Investeer in huisvesting

Investeer in huisvesting

maandag 10 september 2012 17:52

Samen met het nieuwe schooljaar is voor mij de verkiezingscampagne nu wel echt begonnen. Na een eerste avond in Antwerpen-centrum, het gaan bussen, mensen bezoeken, was ik afgelopen zaterdag te gast in het redactieprogramma van Radio Centraal. Het thema was ‘sociale huisvesting’ en andere gasten waren Seppe de Blust voor de Stadspartij (hij is SP.a) en Jan Van de Vloet, parlementair medewerker van Liesbeth Homans.

Het was duidelijk dat de NV-A tegen bijkomende sociale huisvesting is, terwijl de SP.a vindt dat er sociale huisvesting mag bijkomen maar meent dat er flexibel omgesprongen moet worden met allerlei bijkomende vormen van huisvesting.
Dit in een notendop. Wie wil weten wat beide partijen daarover zeggen, moet hun programma’s maar lezen. Daar ga ik mijn blog niet aan besteden.

Wat wij zeggen, daar wil ik aandacht aan besteden. Ik werk zelf in de sociale huisvestingssector en heb meegewerkt aan de voorbereiding voor dit stuk uit het programma. Maar het is niet zozeer daarom maar wel om de inhoud dat ik meen dat dit veel meer aandacht verdient.

De PVDA-afdeling van Antwerpen heeft eerst 4700 Antwerpenaren bevraagd over hun stad. Die enquête wees uit: de Antwerpenaar snakt naar betaalbaar wonen.

In onze stad heeft één op tien een probleem om de huur of lening af te betalen. Maximum 30 procent van het gezinsinkomen zou naar woonkost en energie mogen gaan. Een kwart van de Antwerpenaren betaalt meer. Het is de hoogste woonquote in Vlaanderen, een pijnlijk record.

Vlaanderen heeft meer huiseigenaars dan huurders, maar in de steden zijn meer mensen op de huurmarkt aangewezen. In Antwerpen huurt één op twee op de private huurmarkt, en één op tien via de sociale huisvesting.

Grote groepen in onze stad hebben bijna geen toegang tot een woning op de private huurmarkt. In de huurdersbeweging horen we veel verhalen van mensen die reageren op een advertentie maar te horen krijgen dat de woning niet voor hen is of niet meer beschikbaar zou zijn. Waarom? Hun Nederlands heeft een accent, hun vreemde naam, hun te groot gezin…

Omdat ze geen dak boven hun hoofd hebben, stapelen nieuwe problemen zich op: met hun gezondheid, met hun werk, met hun kinderen. We zijn echt problemen aan het creëren. Zolang er geen groter en betaalbaarder woningaanbod komt, zal de noodopvang met transitwoningen blijven dichtslibben. Transit is geen transit als je geen oplossing hebt voor ná de transit. Het is dringend tijd voor een ander beleid.

De bouw van 50.000 extra sociale woningen is nodig. Wie achterovervalt van dit cijfer, moet weten: zo wereldvreemd is het niet. Al zijn de criteria om recht te hebben op een sociale woning heel streng, toch staan vandaag 22.000 mensen op de groeiende Antwerpse wachtlijsten. Grotere gezinnen staan er vaak meer dan vijf jaar op, zonder uitzicht op een woning.

Het stadsbestuur zegt dat er meer sociale huisvesting is in de stad (11%) dan de norm van 9% uit het Vlaamse Grond- en Pandendecreet bepaalt. Maar worden de wachtlijsten daarmee kleiner? In 2020 zal de stad 100.000 inwoners meer tellen. Waar moeten die gaan wonen? Zo komen we bij de kern van de zaak: betaalbaar wonen staat mooi in Vlaamse en Antwerpse bestuursakkoorden maar zolang dat een inspanningssverbintenis is en geen resultaatsverbintenis, blijven de mensen soms letterlijk in de kou staan.

De inkomensgrens om in aanmerking te komen voor een sociale woning moet omhoog. Toen die grens in 1961 werd ingevoerd, kwam nog 60% van de bevolking in aanmerking voor een sociale woning. Wil je verhinderen dat sociale woonwijken arme getto’s worden, dan moet je de criteria vandaag herzien.

Wie zou volgens ons in aanmerking moeten komen? Mensen of gezinnen met een inkomen in het eerste of tweede inkomensquintiel (= de 40% laagste inkomens) én die meer dan 30% van dat inkomen uitgeven aan huur of die een woning huren die niet geschikt is voor bewoning. Ook dakloze gezinnen, die bijvoorbeeld uit een onbewoonbaar verklaarde woning komen, zouden dan recht hebben op een sociale woning. Nu vallen zij nog dikwijls uit de boot omdat hun inkomen boven de grens ligt.

Daarom ons ander voorstel aan de stad: neem de regie van het woonbeleid terug in eigen handen en maak van AG VESPA als stadsdienst een instrument in die woonpolitiek. Gezien het grote tekort aan betaalbare huurwoningen kan VESPA de woningen die ze opknapt in de eerste plaats betaalbaar verhuren in plaats van ze te verkopen. Met de regie in eigen handen creëer je een context waarin de stad actief naar gepaste huurpanden zoekt. Zo stuur en reglementeer je de aanwending van de panden en belet je een overdaad aan studentenkamers, winkels of (lege) kantoorruimten. Meer sociaal beheer brengt meer kwaliteitsvolle en betaalbare woningen op de huurmarkt.

Dan kan de stad via de sociale huisvestingsmaatschappij Woonhaven een versnelling realiseren in de renovatie van de 1500 sociale woningen die momenteel leegstaan.

En in de privé-woningmarkt moet er dringend een maximum huurprijs komen op basis van grootte, kwaliteit, comfort, ligging… Dat de regels voor de sociale huisvesting ‘strenger’ zijn dan voor de privémarkt, zegt veel over de cowboymentaliteit daar. Iedereen kan bij wijze van spreken verhuren wat hij wil. Een kleine studio met veel gebreken, voor 500 euro per maand? Dat kan.

Een duidelijke oproep aan de stad: investeer dus meer in huisvesting, zoniet zal de nasleep heel duur zijn, niet alleen financieel maar ook menselijk.

Er is dringend nood aan een beleid dat niet uitgaat van de markt en van zwakke normen maar van wat de mensen nodig hebben. Voor een stad op mensenmaat.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!