drie pijlers van het neoliberalisme: besparing op de overheidsuitgaven, deregulering voor grote bedrijven (meer regels staan winst in de weg) en privatisering.
Dit neoliberalisme is vandaag meer ingeburgerd dan ooit. Als we de
mainstream media mogen geloven, lijkt iedereen het erover eens. De
overheid moet besparen, want ‘het geld is op’. Grote bedrijven mogen
niet te veel regels opgelegd krijgen, want zij ‘zorgen voor
werkgelegenheid’. Overheidsbedrijven moeten naar de private sector
verhuizen, want ‘het is toch niet meer van deze tijd dat een overheid
een telecombedrijf runt’ (de woorden van Open VLD-voorzitter Gwendolyn
Rutten over Belgacom).

Gevolgen

Maar is de weg van het neoliberalisme wel écht de weg van het ‘gezond verstand’?

Werkloosheid swingt de pan uit in heel Europa. Multinationals
verhuizen naar het buitenland, nadat ze eerst de subsidiekraan van de
overheid hebben uitgemolken. Het argument dat multinationals voor
werkgelegenheid zorgen is een mythe. Als de kortetermijnwinst kan
verhoogd worden door een snelle verhuis naar het buitenland, dan zal het
management niet aarzelen.

Banken zijn na de crisis, en na een symbolisch tikje op de vingers, overgegaan tot de orde van de dag. Er is één belangrijk verschil: vóór de crisis dachten ze dat ze too big to fail waren en dat de overheid hen wel op het juiste moment uit de nood zou helpen. Vandaag wéten ze dit.

Ondertussen wordt er gesnoeid in de overheidsuitgaven. Grieken
leverden honderden euro’s in op hun loon of pensioen. Op hetzelfde
moment besparen overheden op tal van sociale verworvenheden.
Ziekenhuizen krijgen niet genoeg middelen om patiënten te verzorgen.
Zieken sterven er terwijl ze uren- of dagenlang moeten wachten voordat
ze geholpen worden. Ziektes die al decennia niet meer voorkwamen in het
land, zoals malaria, zijn terug van weggeweest.

Publiek eigendom, zoals industrie en diensten, worden tegen
dumpingprijzen verkocht aan de private sector. De vaak buitenlandse
bedrijven zien een mooie kans om bedrijven onder de marktprijs te
verwerven en de democratie in te perken. Noam Chomsky verwoordt
het als volgt: ‘Per definitie is privatisering een bedreiging voor
democratie, want publiek goed wordt uit de publieke sfeer gehaald en
gelegd in de handen van private tirannen, gecreëerd en gesteund door de
overheid’, die geen enkele verantwoording verschuldigd zijn aan de
bevolking, maar wel aan de aandeelhouders.

Een andere weg

Ondanks enorme druk van EU-lidstaten en het IMF, koos IJsland een andere oplossing.
De nieuwe regering schreef een referendum uit over de terugbetaling van
de schuld. 93 procent van de stemgerechtigden koos ervoor de schuld
niet terug te betalen. Topbankiers van de IJslandse banken, die
verantwoordelijk waren voor de crisis, werden vervolgd en veroordeeld.
Er kwam een nieuwe grondwet door massale publieke deelname in het
democratisch proces.

IJsland koos voor het belang van de overgrote meerderheid van de
bevolking in plaats van die van multinationals en grote financiële
instellingen. En daarom wordt IJsland doodgezwegen.

Publiek belang

“What happened next was extraordinary. The
belief that citizens had to pay for the mistakes of a financial
monopoly, that an entire nation must be taxed to pay off private debts
was shattered, transforming the relationship between citizens and their
political institutions and eventually driving Iceland’s leaders to the side of their constituents.”

Het is opmerkelijk dat deze gebeurtenissen als buitengewoon worden
beschouwd. Voor het eerst sinds lang kozen politieke vertegenwoordigers
ervoor het publiek belang te dienen in plaats van te buigen voor de
belangen van de private sector. Het is helaas inderdaad ongebruikelijk.

Westerse regeringen kennen een traditie van beslissingen die
regelrecht ingaan tegen het belang van de meerderheid van de bevolking.
Twee voorbeelden om dit te illustreren.

TTIP

In het grootste geheim wordt er al jarenlang onderhandeld over een vrijhandelsakkoord tussen de Europese Unie en de Verenigde Staten, het Transatlantic Trade and Investment Program (TTIP). Eurocommissaris Karel De Gucht leidt de Europese delegatie. Waarom onderhandelen de partijen in het grootste geheim?
Omdat de beslissingen die genomen worden regelrecht ingaan tegen het
algemeen belang, het belang van het grootste deel van de bevolking.

De onderhandelaars weten dit en daarom is geheimhouding
uitermate belangrijk. Dit gebeurde ook op het moment van de
ondertekening van NAFTA, het vrijhandelsakkoord tussen de VS, Canada en
Mexico. Amper 24 uur voor ondertekening van de duizenden pagina’s
wettekst, werden deze voorgelegd aan andere stakeholders, zoals de
vakbonden en milieuorganisaties.

