Loubna, on t’oubliera jamais

Loubna, on t’oubliera jamais

vrijdag 6 maart 2015 17:03

In mijn geheugen gegrift, alsof het gisteren gebeurd was…

5 maart 1997. Op een avond rinkelde de telefoon. De moeder van Kim en Ken (beiden verdwenen, alleen Kim teruggevonden, vermoord) aan de lijn. Ze had een telefoon gekregen van de gerechtelijke politie om naar het gerechtshof te komen. De moeder vroeg vaak mijn steun als er belangrijke afspraken waren. Ze was erg zenuwachtig, misschien was er nieuws over haar verdwenen zoon.

We hadden de vorige maanden, sinds het losbreken van het schandaal rond Dutroux, heel wat samen meegemaakt, de hevige massale protesten in Antwerpen en heel België, de Witte Mars, de zwart op wit Mars, de zoektocht in Charleroi, de commissie-Dutroux, de politici, de koning, de advocaten, de media… En politie probeerde haar geblunder goed te maken door nu wél actief te zoeken, zelfs te graven, naar de verdwenen kinderen…

In het kleine bureautje van de gerechtelijke bleek het over een andere verdwijning te gaan. Loubna Benaissa was gevonden, vermoord, gedumpt in een kist.

Loubna, het Marokkaans meisje waarvoor politie en gerecht geen moeite gedaan hadden de verdwijning ernstig te nemen en naar haar te zoeken. Het ging toch maar over een Marokkaans meisje, niet? Toen de zaak-Dutroux in alle hevigheid was los gebarsten, keerde de verontwaardiging van de bevolking zich ook tegen de verwaarlozing van het onderzoek naar de verdwijning van Loubna. Nu werd wél een onderzoek ingesteld, en blijkbaar met resultaat.

De gerechtelijke vertelde dat de vader het lijk van zijn dochter was gaan identificeren. Zus Nabela, die bekend was geworden van haar oproep met megafoon op de trappen van het gerechtshof in Brussel, kon het niet aan.

We spraken af de volgende morgen, 6 maart, naar de familie Benaissa te rijden. De moeder van Kim en Ken wou hen persoonlijk ondersteunen.

‘s Morgens in de auto belden we de andere ouders op om te melden dat we op weg waren naar de familie Benaissa: de ouders van An, Julie, Mélissa, Elisabeth… Groot was onze verbazing te horen dat de meesten spontaan, zonder met mekaar af te spreken, zelf onderweg waren vanuit Luik, Hasselt en Namen. Het werd een warme ontmoeting. Ouders die dezelfde gruwel hadden meegemaakt deelden hun emoties met mekaar. Het terugvinden van een verdwenen kind heeft een heel dubbel gevoel: enerzijds is de zoektocht, de onzekerheid, eindelijk voorbij, anderzijds de pijn dat het kind misbruikt, vermoord en gedumpt is, de nieuwe vragen, de hoop die verloren is.

De buurt was erg rumoerig. Duizenden buurtbewoners en woedende jongeren. Politie had de straat waar de Benaissa’s woonden afgesloten met nadar hekken. De rumoerige massa had onze auto laten doorrijden toen ze de moeder van Kim en Ken herkenden. Sommigen zwegen, anderen riepen riepen slogans tegen pedofielen en politie.

Nabela hoorde van de woedende mensen buiten. Ze overlegde met haar vader en moeder. De bijzondere vader Benaissa, een rustige man van weinig woorden, die ‘s nachts werkte als onderhoudsman bij de spoorwegen. Nog nooit één dag afwezig geweest, behalve toen hij verlof vroeg… om ‘s nachts de affiche met zijn dochter en andere verdwenen kinderen op te hangen in de treinwagons.

Nabela besloot naar de nadar hekken te stappen en tot sereniteit op te roepen. Ze vroeg aan de andere ouders wie wenste mee te gaan. Ze gingen allen mee.

En zo ontstond een uniek beeld, ouders die naast mekaar, hand in hand met Nabela, door de straat van de familie Benaissa naar de nadarhekken stapten. Ouders verenigd door dezelfde gruwel, de woedende massa begrijpend in de ogen kijkend. Wat niemand op dat moment kon, konden de verenigde ouders wel. Geen ander kon zeggen dat ze de woede deelden. De woede om het misbruiken en vermoorden van kinderen, de woede om het falen van politie en gerecht, het falen van het beleid. Hand in hand, Marokkaanse, Waalse, Vlaamse ouders. Over taal en religie heen waren ze verenigd. Zij stonden toen symbool voor de grote golf van solidariteit over het hele land.

Het leek alsof er op 6 maart 1997 geen racisme was. Iedereen deelde de pijn van de familie, dat zo lang in de kou had gestaan door verwaarlozing door politie en gerecht, racistische verwaarlozing. Het werd een dag zonder racisme. Loubna, on t’oubliera jamais.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!