Repliek op Lieven De Cauter over de zaak-Kimyongür en de situatie in Turkije

Repliek op Lieven De Cauter over de zaak-Kimyongür en de situatie in Turkije

vrijdag 3 januari 2014 09:00

Geachte collega De Cauter,

Van harte dank voor uw uitgebreide antwoord op mijn vragen naar aanleiding van uw stuk “De muur van stilte.” Ik had uw verduidelijkingen nodig om een zinvoller standpunt tegenover uw tekst te kunnen innemen, wat ik nu ook ga doen.

Eerst en vooral wil ik mijn waardering uitspreken voor uw strijd voor de vrijemeningsuiting en het feit dat u vaak als één van de weinige academici echt tegen de stroom ingaat (hoewel ik dat niet bepaald vind in de kwestie Turkije).

Ik aanvaard uw beschuldiging niet dat ik met mijn kritische vragen de vrijspraak niet respecteer. Maar voor mij betekent een uitspraak van een rechter niet het einde van een maatschappelijk debat.

Uitlevering zou inderdaad onrechtvaardig zijn

Wat de juridische dimensie van deze zaak betreft, volg ik als burger en niet-jurist grotendeels uw argumentatie. Het dossier tegen de heer Kimyongür weegt te licht voor een uitlevering, en bovendien loopt hij het risico op een erg zware bestraffing. Dit zou onrechtvaardig zijn. De Standaard van 23 december 2009 schreef het volgende: “Samen met de chef van de organisatie, Musa Aso?lu, verdedigde Kimyongür eind juni 2004 een mislukte bomaanslag van de DHKP-C in Turkije. Toen op een bus in Istanbul een bom te vroeg ontplofte, vonden naast de militante die de bom vervoerde drie onschuldige burgers de dood.” Bij de ultieme vrijspraak in december 2009 zei het Hof van Beroep in Brussel dat “het verspreiden van het communiqué niet beschouwd [kan] worden als een terreurdaad, omdat de inhoud al bekend was en die bovendien enkel politiek en ideologisch was.” Voorts zegt De Standaard van 24 december 2009: “Het federaal parket kon ook niet bewijzen dat de twee op enige manier hadden bijgedragen tot het plegen van een aanslag of een ander misdrijf.” Ik neem aan dat de Turkse overheid geen nieuwe feiten inbrengt. Ik heb de tekst van het aanhoudingsmandaat wel niet gezien.

Indien geen andere dan de ons gekende aanklachten aan de orde zijn, zou het onrechtvaardig en dom zijn van Ankara met dit aanhoudingsmandaat door te gaan. Ik hoop dat de Belgische regering het nodige doet om Kimyongür voor uitlevering te behoeden, maar Turkije volop en openlijk steunt in zijn vredesproces(sen) met gewapende bewegingen (zie onder).

Niet elke Turkse oppositie is democratisch en vreedzaam

Vanuit een eerder juridische logica (de vrijspraak van Kimyongür) vindt u de vraag over de ware aard van de DHKP-C niet relevant, zo zegt u in uw antwoord aan mij (blogbericht op DWM). Maar in uw aanvankelijke stuk mét bijlagen worden wel politieke uitspraken gedaan over de activiteiten van de heer Kimyongür, de DHKP-C en de Turkse staat. Dat is ook het geval in uw antwoord. Vandaar dat ik er ook politiek op reageer. Let wel: niet alles wat ik ga zeggen is te zien als repliek op uw beide teksten.

Ik vind dat wanneer je over de DHKP-C schrijft, je moet zeggen dat dit een organisatie is die al veel politieke moorden en dodelijke aanslagen heeft gepleegd, zelfs dit jaar nog. Zij plegen ook zelfmoordaanslagen. Dit bleek helemaal niet uit uw eerste tekst, waar u schreef:

“Het aanhoudingsbevel kwam er omdat hij met een vlag heeft gezwaaid in het Europees parlement toen de Turkse minister daar op bezoek was en luidkeels protesteerde tegen de ontkenning van de Armeense genocide en, o ja natuurlijk, omdat hij lid zou zijn van een terroristische organisatie, de DHKP-C, maar de lijst van terroristische organisaties is een manier om activisten monddood te maken: terrorist is wie terrorist wordt genoemd, of wie er mee kan geassocieerd worden.”

