Opinie - Patrick Vandelanotte

Exit Maxim. Wanneer maakt minister Crevits werk van inclusief onderwijs?

Het M-decreet mag binnenkort zijn eerste kaarsje uitblazen. Deze week haalde de open brief van de ouders van Maxim de pers en de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement. Geen enkel leerkracht van de St. Lutgardis Openluchtschool in Schoten wou Maxim in zijn of haar klas. Patrick Vandelanotte van GRIP vzw roept minister Crevits op om meer te investeren in inclusief onderwijs.

vrijdag 3 juni 2016 10:05

Maxim heeft het Downsyndroom en daarom is dit te veel gevraagd. Niet dat de school tegen inclusie is. Maar voor een leerling met Downsyndroom krijgen ze te weinig middelen. Zo lees ik toch de motivatie van het schoolbestuur.

Unia, het Interfederaal Gelijkekansencentrum, onderzoekt nu of er al dan niet sprake is van discriminatie. Ik wil de vraag naar bredere verantwoordelijkheid opwerpen. Wanneer een tekort aan middelen als een gerechtvaardigd argument wordt erkend, wie treft dan schuld ?

Inclusief versus buitengewoon

Maxim heeft een attest of verslag buitengewoon onderwijs op zak. Zijn ouders kiezen voor inclusief onderwijs en Maxim krijgt ondersteuning. ION-begeleiding noemt men dat, wat staat voor ‘Inclusief Onderwijs’. Een leerkracht uit het buitengewoon onderwijs komt 5,5u per week naar de school om Maxim en de leerkracht te ondersteunen.

Met dat verslag buitengewoon onderwijs zou Maxim ook naar een school buitengewoon onderwijs kunnen trekken. Met speciaal busvervoer zou hij aan de voordeur worden opgehaald. In dat buitengewoon onderwijs zou hij gratis logo en kiné krijgen. En wanneer de ouders daar vraag naar hebben, zou hij met niet al te lange wachtlijst ook kunnen aansluiten bij een semi-internaat en internaat (VAPH). Een rekensommetje maakt duidelijk dat een leerling in het buitengewoon onderwijs de overheid gemiddeld 10.000 euro per jaar meer kost dan een leerling in het gewoon onderwijs.

Dit is het breder plaatje, dat meteen duidelijk maakt waar het schoentje knelt. De middelen die de overheid inzet voor ondersteuning van leerlingen met een handicap in het gewoon onderwijs zijn beduidend lager dan de middelen die worden ingezet voor buitengewoon onderwijs.

Inclusief onderwijs waar maken

De nodige verschuiving van de middelen van het buitengewoon naar het gewoon onderwijs verloopt veel te traag. Machteld Verbruggen deed onderzoek naar de gevolgen van het VN-Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap voor het Vlaams onderwijs. Zij stelde reeds in 2014: ‘Vijf jaar na de inwerkingtreding van het VN-Verdrag kan Vlaanderen zich echter niet meer beroepen op het ontbreken van voldoende middelen om een adequate ondersteuning van leerlingen met een beperking in het gewone onderwijs te organiseren.’

Ik vind hoe dan ook dat een overheid die een pak meer middelen blijft inzetten om het buitengewoon onderwijs in stand houden dan om het inclusief onderwijs vorm te geven, zich schuldig maakt aan structurele discriminatie. Ik verwijs hierbij ook naar de beoordeling van het VN-Comité inzake de Rechten van Personen met een Handicap (oktober 2014):

‘Het Comité is bezorgd over het feit dat vele leerlingen met een handicap naar het buitengewoon onderwijs worden doorverwezen en verplicht zijn om daar onderwijs te volgen wegens het gebrek aan redelijke aanpassingen in het gewone onderwijssysteem. Omdat geen inclusief onderwijs wordt gewaarborgd, blijft het buitengewoon onderwijs al te vaak de enige optie voor kinderen met een handicap.’

Het kabinet van minister Crevits heeft de ouders gecontacteerd om hun aan te geven welke stappen ze verder kunnen zetten. Wie contacteert er de minister van Onderwijs om aan te geven welke verder stappen zij moet ondernemen om inclusief onderwijs waar te maken ?

Patrick Vandelanotte, werkt als coördinator bij GRIP vzw en is vader van een dochter van 22 met Downsyndroom die inclusief onderwijs volgde.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!