De wereld van saffier  – Look vermijden

De wereld van saffier – Look vermijden

dinsdag 14 januari 2014 10:00

Een pianotoets van de klokradio in de kamer van haar ouders was voldoende om de ogen van Saffier wijdopen te trekken.

De commentator van het sportnieuws eindigde zijn relaas:

‘De spelers wisten niet eens waar het doel van de tegenpartij opgesteld stond. Ze ontdekten het pas twintig minuten voor het einde van de match en maakten toch nog twee goals.’

Vader Fons besteedde er zijn volle aandacht aan en sneed bij het scheren zijn bovenlip open.

‘Bij het lezen van de krant zou je beter meteen de polsen oversnijden,’ dacht hij somber na het ontbijt.

Een artikel over wereldwijde corruptie waarschuwt de lezer dat sjoemelen niet typisch voor derdewereldlanden is. Ook bij ons gebeurt het. Politici huren peperdure consultants in, bij voorkeur familieleden. En wat zijn dat dan? Gespecialiseerde raadgevers die je er op wijzen dat je niet te laat komt wanneer je voor een sollicitatiegesprek staat en best look vermijd bij het middagmaal. De adem zou wel eens roet in het eten kunnen  gooien. 20.000,00 euro voor een uur van dat soort technische raadgevingen. In Latijns-Amerika gaat het er toch iets boeiender aan toe. Op een nacht aten de mieren in een douanebodega vijfduizend kilo’s suiker op. En in dezelfde stad openden de gemeentelijke beambten een doodskist, hesen de overledene eruit en begroeven hem in een inderhaast gegraven put om de kist opnieuw te kunnen verkopen.

Leraar Geschiedenis haalde zijn hart op.

‘We hebben het laatste nog niet gezien,’ maakte hij de leerlingen nieuwsgierig.

‘Het lijkt er op dat België aan het verslijten is. Politici willen er aan knutselen en het oplappen. Sappig voer voor de media. Wil men van België een land zonder premier en zonder parlement, een lege doos maken?’

‘België is een weegschaal en het vergt veel acrobatie om die in evenwicht te houden,’ vond Saffier.

‘Eerst moet je het hebben over een land,’ kwam verrassend de Afghaanse tussen. ‘Om mij meer te integreren las ik de turf van historicus Rolf Falter over de geschiedenis van deze contreien. De titel van zijn boek luidt: België: een geschiedenis zonder land.’

Het verderop verzanden in communautair gebekvecht deed hen de tijd vergeten, bij het naar buiten gaan vonden ze de toegangspoort al gegrendeld.  

Bert-Bertha verkeerde nog maar eens in een piekerfase. Onderweg voelde een klasgenoot het aan.

‘Ik krijg nu ook regelmatig snapchat op mijn iphone van zowel jongens als meisjes waaraan het meeste textiel ontbreekt. Na een paar seconden zijn de foto’s definitief verdwenen. Wie ben ik?’ mompelde Bert-Bertha.

‘Tegenwoordig hebben seksuologen, psychiaters, criminologen en pedagogen een naam voor alles wat de mens is en heeft. Neem nu Robert, de rostekop die meer spijbelt dan aanwezig is. Hij werd door een vijfkoppige commissie doorgelicht. Unaniem waren ze het er over eens dat hij af te rekenen heeft met een PPD-NOS aandoening. Maar ze kwamen er niet uit over welk soort. Vier gingen voor ADHD en drie voor MCDD. Als ze jou onder handen nemen, gegarandeerd dat ze je flexiseksueel benoemen.’

‘Opbeurende troost,’ antwoordde Bert-Bertha.

‘Kun jij je niet vinden in een basisidentiteit, van waaruit je dan nog zijwegen kunt inslaan?’

Het probleem is dat niet ík dit bepaal. Wanneer ik een knapperd zie, word ik een verliefde troel en als ik een moordgriet ontmoet een geile bink. Zij bepalen mij.’

‘Gecompliceerd, als je het mij vraagt,’ zuchtte de klasgenoot.

