Opinie -

Werkbaar werk en verwende prinsesjes

?Of het nu in een partijprogramma stond of niet, er is geen ontkomen aan: mits wat daadkracht en zonder al te veel politieke weerstand wordt de omstreden verhoging van de pensioenleeftijd nog voor de zomer een feit. De stemming mag dan onder druk van de oppositie zijn uitgesteld, dat er langer gewerkt zal worden, lijkt onafwendbaar. Het discours over langer werken baadt in een sfeer van onvermijdelijkheid en gezond verstand. De beproefde TINA-methode: There Is No Alternative.

dinsdag 23 juni 2015 14:41

Het debat over langer werken mag dan zo
goed als beslecht zijn, het debat over werkbaar werk is dat in geen geval.

Geheel toevallig bevinden we ons midden
in de BEL10, de tiendaagse van Radio 1, waarbij Vlamingen gevraagd wordt wat ze zouden veranderen als ze het
voor het zeggen hadden. Twee van de meest besproken thema’s waren werk en zorg.
Vooral het gesprek over arbeidsduurverkorting beroerde vurige voor- en
tegenstanders. Eveneens geheel toevallig stond vandaag
in het teken van de mantelzorg.

Sommige toevalligheden zijn te mooi om
te laten liggen.

Wachten op zorg

Mantelzorger ben je als je op frequente
basis zorg biedt aan iemand die omwille van ziekte, handicap of
ouderdom zorgbehoevend is. Het gaat niet om beroepsmatige, maar
vrijwillige zorg. Naar schatting 600.000 Vlamingen zijn mantelzorgers.
Daaronder bevinden zich heel wat mensen tussen de 50 en de 65 jaar, maar ook
onder de jongere generaties zitten heel wat mantelzorgers.

Om en bij de 25.000
zorgbehoevende Vlamingen staan op een wachtlijst. Die wachtlijsten in de zorgsector
zijn de afgelopen tien jaar maar liefst drie keer zo lang geworden.

Intussen regent het klachten en
bekommernissen over de ondermaatse zorg in private woon- en zorgcentra en in de
integrale jeugdzorg. Wie wel een plaats vindt, wordt dus niet noodzakelijk ook
degelijk en aangepast verzorgd.

Onwerkbaar werk

De werkbaarheidsmonitor (Vlaams instrument
om de kwaliteit van werk in Vlaanderen te meten) legde bloot dat 45,7% van de
werknemers geen werkbaar werk heeft, maar geconfronteerd wordt met 1 of
meerdere pijnpunten. Bij werknemers in de zorg en het onderwijs stijgt dat
aantal tot 59,8%. In de bouwsector geeft maar liefst 62,4% van de werknemers
aan dat hun job niet werkbaar is.

615.000 Vlamingen kampen met
werkgerelateerde stress, waarvan 220.000 specifiek met de combinatie
arbeid-gezin.

55% van het ziekteverzuim is
stressgerelateerd. 29,3% van de werknemers is problematisch geestelijk
uitgeput. Datzelfde geldt voor 38% van de zelfstandigen.

Het lijkt logisch dat dergelijke harde
cijfers en heldere feiten een prominente rol krijgen in het debat over werkbaar
werk. Hoe moeten mensen zorgen wanneer ze meer en langer moeten werken? Waar
blijven we met de zorgbehoevenden wanneer de mantelzorg wegvalt? Moeten we het
tekort aan zorg niet compenseren door mensen de ruimte te bieden zelf zorg te
bieden? Wat met de toenemende stress en het zorgwekkend aantal burn-outs?

Het reguliere antwoord
is er een van nog meer en langer werken.

“Vroeger werkten we veel meer!”, roepen
arbeidsspecialisten. Waarbij ze gemakshalve vergeten te vermelden dat mannen 50
uur per week werkten, maar vrouwen thuis voor het huishouden, de kinderen en de
bejaarde ouders zorgden. 50 uur per gezin is niet hetzelfde als 50 uur per
burger. Wat ook onder het tapijt blijft liggen, is de bevinding dat we misschien
wel een kortere werkweek hebben dan pakweg 50 jaar geleden, maar dat we maar
liefst 4,5 keer zo productief zijn geworden. Waar is het rendement van die
vermenigvuldiging naartoe? We hebben ze in ieder geval niet omgezet in meer
tijd.

Verwende prinsesjes

Vrouwenorganisatie Femma pleit al een paar jaar actief voor
arbeidsduurverkorting, een idee dat allesbehalve nieuw is en door heel wat
denkers en zelfs economen wordt omarmd.

Dat uitgerekend een vrouwenorganisatie de
strijdbijl ter hand neemt om voor een nieuw soort voltijds te strijden (in dit geval de dertigurenweek) is –
alweer – geen toeval. Het leeuwendeel van de gezinszorg en de mantelzorg komt
op vrouwenschouders terecht. Wie de bikkelharde combinatie van voltijds werken
en zorgen niet aankan, heeft weinig opties. Je kan deeltijds aan de slag, maar
dan worden de jobaanbiedingen schaars en blijkt de financiële impact niet
gering. Niet alleen daalt je inkomen, maar daarnaast komen ook je
pensioenrechten onder druk te staan. Voor alleenstaanden is deeltijds werken al helemaal onhaalbaar.

Veel gezorgd? Als beloning mag je je oude
dagen doorspartelen met een inkomen rond de armoedegrens. Het maakt meteen duidelijk hoe zorg wordt
geapprecieerd in onze huidige samenleving: nauwelijks. Het is aardig dat het er
is, maar we vinden het niet nodig die appreciatie te verzilveren. Waarom heb je recht op menswaardig oud worden na 45 jaar betaalde arbeid, maar niet na een half mensenleven lang zorgen voor wie die zorg nodig had?

Vrouwen die hun kaarten op tafel leggen en
met enige schroom toegeven dat ze het niet rondkrijgen, worden schamper weggezet als verwende prinsesjes.

Beleidsmakers en experten bieden geen waardige oplossingen voor de problemen waar de ‘sandwichgeneratie’ mee kampt.

Wie naast haar voltijdse baan en de
bijhorende pendeltijd nog een gezin overeind houdt en een zieke of
hulpbehoevende ouder ondersteunt, die hoeft geen bloemen of een doos pralines, maar
perspectief, een perspectief dat zowel een leefbaar inkomen, een haalbaar en
gezond werkkader, als een waardig pensioen omvat. 

Buigen of breken

Britse onderzoekers vroegen werknemers wat
ze zouden kiezen: de loterij winnen of minder werken. Twee derde van de
bevraagden kozen voor het laatste.

Een bevinding die in schril contrast staat
met de manier waarop identiteit en arbeid samenvallen in onze moderne
samenleving. Werk, met name betaald werk, heeft een religieuze status gekregen.
Het lijkt ons enige bron van zingeving te zijn geworden, ons voornaamste
bestaansrecht. Wie er geen heeft, is een paria. Wie er te veel heeft, buigt of
breekt.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!