Opinie - Tom De Meester

Post-Optima: tijd voor een nieuwe politieke cultuur

“Ik heb een inschattingsfout gemaakt”, gaf Daniël Termont vrijdag toe op een inderhaast bijeengeroepen persconferentie. Maar wat valt Termont nu precies te verwijten? En waarom zou Siegfried Bracke beter zwijgen? De Gentse PVDA-voorzitter Tom De Meester pleit voor een externe onderzoekscommissie naar de al te nauwe banden tussen paarse politici, bankiers en vastgoedbonzen. Het is tijd voor een nieuwe politieke cultuur, met waterdichte schotten tussen politiek en big business.

maandag 27 juni 2016 10:18
Spread the love

Daniël Termont heeft het zichzelf niet bepaald gemakkelijk gemaakt. Juridisch valt er hem in het frauduleuze failliet van Optima nochtans weinig te verwijten. De Gentse burgervader heeft geen bestuursmandaat bij de blufbank en anders dan sp.a-coryfee Luc Van den Bossche hing Termont bij Optima niet laveloos aan de geldkraan.

Dat een schaamteloze graaipoliticus als Van den Bossche nog altijd een partijkaart van de SP.a op zak blijkt te hebben, valt al veel moeilijker uit te leggen. Waarom flikkert Daniël Termont een geldwolf als Van den Bossche niet op staande voet uit de partij? Over Van den Bossche en Herman Verwilst – ex-Fortis, ex-Optima en ex-senator voor sp.a – zegt Termont zaterdag in De Tijd: “Wie ben ik om te zeggen dat dat geen socialisten meer zijn?” Tja. Als dát socialisme is.

Maar helemaal fout loopt het wanneer Termont uit alle macht zijn contacten met Optima-oplichter Jeroen Piqueur probeert te verdoezelen. Zo beweert Termont – ten onrechte – dat hij Optima-oplichter Jeroen Piqueur weliswaar kende, maar van héél ver. Termont herinnerde zich nog één gesprek, ”in 2004, rond de bouw van het nieuwe voetbalstadion. Maar die deal is niet doorgegaan.” In werkelijkheid ging die deal wél door. En hoe. Optima kreeg groen licht voor de bouw van het nieuwe voetbalstadion, en richtte samen met de Stad Gent een heuse projectmaatschappij op, de cvba Arteveldestadion. De bestuursmandaten werden daarbij netjes verdeelden tussen de Optima-cowboys en het schepencollege.

De samenwerking verliep uitstekend. Zo goed zelfs dat Daniël Termont de blufbankier op diens trouwfeest “geen vriend, maar een goede vriend” noemde. Dat hij dat verhaal in De Morgen eerst probeerde te ontkennen, deed zijn geloofwaardigheid geen deugd. Wat had Termont te verbergen? Voortdurend moest Termont zijn verhaal bijstellen. “Schrijf maar op: ik ben nooit op het jacht van Piqueur geweest”, liet hij in een interview optekenen. Tot bleek dat Termont – en met hem het halve schepencollege – in Cannes wel degelijk samen met Piqueur op een boot gesignaleerd was. In het kader van de jaarlijkse vastgoedbeurs in Cannes had Piqueur – samen mét de Stad Gent trouwens – de Alter Ego afgehuurd, een luxejacht van 1 miljoen euro, met jacuzzi op het dek en sterrenchef Roger Souvereyns aan de kookpotten, aan 600 euro per couvert. Te gast: Daniël Termont, Karin Temmerman, Christophe Peeters, Geert Versnick en een rist vastgoedbonzen.

Voor een partij die nogal kwistig omspringt met de baseline ‘eerlijker is beter’ is de catastrofale communicatie van Daniël Termont dodelijk.

Het zwarte huis van België

De samenwerking met Piqueur zou jaren duren. Dat Optima door het Gentse stadsbestuur als een legitieme zakenpartner werd beschouwd doet méér dan de wenkbrauwen fronsen. Rond Optima hing van in het begin een dichte mist van frauduleuze praktijken. Via zijn beleggingsvehikel Ascona liet Piqueur al in de jaren tachtig nietsvermoedende investeerders geld pompen in waardeloos Texaans vastgoed, terwijl hij zichzelf ondertussen verrijkte met buitensporige commissielonen. Schaamteloos, en onwettelijk. Maar in het fraudeproces dat volgde werd Piqueur nooit veroordeeld. De feiten bleken verjaard.

