Katleen bericht uit Zuid-Afrika

maandag 13 februari 2012 15:30

Op zondag werd ik ziek wakker! Buikpijn, buikloop, hoofdpijn en duizeligheid. Niet het beste gevoel ter wereld. Gelukkig was mijn dochter ergens blijven slapen en was ze de hele dag er niet want kon mijn bed niet uit.

Het ergste was dat Maria Serrana, een sponsor van de school die in Finland woont, op bezoek was en ik verondersteld ben om haar in de namiddag naar Nkqubela township te brengen om de familie van haar sponsorkind te bezoeken. Gelukkig was de juf van het eerste en tweede leerjaar bereid mijn plaats in te nemen. Dinsdag was ik al ietsje beter en kroop ik dan toch uit bed want Eddy en Marianne Van den Broecke uit Belgie waren op bezoek. Ze hadden een extra valies meegebracht met kleren en schrijfgerief voor school. Tijdens de rondgang op school moest ik hen echter in de steek laten wat ik voelde me helemaal nog niet goed. Ik had de voorbije dagen niet kunnen eten. Maar gelukkig na het wat kalm te houden de rest van de week en kruiden druppels van onze lokale natuuropaat voel ik me vandaag al stukken beter. Ik vind het meestal erg om ziek te zijn want er is altijd zoveel te doen en het blijft liggen maar deze keer probeerde ik gewoon ziek te zijn zonder me zorgen te maken. Werk loopt nooit weg. Een goede gezondheid is nodig om zo lang mogelijk te kunnen doen wat men moet doen.

Vrijdag 9 februari was ik in staat om een vergadering in Robertson bij te wonen. De portfolio van Peter Salman, die voor de langeberg municipaliteit (McGregor, Robertson, Ashton, Montegu en Bonnievale) werkt, is er om de economische bedrijvigheid te stimuleren in deze vijf deelgemeenten. Een klein deel daarvan is Arts and Culture – hoe kunnen de kunst en cultuur elementen bijdragen tot de economische ontwikkeling van onze streek. Een vriendin van mij die als coördinator werkt voor een klein kunstproject in McGregor had er me tijdens een avond samen zitten over verteld. Gezien onze school ook een sterk kunst en cultuur element heeft besloot ik deze vergadering bij te wonen en te horen of het iets voor de school kan betekenen. Er waren elf mensen aanwezig met tenminste een vertegenwoordiger uit elke deelgemeente.

Om duidelijk te zijn het gaat over de bevordering van economische ontwikkeling van de minst en minder bedeelden. Iedereen van de mensen waren betrokken bij het aanbieden van een vorm van kunst en cultuur – muziek, dans, drama, visuele kunst – aan kinderen en jongeren uit de arme gemeenschappen die ook wel eens children and youngsters at risk worden genoemd. Ieder van hen sprak passioneel over het werk dat ze deden en de resultaten die ze zagen. Zelf raak ik er meer en meer van overtuigd dat kunstzinnige opvulling in kinderen en jongeren (het scheppen van schoonheid die hun ziel, hun innerlijke beleving met schoonheid kan vullen) een van de belangrijkste elementen is om deze kinderen en jongeren in beweging te brengen weg van de invloed van geweld, alcohol, drugs, emotioneel en fysisch misbruik. Dit laatste brengt zo’n zieleleegte met zich mee dat een oppervlakkige aanpak van problemen (behandeling van symptomen) helemaal geen zin heeft. Misschien is dit ook een van de redenen dat het staatonderwijs zo weinig resultaten oplevert want de kinderen met zo’n zieleleegte kunnen niet goed leren als ze ook niet in hun ziel worden opgevuld met schoonheid en de warmte die kunstzinnige uitdrukkingen kunnen brengen.

Deze vergadering was het begin om te bekijken of een kunst- en cultuurforum zou kunnen werken. Er was een dame die heel enthousiast voortdurend ideeën naar voor bracht en er was een dame die ook telkens weer waarschuwde om niet overhaast tewerk te gaan. Ze bracht elementen ter beschouwing waarover moet nagedacht worden. Uiteindelijk werd besloten van toch met iets te beginnen – het aanleggen van een database waarin al de individuen, groepen, organisaties die kunst en cultuur gebruiken in hun upliftment van de kinderen en jongeren in de vijf deelgemeenten zullen opgenomen worden. Naast beschrijving van wie ze zijn, wat ze doen en voor wie is er ook plaats om de noden te beschrijven. Peter Salman, als de vertegenwoordiger van de gemeente, zei dat als hij een overzicht heeft van wat er allemaal leeft en gebeurd op dit vlak hij sterker staat om voor Arts en Culture een groter budget los te krijgen. Als er een gemeenschappelijk front is dan is het ook makkelijker voor hem om investeerders en donors aan te trekken want dat is zijn job. En een vrijwilliger besluit om een werkstructuur te ontwerpen die op de volgende vergadering zal bekeken worden.

Als de vergadering ten einde is en we allemaal nibbelen aan het overvloedige aanbod van lunch vertel ik Pieter Salman ook over “The Breede Centre”, het vaardigheidstraining initiatief waar ik ook bestuurslid van ben. Dit maakt zeker ook deel uit van zijn portfolio en ik zal dan een brochure opsturen met uitleg.