Een snelle blik op de website van het TTIP leert ons wie er baat heeft bij dit soort vrijhandelsakkoorden:

“Corporate Co-chairs:  Amway, Citi, Dow, FedEx, Ford, GE, IBM,
Intel, Johnson & Johnson, JP Morgan Chase, Lilly, MetLife and UPS.”

In de lijst van belanghebbenden vinden we geen
werknemersorganisaties, mensenrechten- of middenveldorganisaties, KMO’s
of kleine middenstanders.

Klimaatverandering

Eén van de meest schrijnende voorbeelden van uitvoerende machten die
beslissingen nemen die lijnrecht ingaan tegen het algemeen belang zijn
de geflopte klimaatconferenties van de afgelopen jaren. Overheden slagen er niet in om beslissingen te nemen die het voortbestaan van onze planeet en het overleven van de menselijke soort moeten garanderen.

Grootste spelbreker hierin zijn economische belangen,
en niet het welzijn of de welvaart van de gewone werknemer, student,
werkloze of gepensioneerde. Moedige beslissingen zouden de uitstoot van
broeikasgassen tot een absoluut minimum herleiden, of zelfs verbieden.
Multinationals zouden moord en brand schreeuwen, omdat hun
kortetermijnwinst hierdoor in het gedrang komt. Maar op hetzelfde moment
zou er een compleet nieuwe, groene economie op gang komen. Een duurzame
economie die jobs creëert en geen onmiddellijke bedreiging vormt voor
ons leefmilieu en het overleven van onze soort. Na enkele jaren zouden
zelfs die grote ondernemingen, die eerst moord en brand schreeuwden,
weer winst maken. Maar dat gaat helaas over de middellange termijn, en
niet over de korte.

Trendbreuk

De IJslandse samenleving is verre van perfect, maar de ontwikkelingen van de laatste jaren markeren wel een trendbreuk. De trend in de meeste westerse landen is er één van het uit handen geven van feitelijke macht aan instituties die weinig of geen verantwoording moeten afleggen aan het publiek:

– aan multinationals die de facto ondemocratisch zijn en uitsluitend gericht op kortetermijnwinst voor de aandeelhouders;

– aan het IMF, een door de westerse grootmachten
gesponsord economisch interventievehikel dat er altijd als eerste bij is
om landen ter ‘hulp’ te snellen in ruil voor een stevig pakket
‘structural adjustment’, de hierboven genoemde heilige drievuldigheid
van het neoliberalisme inbegrepen;

– aan organisaties als het WTO
(Wereldhandelsorganisatie), die op een een weinig transparante manier
wereldwijd opereert en de ontwikkelingslanden sancties oplegt wanneer
die maatregelen treffen om de itnerne markt te beschermen, ook al zijn
de Verenigde Staten de absolute kampioen van het protectionisme;

– en binnenkort, in het kader van het TTIP, misschien aan internationale handelstribunalen die de deelnemende lidstaten kunnen verplichten de belangen (en de winst) van transnationale ondernemingen te bestendigen.

Met andere woorden een verschuiving van de macht van de overheid
– het enige instituut dat in ons huidige systeem door de bevolking
enigszins ter verantwoording kan worden geroepen – naar volkomen ondemocratische organisaties die aan niemand verantwoording verschuldigd zijn. Tenzij aan grote financiële instellingen en andere multinationals.

IJsland, een gevaarlijk voorbeeld

Berichtgeving over deze ‘andere weg’ die IJsland inslaat gaat
resoluut in tegen de belangen van de grote economische spelers in onze
neoliberale wereld. Het is een andere weg die door meer landen bewandeld
wordt en waarover we weinig horen. Bijvoorbeeld in Latijns-Amerika,
dat er na decennia van buitenlandse inmenging en militaire dictaturen
eindelijk in is geslaagd om het juk van het IMF (met de onvermijdelijke
besparingen, deregulering en privatisering ter bescherming van
multinationals) van zich af te werpen. Een onwaarschijnlijke
democratische overwinning. De democratische renaissance in Zuid-Amerika is opvallend.

Daarom horen en lezen we zo weinig over IJsland en het alternatief voor het neoliberalisme.
Geïnformeerde burgers zijn een bedreiging voor het status quo in onze
samenleving. Westerse media maken deel uit van dikwijls transnationale
ondernemingen. Zij hebben er geen belang bij dat burgers te zien krijgen
hoe het anders kan. Vroeg of laat zal ook de bevolking van Europa en de
Verenigde Staten beseffen dat het neoliberalisme geen natuurfenomeen
is, dat trickle-down economics een mythe is en dat de dingen niet hoeven te zijn zoals ze zijn.

www.uberhaupt.be

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!