Hieruit zou de argeloze lezer kunnen opmaken dat de genoemde organisatie een normale, vreedzame beweging is, die enkel en alleen omwille van haar democratische kritiek op de regering-Erdogan op de terreurlijst staat. Door de weglating van belangrijke informatie kon deze indruk worden gewekt. Zoiets vind ik niet netjes, en daarom waren mijn vragen wel degelijk op hun plaats. Dit past bovendien in het vaste patroon van berichtgeving over Turkije, dat gekenmerkt wordt door juiste informatie, vermengd met omissies, verdraaiingen, overdrijvingen en fouten, vaak overgenomen van anti-regeringsmedia of radicale opposanten zonder dubbelcheck of wederwoord. Als wetenschapper hou ik daar niet van, welke misstappen de Turkse overheid ook moge begaan. Als linkse mens vind ik het bovendien verwerpelijk en neokoloniaal dat een opkomend land met vooral moslims in berichtgeving een duidelijk andere behandeling krijgt dan West-Europese landen.

Zijn dodelijke aanslagen van uiterst-linkse groepen in Turkije legitiem?

Turkije is een democratie met grote gebreken. Maar hoewel vaak andere kwesties aan de orde zijn, vind ik ook de VS, het VK en zelfs België wel eens heel problematische democratieën. Dat vind ik na de bankencrisis, die honderden miljoenen mensen (dieper) in de ellende heeft gestort en veel te maken heeft met falende democratische instituties (regeringen, toezichthouders, parlementen, media, academici), nog meer. Maar dit is voor mij geen reden om werkgevers dood te schieten, raketten tegen politiekantoren te lanceren, bewakers van de Amerikaanse ambassade om te brengen, een bus met burgers te doen ontploffen, of gebouwen van regeringspartijen op te blazen. Het soort activiteiten van hogergenoemde organisatie. Het ijzingwekkende dogmatisme van DHKP-C en diverse andere Turkse gewapende bewegingen heeft voor mij niets met een democratische agenda te maken. Het is legitiem dat ze worden vervolgd.  

Met hun acties en propaganda wordt de Turkse democratie niet geholpen, zeer integendeel. Het draagt bij tot het paranoïde en repressieve klimaat in Turkije, wat een versterking van de democratie en de oplossing van maatschappelijke problemen in de weg staat. Daarom hopen vele Turken nu dat de historische vredesgesprekken tussen de regering-Erdogan en de afscheidingsbeweging/terreurgroep PKK zullen lukken. Desalniettemin vindt een groot deel van de kemalistische en nationalistische oppositie dat Erdogan “te veel toegevingen doet aan terroristen.” Erdogan stelt in talloze toespraken de assimilatiepolitiek en de misdaden van de Turkse staat in vraag. Als men Erdogan vanop straat, via een aanslag of vanuit welke cenakels dan ook wil afzetten, moet men in elk geval ook de consequenties voor het Koerdische dossier onder ogen zien.

Tussen haakjes: helaas hebben de honderdduizenden betogers in en rond het Gezi-park nog altijd geen massabetogingen georganiseerd voor vrede en meer Koerdische rechten, als duidelijke en breed gedragen eis, om dit vredesproces, of een eigen variant ervan, kracht bij te zetten. Dat in de slipstream van Gezi de vervolging van pro-Koerdische politici, journalisten, e.d. vaak wordt aangeklaagd, verandert daar niets aan. Wat ik hier bedoel, is het uitblijven van massale demonstraties van de anti-Erdogan-Turken voor grotere Koerdische politieke en culturele rechten, om zo meer druk op Ankara te zetten. Dit is nochtans een vitaal dossier voor de Turkse democratie. Het gaat over grootschalige onderdrukking en een oorlog met 40.000 doden. Toch willen weldenkende linkse middens bij ons graag geloven dat de Koerdische kwestie voor de hoofdstroom van de Gezi-beweging een prioritair thema was. Dat was het dus niet. Dat een groot deel van de Koerdische bevolking voor de AKP stemt, is overigens ook zo’n nuancerend element dat men tot nu toe goed uit het Westerse nieuws heeft kunnen houden.

Turkije is een meerpartijendemocratie met vrije verkiezingen. Van “massaal staatsterrorisme” in het huidige Turkije zou ik niet spreken, ook al is in juni te veel traangas gebruikt en heeft deze regering gevochten tegen de PKK. Ik durf te zeggen dat de democratie en mensenrechtensituatie sterk verbeterd zijn vergeleken met de jaren ’80 en ’90, ondanks de blijvende problemen en terugvallen die mij ook zorgen baren. Elke dag kunnen diverse media zware kritiek leveren op de regering, zonder dat de mediabedrijven en journalisten telkens monddood worden gemaakt of opgesloten. Hiermee praat ik de reële en zorgwekkende vervolgingen en interventies van de regering in het mediagebeuren niet goed. Maar het moet ook gezegd dat heel wat Turkse anti-regeringsmedia zich naar Belgische normen zelf niet deontologisch gedragen, soms op het criminele af. Zijn er eigenlijk Westerse journalisten of linkse activisten die ook dit onderzoeken? Voor mij is het niet altijd duidelijk of de regeringspartij AKP vanuit machtswellust dan wel zelfverdediging handelt. Bovendien heeft juist een groot deel van de resterende Turkse mensenrechtenproblematiek (inclusief de detentie van enkele tientallen journalisten) te maken met illegale gewapende groepen.