Buurvrouw Hortensia van schuin over stond warempel op een stoel met spons en zeepsop een verkeersbord ‘Betaald Parkeren’ tegenover haar deur op te frissen.
‘Als nu een politiewagen voorbij komt, beboeten ze jou voor vandalisme,’ waarschuwde moeder Elvira.
‘Het bord zit vol modderspatten, er blijft haast niets van over, kijk zelf maar: ‘..taal. park….’ ik kuis het gewoon op. Ik noem dat burgerlijke verantwoordelijkheid. Als de overheid geen poot verzet moeten we het zelf maar doen. De wereld op zijn kop, gestraft worden om bij te springen waar de dingen niet uitgevoerd worden.’

Moeder Elvira zeurde niet zomaar uit haar nek. Een goede veertien dagen tevoren werd iemand op heterdaad betrapt bij het opkuisen van een wandelpad in het parkje achter zijn huis en kreeg een pijnlijke boete ingepeperd.

‘Je neemt het werk van het gemeentepersoneel af,’ vermaande de politie. Het parkje lag er al jaren verwaarloosd bij.

Moeder Elvira die weet had van het notitieboek van haar dochter vond dit Kafkaiaans verhaal geschikt schrijfvoer. Terwijl buurvrouw acrobatische toeren uitvoerde en het verkeersbord spiegelglad polijstte vertelde ze over haar broer uit Brussel.

‘Hij heeft gisteravond getelefoneerd. Gewoonlijk spreekt hij niet met de mensen in de buurt, hij weet niet uit welke godvergeten landen ze neergestreken zijn en welke taal ze spreken, liefst niet in het Frans, want dat stotteren ze zo gebroken dat hij ze nog beter begrijpt in hun eigen mysterieus Bargoens, omdat ze daarbij hun gebaren en hun ziel laten meespreken. Maar er scharrelt daar een kaduuk menske rond. Haar ouders zijn als jong getrouwd koppel ooit ergens uit de Vlaamse zandgrond gekropen om toekomst te maken in de hoofdstad, met enig succes want hun enige dochter heeft een huis geërfd. Ze heeft haar oudjes in een kist het huis uitgedragen. De man, kerngezond, stierf twee dagen na zijn vrouw, ter dood veroordeeld door de liefde. Maar nu, oud geworden, ziet zij het niet meer zitten, ze vindt haar weg niet meer. Door de jaren heen zijn de vroegere buren allemaal weggetrokken, de bakkerij en de kruidenierswinkel opgedoekt. Verderop is een grootwarenhuis, dat vergt goede benen en die heeft ze niet. Het café op de hoek is blijven staan, maar ze is nooit op café geweest. Een borreltje ‘s avonds voor het slapen gaan, dat wel, het moet van de dokter. Tegenover haar is een garage voor wrakken gekomen, ze denkt aan Oost-Europeanen die meer op het voetpad dan in de krappe ruimte binnenin werken. In één woord, ze loopt verloren. Voor haar is een migrant er beter aan toe. Die vindt de vier windstreken in het begin ook niet, maar stilaan krijgt hij er zicht op en geraakt op dreef. Zij kan integendeel niet weg. Een oude boom verplaatst men niet. Haar hebben ze wel niet verplaatst, wel haar plaats weggenomen.’

Moeder Elvira had al een tijdje veranderingen in zichzelf en vooral in haar kleren gevoeld.
‘Ik ben aan het vermageren en ik zou niet weten waarom,’ zei ze tot haar man. Ze trok alles uit tot en met de sokjes en de huwelijksring en steeg de weegschaal op. Even dacht ze er aan ook haar leesbril af te leggen, maar dan kon ze de cijfers tussen haar tenen niet onderscheiden. Heel en al verbazing voor het aantal kilo’s die haar ontsnapt waren. Ze was er niet kwaad om.

‘Wat mij stoort zijn de broeken die rond mijn billen hangen te flodderen, zelfs met een heupriem om.’
‘Een naaister inschakelen?’ stelde hij voor.

Ze kon zich niet inbeelden hoe een naaister ze kon ombouwen.

‘Dan maar een pamper dragen,’ meesmuilde hij.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!