Opinie - Benjamin Pestieau

Sociale democratie kan je heel wat meer opleveren dan enkel een smartphone

Het was de voorbije week voorpaginanieuws! Een extra dag vakantie en een smartphone voor alle 800 werknemers van het bedrijf Accent Jobs, op voorwaarde dat geen enkele werknemer van het bedrijf zich kandidaat stelde voor de sociale verkiezingen. Dit soort trucs om werknemers te doen afzien van syndicale verkiezingen is slechts het topje van de ijsberg vindt Benjamin Pestieau, verantwoordelijke vakbondsrelaties bij de PVDA.

vrijdag 26 februari 2016 13:38

Al jarenlang gebruikt het bedrijf allerlei manieren om te vermijden dat de sociale democratie zich binnen zijn muren zou organiseren. Zo heeft het bedrijf bijvoorbeeld de helft van zijn personeel het statuut van topmanager gegeven. Zonder de loonvoordelen of de beslissingsbevoegdheid van een topmanager welteverstaan.

 Met die maatregel zorgt het bedrijf er echter in één klap voor dat de helft van zijn personeel sowieso afziet van enig syndicaal engagement. Zelden hebben verkiezingen – zelfs zonder dat we ons zorgen moeten maken over het resultaat! – zoveel bezorgdheid opgeroepen.

Het geval Accent Job brengt essentiële zaken aan het licht: hoe wij in ons land dringend de sociale democratie moeten versterken en dat we de werknemers niet mogen overlaten aan de willekeur van bepaalde leden van het patronaat zonder scrupules.  

Grootste empowermentbeweging 

De verkiezingen vormen de grootste empowermentbeweging van het land. Het is een proces waarbij de werknemers van een bedrijf een stukje controle verwerven over hun eigen leven, hun handelingen, hun keuzes … tijdens de 8 uur durende arbeidstijd, een periode waarin ze normaal gezien onderworpen zijn aan de handelingen en keuzes van een patronale autoriteit. 

Concreet zullen tussen 7 en 21 mei eerstkomend 1,5 miljoen werknemers in bijna 7000 ondernemingen die minstens 50 werknemers hebben, opgeroepen worden om uit de meer dan 133.000 kandidaten hun vertegenwoordigers – delegees zoals ze genoemd worden – te kiezen.

Geen enkele verkiezing in het land trekt zoveel kandidaten aan. Geen enkele verkiezing brengt zoveel mensen op de been die willen meewerken aan verandering.  

De toekomstige verkozenen zullen zetelen in de Ondernemingsraad (OR) en in het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk (CPBW). En uit die verkozenen zullen ook de leden voor de zogenaamde vakbondsafvaardiging (VA) aangeduid worden. 

Op die plaatsen kunnen werknemers hun rechten doen gelden voor veiligheid, werkorganisatie, welzijn enz. In de Ondernemingsraad bijvoorbeeld wordt het arbeidsreglement opgesteld en goedgekeurd. Met de vakbondsafvaardiging wordt onderhandeld over de collectieve arbeidsvoorwaarden en de verloning van alle werknemers van het bedrijf. 

Maar het mandaat van de delegee houdt meer in dan dat. “Eens je verkozen bent, zien de mensen je als hun vertegenwoordiger”, vertelde Claire, die delegee is in een ziekenhuis. “En ze verwachten van je dat je ook zo reageert, het maakt niet uit voor welk orgaan je verkozen bent.

We moeten tussenkomen en hulp bieden in tal van uiteenlopende domeinen. Dat kan een probleem in het bedrijf zelf zijn, maar het kan net zo goed gaan om problemen bij het invullen van de belastingaangifte, problemen met de RVA, met hun pensioen en zelfs algemenere zaken zoals wat uitleg geven over de nieuwste maatregelen van de regering. We zijn een soort manusjes-van-alles zeg ik vaak.” 

De verkiezingscampagne verloopt ook heel anders dan bij klassieke verkiezingen. “Wij beloven geen gebakken lucht en pakken niet uit met dure campagnes. De werknemers kennen de mensen voor wie ze moeten stemmen doorgaans erg goed. Ze delen de werkvloer, hebben hen vier jaar lang aan het werk gezien en weten heel goed wat ze waard zijn”, verduidelijkt ze.  

Smartphone vs veiligheid en meer loon

Delegees en werknemers die zelf reageren en denken is één zaak. Maar is het ook efficiënt?  Het is bewezen dat de aanwezigheid van vakbonden op de werkvloer ervoor zorgt dat de veiligheidsvoorschriften en de desbetreffende wettelijke toepassingen beter worden uitgevoerd. In bedrijven met een syndicale afvaardiging gebeuren minder arbeidsongevallen. 

