Tex Van Berlaer

Ontvoerde Mexicaans leger 43 studenten in opdracht van maffia?

De Mexicaanse journaliste Anabel Hernández stelt het leger verantwoordelijk voor de verdwijning van 43 normaalstudenten uit Ayotzinapa in 2014. In een nieuw boek toont ze de verstrengeling tussen een lokale militaire basis en de machtigste drugsbaas van de arme deelstaat Guerrero. Zelfs de president gaat niet vrijuit.

maandag 28 november 2016 11:03

De normaalstudenten zijn het slachtoffer geworden van een wrede speling van het lot. Voor deze jongeren, die traditioneel zeer activistisch zijn, is het vredevol ‘kapen’ van reisbussen een jarenoud gebruik. Op geweldloze manier pikken ze met een ‘geleende bus’ kameraden op om hen naar een manifestatie te brengen.

Dit was het geval op die beruchte 26ste september in 2014 in Iguala, Guerrero. Het toeval wil dat er zich in die bussen een lading heroïne ter waarde van twee miljoen dollar bevond. De verkeerde plek, het verkeerde moment.

De lokale drugsbaas zou namelijk uitstekende banden hebben met de legerbasis van het nabijgelegen 27ste bataljon. Wanneer hij zich ervan vergewist dat de bussen van hun normale smokkelroute afwijken, pleegt hij een telefoontje naar de plaatselijke kolonel. Volgens Hernández wou de maffialeider enkel de heroïne recupereren. Dat wilden zijn vrienden, de militairen, wel even voor hem opknappen.

Ze wisten te veel

Het is niet duidelijk of de soldaten in uniform een wegblokkade uitvoeren. Bij die confrontatie schakelt men ook de lokale politiedienst in. Het komt tot een vuurgevecht. Volgens het boek zijn op de plaats delict kogelhulzen gevonden die wapenfabrikanten enkel voor Defensie produceren. Tot nu toe werd aangenomen dat de studenten werden afgevoerd door de politie en uitgeleverd aan een criminele bende. Betrouwbaar bewijs hiervoor werd echter nooit gevonden. Niemand kon het verhaal bevestigen noch ontkrachten.

Tot nu. Bij het veiligstellen van de lading heroïne zouden de soldaten immers onvoorzichtig zijn geweest. Hernández veronderstelt dat enkele studenten zagen wat er aan de hand was. Het leger kon zich zulke ooggetuigen niet veroorloven. Dat zou de directe aanleiding van hun verdwijning zijn geweest. Ze wisten simpelweg te veel.

Hernández baseert haar bevindingen op basis van interviews met een drugssmokkelaar en andere ooggetuigen. Ze kon eveneens een officieel document bemachtigen waarin blijkt dat het onderzoek van het bataljon werd afgeblokt door middel van een presidentieel bevel. De omstreden en zeer onpopulaire president Enrique Peña Nieto lijkt dus ook een rol te spelen in dit dramatisch schouwspel.

Het boek raakt een gevoelige snaar. Deze publicatie, getiteld La verdadera noche de Iguala (De ware nacht van Iguala), concretiseert wat altijd zoemde op de achtergrond. Van bij het begin wantrouwde de Mexicaanse publieke opinie het officiële verhaal. Hier en daar hoorde je geluiden die wezen op de betrokkenheid van het leger. Hoe kan het dat een zeer nabije legerbasis helemaal niet betrokken was bij deze grote gebeurtenis, vroegen sommigen zich af.

Wie is te vertrouwen?

De onthulling vormt een nieuw dieptepunt in de rollercoaster die de zaak Ayotzinapa al is geweest. Geen enkele verdwijningszaak heeft de gemoederen zo beroerd als deze. Het onderzoek is al meerdere malen gesloten en opnieuw geopend. Het is evenmin de eerste keer dat men officieel aanvaarde feiten ontkracht.

In een eerdere versie zouden de 43 jongens verbrand en verkoold zijn om daarna in plastic zakken in een rivier te belanden. Verschillende onderzoekers wezen meteen op de onmogelijkheid van het verassen van zoveel lichamen in zulke korte tijdspanne. Ondanks de Mexicaanse toelating voor buitenlandse onderzoeksteams heerst een sfeer van wantrouwen, die er zeker niet op zal verbeteren na deze nieuwe informatie.  

Ondertussen blijven de ouders van de studenten strijdvaardig. Zij geloven nog steeds in het waterkansje dat hun kinderen nog in leven zijn. ‘Levend zijn ze meegenomen, levend willen wij ze terug’, klinkt hun leuze. Zij zullen die blijven scanderen tot op de dag dat zij tastbaar bewijs zien van het tegendeel. Hun strijd voor waarheid en rechtvaardigheid bracht hen al tot in de Subcommissie Mensenrechten van het Europees Parlement.

Als Anabel Hernández het bij het rechte eind heeft, dan krijgt de reputatie van het leger een flinke deuk. Tot nog toe werd het gezien als een bastion waar de drugsmaffia moeilijk grip op kreeg – in tegenstelling tot lokale functionarissen of rechters. Door die reputatie mag het nu een streep trekken. De nieuwe smet op het blazoen komt bovenop recente schandalen waarbij militairen moorddadige operaties uitvoerden tegen burgers zoals in Tlatlaya en Ostula. Dit verhaal geeft een nieuwe aanleiding tot wantrouwen jegens het leger.

De vraag die rest is simpel maar angstaanjagend. Als je president, parlementslid, gemeenteraadslid, politie en leger niet meer kan vertrouwen: wie dan nog wel?

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!