(Eser Karada?)

Uiteenlopende meningen over de couppoging in Turkije

Er zijn sterk uiteenlopende meningen hoorbaar over de couppoging in Turkije van 15 juli, wat ertoe bijdraagt dat de vragen blijven overheersen.

maandag 18 juli 2016 11:17

De in Turkije geboren Harvard-professor Dani Rodrik had eerder een burgeroorlog verwacht dan een poging tot staatsgreep. Hij stelt – terecht – dat de strijdkrachten allang niet meer het seculiere bolwerk zijn die ze ooit voorstelden, maar herkent wel degelijk een machtsstrijd.

Bij de vaak gehoorde theorie waarin president Erdogan zelf de hand had in de couppoging om meer macht naar zich toe te trekken, plaatst Rodrik vraagtekens. Hij illustreert dit met de recente toenadering van Turkije tot Israël en Rusland. Daarbij kende Erdogan volgens Rodrik economische motieven. De nadelen van een (mislukte) staatsgreep voor de economie zijn daar zoals hij stelt strijdig mee.

 Voor dat laatste is op zich veel te zeggen, al is het maar omdat de Turkse lira vrijdagavond (15 juli) van 2,87 naar 3,02 ten opzichte van de dollar daalde. Maandagochtend herstelde de Turkse munteenheid zich weer enigszins, maar over het algemeen kan toch gesteld worden dat een machtsovername nooit echt gezond kan zijn voor een economie; ook als het om mislukte machtsovername gaat.

 Macht

Toch plaats ik een kanttekening bij de zienswijze van Rodrik. Erdogan wekt immers regelmatig de indruk dat alles, dus ook de Turkse economie, ondergeschikt is aan zijn eigen belangen. Ik vraag me dan ook sterk af of Erdogan in de eerste plaats door de belangen van de Turkse economie werd gedreven bij het herstel van de betrekkingen met Israël en Rusland, zoals Rodrik stelt.

In plaats daarvan meen ik dat Erdogans behoefte aan een partner ten aanzien van de VS en de EU een grotere rol voor Erdogan speelde bij zijn plotseling sterk gewijzigde beleid richting Rusland. Ondertussen tracht hij via Israël invloed op de VS uit te oefenen.

 Bijvoorbeeld ten aanzien van het proces tegen de Iraanse zakenman Reza Zarrab in de VS, waar veel belastende informatie over Erdogan en zijn Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling (AKP) uit tevoorschijn zou kunnen komen.

Gülen

Dani Rodrik is een uitgesproken tegenstander van imam Fethullah Gülen. Aangezien zijn schoonvader, de voormalige generaal Cetin Dogan, door Gülens aanklagers werd vervolgd, ligt dat ook voor de hand.

Rodrik erkent dat zich volgelingen van Gülen binnen de strijdkrachten bevinden. Sterker nog, hij noemt de strijdkrachten het laatste bolwerk van de Gülenisten in Turkije sinds zij uit de politie en justitie werden verdreven.

Toch houdt Rodrik een slag om de arm over Gülens betrokkenheid bij de poging van militairen om de macht over te nemen in Turkije. In een interview met de nieuwswebsite Vox zei hij:

‘De Gülen-beweging moet zeker in staat geacht worden tot een scala aan dirty tricks, maar een coup lijkt niets voor hen. Trouwens, wat viel er voor hen te winnen met een dergelijke amateuristische poging.’

Als voorbeeld van dat amateurisme noemt Rodrik het feit dat de meeste regeringsgezinde tv-kanalen ongemoeid werden gelaten door de opstandige militairen en dat er geen overtuigende aanwijzingen zijn dat zij Erdogan daadwerkelijk hebben getracht te arresteren.

Ahmet Sik

De journalist Ahmet Sik van de krant Cumhuriyet biedt een verklaring voor dat ogenschijnlijke amateurisme.

Evenals Rodrik is Sik een felle tegenstander van Gülen. Hij schreef een kritisch boek over de imam (toen die nog dik was met Erdogan) en werd naar aanleiding daarvan door Gülens aanklagers vervolgd.

In tegenstelling tot Rodrik herkent Sik wel degelijk de hand van Gülen in de couppoging. Zelf blijf ik daar twijfels over houden, zeker zolang er geen bewijzen over zijn geleverd. Vooralsnog zeg ik gevoelsmatig dat Gülen geen opdracht gaf tot de couppoging. Geweld is simpelweg niet zijn stijl, zeker niet in deze mate. Bovendien zou hij de status van slachtoffer, die hij wereldwijd kreeg door zijn conflict met Erdogan, verspelen door aanleiding te geven tot een ondemocratische manoeuvre als een staatsgreep.

Maar zoals gezegd, het is vooral mijn gevoel dat me tot deze veronderstelling brengt. Aan de andere kant maakt een kat in het nauw nu eenmaal vreemde sprongen.

Manipuleren

Volgens Ahmet Sik moet een groep militairen, waaronder mogelijk volgelingen van Gülen, zich zeker in het nauw gedreven hebben gevoeld. Sik stelt dat Erdogan in de nacht van 15 op 16 juni een groot aantal militairen wilde laten arresteren. Dat voornemen lekte echter uit, waarna de groep besloot om een eerder ontwikkeld plan tot een staatsgreep vervroegd uit te voeren. 

