Populisme in Europa: Herman Van Rompuy wil het blijkbaar niet begrijpen

Populisme in Europa: Herman Van Rompuy wil het blijkbaar niet begrijpen

maandag 10 september 2012 12:10

Een opvallende kop dit weekend op de website van De Standaard: “De Italiaanse premier Mario Monti wil in Rome een Europese top organiseren die zich buigt over de ‘gevaarlijke’ opkomst van het populisme in de EU. Europees Raadsvoorzitter Herman Van Rompuy is alvast helemaal gewonnen voor het idee.”

Dat Monti een Europese top wil organiseren over populisme, daar kan ik inkomen. Het moet niet evident zijn om beleid te willen voeren in een land waar tot voor kort Il Cavaliere de scepter zwaaide, en nog altijd zint op een comeback. Mensen als Van Rompuy, De Gucht en Barroso zouden ze echter moeten verbieden om de term ‘populisme’ in de mond te nemen. Tegenwoordig krijg je bij nogal wat EU toppolitici en bureaucraten immers sterk de indruk dat alle politieke analyses die sterk durven afwijken van van het beleid dat de heersende Europese elite voorstaat, het label ‘populisme’ opgespeld krijgen. Makkelijk zat – dan hoef je de discussie niet meer te voeren.

Of het nu gaat om Bart De Wever (wiens politieke analyse de mijne niet is, maar die je daarom niet zonder meer als populist kunt afdoen, ook al schiet hij soms in alle richtingen), Geert Wilders of aan de andere kant van het politieke spectrum Syriza & Roemer, wie vragen durft stellen bij het mainstream politieke beleid in een land (zoals De Wever) of op Europees niveau kan er donder op zeggen dat hij of zij voor een populist versleten zal worden. Hollande kreeg voor de verkiezingen ook al het verwijt te grossieren in populistische verkiezingsretoriek, en Diederik Samsom zullen ze in Brussel en Berlijn ook wel liever niet in het Torentje zien geraken. Ook allemaal populisten, ongetwijfeld.

Nochtans is het eigenlijk vrij simpel. De Europese publieke opinie beseft ondertussen dat de Euro allicht geen goed doordacht project was. We waren overigens inderdaad bijna allemaal pro (zoals Bas Heijne stelt in de Standaard vandaag), mezelf inbegrepen, een goeie tien jaar geleden, met uitzondering van een stuk of wat economen. De meesten onder ons verwijten de Europese bewindvoerders dus ook niet echt de huidige euro-knoeiboel, of toch niet het begin van de crisis, al zijn er wel een aantal onder ons die denken dat we misschien de euro moeten durven laten varen, aangezien de collateral damage van het mordicus willen behouden van die munt stilaan enorm aan het oplopen is. Vele burgers beseffen ook dat de EU-governance complex is, met die mix aan intergouvernmentele en supranationale mechanismen, en dat het dus niet makkelijk is om iedereen op één lijn te krijgen. We gunnen de EU-leiders dus wel wat speelruimte, ook al zijn sommigen onder ons het fundamenteel oneens met de beleidsrecepten die ze al een paar jaar uitproberen.

Waar echter vele burgers het moeilijk mee hebben is de perceptie dat Europese bewindvoerders deze crisis willen gebruiken om de eurozone op een andere leest te schoeien, op een ‘flexicurity’ leest zeg maar, onder het mom “de globalisering, vergrijzing en de uit de pan swingende overheidsschulden vergen die aanpassingen nu eenmaal”. Zonder echt democratisch debat. Nog meer produceren voor minder en aan veel flexibeler arbeidsvoorwaarden – lees er maar de plannen op na die de trojka voor de Grieken in petto heeft (vorige week lekte nog een en ander uit over de zesdagen-week). Sommige van de Europese instellingen lijken daarbij nog heiliger te willen zijn dan het IMF.

Het is ook bitter dat een koerswijziging pas mogelijk blijkt als grote landen in de problemen dreigen te komen. Pas dan hoor je over een Europese bankunie praten, en zet de ECB de echt grote middelen in. Kleine landen kun je daarentegen zonder veel problemen de duimschroeven aandraaien, zo is gebleken.

De meest fundamentele kritiek die je echter op de Europese bewindselite kunt hebben is de volgende: je krijgt op geen enkel moment de indruk dat Europese bewindsmensen van de crisis gebruik proberen te maken om Europa klaar te stomen voor een duurzamer en sociaal rechtvaardige toekomst (ook al is onderhand voor iedereen duidelijk dat de planeet kreunt onder ons economisch systeem), waarbij iedereen het met minder probeert te doen. De Europese ‘norm’ blijft, impliciet en expliciet, een groeimodel (ook al wordt ‘groei’ tegenwoordig omzwachteld met eufemistische adjectieven zoals duurzame, slimme of groene groei).  Ipv te gaan voor een echt duurzaam en sociaal Europa, proberen Brussel, Frankfurt en Berlijn van elke Europese economie een blauwdruk te maken van de Duitse economische falanks. Dat al die BMWs en Audi’s ondertussen Chinese steden mee helpen dichtslibben, is niet ons probleem. Een Europa dat echt geeft om ontwikkelingslanden zou terzelfdertijd niet in bilaterale handelsakkoorden proberen om de patenten en intellectuele eigendom van de eigen grote farmaceutische bedrijven te beschermen, en zo toegang tot generische medicijnen in ontwikkelingslanden te bemoeilijken. EU-protectionisme omwille van lage sociale en ecologische normen elders, lijkt om de een of andere mysterieuze reden een pak moeilijker te liggen…

De beleidsdocumenten van de Europese commissie staan bol van ‘social protection’ – zo promoot een DG Devco document van 2011 bv. social protection in ontwikkelingslanden, “vanwege hun bewezen stabilisator-effect”. Ik – en vele Europese burgers met mij – merken ondertussen nog maar weinig van sociale bescherming in Griekenland, Spanje en co. Sociale bescherming wordt vooral afgebouwd, en het einde lijkt niet in zicht.

Dat iemand met het messcherpe intellect van Van Rompuy zo makkelijk vele vormen van kritiek op Europa afdoet als populistisch kan er bij mij dus niet in. Zolang hij en anderen dat blijven doen, zullen Europese toppen over populisme maar weinig zoden aan de dijk zetten, vrees ik.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!