Wat bezielde het Gentse stadsbestuur om met een omstreden bankier als Piqueur in zee te gaan? Optima was in beleggerskringen berucht als ‘het zwarte huis’ van België, wegens de Luxemburgse witwasroute die Piqueur had opgezet. Via belastingsvrije TAK23-beleggingen werden voor miljoenen euro’s – 6 miljard zeggen sommigen – zwart geld witgewassen. Ook toen in 2012 de Bijzonder Belastingsinspectie (BBI) binnenviel bij Optima gaf het Gentse stadsbestuur geen krimp. Luc Van den Bossche was toen al CEO van Optima geworden. “Moeten jullie niet staken?” brieste hij naar BBI-chef Karel Anthonissen toen die de computers in beslag kwam nemen.

Met dát Optima deed de Stad Gent zaken, minstens tot vorig jaar. “Anderhalf jaar geleden heb ik met Luc Van den Bossche en Jeroen Piqueur in de kantoren van Optima iets gegeten”, vertelt Daniël Termont zaterdag in De Tijd. “Zo gaat dat als je iets zakelijks bespreekt.”

De liberale link

Wie dezer dagen zwijgt als vermoord is Mathias De Clercq, kandidaat-burgemeester voor Open VLD en uitdager van Tom Balthazar in 2018. En daar heeft de liberale wonderboy een goede reden voor. Mathias is de zoon van Yannick De Clercq, politieke peetvader van het paarse bestuur in Gent. Het is Yannick De Clercq die als regeringscommissaris bij het UZ groen licht wilde geven voor een lening van 10 miljoen euro aan Optima, tegen verdacht hoge rentevoeten. De Optima Bank stond toen al aan de rand van het failliet, en Piqueur had dringend vers geld nodig. Gelukkig stelde de Nationale Bank op het laatste nippertje haar veto en ging de deal niet door. Je zou er verdorie schrik van krijgen, als je ziet hoe dicht politici en dubieuze financiers tegen elkaar durven aanschurken. Het heeft geen haar gescheeld of De Clercq, die tussen 2007 en 2015 samen met Piqueur als bestuurder in de cvba Artevelde zat en voorzitter was van een basketbalclub die door Optima gesponsord werd, had 10 miljoen euro publiek geld verpatst aan een louche graaibankier. Voor wat, hoort wat, moet De Clercq gedacht hebben. Een degoutant voorbeeld van informele machtsuitoefening en ontoelaatbare verstrengeling van publieke en private belangen.

Een andere draaideurpoliticus die hardnekkig in beeld komt bij het Optima-schandaal en andere Gentse beerputten is Geert Versnick, notoir liberaal, jarenlang schepen van de Stad Gent en vandaag gedeputeerde bij de provincie. Versnick is een all-round graaipoliticus. Tot vrijdag was hij én politicus én bestuurder bij Optima Group – de holding boven de Optima bank. Het is nauwelijks te vatten. Een provinciale gedeputeerde, een verkozen politicus die verondersteld wordt het algemeen belang te vertegenwoordigen, gaat doodleuk in de raad van bestuur zetelen van een notoire graaibank. En op het moment dat Optima dreigt te kapseizen regelt Versnick ongegeneerd een onderhoud tussen Piqueur en de bestendige deputatie, in de hoop ook daar 10 miljoen euro los te krijgen. Het is de schaamte ver voorbij.

De Club van Cannes

De ‘Club van Cannes’ worden ze genoemd, de projectontwikkelaars, architecten, bankiers en politici die het net iets beter met elkaar kunnen vinden dan gezond is voor de democratie. De Standaard publiceerde een vernietigend dossier over de Gentse vastgoedconnectie. Of het nu over Ghelamco gaat, de Oude Dokkken, de stadsontwikkeling aan Gent-Sint-Pieters of andere prestigeprojecten, telkens opnieuw duiken dezelfde namen op: Optima, Ghelamco, Bontinck, of Arch & Teco van architect Pol Cools, een persoonlijke vriend van Geert Versnick.

“Onze sector is zo rot als iets” getuigt een Gentse vastgoedspeler in de krant. “We weten allemaal dat als je met Bontinck of Cools in zee gaat, je makkelijker een project binnenhaalt. Officieel zijn al die wedstrijden en aanbestedingen transparant, maar je voelt dat er andere dingen spelen. Het is soms heel subtiel. En op den duur doet iedereen eraan mee.” Een andere protaganist: “Politici schuiven mee aan tafel. Je moet connecties hebben om iets gedaan te krijgen. Maar in Gent is het wel heel erg.”

Die nauwelijks verholen belangenvermenging, het is een progressieve stad als Gent onwaardig. Hoe crapuleus het gedrag van Luc Van den Bossche en Geert Versnick ook is, het Optima-schandaal is niet te herleiden tot individuele normvervaging of zakkenvullerij. Achter Optima schuilt een systeemfout. Uit de beerput van Optima walmt een onfrisse geur van jarenlange belangenvermenging en vriendjespolitiek, gegroeid in de coulissen van twintig jaar paarse politiek.