Hoewel dit interessante informatie is, leidt het wederom tot vragen. Hoe kon het gebeuren dat de militairen wel wisten van Erdogans plan om hen te laten arresteren, maar Erdogan niet van hun plan tot een staatsgreep? Of was Erdogan daar wel degelijk van op de hoogte en liet hij de poging plaatsvinden omdat hij wist dat de kans op succes onder deze omstandigheden nihil was en er bepaalde voordelen verbonden waren aan de situatie die vervolgens zou ontstaan? 

Erdogan is uiterst bedreven in het manipuleren van ontstane situaties, zoveel is duidelijk. Deze situatie biedt hem niet alleen de mogelijkheid om meer macht naar zich toe te trekken, want hij krijgt er bijvoorbeeld ook munitie door in handen waarmee hij zijn eis over uitlevering van Gülen door de VS kracht bij kan zetten.

In ieder geval zou het naar voren geschoven tijdstip van de couppoging heel goed het door Dani Rodrik, en vele anderen, gesignaleerde amateurisme van de plegers kunnen verklaren. Het was men andere woorden, een uit nood geboren wanhoopsdaad. In de gevangenis zouden ze sowieso belanden, dus niet geschoten was altijd mis, ook al was de kans op succes dan uiterst gering. Het enige waar vooraf wellicht geen rekening mee gehouden werd was een (tijdelijke) herinvoering van de doodstraf waar nu door Erdogan over wordt gesproken…

1971

Mijn aanvankelijke vermoeden dat de coupplegers meenden steun te gaan vinden bij andere militairen begint voorzichtig bevestigd te worden. Dat wil zeggen, er wordt nu inderdaad gesproken over groepen binnen de strijdkrachten die aanvankelijk voornemens waren om aan de couppoging deel te nemen, maar daar uiteindelijk vanaf zagen.

Die situatie doet enigszins denken aan wat in 1971 gebeurde. Een groep ‘linkse’ militairen wilde op 9 maart van dat jaar met steun van socialistische activisten een staatsgreep plegen in Turkije. Door verraad in de gelederen kwam daar echter niets van terecht, waarna een rechtse junta drie dagen later alsnog de macht greep.

Geschiedenis

 De geschiedenis valt zelden in herhaling, maar rijmt daarentegen vaak.

Er klinken sinds afgelopen vrijdag (15 juli) geluiden dat de mislukte staatsgreep gevolgd zal worden door een tweede machtsovername, door militairen die lering trokken uit wat zich op 15 juli voltrok. Dat Erdogan nu openlijk de doodstraf suggereert voor de coupplegers lijkt de kans daarop niet geringer te maken. Het is in ieder geval de vraag of de militairen hem toe zullen staan om een aantal van hun collega’s aan de galg te laten bungelen. Aan de ‘wens van de natie’ zouden ze dan wel eens maling kunnen hebben.

Vergeet niet dat de generaals Erdogan lang weigerden toe te staan om Gülens volgelingen uit de strijdkrachten te verwijderen. Dat is geen indicatie van een ultragoede verstandhouding. Turkije kent nu een generale staf die tot op bepaalde hoogte loyaal staat ten opzichte van Erdogan, maar het geduld van de militaire leiding is niet oneindig. Met andere woorden, dat een groep militairen tegen Erdogan in opstand kwam hoeft niet te betekenen dat zijn betrekkingen met de strijdkrachten in het algemeen zijn verbeterd. Integendeel.

Incirlik

Erdogan speelt zo een hoog spel, al doet hij dat in meerdere opzichten. Dat hij via de Amerikaanse en Duitse militairen op de luchtmachtbasis Incirlik druk uitoefent op Washington om Gülen uit te leveren liegt er evenmin om. Gezien de in strategisch opzicht zo belangrijk ligging van Turkije kan Erdogan zich dit soort grappen wellicht tijdelijk veroorloven, maar voor wie met een supermacht rollebolt geldt dat er uiteindelijk ergens een grens ligt. Wanneer ik Erdogan een advies moest geven zou dat als volgt klinken: kijk uit dat je de Turkse militairen en Washington niet in elkaars armen drijft.

Wie de geschiedenis een beetje kent weet dat een staatsgreep in Turkije alleen kans van slagen heeft als die op z’n minst gedoogd wordt door de VS, wat tegelijkertijd een aanwijzing is dat de Amerikanen er in dit geval buiten stonden. Als de VS ergens een staatsgreep wensen, zorgen ze er wel voor dat die slaagt.

Het is wellicht een open deur, maar de situatie in en rond Turkije is nu zonder meer zorgwekkend. Daar veranderen de feestelijkheden over de mislukte machtsovername niets aan. De razernij en het fanatisme waarmee gisteren door een deel van de bevolking feest werd gevierd, maken wat in dit land gaande is alleen maar extra aanjagend.

Peter Edel is schrijver van De diepte van de Bosporus, een politieke biografie van Turkije (2012, Uitgeverij EPO, Antwerpen). Volg Peter Edel ook op Twitter.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!