De werknemers van bedrijven met meer dan 50 werknemers die sociale verkiezingen organiseren, genieten doorgaans van betere loonvoorwaarden dan werknemers van gelijkaardige bedrijven waar geen sociale verkiezingen georganiseerd worden. Die verschillen kunnen in verschillende sectoren oplopen tot 10.000 euro. Heel wat meer dus dan een dagje extra vakantie of een gratis smartphone. 

Dat is echter niet alles. Het welzijn van werknemers in een bedrijf is vaak af te lezen uit het personeelsverloop. Als er een groot verloop is, dan wijst dat vaak op slechte werkomstandigheden. De werknemers willen er niet blijven of er vallen vaak ontslagen. En dat verloop is veel groter in bedrijven waar geen sociale verkiezingen zijn. Het kan oplopen van 10 tot zelfs 100% meer, afhankelijk van de sectoren. 

Tot slot betekent de aanwezigheid van vakbonden in bedrijven ook minder geschillen voor de rechtbank. Ruim 2/3 van de geschillen tussen werknemers en werkgevers betreffen bedrijven waar de vakbonden weinig of niet vertegenwoordigd zijn. 

Kaasmakerijen in actie tegen interimkantoor

Toen de vakbondsafgevaardigden van de Ondernemingsraad van twee West-Vlaamse kaasmakerijen de intenties van Accent Job vernamen, schoten ze onmiddellijk in actie.

De secretarissen van de christelijke vakbond van beide bedrijven melden het volgende: “Wij gaan in de komende dagen in het verslag van onze ondernemingsraden laten notuleren dat we niet wensen samen te werken met uitzendkantoren die de sociale dialoog op een degoutante manier uitsluiten. We staan versteld dat een uitzendkantoor als Accent Jobs wettelijke procedures voor de organisatie van de sociale verkiezingen aan zijn laars lapt. Daarom roepen we iedere ondernemingsraad en/of syndicale delegatie op, om elke samenwerking met Accent Jobs en uitzendkantoren met dezelfde intentie in vraag te stellen. 

De delegees sloven zich uit om voor de uitzendkrachten dezelfde rechten te bekomen als voor reguliere werknemers. Ook de werknemers van Accent Jobs verdienen beschermd te worden door de arbeidswet.”

Een les in moraal voor de bazen van interimkantoren, die denken dat alles – zelfs fundamentele democratische rechten – voor een prikje te koop is.

Ontslagen “wegens herstructurering” 

Maria is 54 jaar oud. 12 jaar geleden begon ze als secretaresse in een informaticabedrijf. Al meer dan 7 jaar is ze vakbondsafgevaardigde. In mei 2015 gaat ze met ziekteverlof na een burn-out. Te veel stress, te wijten aan het werk, haar geëngageerdheid als delegee voor haar collega’s en aan de druk die de directie uitoefent.

Na 6 maanden wordt ze ontslagen “wegens herstructurering”. In werkelijkheid heeft de directie gebruikgemaakt van een moment van zwakte om zich van een hinderlijke vakbondsafgevaardigde te ontdoen. Het bedrijf betaalt de “beschermings”-vergoeding. Een ontslagtoelage van 3 jaar en 6 maanden. Niet cumuleerbaar met de werkloosheidsvergoeding. 

Voor Maria zal het op haar leeftijd erg moeilijk zijn om een nieuwe job te vinden. Als ze voorzichtig is, kan Maria het met haar ontslagtoelage 3 jaar en 6 maanden uitzingen. Daarna zal ze terugvallen op de werkloosheidsuitkering en zal ze actief op zoek moeten gaan op de arbeidsmarkt, wil ze niet het risico lopen haar uitkering te verliezen en op het OCMW terug te vallen.

Geen enkele wet verplicht een bedrijf om een delegee, die ten onrechte ontslagen is, opnieuw aan te werven. Als het bedrijf dokt, is alles toegelaten. In andere landen gaat het niet zo.

In Frankrijk bijvoorbeeld moet een werkgever die een delegee wil ontslaan, daar toestemming voor vragen aan de arbeidsinspectie die een tegenexpertise zal eisen. De Ondernemingsraad (waarin ook de personeelsvertegenwoordigers zetelen) houdt een geheime stemming over het ontslag. Indien de arbeidsinspectie van mening is dat het ontslag onterecht is, kan het bedrijf de beschermde werknemer niet ontslaan. Het bedrijf kan dan een dwangsom opgelegd krijgen per dag dat de werknemer niet opnieuw aan de slag kan gaan. 