“Wat we vandaag meemaken, is de clash tussen het Gentse model van participatieve, stedelijke vernieuwing waar de voorbije jaren zo mee is uitgepakt en een ander, minder verheffend Gents model”, schrijft professor stadssociologie Stijn Oosterlynck in een vlijmscherp opiniestuk. Het Gentse stadsbestuur is inderdaad aan een grondig (zelf)onderzoek toe. Het Optima-schandaal heeft de jarenlange, nauwe banden aan het licht gebracht tussen het Gentse stadsbestuur, projectontwikkelaars en bouwpromotoren. De ‘Alter Ego’, het luxejacht dat Optima en het Gentse stadsbestuur afhuurden voor de vastgoedbeurs van Cannes, staat letterlijk en figuurlijk symbool voor het ‘tweede gezicht’ van het Gentse stadsbestuur. Deals worden beklonken in achterkamers en op luxejachten door ondernemers, bankiers en politici, ver van de schijnwerpers, ver van kritische burgers en ver van het democratische debat in de gemeenteraad. “Als de publieke discussie over de zaak-Optima ergens over moet gaan”, schrijft Oosterlynck. “laat het dan niet zozeer individuele normvervaging zijn, maar de ondoorzichtige besluitvorming in stedelijke elitenetwerken.”

De Queen Towers

En het ergste is, de deals in de achterkamertjes van de macht ondermijnen elke democratie. “De stad van de toekomst kiest voor echte participatie en basisdemocratie”, staat er nochtans zwart op wit in het bestuursakkoord van SP.a, Open VLD en Groen. De tekst staat bol van de beloftes over “participatie van onderuit” en het betrekken van de Gentenaars en “buurtbewoners in het bijzonder” bij “alle grote toekomstplannen voor de stad.”

In werkelijkheid staat de sluipende besluitvorming door ons-kent-ons-netwerken van politici en betonboeren haaks op democratische transparantie en inspraak. De nauwe verwevenheid tussen politiek en projectontwikkelaars heeft een grote impact op de stedelijke democratie en de betrokkenheid van burgers. Kijk naar de vaudeville rond de Queen Towers, twee megalomane luxe-woontorens die Optima Global Estate, de vastgoedochter van Optima, samen met Eurostation, mocht bouwen aan het station Gent-Sint-Pieters.

Niks inspraak van de buurtbewoners. Ondanks zwaar protest van het buurtcomité Buitensporig, die vrezen voor de leefbaarheid van de buurt en terecht stellen dat de hoge woontorens in strijd zijn met het ruimtelijk uitvoeringsplan – geeft de Stad Gent op 15 maart 2013 toch een bouwvergunning. Als Buitensporig in beroep gaat bij de provinciale deputatie krijgen ze ook daar nul op het rekest. Dat Optima goeie banden onderhoudt met het stadsbestuur, en Geert Versnick, lid van de provinciale deputatie die over de vergunning moet oordelen, op de loonlijst staat van Optima, dat alles berust uiteraard op louter toeval.

Het stadsbestuur werkt zich uit de naad om het de bouwpromotoren van Optima naar de zin te maken. “Daartoe werden eerdere afspraken met de buurt éénzijdig opzij geschoven en regels werden gewijzigd in het voordeel van Eurostation”, zegt Buitensporig. “De stad, waarvan Tom Balthazar in dit dossier de emanatie is, maakte het in augustus 2014 mogelijk dat er nog meer zal worden gebouwd dan de buurt aanvankelijk was voorgehouden. Voor de specialisten onder de lezers: de brutovloeroppervlakte die grenzen stelt aan het project werd door de stad geherdefinieerd. Door die herdefinitie werd het eigenlijk een nettovloeroppervlakte en schendt de stad een eerste keer het gewestelijk Ruimtelijk UitvoeringsPlan.

Ook zien de stad en dus ook schepen Balthazar geen graten in het overtreden van een ander en nog veel eenvoudiger regel uit het Ruimtelijke UitvoeringsPlan met name dat er in de A-zone maximaal twee “slanke” torens mogen worden gebouwd.” De conclusie van het buurtcomité: “De stad pleziert Eurostation, Electrabel, Optima en wellicht nog ander groot kapitaal, maar niet de Gentenaars die in die buurt wonen. Het private belang van instanties met centen primeert.”

De deontologie van Siegfried Bracke

Volgens bepaalde commentatoren is er in Gent dringend nood aan een regimewissel. Laat na dertig jaar paars bestuur de N-VA aan de macht komen, dan trekt die smog van belangenvermenging en ons-kent-ons-bestuur boven de stad vanzelf op. Niets is natuurlijk minder waar. Alsof de N-VA plots garant staat voor transparantie en participatieve democratie. Alsof Siegfried Bracke plots de behoeder is geworden van deontologie en goed bestuur.

