De paradox van ‘Safer Internet Day’

De paradox van ‘Safer Internet Day’

dinsdag 10 februari 2015 09:49
Spread the love

Safer Internet Day promoot al 12 jaar een meer
verantwoordelijk gebruik van online en mobiele technologie bij kinderen en
jongeren. Deze traditie ten spijt, lijkt er nog een lange weg af te leggen naar
een veilig internet. Waarbij in de vroege jaren negentig deze online ‘virtuele’
ruimte nog gelauwerd werd voor haar oneindige mogelijkheden tot communicatie,
(anonieme) zelfexpressie en creativiteit, lijkt het wel alsof we hier vandaag
verder van af staan dan ooit. Wat heeft het promoten van meer
verantwoordelijkheidszin bij jongeren dan opgebracht? Zo wordt gezegd dat sociale
netwerksites broeihaarden zijn voor radicalisering, en worden kinderen en
jongeren achter elke virtuele hoek geconfronteerd met ernstige cybercriminaliteit.
Zowel deze maatschappelijke, als sociaal-technologische contexten (het internet
groeide van statisch naar een interactief web met vele platformen), maken dat
het internet een complexe rol speelt in het dagelijks leven. Het internet is een
fenomeen dat erg leeft; we krijgen er schijnbaar moeilijk controle over als
maatschappij.

Wanneer het gaat over kinderen
en jongeren, is de bezorgdheid groot. Zo weten we uit onderzoek dat Belgische
ouders eerder beknottend optreden wanneer zij internetgebruik monitoren. Kinderen
en jongeren worden aangeleerd zelf de verantwoordelijkheid op te nemen voor hun
online gedrag. Media ‘wijs’ zijn wordt ingevuld als een efficiënt streven naar
een correcte, duidelijke en professionele identiteit. Vaak wordt hier naar
verwezen als ‘identiteitsmanagement’. Daarnaast verwijst ‘reputatiemanagement’
naar het voorkomen dat de reputatie geschaad wordt door ‘fout’ online gedrag,
zoals het online plaatsen van een dronken foto. Het idee van identiteits- en reputatiemanagement
staat erg ver van de invulling die aan internet in de jaren negentig werd
gegeven. Vandaag lijken anonimiteit, zelfexpressie en creativiteit aan banden
te worden gelegd, de nadruk wordt gelegd op een online identiteit die zo professioneel
en ‘echt’ mogelijk is. Jongeren verantwoordelijk stellen voor een eigen online
identiteitsmanagement en het behouden van een goede reputatie, geeft
volwassenen blijkbaar een gevoel van meer controle over het internetfenomeen –
schijnbaar.

Zelf heb ik geobserveerd
tijdens mijn onderzoek, door met jongeren te praten over de plaats van sociale
media in hun beleving van intimiteit, dat dit verantwoordelijkheidsdiscours
leidt tot een paradox. Bij jongeren leeft enerzijds heel sterk de maatschappelijke
verwachte verantwoordelijkheidszin wanneer zij sociale media gebruiken, anderzijds
zijn sociale media hét instrument om meer speels met ‘identiteit’ aan de slag
te gaan: veel communicatie, heel expressief, uitdagend creatief en soms ook
anoniem. Alhoewel het speels exploreren van identiteit positief kan zijn, leidt
deze paradox tussen gewenst ‘verantwoordelijk’ gedrag en het eigenlijke gedrag soms
tot conflict binnen jongerengroepen zelf. De maatschappelijke roep naar meer
online management wordt vaak binnen jongerengroepen vertaald naar weinig
diverse en emancipatorische waarden. Zo worden meisjes die creatief aan de slag
gaan met foto’s al snel als ‘sletterig’ bestempeld, en jongens afgedaan als
foute ‘playboys’.

Gelet op deze paradox, lijkt
het mij zinvol om op Safer Internet Day ook eens stil te staan bij waarom er
zoveel maatschappelijke behoefte is om het online gedrag van jongeren te
controleren. Alvast drie eerste observaties. Ten eerste brengt het internet
verschillende sociale contexten samen. Volwassenen kunnen voortdurend observeren
hoe jongeren aan identiteitsexploratie doen, en interpreteren online
communicatie vaak anders (of dramatischer) dan die bedoeld is. Dit werd nog
aangetoond begin vorige week; het VTI in Aalst diende zich te excuseren voor de
controle op Facebook naar extremistische uitspraken, zonder eerst in dialoog te
gaan met leerlingen. Ten tweede is er een continue morele paniek over het
online gedrag van jongeren. Voortdurende sensationele berichtgeving over hoe
het allemaal fout kan lopen is nooit ver weg. Dit staat, gelukkig, in sterk contrast
met hoe jongeren het internet dagdagelijks zelf beleven. Ten derde
onderschatten we de rol van de grote sociale mediabedrijven in de sturing van
het online gedrag. Zij hebben alle voordeel in het verdedigen van
‘identiteitsmanagement’. Een transparant profiel zorgt voor betere
verhandelbare data, dit genereert meer inkomsten. Het sociaal model dat deze
bedrijven verdedigen, staat echter niet altijd in het teken van een opgroeiende
jongere.

Safer Internet Day lijkt mij
dan ook een ideaal moment om wat verder te denken dan enkel het aanscherpen van
verantwoordelijkheidszin bij jongeren. Meer dialoog, minder paniek en
‘management’ zijn al een begin. En, waarom ook niet, wat ruimte voor creatieve
zelfexpressie en anonimiteit. 

Sander De Ridder is
postdoctoraal onderzoeker bij het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen
(FWO), verbonden aan de Universiteit Gent en het Centre for Cinema and Media
Studies (CIMS). Zijn onderzoek richt zich op sociale media als een cultureel
fenomeen in de beleving van intimiteit. 
Deze post verscheen ook op Mediawijs.be

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!