500.000 werknemers uitgesloten

Hoewel de sociale verkiezingen globaal gezien een succes zijn, zou de sociale democratie nog verbeterd en versterkt kunnen worden. In de eerste plaats bij uitzendkrachten die geen stem mogen uitbrengen. Dat betekent dat ruim 500.000 werknemers niet gehoord worden.

Onlangs hebben syndicale organisaties bewustwordingscampagnes gevoerd opdat uitzendkrachten die minstens 3 maanden aan de slag zijn in een bedrijf dat sociale verkiezingen organiseert, ook zouden kunnen stemmen. Deze heel redelijke maatregel wordt in Frankrijk en Nederland trouwens al toegepast. Het zou dan ook een eerste voorzichtige stap naar meer democratie betekenen, want de maatregel slaat op 16.000 uitzendkrachten. 

Er zijn ook honderdduizenden werknemers in KMO’s – bijna één miljoen – die verstokt blijven van elke toegang tot sociale democratie. Een situatie die absoluut niet te rechtvaardigen is, gezien de geschiedenis, de ervaringen in onze buurlanden en de Europese richtlijnen daaromtrent. 

Een groot deel van de werknemers in KMO’s zou wel kunnen stemmen mochten de werkgevers de engagementen uit 1944 nakomen, zoals die in het Sociaal Pact zijn vastgelegd.

In dat pact, dat de werkgeversorganisaties hebben ondertekend, staat te lezen: “In iedere onderneming met ten minste 20 loonarbeiders zal een afvaardiging van het personeel opgericht worden, die officieel bevoegd zal zijn om in overleg met het bedrijfshoofd of met zijn vertegenwoordigers al de kwesties te onderzoeken aangaande de lonen, de arbeidsduur, de rustpauzen, het verlof, de hygiëne, de veiligheid, de zedelijkheid, de klachten over het leidend personeel, de sancties, de afdankingen, het werkplaatsreglement of, in het algemeen, alle kwesties aangaande het regelen van de arbeid, de tucht of het voorkomen van collectieve geschillen in de schoot der onderneming.”

Dat engagement is uiteindelijk nooit nagekomen, tot grote ergernis van de vakbonden, die regelmatig eisen dat het recht om in ondernemingen voor syndicale organisatie te stemmen, wordt uitgebreid.

De weigering van het patronaat is des te onbegrijpelijker omdat de meeste andere Europese landen bewijzen dat het anders kan. Zo is er een werknemersvertegenwoordiging: 

— in alle ondernemingen in Zweden, zonder de minste drempel; 
— vanaf 5 werknemers in Duitsland en Oostenrijk; 
— vanaf 6 werknemers in Spanje;
— vanaf 10 werknemers in Nederland;
— vanaf 11 werknemers in Frankrijk;
— vanaf 15 werknemers in Luxemburg en Italië;
— vanaf 20 werknemers in Griekenland en Finland.

België neemt de laatste plaats in. Om een Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk (CPBW) in te stellen, moet een onderneming minstens 50 werknemers hebben. Voor een Ondernemingsraad zijn er maar liefst 100 vereist.

De ervaringen in onze buurlanden tonen dat de sociale democratie vandaag ook in de kleinste ondernemingen kan worden georganiseerd en ze absoluut niet nefast is voor het goede functioneren ervan.

België overtreedt EU-richtlijn

Tot slot is België in overtreding met een Europese richtlijn uit 2002. Die regelt het sociaal overleg en de uitwisseling van sociaaleconomische informatie binnen KMO’s.

De richtlijn bepaalt dat er in ondernemingen met minstens 50 werknemers en in vestigingen met minstens 20 werknemers informatie- en consultatiegesprekken met de werknemers georganiseerd moeten worden.  

Op basis van die argumenten hebben mijn collega’s, de PVDA-kamerleden Raoul Hedebouw en Marco Van Hees, in het parlement een ontwerpresolutie ingediend om de democratische dimensie van de sociale verkiezingen te versterken. Hopelijk zullen andere politieke partijen en de maatschappij in haar geheel, zich in dit debat mengen, zodat het eindelijk de goede kant op kan gaan.

Benjamin Pestieau is verantwoordelijke vakbondsrelaties bij de PVDA

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!