Wat The Breede Centre betreft, Pieter Holloway, de visionair en manager van dit project is net terug van een bezoek aan Nederland en België om het project voor te stellen, contacten te leggen en fondsen in te zamelen. Hij vertelt dat het een goede reis was maar alles moet nu opgevolgd worden. In België was hij bij Rita Lombaert in Lichtervelde die een avond organiseerde samen met haar buurman die wijnkenner is. Rita had ook georganiseerd dat Pieter kon praten met Dirk de Temmerman van het Noord-Zuid Beleid van de Provincie West-Vlaanderen. Ook met Simatours was er contact en zij zijn geïnteresseerd om The Breede Centre als hun project aan te nemen waarvoor iedereen die bij hen een reis boekt een paar euro zou meer geven. Als deel van het tour pakket zouden de klanten ook in McGregor, bij The Breede Centre, op bezoek komen.

In de weken daarvoor voornamelijk bezig geweest met administratie en het ontwerpen van een aantal strategieën voor fondsenwerving voor de school. Een ervan is dat elke klas op school ook aan fondsenwerving doet. Ik verdeelde een totale som over de lagere en middelbare school; dan verder maakte ik een bedrag per student; dan kwam ik tot een totaal target per klas. Ik gaf ook aan hoeveel fondsen een klas kan werven door ieder kind 1 Rand (0,1 euro) per week te laten sparen en voor de tieners 5 Rand per week. De overblijvende bedragen zijn dan de targets waarvoor de klas kan besluiten hoe ze dit bij elkaar zullen krijgen. Ze kunnen besluiten voor welke nood in hun klas ze zullen fondsen werven, hoe ze dit zullen aanpakken en hoe ze dit zichtbaar en interessant voor de kinderen zullen maken. Voor mij is het belangrijkste dat de kinderen zelf leren sparen. In Zuid-Afrika wordt heel weinig gespaard en is de schuldenlast van een doorsnee gezin hoog. Maar ik denk dat in de toekomst het belangrijk zal zijn dat iedereen (individuen, organisaties, families, enz.) creatieve overlevingsstrategieën kan ontwikkelen. En een ervan is leren sparen! In de plaats van niets te hebben of te verwachten dat iemand anders het wel zal voorzien. Ik wacht met spanning af hoe de reactie zal zijn op mijn voorstel.

Een ander project is een Alumni Survey waarbij ik zal pogen om contact te leggen met de studenten die sinds 2005 bij ons afstudeerden. Ik heb aan een vragenlijst gewerkt die nu voorligt aan de middelbareschoolfaculteit voor feedback. Het hoofddoel is om te weten te komen de jongeren die bij ons afstuderen terecht komen: hebben ze verder gestudeerd? Hebben ze werk gevonden? Welke vakken waren hen het meest van dienst en welke het minst? Nu ze in de wereld staan welke vakken zouden ze hebben gewild? Welke kwaliteiten als persoon ontwikkelden ze het meest? Hoe kijken ze terug naar hun onderwijs op school? wat zouden ze willen meegeven aan de huidige studenten? Hoe tevreden met hun leven zijn ze? Hebben ze genoeg inkomen om hen en hun eventuele familie te onderhouden? Kunnen ze bijdragen om huidige studenten financieel te ondersteunen? Ben ook benieuwd wat eruit zal komen.

Ik probeer ook een inzameling voor ons busfonds te organiseren. We hebben een R 25 000 nodig dit jaar om de kinderen van de families uit Nkqubela en Zolani Townships die geen of minder busgeld kunnen betalen toch dagelijks op school te krijgen. Ik moet er nog aan beginnen maar zal een gezin met vier kinderen als de face van de campagne gebruiken en een soort folder opstellen. Dit zal dan via de verschillende kanalen ter mijner beschikking verspreid worden – website, facebook, e-mail enz.

Gisteren ging ik winkelen in Robertson en stond er versteld van hoe duur voeding aan het worden is. Benzine is duur en elektriciteit wordt dit jaar wellicht 25% duurder. Ik durf me niet echt af te vragen waar dit allemaal naar toe gaat maar ik weet dat de vele arme en minderbedeelden in onze streek het nog veel moeilijker hebben dan ik om te overleven. En op school is dat natuurlijk te voelen. De kost van onderwijs wordt duurder maar het inkomen van families wordt minder. Het belang van fondsenwerving en sponsorship wordt groter. Maar zoals ik al eerder zei het is belangrijk dat onze kinderen leren hoe ze zelf geld bij elkaar kunnen sparen als eerste stap om niet totaal afhankelijk te worden.

Ik sluit vandaag met onder ander een aantal foto’s in die Peggy Lemaire nam in het dorp in de laatste weken. Peggy heeft al heel wat onderzoek gedaan om het werk van The Breede Centre te onderschrijven. Er is een foto van onze huidige klas 8 die ik opstuurde naar een klas 8 van een Waldorf School in Tokyo, Japan. Ze zijn heel opgewonden om met hen te kunnen communiceren. En een aantal van een klas 3 Afrikaans.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!