De N-VA zou beter niet al te hoog van de toren blazen. De Diamantclub van Jan Jambon – een lobbygroep van Kamerleden die de belangen van de diamantsector in het parlement behartigen – is niet bepaald een voorbeeld van democratie en transparantie. Of moet ik in herinnering brengen hoe N-VA-cijferaar Koen Algoed, kabinetschef van Vlaams minister Philippe Muyters, vorig jaar in de raad van bestuur van bank-verzekeraar KBC werd geparachuteerd? Vanuit het Optima-schandaal loopt trouwens een rechtstreekse link naar het Antwerpse stadsbestuur van N-VA-voorzitter Bart De Wever. Of wat moeten we denken van Joeri Dillen, een projectontwikkelaar uit de Optima-stal, die het tot kabinetschef van Bart De Wever schopte, waarna Optima-zuster Land Invest Group op wonderbaarlijke wijze een bouwvergunning kreeg voor de megalomane Lins Towers in Antwerpen-Noord, tegen alle adviezen van de administratie in? Voor Jeroen Piqueur had geld geen kleur. In Gent ging hij scheep met SP.a en Open VLD, in Antwerpen haalde hij de N-VA aan boord.

Waar Gent nood aan heeft is geen wissel van de macht, maar een consequent linkse oppositie in de gemeenteraad. Een kritische waakhond die het stadsbestuur wakker schudt, en het schip op koers houdt: laat ons samen van Gent een stad op mensenmaat maken, een stad die luistert naar een kritisch middenveld, en kiest voor co-creatie met de samenleving, geen stad op maat van projectontwikkelaars en betonboeren.

Tijd voor een ‘Nieuwe Politieke Cultuur’

“Ik heb een inschattingsfout gemaakt met Optima en Jeroen Piqueur”, zei Termont vrijdag op een inderhaast bijeengeroepen persconferentie. “Het is niet omdat het goed is voor de stad Gent en het wettelijk is, dat het ook voldoet aan de deontologische standaarden waaraan ik mij als burgemeester moet houden.” Termont heeft al zijn contacten met Optima de voorbije jaren opgelijst en vraagt de deontologische commissie van de stad Gent om daarover een oordeel uit te spreken.

Het is nog maar de vraag of dat veel zal uithalen. De commissie mag alleen beleefde vragen stellen, achter gesloten deuren, waarna meerderheid tegen minderheid zal beslissen dat er geen vuiltje aan de lucht is. Gent verdient beter. Een volwaardige onderzoekscommissie bijvoorbeeld, met externe, onafhankelijke specialisten uit de academische wereld en het middenveld. Daarbij moeten niet alleen de banden van Termont met Optima onderzocht worden, maar moet het hele ons-kent-ons-bestuursmodel tegen het licht gehouden worden: de jarenlange verwevenheid tussen politici van de Gentse bestuurspartijen en bankiers en projectontwikkelaars.

Het stadsbestuur moet méér dan een armlengte afstand houden van banken en private ondernemingen. Wat we nodig hebben, dat zijn waterdichte schotten tussen de politiek en big business. Dat Daniël Termont jaarlijks 26.000 euro bijverdient als bestuurder bij het beursgenoteerde gasbedrijf Fluxys, en Geert Versnick 35.000 euro schnabbelt als ondervoorzitter van Elia, dat is onzindelijk. Verkozen (ex-)politici zijn verantwoording verschuldigd aan de bevolking en horen niet thuis in raden van bestuur van multinationals, beursgenoteerde bedrijven of banken. Wat is er mis met een consequent engagement voor de samenleving?

Bovenal hebben we nood aan een nieuwe politieke cultuur, die kiest voor structurele inspraak van de bevolking, die controle toelaat door een kritisch middenveld en participatie als een democratische hefboom beschouwt, en niet als louter window-dressing. Politici zijn verkozen door de bevolking en moeten het algemeen belang voorop stellen, niet het privé-belang van bouwpromotoren en graaibankiers. Dat zijn we aan de samenleving verplicht.

Tom De Meester is lid van het PVDA-partijbureau en voorzitter van PVDA Gent.

dagelijkse newsletter

Unite Talks: Mohamed Barrie

This interview is one to to take your time for! 🙏 🔆 45 minutes of Mohamed Barrie!🔆 💥 Mohamed is a dedicated social worker, organizer and advocate for veganism. He shares his view on structural racism, power, exclusion and veganism. 🌏 Based on his own experiences he shines a new light on the vegan movement and on the role of racism within these movements. 〄 PS: We just started doing these interviews, so feedback is much appreciated!

Geplaatst door u:nite op Dinsdag 20 oktober 2020

take down
the paywall
steun ons nu!