Het doodschieten van honderden vreedzame betogers in Caïro na de afzetting van een verkozen regering, waarmee de coupplegers ook in de Westerse pers vrij goed zijn weggekomen: dat is staatsterreur. Grootschalige staatsterreur zie je ook in Syrië. Juist die terreur heeft tot gewapend verzet, burgeroorlog en destabilisering geleid, een noodzakelijke voorwaarde voor de terreinwinst van de jihadisten – hier heb ik een andere lezing van dat conflict dan u en de heer Kimyongür. Ik erken de complexiteit van het Syrische conflict. Maar als men zo graag genuanceerd wil doen over het regime van dictator en massamoordenaar Assad, waarom wordt de democratisch verkozen regering van Erdogan, die reeds het slachtoffer was van meerdere pogingen tot afzetting door het leger en bevriende media, door Turks uiterst-links en zoveel andere Turkse en Westerse actoren op een erg eenzijdige wijze, en in veel scherpere bewoordingen, systematisch gediaboliseerd? Vanwaar deze ongelijke behandeling en het gebrek aan evenwicht en nuance?  

Transparanter debat

Het probleem van politiek geweld in Turkije is dermate groot, dat bevolking en overheid ook niet lachen met geweldloze samenwerking met illegale gewapende groepen, alsook propaganda en verheerlijking. Dit blijken massale fenomenen te zijn, vaak aangewakkerd door bovengrondse bewegingen. Ik wil aannemen dat leden van de Turkse overheid in de vervolging hiervan vaak te ver gaan, op het domein van de vrijemeningsuiting komen, of zelf zaken fabriceren. Wanneer dit gebeurt, is dat schandalig en moet ertegen worden opgetreden. Wanneer daar door hogere instanties of rechtbanken niet tegen opgetreden wordt, is dat nog erger. Dergelijke beschuldigingen moeten telkens grondig onderzocht en behandeld worden, als het moet tot in Straatsburg, waardoor er ook een externe arbiter is.

Wanneer het, zoals vaak, in Westerse of Turkse Engelstalige media wordt gebracht, moeten zowel de klagers als de overheid uitgebreid hun versie kunnen geven – dit zou heilzaam zijn, want dan komen tegenover de wereld niet alleen eventuele leugens van overheidsfunctionarissen aan het licht, maar ook die van gewelddadige activisten en hun medestanders. Want mensen die ertoe in staat zijn andersdenkenden te vermoorden, zijn er ook toe in staat de Westerse (alternatieve) media valse informatie te verkopen. Als democraat pleit ik voor een veel transparanter debat terzake, waarbij de betrokken media ook transparanter zijn over hun methodologie.  

Elk democratisch land zou worstelen met de grijze zone tussen daders, politieke mantelorganisaties, woordvoerders en sympathisanten. De kwestie van “guilt by association” is helemaal niet zo simpel, zeker niet als het over zwaar politiek geweld gaat. Maar deze gespannen sfeer, mede gecreëerd door de terreurbewegingen, biedt ook veel ruimte voor machtsmisbruik door delen van de overheid. Hierbij moet men beseffen dat de Turkse overheid zelf diep verdeeld is en de arena vormt van een felle machtsstrijd, zoals uit de recente Turkse actualiteit blijkt. Lang niet alle gevallen van onterechte aanhouding, foltering of gefabriceerd bewijsmateriaal, if any, worden vanuit het kabinet-Erdogan bevolen, zoals men hier soms denkt. Enkele jaren geleden wou zelfs een deel van het gerechtelijk apparaat de partij van Erdogan verbieden en de kopstukken strafrechtelijk vervolgen wegens het “in vraag stellen van de seculiere staat”, volgens de Europese Unie op basis van een erg zwak dossier.   

In elk geval hoop ik dat de regering-Erdogan nog werk maakt van een nieuwe straf- en antiterreurwet zodat minder onschuldigen kunnen worden getroffen. Van een regering die de politieke moed heeft met PKK-leider Öcalan te onderhandelen, is zoiets niet geheel ondenkbaar. Nog beter is om ook wat het verleden betreft, tot een ruime vorm van amnestie te komen, ook voor gewapende militanten. De Turkse staat heeft de voorbije decennia zelf veel misdaden gepleegd en zo de gewapende actie van burgers in de hand gewerkt. Zij zou nu het voortouw moeten nemen in de pacificatie.

Met vriendelijke groeten,

Dries Lesage

 
 

 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!